Schermstrijd

“Een biggetje springt uit een vrachtwagen de vrijheid tegemoet en wordt nu liefdevol door mensen opgevoed….” Het klinkt als het begin van een sprookje maar voor mij was het nog maar eens het begin van een endless scroll. Voor de rest van het verhaal van Percy de stuntbig moest ik door een betaalmuur, dus geen idee hoe het hem verging.

Percy kan er niets aan doen, ik verwijt hem dan ook niets, maar ik had het er al over in mijn vorige post: mijn smartphone en ik, wij hebben momenteel een gecompliceerde relatie. Net als alle relaties in mijn leven neem ik ook die wel eens graag onder de loep. Dat ding is zo’n aandachtsdief! Toen ik “Schermstrijd” googelde kwam ik uit bij een 3-delige Nederlandse documentaire waarin men enkele mensen op het randje van een beeldschermverslaving volgt.

Het was eventjes met de neus op de feiten: dit wil ik echt niet. Niet voor mezelf en al zeker niet voor mijn opgroeiende tieners. Met een schermtijdduur van meer dan 10 uren per dag moesten alle deelnemers ineens zwaar afkicken omdat ze -vrijwillig- in een experiment stapten waarbij dit aan banden werd gelegd.

Mijn zonen zijn nu 11 en 15, ik moet daar geen tekeningetje bij maken: een scherm is alomtegenwoordig in ons gezin. Vooral op reis was het een aandachtspunt. Lange autoritten delen we altijd op in “schermtijd” en “scherm uit”. Ter plekke was er schermtijd, maar er waren ook veel momenten waarop we heel bewust alle smartphones in het vakantiehuisje achterlieten. Aan het zwembad lijkt het mij sowieso overbodig al was ik blijkbaar wel de enige die er zo over dacht. Ik zag zelfs mensen vloggen in het water met spectaculaire selfiesticks, de smartphone beschermd door een speciale cover. Zelf vond ik het echt niet fijn dat er werd gefilmd in het zwembad en ik zou het niet erg vinden moest daar een verbod op komen. Maar ik zag ook veel kinderen op ligbedjes, aan het swipen of naar filmpjes aan het kijken, ouders aan het scrollen, chatten of telefoneren. Ik merkte vooral: als we de smartphones niet meenamen op uitstap dan werd er gebabbeld aan tafel of gelezen op een ligbedje.

In “Schermstrijd” probeert momfluencer Saskia zeven dagen te overleven zonder smartphone. Ik zag haar een airtag plaatsen rond het armpje van haar dochtertje wanneer ze op uitstap vertrokken. Toen ze besefte dat ze haar smartphone niet mocht gebruiken riep ze geschrokken naar het meisje: “Oei, nu ga ik de hele tijd op jou moeten letten!”.

Deze zomer registreerden opzichters aan de kust en op recreatiedomeinen een hoger aantal verloren gelopen kinderen. Volgens wat ik las in de kranten (diezelfde gasten met hun Percy-clickbait natuurlijk ;-)) is technoference door ouders één van de oorzaken en eerlijk gezegd schrik ik daar niet van. Wanneer je een drukke plek observeert zie je minstens de helft van de mensen op een smartphone bezig. Ga je op restaurant dan zijn er tafels waar iedereen tegelijkertijd zit te schermen. Het zijn verre van alleen maar de kinderen en jongeren, ook onze generatie en die van onze ouders doet het.

Ik ben hier absoluut niet om te oordelen of met de vinger te wijzen want dan wijs ik vooral ook in mijn eigen richting, maar ik verwoord gewoon wat ik zie en ik vind het soms zo triestig. Wanneer hebben we onszelf aangeleerd dat een chatgesprek, een website, sociale media belangrijker zijn dan wie er naast of voor ons zit?

En ja: onze tieners moeten evengoed regelmatig aangesproken worden op hun schermgebruik, dat is hier niet anders dan elders denk ik, maar ik vind het wel belangrijk dat ik het effectief blijf doen. Uiteraard moet ik zelf ook een voorbeeld stellen want wat betekenen de woorden “geen gsm aan tafel” als ik zelf zit te scrollen boven mijn bord? Is mijn excuus dan legitiem en dat van hen niet? Zo werkt dat niet, maar ik blijf benoemen wat me stoort en aansporen tot verandering. Tot vervelens toe. Tegelijkertijd probeer ik bewust stil te staan bij mijn eigen gedrag en stop ik de smartphone al eens meer weg, uit het zicht is uit de gedachten. Want voor ik het weet heeft die rakker weer al mijn aandacht gekaapt!

Hoe is jouw relatie met je scherm?

44 van die dingetjes

Yep, het is gebeurd, ik werd 44 deze week. Dus het eigenlijk zeer simpel vandaag: 44 weetjes over yours truly! Soms moet het echt niet meer zijn.

1. Ik ben niet gauw beledigd. Niet dat ik veel beledigingen naar mijn hoofd krijg maar ik kan zeer goed filteren “vanwaar iets komt”. In die zin kan ik veel over mij laten stromen. Als ik me wel beledigd voel zal ik dat wel zeer duidelijk laten blijken.

2. Hoewel ik mezelf wel eens een plantmom noem heb ik niet echt geweldig veel kennis van planten. Ik moet evenveel opzoeken als jij.

3. Ik kan oprecht blij zijn met een stylo die goed schrijft, meestal de goedkoopste eerst! (Ik kijk naar jou gele stylo van 123inkt!)

4. De grootste haat/liefde-verhouding is die met mijn smartphone. I love it, i hate it.

5. Als een item mij goeie diensten heeft bewezen vind ik het lastig om het te vervangen. Loopschoenen die hun beste tijd hebben gehad, een zonnebril met een kapot beentje of sneakers die versleten zijn….iets wegdoen is altijd moeilijk.

6. Dieren die bij mij in de omgeving komen krijgen meestal een naam toebedeeld of ze het nu willen of niet.

7. Ik ben betrokken op mijn werk maar ik ben tegelijkertijd ook waakzaam over mijn grenzen. Vrije tijd = vrije tijd.

8. De nudging-techniek zou ik wel eens gebruiken om mezelf te stimuleren om te gaan lopen. Dan leg ik een pakje loopkleren op voorhand klaar zodat ik niet hoef te twijfelen op het geplande loopmoment.

9. Als ik ergens een pijntje heb kan ik daar best slechtgezind over rondlopen. Mijn lichaam moet marcheren. Punt.

10. Ik balanseer continue tussen de over- en onderprikkeling van mijn introverte brein. Dan zoek ik nieuwe input en is het ineens teveel waarna ik weer moet gaan ontprikkelen.

11. Er zijn volledige levensjaren blanco in mijn hoofd. Hoezo ben ik ooit 33 jaar geweest? Wanneer was dat dan?

12. Ik ben door de band genomen een strenge moeder. Althans als ik dat soms vergelijk met anderen (niet dat dat veel gebeurt, maar soms gaat dat automatisch). Mijn kinderen klagen niet, ze kunnen soms letterlijk verwoorden dat ze daar zelf ook deugd van hebben.

13. Voor onze kater Rudi ben ik dan weer veel te mild. Ik moet het ergens compenseren toch?

14. Ouder worden schrikt me een beetje af. Ik doe veel om gezond te blijven en ik werk continue aan mijn “future self”, ik motiveer mezelf met de gedachte dat dat al veel meer is dan wat veel anderen doen.

15. Soms ben ik babbelachtig en soms heel stil, ik weet zelf niet zo goed hoe dat komt en wat de dag zal brengen….

16. Van een lawaaierige omgeving kan ik horendol worden.

17. In de zomer draag ik meestal een rok of een kleedje. Ik heb wel enkele shorts maar die trek ik meestal pas aan als ik ga sporten of wandelen.

18. Het is ook het eerste jaar dat ik een bikini heb gedragen op reis. Wat een verfrissend gevoel!

19. Mijn galblaas werd vorige week verwijderd. Het was dan ook de eerste verjaardag met een orgaan minder. Momenteel ben ik al weer thuis maar nog even in ziekteverlof.

20. Ik zie er meestal gewoon uit als “the girl next door” (of misschien moet ik zeggen “the woman next door”) maar mijn uiterlijk is wel belangrijk voor mij en net als veel andere vrouwen heb ik daar wel onzekerheden over.

21. Ik ben actief op social media maar ik hou weinig tot geen rekening met wat volgers misschien wel zouden kunnen denken. Als je het niet leuk vindt kun je me altijd ontvolgen.

22. Een stad ziet er direct veel levendiger uit met murals. Waarom doen niet meer steden dit?

23. Eenzaamheid lijkt me een zeer lastige emotie om te ervaren.

24. Mensen met een speciale communicatiestijl trekken me soms aan. Door de jaren heb ik geleerd om daardoor te kijken en toch contact te leggen. Ik vind het helemaal niet erg om daar werk in te steken, integendeel.

25. Mijn kerngezin bestaat uit 8 personen, soms denk ik daarover na naar de toekomst toe.

26. Ik ervaar weinig problemen om te slapen. Deze week is het wat moeilijker door de operatie maar door de band genomen slaap ik vlot in!

27. Als ik gepland had om een grote toer te lopen kan ik niet thuiskomen op 9,80 km, dan loop ik door tot ik de 10 bereikt heb. Iets met numberfreak zijn ofzo.

28. Bij het schrijven vind ik het niet fijn als iemand meeleest of iets leest voordat het effectief afgewerkt is. Laat mij maar even doen.

29. Volgens mijn schoonzus ben ik een goeie bemiddelaar. Ik zie mezelf ook regelmatig in die rol.

30. Je kunt me altijd blij maken met spaghetti.

31. Ik kan een hele dag zwijgzaam zijn zonder het zelf te beseffen.

32. Als ik zeg “dat er niets is”, dan is er ook effectief niets. What you see is what you get (WYSIWYG).

33. “Scooby Snacks” van Fun Lovin’ Criminals is mijn happy song. Is het mijn idee of waren de bandnamen in de 90’s zoveel beter dan nu?

34. Als ik zelf ooit een band zou starten – want dat zal natuurlijk gebeuren met nul komma nul muziekkennis – dan zou ik hem “All The Dogs Names” noemen. Of misschien wel “WYSIWYG”. Of misschien….nog iets anders….ik denk verder na.

35. Soms wil ik een kniptang om mijn smartphone in stukken te snijden. Misschien moet ik toch een Quyet overwegen. Wel frappant dat we eerst honderden euro’s uitgeven aan een smartphone en dan manieren zoeken om er beter mee om te gaan. In die mate dat ik zelfs overweeg om er een extra item voor aan te schaffen.

36. Door de jaren leerde ik beter en beter mijn eigen lichaam kennen. Ik voel het dan ook vlugger als ik over mijn grenzen ga. Die 44 jaar zijn dan toch voor iets goed 🙂

37. Van de hedendaagse popprinsessen heb ik weinig kennis, ik kan ze moeilijk uit elkaar houden. Olivia Dean? Of is het Olivia Rodriguez? Lush life? Raye?…

38. Staat er een zwarte kat op iets afgebeeld dan is er veel kans dat ik het item vastpak.

39. Mijn man en ik zijn ondertussen 20 jaar samen. Het voelt vanzelfsprekend maar ik ben me er sterk van bewust dat dat helemaal niet zo is! Vooral op schakelmomenten valt op hoeveel we aan elkaar vasthouden.

40. Naast de over- en onderprikkeling van mijn brein is het ook een moeilijke balans tussen een enthousiaste “Yes-woman!” en een kalme “Chill-woman” zijn. Ik wil graag ondernemend zijn en nieuwe dingen leren kennen maar tegelijkertijd lig ik ook gewoon graag in mijn zetel met mijn boek en mijn kat.

41. I’ve got another confession to make….Na al die jaren ben ik nog altijd geen Foo Fighters-fan. En ze blijven ook maar meegaan hé die gasten, ze gaan me nog overleven.

42. Tijdens de voorbije vakantie heb ik een nieuw level van “loslaten” bereikt aangaande mijn kinderen. Ik leg meer initiatief bij hen als ze iets willen bereiken maar ik blijf uiteraard aanwezig voor hulp, aansturing of ondersteuning waar nodig.

43. Kleren shoppen staat niet hoog op mijn FUN-lijst maar als ik het dan eens doe dan koop ik ineens veel in een keer.

44. Mijn innerlijke Yes-woman plant een verjaardagsfeestje voor haar 45ste verjaardag maar ze weet niet of ze daar volgend jaar deze tijd nog goesting voor zal hebben.

De 7 Ge’s

Geschilderd

We verhuisden 13 jaar geleden naar dit huis maar na een heftige verbouwing was er geld noch courage over om werk te steken in de binnenkant. Er werd indertijd een wit vliesbehang op de muren gezet en zo bleef het tot vorige week. De living en de keuken werden eindelijk opnieuw gevliesd en geschilderd, er kwamen nieuwe klinken op de binnendeuren en deze week hangen we ook andere verlichting op. Gisteren deed de schilder de laatste retouches en kon ik al beginnen met de opkuis.

Gelezen

Ik zit in een goeie leesflow de laatste weken. De reis naar het warme Frankrijk deed er ook veel aan, want veel meer dan chillen konden we niet bij 38°C. Momenteel ben ik bezig in “De Kreeftenvrouwen”, een debuut van Beatrix Gerstberger. Ik las ook “Yesteryear” van Caro Claire Burke, nog een debuut! Daarnaast ook veel non-fictie met “The Let Them-theorie” van Mel Robbins, ik weet niet goed wat ik ervan moet vinden. “De vermagerkoning” van Lukas Lelie vond ik zeer entertainend maar meer dan dat was het ook niet.

Gewerkt

Toen mijn drie weken verlof voorbij waren was het direct volle bak erin vliegen om het verlof van de collega’s op te vangen. Elk zijn beurt! Dus de voorbije twee weken waren intensief maar ik vond het ook wel plezierig om eens met andere collega’s op dienst te staan. Mensen die het niet gewoon zijn stellen soms dingen in vraag zodat je je dagelijkse routine ineens anders kan gaan bekijken.

Gekocht

Ik bestelde vrijdag tickets voor Teddy Swims in de Afas dome. Het was even slikken toen ik de prijs zag maar ik zette door. Het is al sinds “Lose Control” dat ik hem heel graag eens live wou zien dus volgend jaar krijg ik eindelijk de kans.

Gewassen

Gordijnen, kampvaliezen, poetsdoeken, lakens. Als de zon schijnt draai ik extra veel was zodat deze direct terug in de kasten kan. Van alle huishoudelijke taken ontzie ik de was het minst van al. Vooral het plooien vind ik een rustgevend moment. De manier waarop mijn tieners het daarna soms in hun kasten droppen moet ik wel loslaten….

Gecheckt

Deze week was ik wel iets alerter op mijn smartphone dan anders. Mijn oudste zoon was op vakantie in Spanje met Kazou. Ik vond toch dat hij ver zat. Er was niet echt een ongerustheid maar eerder zoiets als: niet 100% op mijn gemak. Als er één van ons een tijdje niet thuis is voelt het alsof we niet compleet zijn.

Geladen

Ik weet niet hoe het bij jou zit maar ik heb het gevoel dat ik elke dag apparaten moet opladen. Smartphone, laptop, oortjes, horloge, alles moet in de stekker en meestal nog allemaal met een verschillend kabeltje ook. De digitalisering van alles werkt soms op mijn zenuwen al doe ik er ook lustig aan mee.

Delen of detoxen

De vakantie verbrokkelt mijn instafeed in vakantie-posters en vakantiedetoxers. Sommigen zijn actiever op sociale media als ze in verlof zijn terwijl anderen net minder gaan delen. Dan verschijnen er ineens foto´s van mensen die tijdens het jaar weinig tot nooit iets posten en de accounts die de dagdagelijksheden delen verdwijnen iets meer naar de achtergrond. Net zoals anders zijn er ook passieve gebruikers die sociale media enkel gebruiken om te consumeren. Iedereen gebruikt het op zijn eigen manier (of helemaal niet).

Ik probeer om mijn smartphone meer aan de kant te leggen deze week. Hoewel ik regelmatig foto’s neem post ik veel minder dan tijdens andere periodes. Met het delen komt er ook interactie op gang en ik heb op vakantie minder zin om digitaal te communiceren. Toch antwoord ik netjes op berichten, ik probeer om geen insta-aso te zijn, ik apprecieer de reacties wel degelijk!

Gelijk hoe bekijk ik Instagram op een lichtjes andere manier dan waarvoor het door de band genomen gebruikt wordt. Ik zie het als een middel om te delen waar ik mee bezig ben, de dingen die “typisch ik” zijn of ik deel juist heel onbenullige zaken waar ik ineens een gedachtekronkel over maak. Ontplofte keukens na een middelmatige kooksessie, de kat die op mijn klavier komt liggen op het moment dat ik mijn handen erop leg, handgeschreven schrijfprobeersels ….Je zal bij mij minder de hoogtepunten zien. Ik doe maar wat maar ik trek me eigenlijk weinig tot niets aan van wat volgers zouden kunnen denken over wat ik deel. De kinderen geven ook eerst toestemming als ik een foto van hen post wat ook drempelverhogend werkt vind ik. En net zoals bij deze blog hanteer ik de regel “mag mijn directeur dit ook lezen of zien?”.

En jij? Ben je een vakantie-poster of een vakantie-detoxer?

Brengt sleur kleur?

“Omarm de sleur!”. Deze boodschap kwam via de nieuwsbrief van Flow Magazine in mijn inbox terecht. Sleur heeft een negatieve connotatie, jammer want volgens het artikel biedt het veel meer positiviteit dan we denken. “Sleur zorgt voor rust en ontspanning, de duidelijkheid van sleur neemt stress weg waardoor we gemakkelijker ruimte maken voor extra’s….”.

Dus deze week een ode aan sleur! Vijf saaie, eentonige, routineuze dingen die ik dagelijks beleef:

  • Was doen. Elke week ben ik vele uren bezig met het sorteren, wassen, drogen, plooien en wegstoppen van de was. Eigenlijk vind ik het niet erg om te doen, ik doe het veelal in denkmodus. Strijken doe ik niet, ik zorg ervoor dat mijn kleren goed opgehangen worden waardoor dat quasi onnodig is. Sommige mensen snappen dat niet maar dat hoeft ook helemaal niet gesnapt te worden.
  • Boodschappen. Als parttime minimalist probeer ik om zo weinig mogelijk naar de winkel te gaan. Ik heb ook tot mijn eigen scha en schande geleerd dat een lijstje maken doorheen de week van belang is. Het lijstje meenemen naar de winkel is de tweede uit te voeren stap! Zend mij naar de winkel zonder lijstje en ik loop rond als een kip zonder kop om te eindigen met een winkelkar vol dingen die ik niet nodig heb. Bij thuiskomst blijk ik vergeten wat ik wèl nodig had. Chaos!
  • Fietsen naar het werk. Ik heb twee locaties waar ik naartoe moet fietsen. Het meest voorkomende traject is 38 minuten, het andere 18 minuten. Deze week moest ik echter een tussenstop maken op een derde locatie voor een vergadering. Dat bracht heel mijn fiets-ritme in de war. Want waar moest ik ook weer naartoe, wanneer moest ik een andere afslag nemen, ben ik wel juist gereden, heb ik de juiste tijdsmarge ingerekend? Echt, verander iets aan mijn woonwerk-verkeer en ik begin de hele rit te twijfelen. Op “normale” dagen fiets ik dat in volledige zen-modus. Ik besef soms niet dat ik onderweg ben geweest.
  • Samen met de kat in de zetel lezen of tv-kijken. Zelfs Rudi de kater kent de routines, als het dekentje bovenkomt weet hij dat het tijd is om te gaan liggen. Als we gaan slapen weet hij dat het tijd is om naar de garage te gaan want “de humans” gaan naar boven. Hij trippelt dan achter me aan terwijl ik zijn etensbakje bijvul. ’s Morgens het omgekeerde, ik sta meestal als eerste op en laat hem in de keuken binnen, hij komt zeker 5 minuten aan een stuk knuffelen en kopjes geven alvorens hij naar buiten gaat om zijn eigen kattenleven te leiden.
  • Ook sporten verloopt routinematig. Elke maandagavond volg ik een uurtje krachttraining. Als dat niet doorgaat om één of andere reden ben ik precies uit mijn sportritme die week. Dan plan ik meestal een extra loopsessie. Zelfs het wassen van mijn haar is afgestemd op mijn sportroutine. Als mijn haar tussendoor vuil is voelt het vreemd om het te wassen zonder dat ik eerst heb gesport. Echt bizar eigenlijk.

Het klinkt misschien heel saai maar routines in het dagelijkse leven bieden wel degelijk een houvast. Gewoontes implementeren zorgt er voor dat ik regelmatig beweeg en niet teveel impulsaankopen doe.

Ben je ook zo gestructureerd of heb je liever een chaotischer bestaan?

Veertigersverzuchtingen.

Hoe ouder ik word, hoe beter ik mijn lichaam leer aanvoelen. ’t Is te zeggen: hoe beter ik weet wat het draaiende houdt en wat het stil legt. Naast zorgen voor het lichaam is zorgen voor de inner peace minstens even belangrijk. De aanbevelingen om aan beide te werken zijn dan ook eindeloos.

  • voldoende bewegen – minimum 8000 stappen per dag- en zorg dat je de juiste schoenen draagt. Krachttraining zorgt voor stevige botten!
  • gezond eten – eventueel mealpreppen in gezond materiaal want je potten mogen zeker geen pfasdinges bevatten
  • op tijd naar bed – elk uur voor 00h telt dubbel!
  • schermtijd binnen de perken houden – er bestaan apps die bomen voor je planten in de tijd dat je je toestel niet aanraakt
  • regelmatig met vrienden en familie afspreken – hou er rekening mee: kalenderplanning is een job apart
  • het huis op orde houden – rommel zorgt voor afleiding
  • stress vermijden – yoga, pilates of misschien mindfulness
  • aan zelfzorg doen – regelmatig een me-day op die drukke kalender zetten
  • alcohol met mate – tijdig overschakelen naar 0,0%
  • het budget onder controle houden – You Need A Budget en dacht je al na over beleggen?
  • mee zijn met de actualiteit – niet enkel binnenlands maar ook buitenlands nieuws volgen via de juiste kanalen wat die ook mogen zijn.
  • jezelf verder ontwikkelen – van tijd tot tijd een opleiding, een lezing of een workshop volgen
  • ultrabewerkte voeding uit je menu schrappen – labels zijn er voor een reden.
  • leer je hormoonspiegel kennen – de perimenopauze lonkt
  • enz enz enz….

Klinkt dit herkenbaar? Dan ben je waarschijnlijk net als ik een veertigplusser. De “ahja daar zou ik misschien ook wel eens voor moeten kijken”-lijst! Voor de twintigers en dertigers die meelezen (zijn er eigenlijk?): dit is waar ik met mijn veertigersvrienden over babbel. Ik trek het uiteraard een beetje op flessen maar veel van die lijst komt regelmatig aan bod in de gesprekken die we voeren. Als je dit opgelijst ziet dan zijn we eigenlijk met heel wat zogenaamde “moetjes” bezig. Hoe managen we dit en werken we daarnaast vijf dagen op rij? En moet dit eigenlijk echt allemaal?

Ik was 16 jaar toen mijn ouders mijn leeftijd hadden maar ik kan me niet herinneren dat ik hen ooit over zo’n dingen hoorde babbelen, laat staan dat ze daar acties rond ondernamen. Misschien waren zij daar op een andere manier mee bezig maar ik merk vooral onder leeftijdsgenoten dat die lijst veel van onze tijd inneemt. Is het omdat we ruimer geïnformeerd zijn over hoe we voor onszelf kunnen zorgen? In mijn geval heb ik al teveel mensen ten prooi zien vallen aan kanker en andere venijnige ziektes. Ik weet dat je het niet allemaal in de hand hebt maar alles wat ik kan vermijden op latere leeftijd daar wil ik nu wel stappen voor zetten. Dus het is dubbel. Ik ben zeker bezig met heel wat items op die lijst en tegelijkertijd draai ik met mijn ogen als ik mezelf soms bezig zie.

Uiteraard heeft de opkomst van de smartphone daar een groot aandeel in. Wij zijn de eerste generatie die zo uitgebreid geïnformeerd is. Voor zowat alles op die lijst vind je miljoenen tips en tricks en ze komen je op allerlei manieren tegemoet. Ik mag mijn Instagram niet openen of ik krijg filmpjes van sporters in strakke pakjes, gezonde recepten en lifehacks om je huis op orde te houden. Begrijp me niet verkeerd, ik weet maar al te goed dat er een algoritme zit achter de content die me wordt toegestuurd, het is ook omdat het mij ergens interesseert. Ik ben effectief bezig met heel wat zaken die hierboven staan!

Tegelijkertijd word ik wel eens moe van mezelf. Kan ik niet lekker schranzen op de zetel, uren aan een stuk scrollen en tegelijk The Real Housewives of Antwerp bingen? Dat lukt gewoonweg niet zonder me ietwat schuldig en enigszins nutteloos te voelen. Dat het oeverloos scrollen het gevoel in gang houdt, dat weet ik ook wel. Maar het voelt soms alsof de schaarse vrije tijd die er is toch ergens “gezond” moet besteed worden. Met vrienden afspreken? Graag! Maar we gaan wel eerst samen een grote wandeling maken voor we op de aperitief springen. Gezinsuitstap? Awel ja, een museum of een expo om ons brein te voeden. Uitgaan? Een keuze maken tussen alcohol of alcoholarm want anders is morgen misschien naar de vaantjes door een vreselijke nacht alcoholwoelen of nog erger: een kater bij het opstaan.

Dat constante onderhandelen met mezelf vind ik op dit moment het lastigste. Kies ik voor het moment (YOLO! Je leeft maar één keer!) of wil ik mijn future self dankbaar zijn?

Lazy cat lady

Enkele jaren geleden kon je me regelmatig vinden op Instameets en in het pre-insta-tijdperk toen iedereen en zijn broer nog een blog had ging ik met veel liefde koffie slurpen op blogbrunches. Op korte tijd leerde ik toen veel mensen kennen waarvan sommigen ondertussen zeer goeie vrienden zijn geworden!

De laatste jaren zijn mijn social skills wel wat roestig geworden dus ik zou er misschien wel baat bij hebben om iets socialer in het leven te staan. De combinatie van mijn eerder strenge uiterlijk (lees: Bitchy Resting Face en voor de West-Vlamingen: lichtjes vizze toote) en het feit dat smalltalk niet mijn sterkste kant is, zorgt er wel voor dat spontane contacten minder vlot uitgroeien tot duurzame relaties.

Reken daarbij dat ik floreer als ik op mijn alleen over een strand vendel of aan mijn bureautje zit te tokkelen. Als introvert heb ik nood aan die momenten van solitude om op te laden. Zeker in mijn zeer extraverte job is deze wenteltijd essentieel om mijn energielevels weer op peil te krijgen.

Niettemin voel ik dat ik wel nood heb aan sociaal contact en het zou misschien verfrissend zijn moesten er wat nieuwe mensen in mijn leven komen. “Ga in het bestuur van een vereniging” zou je kunnen tippen. Bij een vereniging komen er al vlug verantwoordelijkheden aan te pas en dat is een engagement waar ik momenteel geen energie wil in steken. Ik weet het, ik ben een luie sociale doos. Het mag gerust gemakkelijk gaan voor mij.

Zoals altijd moet ik eerst een boek lezen over een onderwerp voor ik ermee aan de slag ga. In “How to talk to anyone” van Leil Lowndes las ik meer over het belang van eerste indrukken en hoe je die kan versterken. Ik vond ook wat tips om smalltalk net iets interessanter te maken, niet alleen voor de ontvanger maar ook voor jezelf. Ik moet wel eerlijk bekennen dat ik innerlijke onrust voel opborrelen als iemand een weerpraatje slaat waardoor de goesting tot het verderzetten van het babbeltje op slag de diepte in tuimelt. (Ja, nogmaals, ik weet het, het ligt echt aan mij. Ik ben goed op weg om een crazy cat lady te worden 😺).

Zoals altijd als ik iets probeer te veranderen pas ik de “1 procent beter-regel” toe. Die eenvoudige hack las ik dan weer bij James Clear in Atomic Habits. Als ik regelmatig een klein efforke doe en mezelf telkens één procent verbeter, dan gaat de bal misschien wel aan het rollen.

Dus ik zit in soort van testfase momenteel. Maandag ging ik al eens lopen met de lokale loopclub in plaats van altijd op mijn eentje. Ik kende enkelen maar het merendeel van de groep was nieuw. De gesprekjes waren aangenaam maar het babbelen tijdens het lopen verhoogde wel enorm mijn hartslag waardoor ik knalrood en zeiknat van het zweet terug arriveerde. Niettemin had ik wel een fijn uurtje sociaal contact èn ik had gesport. (Dat het zweet op mijn autostuur drupte toen ik naar huis reed nam ik erbij). Ik stelde me ook kandidaat om occasioneel een flexi-job te doen in de bar van de fitness, dat lijkt me ook een win-win want sociaal contact gegarandeerd en tegelijkertijd een extraatje in het laatje.

Zouden jullie deelnemen aan een Insta-meet? Nog andere low-effort-tips?

De verschrompelde roddel en de karper zonder naam.

De voorbije weken noteerde ik enkele kleinigheidjes die me opvielen. Woorden, zinnen, kleine gedachtjes die in mij opkwamen. Zes pick-ups van de voorbije weken:

All the dogs’ names.

Het was de titel van een aflevering van Rooster met Steve Carell op Apple TV. Ik heb een bizarre interesse in dierennamen. Soms weet ik de naam van een hond maar niet eens van het baasje. Misschien doe ik er wel binnenkort eens iets mee hier op de blog. Zo’n dierennaam-reeksje ofzo. We zien wel. Het klinkt weer als een idee dat bestaat maar waar de uitvoering misschien wel op zich zal laten wachten. Een wannebidee.

Roddelen.

Er wordt weinig tegen mij geroddeld. Ik weet eigenlijk nooit van iets. Als ik dan al eens een nieuwtje hoor dan is het al keihard verschrompeld tegen dat het mij bereikt. Zou je je moeten openstellen om aanzien te worden als iemand die wel van een sappige roddel houdt? Then again: wil ik dat eigenlijk wel?

Ochtendmens vs avondmens.

In De column van De Standaard deze week -duidelijk geschreven door een avondmens – las ik over hoe ochtendmensen de wereld lijken te verslaan. Ik snap het. Als vollenbak ochtendmens begrijp ik avondmensen ook niet helemaal. Als ik een 7 zie op mijn wekker wanneer ik mijn ogen voor het eerst open dan ben ik echt laat op! Maar tegelijkertijd is afspreken om 21u voor mij echt laat, dan moet ik mezelf uit mijn zetel pellen om te vertrekken en is mijn goesting ver onder nul te vinden.

Terugschakelen

Sinds enkele weken rijden we niet meer met een handgeschakelde auto en daarbij valt het mij vooral op dat de handeling van het terugschakelen is weggevallen. Dat is het enige restletsel van het gebruik van de versnellingspook. In mijn dagelijkse leven heb ik mezelf juist heel sterk moeten aanleren om regelmatig terug te schakelen maar dat verloopt ondertussen gelukkig wel automatisch.

Sombr

Ik kan een tijdje een muzikale fixatie hebben op één bepaalde band (of zelfs op één bepaald nummer). Momenteel ben ik in de ban van Sombr. “You hit like a drunk cigarette!”

Speelkarper

Tijdens een wandeling met vrienden rond de vijver zag ik twee mannen een gigantische vis uit het water hengelen. Ik was altijd van de idee dat vissers zo semi-visjes hengelden, ongeveer de grootte van twee handen ofzo. Deze reusachtige karper moesten ze samen opheffen om hem te wegen (16 kg!). Het glibberige beestje lag te happen naar adem en water. De mannen noemden het een “speelkarper”. Blijkbaar worden deze erin gegooid voor het plezier van de vissers en gooien ze die dan gezellig terug in het water nadat ze er een foto mee genomen hebben. Ik wou hem nog van een naam voorzien maar volgens de visser kan zo’n diertje slechts 20 minuten overleven buiten het water. Ik had nog honderd en één vragen maar ik durfde ze niet meer te stellen want daar gleed de karper, naamloos terug het water in, zoekend tot iemand hem weer aan de haak slaat.

De gemene deler en de priemgetallen.

Een gemene deler is niet enkel een wiskundige term. Het is in mijn beleving vooral datgene wat mensen in eerste instantie bij elkaar brengt. Gedeelde interesses, gelijkaardige ervaringen, de gemeenschappelijke factoren. De gemene deler zorgt voor herkenning wat dan weer de verbinding verhoogt.

Maar we zijn zoveel meer dan wat ons met elkaar verbindt, onze individualiteit staat even ver van wat we gemeenschappelijk hebben met anderen. Ik vind het enorm aangenaam om met vrienden te babbelen over onze gemeenschappelijkheden maar onze priemgetallen mogen niet verwaarloosd worden. Die delen van ons die we enkel met onszelf gemeen hebben zijn minstens even belangrijk.

Net in die priemgetallen zit een groot deel van onze eigenheid en in mijn beleving is het soms net dát stukje dat ik op de achtergrond laat. Ik voel wel dat het geapprecieerd wordt maar toch is het bij mij een valkuil om te weinig van mezelf te delen in gesprekken. Luisteren is misschien net iets meer mijn ding.

Deel jij graag wat er in je om gaat of hou je het ook liever op de gemene delers?

Goalgetter?

“En zo geen goesting om te trainen voor een marathon?” Hmneeen.

“Een halve marathon misschien?” Hmmnnnaaah…

“De ten miles dan ?” Neenee.

Mijn lichaam is daar niet akkoord mee. Maar vooral: naast het fysieke aspect heb ik eigenlijk compleet geen goesting om dat te doen. Als ik trainingen zou moeten inplannen en er halve dagen voor moet uittrekken om het te doen slagen dan zou het voor mij vlug als een job aanvoelen. Het voelt raar om het neer te schrijven maar ik ben eigenlijk verre van een ambitieus persoon. (Gelukkig trek ik me daar niets van aan en schrijf ik het gelijk hoe neer.) Ik had het er laatst over met een vriendin tijdens een wandeling: ik vind mezelf eigenlijk best wel saai. Ik doe nooit spectaculaire dingen en als ik iets doe is dat veelal zonder hoger doel. Ook schrijven en in non-fictie duiken doe ik zonder dat ik daar ooit “iets mee wil doen”.

Maar ik begrijp ook wel waarom iemand dat wèl wil doen. De mens is een ondernemend wezen en een uitdaging in het leven, een doel om naartoe te werken, dat biedt houvast. Ik vind het ook ergens benijdenswaardig dat er mensen zijn die er in slagen om halve of hele marathons te lopen, het getuigt van kracht en uithouding. Die structuur aanhouden in een vooropgesteld schema getuigt ook van doorzettingsvermogen. Misschien put men er zelfwaarde uit?

Maar ik ben meer een kabbelend type. Ik probeer een beetje vanalles en wat goed voelt doe ik gewoon verder. Zo geraak ik ook wel een klein beetje vooruit op mijn eigen manier, traag maar zeker. Ik blijf schrijven, ik blijf lopen, ik blijf fietsen. Ik lees dagelijks, ik luister podcasts. Maar ik lig evengoed te schimmelen in mijn zetel met een serie die ik al 8 x gezien heb en de kat op mijn schoot. Gewoon. Omdat ik dat ook leuk vind.

En jij? Heb jij veel ambities of doelen? Zo ja, deel ze gerust! Zo neen: join the club!