De boeken van 2016

Oeehhh eindejaar is in zicht, lijstjestijd!  In 2016 noteerde ik consequent elk gelezen boek in mijn Evernote. (dat is zowat het enige dat ik consequent volhou).  Toegegeven, het zijn er nog altijd niet zoveel, maar ik ben nog steeds die persoon die tevreden is met een uur netflixen ’s avonds en 25 minuten lezen voor het slapengaan.

In willekeurige volgorde.  In mijn lijstje van vorig jaar schreef ik dat “De Engelenmaker” van Stefan Brijs zeker ging gelezen worden, dat is er dan weer niet van gekomen.  De topper van 2016: “De Truc” van Emanuel Berghmann, maar ik kan dit jaar echt niet van downers spreken.  Het kan zelfs tot een geslaagd boekenjaar genoemd worden, want niets erger dan je tijd verspillen aan boeken die je niet boeien.  Boekentips verzamelen op mijn blog is dan blijkbaar een goede manier om het komende jaar te vullen.  Zoals te zien is lees ik ook wel eens een “hype-boek” (“Het Smelt“, “Het meisje op de trein“) maar ook de bloggende auteurs doen het al voor het tweede jaar op rij goed: “Life On Sneakers” en “The Gentle Mom” passeerden de revue.  In 2017 wordt deze trend verder gezet want er komt een tweede versie van Het Blogboek.  Nog bloggers die een boek gaan uitbrengen?

En nu de vraag voor het komende jaar: vul mijn Evernote!  Wat moet er zeker in 2017 gelezen worden.  “Een klein leven” van Hanya Dingesdinges staat alvast op de to-read-lijst en ook van Miranda moet ik verder werk maken!

img_20161114_181333.jpg

 

 

 

600 X mijn heart outgeshout

Momenteel schrijf ik mijn 600ste post op deze blog.  Sinds deze zomer bestaat hij 5 jaar.   De eerste van mijn hand die het zo lang uithoudt, de voorgaande stierven allen een eenzame dood ergens in cyberspace.  Het allereerste postje getiteld “Pampermonstertje” gaat over….het moederschap (redelijk doorzichtig met zo’n titel mo gow)….Ilja was toen 4 weken oud en ik vond eindelijk wat tijd om over deze nieuwe wending in mijn leven te schrijven.  Ik deed het puur voor mezelf, maakte de berichten nergens kenbaar en niemand wist van mijn schrijfsels, het was goed om warm te lopen.  Het is pas later dat ik echt actief ben beginnen blogs lezen, reageren bij anderen en sociale media erbij betrekken.  (Ik vermoed dat LJ de eerste blogster was die ik consequent begon te lezen.)

De cijfers liegen er niet om -al zijn die natuurlijk ook maar heel gewoon-:

2011: 26 berichten gepubliceerd, 520 bezichtigingen, 0 commentaren (in dat jaar, achteraf zijn er wel nog bijgekomen)

2016: 77 berichten gepubliceerd (tot nu toe), 48 857 bezichtigingen, 1686 commentaren

Ik ben een kleine vis in de grote blogzee. Ik volg bloggers die pas een goed jaar bezig zijn en die overal een nulletje meer achter kunnen zetten, maar het is goed zo.  Ik wil eigenlijk helemaal geen grote vis zijn.  Anderen doen het veel beter en mooier, maar ze investeren er dan ook veel meer tijd in.   Mijn postjes staan in 1-2-3 online.  Gewoon mijn ding doen, kribbelen over de verschillende lijnen in mijn en ons leven.  Eigenlijk is er geen echte rode draad in deze blog te vinden.  Hoewel ik veel over mijn kinderen schrijf wil ik ook geen mama-blogger zijn, niet dat daar ooit iets mis mee is -haal uw voeten al maar uit de stijgbeugels- maar ik voel me helemaal niet zo.  Ook in het dagelijkse leven ben ik geen “mama-mama”.  Opnieuw: daar is niets mis mee.  Alles is relatief en vergankelijk.  Wat echt telt is wat er zich voor het scherm afspeelt.  En dat daar nu en dan eens een fijn verhaaltje uitvloeit is in mijn bloggersbestaan een voordeel.

Zelf volg ik een 100-tal bloggers.  Er zijn mensen die van hun stoel vallen als ik dat vertel “100? Wanneer lees jij dat allemaal?” Ik lees die niet allemaal consequent maar ik ga toch regelmatig eens neuzen en al dan niet reageren.  Ik kom op blogs waar niemand reageert, ik kom op blogs waar 100 reacties standaard zijn.  Als het maar vlot wegleest.  Veel mensen reageren bij mij “dat het zo herkenbaar is”.  De laatste week werd ik drie keer aangesproken dat ze meelezen terwijl ik dat niet wist.  Dat doet wel raar soms maar aan de andere kant: er lezen veel mensen mee die ik niet ken.

Dus… ik ga nog eventjes door als dat mag.  Het bloggen bracht me al regelmatig op onbetreden paden en bij aangename mensen.  Merci daarvoor.

Het weekend…in geuren en kleuren

Woensdag kwam mijn vriendin langs met de levering van mijn “Heppy People“-bestelling.  (nogmaals: jawel, met een e).  Ik had het er al over dat ik nooit de eerste ben om de nieuwste dingen te kopen.  Maar ik heb ook altijd een beetje een aanpassingsperiode nodig.  In die periode beslis ik of ik iets graag genoeg zie om het te kopen.  Ondertussen vind ik het leuk op een ander.  En een lichtbak is nu ook niet bepaald zo hipster maar het is vooral het feit dat het veranderbaar is dat mij aanspreekt.  Het doet me ook denken aan Shoshanna uit Inglourious Basterds met haar cinema.

img_20161121_114121.jpg

Van shnugglen is er niet veel in huis gekomen.  Vrijdagavond werd ik op het werk ziek.  In de categorie “gênante situaties op het werk om later nog om te lachen” heb ik toch een toppertje gescoord door misselijk te worden terwijl er ouders van bewoners bij stonden.  I’m telling ya, it wasn’t funny.  Ik kan nu zeggen dat ik officieel “vomit-free since november the 18th” ben.  Echt schaamtelijk voor duust.  Ik ploeterde nog verder tot mijn dienst erop zat en ging toen keihard in de zetel gaan crashen.

Zaterdagochtend was mijn loop-ochtend gezien ik de vrijdagochtend na stortbuien en windhozen moest omkeren.  Laat ons zeggen dat ik het weer een beetje verkeerd had ingeschat.  De maag en de buik scandeerden echter nog steeds “no way!” toen ze mijn loopschoenen zagen en ik werd er zowaar een beetje kwaad om.  De enige ochtend in de week dat ik nog weg kon zonder dat de regen tegen het raam klettert en ik zat aan de immodium.  In de namiddag was ik na een middagdutje van anderhalf uur toch in staat om mijn meme in het ziekenhuis te bezoeken.  De taaiste van de familie mag gelukkig vandaag naar huis.

Op zondag was ik weer op en top en kon mijn date met Marlies gelukkig doorgaan.  Het internet kan zo mooi zijn, zoveel interessante mensen daarop te vinden!  De brunch bij Le Pain Quotidien was overheerlijk al heb ik vooral veel van ons gebabbel onthouden!  We combineerden de geplande brunch en mijn lief zijn barbierworkshop met een bezoek aan onze (schoon)-zus en schoonbroer die zich enkele jaren geleden in Mechelen settelden.  De kindjes konden even onder hun hoede blijven, waarvoor dank.  Blij om ook met hen nog te kunnen bijpraten en ik leerde er een nieuw woord: “excuusbezoek”.  Het wordt soms moeilijk om af te spreken met andere koppels die ook in de kleine kinderen zitten (al vind ik dat eigenlijk relatief, als je echt wil afspreken dan lukt het wel), maar soms is een klein excuus genoeg om de stap tot afspreken iets vlugger te zetten.  Zoals “ik heb hier nog een doos kleertjes staan voor je, ik breng ze anders eens binnen” en dan reageert de ander “ewelja, dan maak ik een taartje” ofzoiets.  Alléé, je begrijpt het wel. Voor we het wisten was het ineens 15u en moest de rit van anderhalf uur nog aangevat worden.

De avond werd ingezet met een diepvriesmaaltijd die wonderbaarlijk nog goed smaakte, wat kip, groentjes, rijst.  Er werd precies naar hartenlust gesmuld.

img_20161120_174116.jpg

Smullen is sowieso Linus’ favoriete bezigheid.  Sinds kort probeert hij het zelfstandig te doen.  Ik mocht een serieus poetsmaneuver inzetten om de hele rijstplakboel op te kuisen.  Een uur later zaten de kinderen in bed, was de keuken aan de kant en kon ik beginnen aan het 7e seizoen van Pretty Little Liars.  Ik had het een beetje gespaard voor als ik er echt klaar voor was maar: wat een bummer.  Ik begreep er niets meer van.  Het is nochtans niet zo lang geleden dat ik de laatste aflevering zag maar nu is er ineens weer een evil twin (hallo, “Thuis” deed dit jaren geleden al mensen!)  en een nieuwe belager, pffff als ik die brainless tv al niet meer snap, het is ver gekomen met mij.

En net toen ik dacht dat het weekend voorbij was hoorde ik Ilja van boven roepen: “Ik ben zie-ie-iek” Neen, dat wil je nooit horen.  Soms roepen ze al eens dat ze ziek zijn en is het op te lossen met eens over het buikje te wrijven of een extra knuffel.  Ik tjaffelde vlug naar daar en oh boy, ziek was een understatement.  Er was geen manier om tot bij hem te geraken zonder dat ik door kots moest stappen.  Hij zat te wenen, ik wou hem vastpakken maar hij was volledig besmeurd.  Moederhart in duigen en kip, groentjes en rijst right back at us.  Gelukkig zijn we voorzien van een paar extra sets bovenlakens.  Alleen jammer dat die lakens in de open schuif liggen onder zijn bed. Hij was erin geslaagd om net op de boord van zijn matras, ter hoogte van zijn lattenbodem zijn maagje te ledigen, rechtdoor naar beneden op al die verse lakens  (en ook nog een beetje in het rond uiteraard).  We spendeerden onze zondagavond dus met troosten, poetsen, kokhalzen, kipbrokjes van mijn voeten schudden en wasmachines draaien.  Ik weet nu hoe je kots van tussen lattenbodems prutst en dat het handig is om twee donsdekens te hebben.  Deze morgen was hij weer zo kwiek als een sprinkhaan.

Ma ja, het stond in de titel: geuren en kleuren, je kon nog wegklikken🙂

 

Mom Runs The City: the making of

Op 1 november kwam Karin van Mom Runs The City langs voor haar rubriek “Mom Runs The City”.  Voor dit onderdeel van haar blog bezoekt ze lopende mama’s die hun verhaal willen delen.  In vergelijking met sommige andere loopsters die ze interviewde ben ik maar een treuzeltreeze maar het was wel een verrijkende ervaring en het is altijd leuk om nieuwe mensen te leren kennen via de blog.

We liepen in mijn hometown.  Ik probeerde een korter pad te zoeken waar er toch enkele bezienswaardigheden op te vinden waren.  Karin nam foto’s en we probeerden ondertussen te babbelen.  Zelf ben ik niet gewoon om te babbelen tijdens het lopen dus ik was al vlug buiten adem.  Misschien zat het feestje van de avond voordien ook wel een beetje in mijn loopschoenen.  Maar soit…

Het verhaal kun je HIER lezen.  Inclusief foto’s van ons samen en van mij alleen, er is geen model aan mij verloren gegaan, maar Karin maakte er echt haar werk van.

Zelf nam ik uiteraard ook wat foto’s van The Making Of. 

img_20161101_164038.jpgimg_20161101_104344.jpgimg_20161102_095311.jpg

img_20161101_105245.jpgimg_20161101_105356.jpg

Meer Mom Runs The City-verhalen lezen?  Volg Karin haar mooi uitgewerkte blog!

 

To digitale agenda or not to digitale agenda

We zijn meer dan 3/4e van het jaar verder ondertussen.  Tijd voor een update over mijn digitale agenda.  De vele tips die ik kreeg in de reacties waren heel welkom, bedankt lievekes.  Ik koos voor Google Calendar omdat deze het vlotst te installeren was op alle nodige apparaten.  Tien maanden lijkt me wel ideaal om een zuiver beeld te krijgen voor een evaluatie.

  • Google Agenda: het gebruik

Hmmm.  Niet zo fantastisch vind ik.  Ik ben geen goeie ict’er.  Vraag maar aan de dienst systeembeheer op het werk, ik heb er een lange-telefonische-afstandsrelatie mee.(“Oh neen, ik vind hier nergens mijn cursor meer terug, waar is hij naartoe?”)  Ik weet ondertussen wel al dat de eerste vraag is “Heb je hem opnieuw opgestart?” en ze weten al dat ik dat altijd doe, dus de openingszinnen skippen we al.  Maar terug naar Google Agenda.  De synchronisatie met alle partijen (iPad, smartphone, laptop) verloopt toch niet zo vlot vind ik.  Het hangt ervan af op welk instrument ik een afspraak ingeef.   Veelal is op één van de apparaten een afspraak onvindbaar terwijl het dan in een ander apparaat dubbel komt te staan doordat ik de afspraak opnieuw ingegeven heb.  Koekoek?

Ik moet maandelijks mijn uurrooster ingeven, dat wil zeggen dat ik elke dag apart moet aanklikken, het uurschema ingeven en dan telkens weer overal de meldingen uitschakelen.  Anders krijg ik dagelijks onnodige notificaties op mijn gsm genre “werken van 8u30-19u30“, alsof ik dat niet weet.  Met het crècheschema van Linus is het hetzelfde verhaal, aangezien ik dat in een ander kleur wil moet ik ook dat telkens allemaal apart ingeven, aanklikken, uitklikken.  Ik vind het een grote slavenkarwei eigenlijk, ik haat het om het te doen, met de hand gaat het toch allemaal veel vlugger. Call me old fashioned.

  • Overal en altijd je agenda bijhebben

Ja, dat is handig.  Als alle afspraken gesynchroniseerd zijn tenminste.  Zeker in situaties waar er direct iets moet opgezocht worden of als iemand op het werk vraagt om te wisselen of dergelijke.  Laat ons zeggen dat dat een groot voordeel is.

  • Onthouden van afspraken

Rampzalig.  Echt: gebuisd tot en met hiervoor.  Ik weet niet hoe dat komt, ik vermoed dat het mijn kleine verstand is die zo werkt.  Maar als ik iets niet met de hand opschrijf dan onthoud ik het niet.  Mijn agenda digitaal ingeven is een ramp voor mijn geheugen.  Als ik een afspraak ingeef dan staat die soms onderaan (afhankelijk van het uur) en dan zie ik het gewoon niet omdat ik niet voldoende naar beneden scrol (vooral bij smartphone dan).  Met een geschreven agenda heb ik meteen overzicht op de dag.

Ik weet zeker dat de situatie die ik beschreef in mijn vorige post in de hand werd gewerkt door onvoldoende overzicht over de voorbije week en de komende weken.  Diezelfde avond kwam mijn lief toevallig thuis met een papieren agenda die hij bij een klant had gekregen en het puzzeltje viel in elkaar.  Het was geen supermooie, maar nu ook niet aartslelijk, maar ik werd euforisch.  Gewoon door het zicht op een agenda.  Schrijven, post-it’s erin plakken, krabbelen en doorstrepen.  Verschillende kleuren stylo gebruiken.  Bring it on!  Yes, I’m so back met een papieren agenda in 2017.  Sorry Google Agenda: je wordt gedumpt!

En nu de zoektocht inzetten naar het beste exemplaar.  Hema here we come!

 

 

en niet over Londen, een overload aan mariaspekken, Letterkundeprijzen,…

Het hoofd wil niet goed mee de laatste weken.  Het overzicht, mijn structuur, het loopt een beetje schots en scheef.  Ik probeer alle touwtjes mooi recht te leggen maar als ik terugkijk vind ik ze telkens weer geknobbeld terug.  Ik typ aan een lege tafel maar er liggen nog koekjeskruimels op.  De vaatwasser is leeg maar de vuile afwas staat er nog bovenop.  De living is enigszins proper, maar de bedden moeten dringend ververst worden.  Niets is helemaal in orde.  In mijn hoofd maak ik to-do-lijstjes maar op papier staat er nog niets.  Als ik de wasmachine vul bedenk ik dat het wasproduct bijna op is.  Op mijn mentale boodschappenlijstje noteer ik: wasproduct.  Op mijn mentale to-do-lijstje schrijf ik: to-do-lijstje maken.  En ja, ik zou alles kunnen afwerken terwijl ik deze blogpost typ, maar ook bloggen staat op mijn onbestaande lijstje.  Honderden blogideeën flashen door elkaar.  Weliswaar nog niet uitgeschreven, ik heb nog niet eens een idee hoe ik elke topic tot een waardige tekst moet brengen.  Het is een beetje moeschie in mijn hoofd, maar ik kan er op een eigenaardige manier toch goed mee om.  Het is so not me om niet meteen mijn set gekleurde stiften erbij te nemen en lijstjes te maken.  Mijn brain leeg te dumpen en dat malende hoofd stil te leggen.  Ik geniet er zelfs een beetje van.  Van het niet afstrepen.  Van eventjes brandjes blussen.  Van mijn ratelende zonen.  Van mijn echtgenoot die ik helemaal voor mij alleen had het vorige weekend.  Van de wanorde.  Gestolen momentjes met de dreumes op mijn schoot, conversaties met de kleuter over “hoe de Fransen graag slakken eten” alles komt raak binnen.  Een vluchtige proficiat-mail naar mijn broer nadat ik zijn eerste twee mails onbeantwoord liet.  Doodles die ingevuld geraken, al is het al weken geleden dat je ze opstelde, doodles die meteen ingevuld worden, allemaal ok op zijn eigen manier.  Het is één iets om orde in de chaos te wensen, het is een ander iets om me neer te leggen bij het feit dat het nu iets minder gestructureerd is.  Om door te gaan en te overpeinzen hoe deze blogpost misschien over één van die honderd andere dingen kon gaan.  Om de tekst zijn eigen weg te laten gaan.  Tjah.  Volgende keer beter anders.

 

De Romeo’s mogen mij bellen indien nodig…

Tijdens een dinner party maandagavond hadden we het over materialisme en hoe mensen met minder gerief jaloers kunnen zijn op anderen die het breder hebben.  Ik weet niet goed hoe dat bij mij zo geëvolueerd is, maar ik ben eigenlijk niet jaloers op andermans bezit.  Ja, ik kan geloven dat er nu mensen zijn die denken: “Ja, dat zal wel” of “je hebt hier juist zitten schrijven over die hele bergen speelgoed in uw living” maar het is echt zo.  Ik kan me niet voorstellen dat ik mij slecht zou voelen als iemand anders de nieuwste iPhone in zijn sjakosj heeft en ik het moet doen met een simpel model.  Als mensen op reis gaan ben ik gezond jaloers in die zin dat ik er soms naar verlang om eens weg te zijn van thuis.  Gaan ze naar locaties waar ik zelf naartoe wil, dan zeg ik: “Oh zalig, dat wil ik zelf ook wel nog eens zien”.  Maar ik ben niet ongezond afgunstig op dat moment.  Sommige dingen heb je, andere dingen heb je niet. 

Ik lees veel blogs, ben actief op Instagram en in mindere mate op Facebook.  We worden er constant aan herinnerd dat we iets niet zijn: er zijn mensen die zonder trainen beter en veel vlugger lopen dan ik.  Er zijn bloggers die 1000x beter schrijven en onwijs mooie foto’s integreren.  Sommige mensen slagen erin om meer boeken te lezen, of in elk geval betere boeken.  Anderen hebben dan weer een hoger diploma, een betere functie of kunnen met een privéjet gaan werken.

Het volgende kan misschien melig en onecht overkomen: eigenlijk ben ik gewoon tevreden met wat ik heb.  Misschien komt het voor anderen wel weinig ambitieus over om niet te behoren tot een groep “die altijd maar meer en beter wil”.  Maar als ik zelf niet die drang voel om bepaalde aspecten in mijn leven te gaan verbeteren, om vlugger te lopen, om pittiger te schrijven.  Als ik me ok voel bij het aantal boeken dat ik lees of de kwaliteit ervan.  Niemand hoeft neer te kijken op iemand met een lager diploma ook al wordt dat heel veel gedaan.  We zijn allemaal begonnen met “aap” en “vis”, sommigen zijn iets slimmer, anderen iets handiger.  Sommige vrouwen zijn veel mooier, er zijn er met een strakker lichaam of een gave huid, dat is zo.  Ik streef niet naar een hogere functie.  In de toekomst wil ik  graag nog verder studeren, maar dan zuiver als zelfontplooiing.  Het is goed zoals het nu is.

Over afgunst las ik vandaag een interessant stuk op Charliemagazine.  Ann Joris schrijft:

“Ik kan moeilijk het gevoel wegstoppen dat ik alles wat ik online zie, ook moét doen, moét hebben of moét zijn” 

Ik vrees dat veel mensen zich spiegelen aan de onwerkelijkheid van het internet.  Ja, ik vind het ook gezellig om foto’s te delen, om te schrijven over mijn en ons leven, maar ik doe dit niet om anderen de ogen uit te steken, of met een andere bedoeling dan “gewoon schrijven” of “gewoon de foto delen”.  Als iemand mij verontschuldigend vertelt dat ze mijn blog niet lezen, dan lig ik daar totaal niet wakker van en dat zeg ik hen ook.

Blij kunnen zijn met wat je hebt, dat vind ik de grootste rijkdom.

img_8939

Als je opkijkt van je smartphone, laptop of tablet en je ziet een zonsondergang als deze van daarjuist, dan besef je toch wel dat de mooiste dingen vlak onder je neus liggen.  Het zou verdikke nog een mooie titel voor een schlager kunnen zijn.