Vragenvuur

Wat is jouw “moment de luxe”?

Net op dit moment. Het middagmaal is opgeruimd, de kinderen krijgen schermtijd en ik heb verse koffie, mijn laptop en rust. De achterdeur staat open voor wat verse lucht en de zon speelt een schaduwspel op mijn tafellaken.

Wat ligt er altijd op je nachtkastje?

Ik heb geen nachtkastje, wel improviseerde ik vanuit een plastic legodoos iets om mijn klokradio op te zetten. Naast mijn bed ligt er altijd één of meerdere boeken (momenteel: “Oker” van Ellen Verstrepen), een doos papieren zakdoeken (die ik eerst als “tissues” had benoemd, maar niemand zegt dat toch?) een dopperfles met vers water, labello, neusspray, muggenspray en als ik slaap: mijn smartphone ondersteboven en op stil.

Hoe lang sta je ’s ochtends voor de spiegel?

Nooit lang genoeg. Ik zou best wel wat tijd kunnen inplannen om make-up aan te brengen maar ik ben te lui dus ga ik meestal blanco op pad.

Van welke slechte gewoonte geraak je niet af?

Bibliotheekboetes. Het is alsof de maand mij telkens voorbijsteekt. Zelfs de “verleng tijdig uw boeken”-mails van de bib lijk ik niet in mij op te nemen. Het wordt pas echt schaamtelijk bij de tweede aanmaningsbrief die ik voor mijn echtgenoot altijd wegmoffel in de papierbak.

Wat is je favoriete feelgoodfood?

De paarse doritos, Bugles met kruidenkaas, witte chocoladefiguurtjes van den Aldi gevuld met praliné.

Wat geeft je energie?

Gefocust werken en daarna een lange wandeling met een podcast in mijn oren. Een goed één-op-één-gesprek.

Waarvoor zou je graag herinnerd worden?

Als iemand die er was voor je, ook als je me niet nodig had.

Wat is de soundtrack van je leven?

Hier heb ik absoluut geen idee van. Mijn favoriete nummer dan maar? “One day like this” van Elbow.

Wat is het eerste dat je ’s morgens doet?

De verleiding van mijn smartphone trachten te weerstaan. Lukt nooit trouwens.

Welke hype vind je totaal overroepen?

Aangezien ik op geen hype kan komen heb ik er weinig last van.

Wat was je laatste activiteit op sociale media?

Scrollen door mijn Instagramfeed. En straks: mijn bio updaten met deze blogpost.

Welk talent zou je graag bezitten?

Ik ervaar bijna geen jaloezie op talenten. Wat ik wel graag zou kunnen: alles geven zonder remmingen. Iets in mij houdt me altijd tegen.

Op welk lichaamsdeel ben je stiekem het meest trots?

Als ik het zeg is het niet meer stiekem toch?

Waaraan heb je onlangs teveel geld uitgegeven?

Sint-cadeau’s. De kinderen krijgen één keer per jaar een mooi stuk speelgoed van ons en dan kijk ik eens niet op een frank. Maar uiteraard ga ik eerst alle webshops afspeuren om te zien waar het goedkoopste is! Eens een krempekloot, altijd…

Wat neem je mee naar een onbewoond eiland?

Wat neem ik mee? Wanneer mag ik vertrekken ja!!?

Welke geur maakt je nostalgisch?

Kinderparfum van Oilily, het doet me terugdenken aan mijn kindertijd waarin ik een tijdje obsessief alles van dat merk spaarde. Ik was er compleet gek op maar om budgettaire redenen waren ze begeerd goed. In die winkels gaven ze ook altijd heel felgekleurde grote magazines mee, ik verslond ze en sneed ze aan flarden zoals mijn kinderen nu doen met hun speelgoedboekjes.

Wanneer heb je voor het laatste gehuild?

Vorige week toen ik me in een incapabele moeder vond.

Waarvoor ben je altijd in de mood?

Een wandeling in de natuur. Mijn zestienjarige zelf lacht me keihard uit nu.

Wat is het beste advies dat je ooit hebt gekregen?

“Mommy knows best” toen ik pas bevallen was van mijn oudste zoon. Nogal ironisch als je mijn antwoord op de huilvraag bekijkt.

Wanneer ging je voor het laatst op de weegschaal staan?

Vanmorgen. Zoals elke ochtend. En jij?

Inspiratie: “Vragenvuur”. Wekelijks op post in het weekendmagazine van De Morgen.

En wat is jouw favoriete vloekwoord?

Hoe loopt het met de opleiding? Een vraag die ik regelmatig gesteld word. Ik ben ondertussen al anderhalve maand weer aan de slag om een cursus te doorploeteren tijdens mijn vrije uurtjes maar deze keer loopt het minder vlot dan de voorbije vakken. Neuropsychologie is killing me softly. Althans het killt mijn courage. Door dat ene vak ben ik momenteel enorm gedemotiveerd. De materie is niet eenvoudig maar ze is dan ook nog eens enorm uitgebreid waardoor het moeilijk is om een overzicht te bewaren. Zeker omdat ik niet constant kan studeren maar in kleine beetjes. Een paar uur hier, een paar uur daar. En wat gebeurt er als je je motivatie moet samenschrapen? Andere dingen lijken ineens veel interessanter. Ik zou direct een lijstje kunnen opsommen van dingen die ik nu veel liever zou doen dan die cursus te memoriseren en ja, zelfs “kuisen” zou ik nu liever doen. Het doet er ook geen goed aan dat mijn huishouden nog maar eens ontploft is, dat ik dringend nog wat voorbereidingen moet treffen voor Sint-Maarten die ons het komende weekend komt verblijden èn dat mijn poetsvrouw AWOL is. De gedachten die dan door mijn kop razen in plaats van de neurologische verbindingen die ik op papier zou moeten bestuderen gaan in een ritmisch tempo als volgt:

  • Ik hoef toch helemaal niet verder te studeren? Ik heb een diploma.
  • Waarom doe ik dit eigenlijk?
  • Ik ga het hier allemaal smijten, fakthisshit!
  • Toch wel interessant om te lezen over het puberbrein en hoe het komt dat dit anders marcheert dan een volwassen brein
  • Amaai, tot uw 25 jaar groeien uw hersenen nog
  • Het zou toch een mooie uitbreiding zijn van mijn huidige diploma.
  • Het examen is meerkeuzevragen zonder giscorrectie, ik kan ook goed gokken
  • Een cursus van 325 pagina’s voor 3 stomme studiepunten, wie vindt dat uit?
  • De zon schijnt verdikke, het heeft al dagen aan stuk geregend en nu schijnt de zon, net nu ik geen courage heb.
  • Oh dementie is toch wel interessante materie.
  • Ik zou eens moeten kuisen

en maar gaan in mijn kop, malen malen malen.

Maar het hier eens van mij af schrijven is een grote hulp. En straks misschien een kleine wandeling maken voor ik ga werken. En uiteindelijk ga ik toch het examen doen in december, en misschien ga ik zelfs slagen. En als het niet zo is, dan doe ik een herexamen. Maar die cursus neuropsychologie, die ga ik me toch altijd blijven herinneren als een klein fuckertje waarvoor ik mijn vloekwoordengamma serieus heb uitgebreid. Je ziet: je kan levenslang bijleren.

Waar is die micro?

Vrijdagavond stond voor datenight vorige week. Het was een maand geleden dat we nog eens iets met ons twee deden en aangezien de echtgenoot tickets had gekocht voor het optreden van King Hiss die avond besloot ik om gewoon mee te gaan. Ik zou geen questioner zijn als ik me niet eerst in de muziek ging verdiepen alvorens naar de show te gaan en ja: ik was curieus! We dineerden onverwacht heel lekker aangezien we “op de ruttel” een Grieks restaurantje binnenstapten met de vraag of er een tafeltje vrij was. Na een drukke herfstvakantie met de kinderen deed het deugd om mijn gal eens te spuwen en de twijfels die de kop opstaken onderling te bespreken. In ons drukke (ik haat dat woord!) leven is het niet evident om de vinger aan de pols te houden over hoe het met ons is.

En King Hiss? Daar ben ik nog van aan het nagenieten. Mijn lief is eerder voor het ruigere muziekgenre en zoals ik aan één van zijn vrienden uitlegde toen hij vroeg of ik dat ook graag hoorde: “ik kan dat wel eens verdragen”. Ik had echter niet verwacht dat ik achteraf nog zo zou nadenken over de show. In feite was ik een tikkeltje jaloers. Een gevoel dat ik bitter weinig ervaar maar toch stak het de kop op. Zoals die mannen op dat podium staan, alle energie die ze uitstralen, dat is best noemenswaardig. Ik was jaloers op de power, de gedrevenheid die van het podium barstte. Het zag eruit alsof elk bandlid zich keihard amuseerde en dat het zingen/musiceren een ware uitlaatklep is. Het moet zalig zijn om je zo uit te leven. Anderhalf uur alles geven en daarna je zweet oplikken. Ik denk dat je op die manier veel frustraties eruit kunt spuwen op een positieve manier. En het moet gezegd: ik ben fan geworden van King Hiss deze week. Hun attitude, de présence en vooral de liveshow waren hier de aanstoker van. More please!

bron: Youtube en website King Hiss

Misschien moet ik ook een band starten? Crumbs Under The Table ofzoiets? Nog ideeën?

A spider web and I’m caught in the middle

Bij het instappen in de wagen is het voor de 9e keer vandaag “gank”. Bitchen, zagen en fretten op elkaar voor het minste kleinste wat er kan zijn. Wie de deur te hard had dichtgegooid, wie de muziek mag kiezen of wat de ene over de andere gezegd heeft. Mijn maag ligt al de hele dag in een figuurlijke knoop, de ruzies en akkefietjes tussen de jongens werken enorm op mijn gemoed. Als ik de deuren dicht doe roep ik hen beide toe “dat het nu eens mag gedaan zijn met dat gekak op elkaar heel de dag!” De kleinste probeert er nog iets tegenin te brengen maar hij wordt prompt de mond gesnoerd. Het is overduidelijk: mijn pot is overgekookt.

Onderweg raast het in mijn hoofd. De hele weg naar Harelbeke dansen ze in mijn hoofd op een irritant ritmisch deuntje op en neer: irreële gedachten. Die gedachten lachen mij uit. Ze poken me, geven me kleine neepjes met hun venijnige nageltjes. “Zie je wel, je bent niet gemaakt voor het ouderschap” “Je hebt nu twee kinderen, had je dat beter niet gelaten?” “Waarom is dit zo moeilijk voor jou?” “Die gastjes kunnen er toch niet aan doen?” en de carrousel draait opnieuw verder: “Je bent hiervoor niet in de wieg gelegd”. “Pffffftttttt”

Ik begin ze te herkennen maar op moeilijkere dagen is het minder evident om ze halt toe te roepen. Om die gedachten de mond te snoeren, net zoals ik met mijn jongste zoon juist had gedaan. In De Gavers zijn beiden meegaand, ze kennen de afspraak: eerst een wandeling en daarna op het speelplein. In het bos kwettert Linus honderduit. Ilja schuift zijn warme hand in de mijne en blijft aan mijn zijde. Ik wijs hen op waterhoentjes die de grote plas inspringen. Als we dichter bij de oever van het meer gaan zien we dat ze er een ware glijbaan van gemaakt hebben. “De Eendjesglijbaan”. De kinderen zijn verrukt. We zoeken eksters op in Google en volgen de blauwe pijltjes van het 5km lange traject. Samen met de bladeren van de bomen dwarrelen de negatieve gedachten uit mijn hoofd. Het okergele tapijt knispert onder mijn wandelschoenen, de irreële gedachten verpulver ik stap per stap. Wat slecht van start ging verandert in een prachternoene. Ik toon hen hoe ze een spoor kunnen vormen met de stokken die ze verzamelden (geen wandeling zonder stok toch?) en Linus bombardeert zichzelf tot Sint-Maarten, ik heb geluk, ik mag een “meisjespiet” zijn. De emotionele rollercoaster die soms door mij racet als ik over mijn ouderschap tob vraagt zoveel energie. Maar de momenten waarop ik voel dat het best goed gaat, dat ik twee welgezinde rakkers terug in de auto zet keert alles terug om.

Tijdens de terugrit kiest Ilja een oud CD’tje uit het mapje in mijn auto. Even later speelt de debuutplaat van Coldplay door de boxen en wordt het stil in de wagen.

In a haze
A stormy haze
I’ll be round
I’ll be loving you always
Always

Here I am and I’ll take my time
Here I am and I’ll wait in line always
Always

Coldplay – Parachutes

Ballen en boeken

De vorige keer is het compleet fout gelopen. Deze keer ging ze me niet graaien hebben! Met de kattenmand in de aanslag was ik goed voorzien op het bezoek aan de dierenarts. Nu ze ongeveer zes maand oud is besloot ik haar te laten steriliseren. Ik mag er niet aan denken dat ze zwanger thuiskomt en wij hier na de bevalling voor 4 of 5 kattenjongen een thuis moeten gaan zoeken. I’m a sucker for koddige kattenkopjes. Laat staan het verdriet bij de kinderen elke keer als er ééntje moet vertrekken. Neen, met Frankie hebben we genoeg. Het transport naar de dierenarts verliep deze keer veel vlotter dan met Schanulleke indertijd, Frankie zat zo mak als een lammetje in haar bakje naast me.

Na schooltijd ging ik met de kinderen terug om haar uit de ziekenboeg te halen. Bij aankomst in de dierenartsenpraktijk kondigden we vrolijk aan “dat we om Frankie kwamen!” waarop de vrouw van de dierenarts in lachen uitschoot.

“Ja dan hebben jullie alleszins een goeie naam gekozen voor jullie kat, want Frankie is een jongen!”

De kinderen beginnen te joelen:”Frankie is een jongen mama! Frankie is een jongen!” Er gaat even vanalles door me heen. Frankie een jongen?

Just what we needed: another man in the house!

Dus ik ging naar de dierenarts met een hitsige kattin en ik kwam thuis met een gedrogeerde gecastreerde kater.

Het voordeel is: nu moet ik niet meer gaan expliceren waarom we een kattin in godsnaam Frankie hebben genoemd.

De wedstrijdvraag is uiteraard met dit logje opgelost. Er waren heel wat mensen die het juist hadden, maar hier en daar antwoordde iemand ook Chewbacca (rip). Ook Schanulleke (rip) werd genoemd. Onze allereerste kat die we toch een 7-tal jaar hadden heette Marbel.

Proficiat Annick! Je wint twee boeken! Je krijgt binnenkort een mailtje van me! Hou je inbox in de gaten!

De 7 Ge’s

Gereserveerd: in de Ieperse bibliotheek reserveerde ik het boek “Sorry dat ik te laat ben, maar ik wilde niet komen” geschreven door Jessica Pan. Volgens de achterflap zou het een relaas zijn van de ervaringen van een introvert die zich een jaar gedraagt als extravert. Ik heb er alvast volgende gedachten/vooroordelen over:

  • Zo hard je best doen om je anders voor te doen dan je bent, dat moet vreselijk vermoeiend zijn. Ik veronderstel dat ze met een constant sluimerende koppijn zal rondgelopen hebben.
  • Waarom eigenlijk? Alsof introvert zijn iets slecht is?

Gedownload: Echt, lach mij maar keihard uit maar ik heb voor het eerst een ebook gekocht. Ik lees veel online maar een ècht boek? Nog nooit gedaan. Ik neus gewoon graag in boeken en pagina’s draaien hoort daarbij. Maar ik probeer ook te budgetteren en om mijn boekenkast zo klein mogelijk te houden dus kocht ik “Digitaal Minimalisme” van Cal Newport. Het voelt wat contradictorisch om een boek over digitaal minimaliseren te lezen op de iPad of op mijn smartphone, maar kijk, het is nu zo. Ik zou het een pageturner durven noemen maar ik moet dat ombuigen naar een….pageswiper ofzo?

Gesmoefeld: Zure beertjes. Zure beertjes staan gelijk aan comfort food. Comfort food staat gelijk aan: te weinig weerstand tegen verleiding wat dan op zijn of haar beurt weer wordt veroorzaakt door vermoeidheid of stress. Dus ik koop soms zure beertjes als ik wat wil emo-eten. Niet dat ik hierdoor minder stress op mijn werk heb. Emo-eten is in feite geen oplossing voor iets, het verzacht het alleen eventjes. Dat mijn tong er een uur verdoofd door is neem ik er graag bij.

Ok, het zijn zure tuutjes, ik weet het.

Geblogd: of ik zou moeten schrijven: geconcept. Want er staan allerlei half afgewerkte drafts klaar in WordPress. Iets waarin ik het zurebeertjes-verhaal wat beter uiteen doe onder andere. Maar de blogregel die ik voor mezelf in het achterhoofd hou is: “Zou mijn baas dit mogen lezen?” en het antwoord op die vraag is momenteel nog altijd: “neen”. Ik schrijf ook meestal de intensere stukken eens de stormen gaan liggen zijn. Zegt genoeg of juist te weinig misschien.

Geleerd: ik pik dagelijks nieuwe woorden op. Zelfs bij het studeren van mijn cursus neuropsychologie. Ik las het woord “lommerrijk” en kon er niet meteen betekenis aan verlenen ook al ken ik het woord op zich wel. Lommerrijk betekent: “schaduwrijk”. Nu weet ik niet meer in welke context ik “lommerrijk” uit de cursus haalde, ik heb het vluchtig op een papieren zakdoekje gekrabbeld. Lommerrijk klinkt eerder negatief vind ik. Alsof je te maken hebt met iemand die alles wat laat hangen zo. “Die is zo lommerrijk, hij heeft eens goeie schop in zijn kont nodig”. Of zoiets.

Geschuild: Tussen winkeletalages namelijk. Halloween wordt in Ieper deze periode gevierd. Tijdens weekenddagen lopen er allerhande monsters door de stad. Om de één of andere reden is Ilja meer bang dan Linus voor die figuren. Hij houdt ook niet van programma’s als Nachtwacht. Ook voor Halloween in Bellewaerde of andere pretparken krijg ik hem niet enthousiast. Gelukkig kunnen een ijsje en een wafel altijd troost bieden. En dan vraag ik me af vanwaar de term emo-eten komt.

Geschrokken: Ik ben enorm geschrokken door het plotse overlijden van de mama van een vriendin van me deze week. Het is heartbreaking om te horen hoe ze momenteel afziet door die situatie. Ik wou dat ik het voor haar kon wegnemen.

At least you…

Doorheen het jaar poppen er om de zoveel dagen dingen op genre “Dag van de…”. Ik hou niet echt bij welke dag het juist is, dag van de leerkracht, black friday, complimentendag of gelijk wat. Dag van de arbeid, dat ken ik dan weer wel. Maar blijkbaar was het laatst #worldmentalhealthday. Op sociale media en op sommige blogs las ik getuigenissen over de issues waarmee mensen strugglen. Ik kan het alleen maar aanmoedigen om de moeilijkere thema’s bespreekbaar te maken. Om hulp te zoeken als je vindt dat je er niet meer zelf uit geraakt of teveel op je partner leunt. “Teveel op je partner leunt? Kun je ooit teveel op je partner leunen?” Spreek me gerust tegen, maar ik denk van wel. Ook al kies je ervoor om samen alle stormen te trotseren, je partner is ook een persoon in dit verhaal, met een eigen draagkracht. Als één van de twee niet goed in zijn vel zit heeft dat een effect op de andere, op het hele systeem dat het gezin is. Stormen zijn er om overwonnen te worden, maar degene die op dat moment aan het roer staat gebruikt extra kracht als de andere het even niet meer kan.

Ik probeer al een tijdje uit te zoeken hoe je kan praten met iemand die met psychische problemen kampt. Het is best moeilijk om iemand bij te staan tijdens een burn-out, depressie of een ander psychisch probleem. Wat moet je zeggen? Wat kun je doen? Kun je überhaupt iets doen? Brené Brown kan bepaalde items heel simpel uitleggen, ik stoot regelmatig op filmpjes en wil het volgende graag delen:

bron: YouTube

Veelal kun je de problemen van anderen niet oplossen. Sommige problemen vallen ook helemaal niet op te lossen. Maar veroordelen werkt niet. Vergelijken werkt niet. Geen enkele situatie is dezelfde, geen enkel verhaal loopt gelijk. Je in de situatie inleven -ook al is het moeilijk- kan een ander inzicht bieden. Of gewoon zeggen “ik weet niet wat ik moet zeggen”. “Dit is zo rot voor jou/jullie”. Gelijk hoe is gepast reageren altijd een moeilijk iets, soms denk ik wel eens “had ik maar dit of dat gezegd” of “zou die persoon dat niet verkeerd opgenomen hebben?” “Kan ik meer doen?” Ik moet ook keihard mezelf inhouden om niet mijn eigen verhaal te brengen.

Is dit herkenbaar?