Page 103 of 118

over blonde suiker en bronzen uilen

We smulden overheerlijke ovenkoeken op het werk deze week.  Ovenkoeken worden precies steeds vergeten hier thuis.  Ze worden jammergenoeg genegeerd in onze menukeuze.  Nochtans zijn die bebloemde schijven echt berelekker, we moeten ons echt meer op ovenkoeken gaan concentreren.  Met potsuiker uiteraard.  Al weet mijn echtgenoot niet wat ik met potsuiker bedoel.  Als westhoekse zeg ik potsuiker tegen wat in zijn ogen bruine suiker heet.  Ik zeg bruine suiker tegen wat hij kandijsuiker noemt.  In feite is potsuiker blonde suiker.  En zo gaat het taalspelletje door bij ons.  Maar één ding blijft voor elke Belg gelijk: op de verpakking van de potsuiker staat al jaren hetzelfde jongetje met het eigenaardige ding in zijn handen.  Is het een pannenkoek?  Is het een boterham?  Wat eet hij eigenlijk?  Dat er een aardige berg potsuiker op te vinden is, dat is zeker!

Naast de pietluttige potsuiker/ovenkoekenkwestie is er eigenlijk ander belangrijk nieuws te melden:

Het boek won zonet eventjes de Bronzen Uil.  Ik kan alleen maar zeggen dat

APETROTS 

een understatement is voor hoe ik me hierbij voel!

Het is zeker verdiend, want het boek is geweldig!  De schrijver ook trouwens!

Het verTand komt met de jaren

Toch een vreemde gewaarwording, zo’n tand die afbreekt in je mond.  Ineens voelde ik, na een verkeerde beet, een hard gekraak en meteen daarna korrelden er stukjes tand tussen mijn lippen.  Creepy, gelukkig gaat het over een terugkerende droom die zo danig levensecht is, ik zou het nooit willen meemaken,  zo’n vies gevoel!  Het gebeurt ook nooit dat ik in de spiegel kijk in mijn droom dus ik zag nog nooit een half-afgebrokkelde tandenmond.  Volgens de droomexperts op google.be kunnen kapotte droomtanden wijzen op allerhande zaken die onderhuids spelen.  In feite zou zo’n droom te wijten zijn aan elke situatie die zich in je leven voordoet.  Dromen over tanden?  Je bent onzeker.  Dromen over tanden uitspuwen?  Je maakt je zorgen over geld.  Dromen over gebroken tanden?  Een stukgelopen relatie.  Ja zo kan ik ook droomexpert worden.  Zou dat goed betalen?  En ik heb deze week ook over mijn schoonvader gedroomd, die was DJ op een feestje waar we aanwezig waren en ineens moest hij zijn DJ-set onderbreken om zijn telefoon op te nemen.  En dat tijdens Insomnia van Faithless!  Schande Roger!  Schande!  (de droomexperts konden geen trefwoorden vinden onder “schoonvader” dus de uitleg moet ik schuldig blijven….)

 

 

Vuile Zever

Eerst dacht ik dat het aan de handhaving van Pieter lag.  Er werd al eens een “aan de kant, je kunt er niets van” gescandeerd en triomfantelijk alles uit de handen genomen.  Maar iedere keer weer opnieuw is het hetzelfde gevloek op dinsdag.  De vloek van de vuilniszak uit de vuilbak halen.  Het onding is nog maar halfweg de ton getild, of de bovenkant van de zak scheurt al open.  Alsof ik mijn vuilniszak volprop met allerhande dingen die er niet in horen, verre van.  Ik denk dat ik een gemiddelde vuilzakvuller ben, tenzij de anderen hier thuis er stoute dingen in deponeren zonder dat ik ervan weet, maar dan nog is dat scheuren echt overdreven onnodig.  De rol plakband ligt gewoonweg al standaard klaar bij de vuilnisbak want elke week is het hetzelfde gedoe hier.  We zijn zelfs al bedreven geworden in het zo goed mogelijk toeplakken van die hele zeverboel zodat die niet nog eens openvliegt.  Ik hoop voor de vuilnismannen dat ze zo’n toestanden niet tegenkomen als ze het geval op de camion kieperen.  Maar dat kan toch niet anders?  Dat wordt hier geweldig amusant als den onzen eens gaat openscheuren en Ilja’s pampers van een week ver op straat vliegen…

bedwentelen en keukenrollen

Een noenetukje drong zich op.  Het was nodig, met een snotkop bij mijn wederhelft en een pijnlijke keel bij mij.  Tel daarbij dat onze zoon deze nacht om 4u30 weer een verhaaltje van een uur lang begon te vertellen en de moeheid was niet ver te zoeken.  En wij maar klagen van een beetje keelpijn, weinig slaap of een neus die niet mee wil.  Als ik in mijn zoon zijn mond kijk krijg ik pijn in zijn plaats.  Twee kolossen boren zich een weg door zijn tandvlees dat rood tekent van de druk.  Auch!  Vreselijk moet het zijn!  Toch is vertellen het enige dat hij doet ’s nachts.  Enthousiast vertellen over de nieuwe kauwers in zijn mond.  “Wiediewawawa Ilja, Mama, Ilja, Papa, wiedauw” en om het verhaal nog kracht bij te sturen gaat het dan iets luider “kataw, betoeng, pwiet”.  Het viel deze middag echter niet mee om de slaap te vatten.  Zeker niet nadat we een eerste offerte voor een keuken lieten maken deze morgen.  Keukenkastjes, kookplaten en tafelpoten, ze dansten hun eigen verhaal in mijn hoofd.  In de toonzaal wou ik zo’n befaamde “deur-emmer” waar de keukenmeneer vol lof over sprak wel eens van dicht bekijken.  Ik had geen idee wat hij bedoelde, tot we bij een oven merkten hoe goed zo’n deur wel remt alvorens te sluiten.  Smijt maar op het hoopje van de domme trekken.  De keukenbeslissingen vielen vlot en standvastig.  I was on a kitchenroll! “Dat wil ik niet, dat wil ik wel, dat vind ik lelijk, dat is afgrijselijk, dat vind ik onhandig, dat is machtig, zo moet het zeker, het moet dat merk zijn, zo’n type, patatie patata”.  Vreemd genoeg heb ik weinig getwijfeld.  Misschien is drie keer verhuizen (vier keer als je de volgende keer meetelt) eindelijk wel eens een voordeel, al is het maar om te weten welke keuken nu praktisch is en welke niet.  Toch ga ik zeker nog fouten gemaakt hebben, maar ik heb nog voldoende noenetukjes om verder na te dromen en de deur-emmers te ledigen.

– Duplo – !Uno! – Spin(o) – Pil(o) –

Zelfspot!  Het is lang geleden!  Er is nochtans regelmatig eens reden toe.  Zoals daarnet in de winkel toen ik rook aan een nieuwe soort douchegel en er een klodder zeep in mijn neusgat schoot.  En, neen, het is niet de eerste keer dat dit voorvalt.  Of zondag, toen ik zo tevreden was met een doos Duplo dat ik ze niet eens open kreeg.  Ik moest begot aan Pieter vragen om de doos te openen voor me, aangewezen leeftijd: 1,5 tot 4 jaar.  Moet ik hierbij ook nog noteren dat de doos voor Ilja was?

Er was niet enkel zelfspot, ook zelf-op-pepping.   Zoals maandag toen ik tijdens de storm alleen naar het nieuwe huis moest om op één van de offertemannen te wachten.  Daar stond ik dan, alleen in een leegstaand huis, ons huis dan nog, gelukkig duurde het vreemde gevoel niet lang en besefte ik nogmaals hoe machtig het zal zijn als het afgewerkt is.  En ja, de spinnen die me de vorige keer in de spoelbak dreigend zaten aan te kijken, die lagen er nog, zo dood als een pier.

Er was ook meezingtijd, met de nieuwe van Green Day.  Duchtig airdrummen en verkeerdelijk teksten meezingen tot jolijt van de andere chauffeurs aan de lichten.  Ik wou wedden met Pieter dat er wel degelijk naast “I don’t give a damn anyway” ook “I don’t give a f*ck anyway” voorkomt in “Let Yourself Go”.  Hij, die ineens niet wou wedden, voelde al nattigheid want ik wed enkel als ik het 100% zeker ben (en ik had het een half uur eerder zo’n 10 keer meegezongen in de auto).

Er was ook tijd voor verwondering…hoe komt een volledige ruit in onze tuin terecht?  Als iemand een ruit kwijtspeelt door een storm zou je toch ergens een open raam moeten tegenkomen?  Of op zijn minst iemand die een ruit zoekt.  Plus, hoe is het mogelijk dat de ene pil 32 euro per trimester kost en de andere 6,75 euro voor evenveel maanden.  Wil dat zeggen dat ik 25,25euro meer kans heb om ongepland zwanger te raken met de goedkope pil?  Hoeveel de pil ook kost, een kind kost nog altijd meer, die berekening hoef ik niet te maken.

En nu nog een Volvo op de kop tikken

Binnenkort ben ik dus zo’n vrouw “wiens echtgenoot naar het buitenland moet voor zijn werk”.  Binnen enkele maanden ben ik ook een vrouw die een white picket fence zou kunnen installeren rond haar huis, maar dat is dan ook weer een ander verhaal.  Subiet word ik binnen enkele jaren zo’n vrouw die haar kind naar de voetbal brengt met de auto, zo’n volvodrivingsoccermom. (Al is de rest van de context van het nummer volledig naast mijn kwestie!  For sure!).  En dan kan Dreete zeggen hoe weinig baltechniek Ilja wel heeft.  Voorlopig is enkel de eerste ‘vrouw’ van toepassing (vrouw klinkt goed hé, het is even wennen, maar het begint te komen).  Over de reden van zijn afwezigheid ga ik niet uitweiden, enkel “dat de FBI er ook zal zijn”.  Straks staat hij na 8 dagen terug aan de deur met zijn badge in zijn handen “M’me, you have the right to remain silent…” in zo’n Texaans accent.  Alright!  Het lijkt misschien niet zo verstandig om te gaan verkondigen dat ik hier alleen thuis ga zitten met een dreumes (zo heet een kind tussen 1 en 2 blijkbaar), maar daar zit ik weinig mee, de overbuur houdt vast en zeker mee een oogje in het zeil, nietwaar Wijnand?  En diezelfde overbuur heeft ook een grote hond, dubbelsecurity: check!  Zelf heb ik een kat die bijt als je te dichtbij komt.  Het is van toen ik op mijn eentje woonde dat ik nog eens zo’n lange tijd alleen thuis ben geweest.  Wat deed ik toen de hele tijd, ik had kind noch kraai…voor de tv eten, doe ik zeker weer.  Afspreken met vriendinnen, doe ik ook zeker al zal het hier bij mij thuis moeten zijn, het schema wordt al opgesteld, wie nog wil inpikken, ’t is ’t moment!  Skypen met mijn lief, nog nooit gedaan want ik heb nog nooit met skype gewerkt, een computernitwit zoals ik.  En werken combineren met de zorg voor Ilja en het huishouden.  Zo’n opdracht waar de mamamaffia nogal eens problemen mee ondervindt.  Zelf kan ik er niet van meespreken en daar ben ik enorm blij om.  Maar ik denk dat ik het pas zal gewaar worden als die echtgenoot van me er niet is.  Als ik op dag 4 al een berg rommel moet zien te overwinnen, een tiental wasmachines achtersta en ’s morgens zonder ontbijt moet gaan werken omdat ik geen tijd had om naar de winkel te gaan.  Na dag 6 ga ik al zo’n respect hebben voor alleenstaande moeders dat ik er een benefiet voor zal oprichten.  Op dag 8 komt hij thuis in een nest en draait hij zijn kar, met Texaans accent en al, om terug te keren naar Duitsland terwijl ik me aan zijn onderbeen klamp “Niet weglopen, nooit meer weglopen, nee-heeeen!!!  Ik word de perfecte huisvrouw, de perfecte echtgenote, blijf bij mij!”  Zo gebeurt het zeker.

I told the witch doctor I was in love with you

Vorig jaar rondde ik mijn opleiding orthopedagogie af na een redelijk intensieve periode met veel gezucht en geklaag en vooral veel te veel typwerk.  Ondertussen is er anderhalf jaar gepasseerd en het kriebelt soms al weer eens om aan iets nieuw te beginnen.  In orthopedagogie heb ik zo’n 31238 keren moeten reflecteren over mijn handelen, mijn eigen ideeën, kortom over jezelf leuteren (een beetje zoals hier op de blog, maar dan voor punten).  Dat is zo in een sociale sector-richting vrees ik.  Niet dat ik mezelf een sociaal persoon vind.  Asociaal ben ik ook niet denk ik.  Ik ben meer het type van love me and i’ll love you back.  Enfin, het kriebelde dus om weer eens aan een cursus te beginnen en daarnet had ik het gevonden.  Of ik dacht het toch. “Hoe sta ik in relatie met mezelf en met anderen?”  Hoe sta je in een relatie, wat is je inbreng, hoe reageer je op de ander en hoe kun je op een bewuste manier omgaan met relaties?  We kijken naar aantrekkingspolen en valkuilen binnen een relatie.  Dat lijkt me interessante materie dacht ik kauwend op een stuutje met geleie.  Tot ik verderlas….We staan stil bij hoe we door middel van bewuste aandacht relaties (anders) kunnen beleven.  Verschillende technieken.  En nu komt het….aardingsoefeningen, beweging, meditatie, dans, praatronde….Ik verslikte me bijna.  Holy crap NEEN, echt niet, echt niet!  Mediteren en dan van die vreemde vloeroefeningen gaan doen om te weten wat ik verkeerd zeg tegen mijn partner of vrienden.  Of tegen een hoop vreemden gaan “praten over jezelf”.  Neen, ik dacht het niet.  In de opleiding ortho hadden we ooit twee dagen opleiding “water en vuur” (of was het aarde en vuur? Het is mij gelijk, ze hadden het beter kak en vuur genoemd).  Daar moesten we tijdens sommige van die horroroefeningen onze hand opsteken en roepen: “Stop! Dit wil ik niet!” En ja, je moest het dan nog menen ook, wat resulteerde in de slappe lach, onder u voeten krijgen omdat je niet serieus bent en nog meer de slappe lach krijgen.  Ik was blij dat ik bij de tweede sessie zwanger mocht zijn om van die dwaze heksenoefeningen af te zijn. Oh ja:  Draag losse kledij, breng warme sokken en een flesje water mee.  Fantastisch, zo kan ik mezelf verdrinken in comfy outfit nadat ik mijn chakra’s gekuist heb.

de kinderhand is gauw gevuld

In tijden van apps en fisherprice-speelgoed waar je een iPhone in kunt stoppen “zodat je baby de moderne technologie kan leren kennen” kan ik alleen maar juichen om zoiets als een ballonwedstrijd.  Op de kermis stuur je een ballon met een kaartje de hoogte in en hoopt dat een vinder het kaartje terugstuurt.  Zo simpel, zo cool.  Ballonnen kunnen ver vliegen, apps kunnen ook veel, maar het gevoel van een ballon los laten, niet wetende of iemand hem daadwerkelijk zal vinden of tegenkomen…dat is toch iets speciaal in zijn eenvoud.  En het feit dat iemand de moeite doet om het kaartje op de post te doen, moet toch ergens betekenen dat die vinder even enthousiast is als de loslater van de ballon!  Ja, een ballon, voor mij is dat instant happiness!

Mannen hebben het zo moeilijk…

“Waarom? Is het niet mooi misschien?” Klets!  Rechtdoor!  Een echte vrouwenopmerking zoals je ze uit de boekjes kunt plukken.  Terwijl mijn lief lief gewoon informeert of mijn haar nog steeds blinkt van gisteren.  Ik vermoed/hoop dat hij het zal bevestigen dat ik niet echt zo’n vrouw ben waarbij je moet wikken en wegen wat je zegt tenzij je schrik hebt om van antwoord gediend te zijn.  Maar soms sluipt er wel eens zo’n “vindegijmijngatniettedikindezerok”-opmerking in onze gesprekken.  Dat moet een immens dilemma zijn.  Want het moment dat ik zoiets vraag is het omdat ik eigenlijk voor mezelf al heb uitgemaakt dat mijn gat te dik is in die rok.  Ik wil dat gewoon nog eens bevestigd hebben van een ander.  Wat is dan eigenlijk het juiste antwoord?  Een “ja” is zo precies not done, een “neen” geloof ik gewoon niet.  Door de jaren is de vocabulaire dan ook afgestemd op elkaar in die trend van “het flatteert je niet” of “je ziet er beter uit met dat andere kleedje”.  Maar toen hij gisteren “jij bent altijd mooi” antwoordde op mijn bitchy-opmerking kreeg ik gewoon een koekje van eigen deeg.  Jij wijvenpraat?  Ik mannenantwoorden.  Nèh!

…als de regen eens prachtig doorklettert…

“Ik ken u precies” Hmmm ik u niet, this is awkward. “Ah nu weet ik het, het is van facebook” hahaha en hihihi, grappig en zo’n dingen, godver zeg, toch ook eigenaardig.  Twee keer kreeg ik zo’n situatie gisterenavond.  “En wat is het adres van uw blog, ik ga daar wel eens gaan loeren” en “Schrijf jij ook?”  Neen neen, helemaal niet, ik schrijf niet.  Ik leuter alleen maar een beetje op internet.  Niet eens op een betalende site.  Met een betalende site bedoel ik ook niet wat je denkt, niet alle blogs zijn gratis….voor de mooiste designs moet je uiteraard betalen.  De mooiste zijn natuurlijk ook de kostelijkste.  Het is met alles zo bij mij.  Ik grijp altijd naar het duurste om het dan vliegensvlug terug te hangen nadat ik het prijskaartje zag.  Ooit zag ik in Londen een prachtig kleed, nooit gezien dat we in de vitrine van Vivienne Westwood stonden te kwijlen.  “Ow, 8600 euro, jammer dat ik krap zit deze maand”.  Ik was wel de grootste streber gisteren met vijf boeken om te signeren.  De persoon die voor me stond dacht waarschijnlijk “territorium bewaken zodat ze niet voorkruipt”, die achter me voelde ik “damn” denken.  Kon mij niet zoveel schelen, het was mijn broer die zat te signeren.  Zoiets maak je niet elke dag mee.  En nu is de vraag…wanneer begin ik aan “het” boek.  Het ligt hier achter me, die aanwezigheid prikt me in de rug….