Broers in virustijden.

Hurkend voor de wasmachine graai ik tussen de vuile sokken in de wasmand. Vier mensen maken dagelijks acht sokken vuil maar toch vraag ik me telkens af hoe het zover is kunnen komen dat ik een leger kan voorzien met mijn voorraad vuile was. Halfweg een gevulde wasmachine komt Linus me vragen om twee legostukjes van elkaar te prutsen. Ik breek er net geen nagel op en geef hem de twee minuscule deeltjes terug. “Danku!” zegt hij terwijl hij met zijn hand over mijn rug wrijft. Het is zo’n klein gebaar maar het doet me ineens zoveel. Deze charmante vijfjarige wervelwind steelt in één seconde weer mijn hart. Net zoals Ilja die me vorige week in de wagen vroeg of ik nog naar “de overmiddelbaren” ga. Ik stopte in februari al met mijn bacheloropleiding maar toch had hij de naam onthouden van iemand waarmee ik indertijd contact hield. (Tot mijn eigen schaamte moest ik toegeven dat ik die persoon vergeten was….).

De kinderen zijn al bijna een jaar op elkaar aangewezen. Hobby’s werden afgelast, weer opgestart, weer afgelast. Vriendjes mochten eerst niet op bezoek, dan weer wel en nu weer niet. En die twee, zij leven daarin verder. Zij doen altijd door met elkaar.

Het heeft lang geduurd eer we de beslissing genomen hebben om twee kinderen te krijgen. Toen ik zes jaar geleden mijn tweede zwangerschap aankondigde waren de reacties dan ook heel uiteenlopend. Van “ah toch?” naar “blij dat het toch nog gelukt is!” tot “eindelijk zeg!”. We wilden vooral een doordachte keuze maken en gingen er niet vanuit dat twee kinderen krijgen de norm en dus bijgevolg evident is. Ik vind dat namelijk niet evident. Net zoals ik kinderen krijgen tout court niet evident vind. De beslissing om toch een tweede kindje proberen te krijgen is dan ook niet over één nacht ijs gegaan. Het leeftijdsverschil van vier jaar is lang een issue geweest in de band tussen de jongens. Nu ze 5 en 9 zijn is dat verschil nog steeds groot maar toch klikt het momenteel heel goed tussen mijn zoons en daar heeft de coronacrisis wel degelijk een aandeel in gehad. Hun verschillende karakters botsen wel eens maar mijn hart smelt als ze elkaar knuffelen zonder meer. Als ik hen -net zoals nu- aan het afmuizen ben terwijl ze tegen elkaar bezig zijn in hun spel.

Ik vind het dan ook geweldig amusant om hun gesprekken te volgen. Om te zien hoe hard ze op elkaar gelijken. Om te zien hoe verschillend ze van elkaar zijn. En vooral: om uit te zoeken wat ze van ons mee hebben.

…en om ze stiekem op de foto te zwieren uiteraard!

Bolognaise en strijkkwartetten

Ik hou van luisteren. Tijdens wandelgesprekken hoor ik soms wel eens “Sorry, ik ben aan het zagen hé?” of “Oei, ik ben al de hele tijd over mezelf bezig”. Dat vind ik eigenlijk nooit erg. Ik vind ook niet dat iemand zaagt maar dat heeft ook te maken met het feit dat ik mijn gesprekspartners goed weet uit te kiezen. Van een walk & talk krijg ik net energie, ook al babbel ik zelf soms heel weinig. Ik luister, probeer samen te vatten wat de verteller me zegt en stel vragen tijdens een gesprek. Ergens vind ik het fijn om uit te rafelen hoe het eraan toe gaat in iemands’ hoofd. Dat klinkt misschien een beetje….eigenaardig? Maar ik vind het interessant om te horen welke gedachten mensen ondergaan en hoe ze daarop anticiperen. Net zoals ik graag in mijn planten wroet doe ik dat ook wel eens graag in iemands’ hersenspinsels. En net zoals er wel eens een plant het loodje legt door teveel water of te weinig zonlicht heb ik het ook heel vaak niet bij het juiste eind (als dat ook maar mogelijk zou zijn). Een resumé maken van iemands gedachtenkronkels is bijlange niet evident.

Luisteren is iets wat ik heb moeten leren. Het was -en is nog altijd- een lang proces waarbij ik mezelf al heel regelmatig heb moeten terugfluiten als ik weer eens in de oplossingsmodus schiet met: “Heb je dit of dat al eens geprobeerd?” of “Misschien moet je maar eens daarmee beginnen of stoppen?”. Ook al maak ik regelmatig reflecties naar mijn eigen leven en mijn eigen gedachtenpatronen, toch hou ik deze veelal voor mezelf. Iemand kan er deugd van hebben om te horen dat ze met bepaalde gevoelens niet alleen staan maar het is balanceren tussen “Je bent niet alleen” en “Ik heb, ik ben, ik ken iemand die…!”

Erkennen vertrekt volgens mij vanuit de ander zijn of haar gevoelens. Het is de moeilijkste oefening die ik ooit probeerde te maken. Met vallen en opstaan.

Het heeft ook heel lang geduurd eer ik mijn eigen gevoelens kon benoemen voor mezelf. Ik ben daar nog altijd geen krak in, het blijft een werkpunt. Ergernis die opspeelt, boosheid over een situatie. Vanwaar komen die gevoelens en hoe ga ik daarmee om? Ben ik boos omwille van de situatie of speelt er iets anders? Wat is de achterliggende reden van mijn ergernis? Leg ik de oorzaak bij de andere of draai ik die spiegel eens naar mezelf? Een leerproces dat de laatste tien jaar de kans kreeg om -zoals een verse bolognaise- rustig te pruttelen en waar ik nu toch al wat (roer)werk heb verricht. Tegelijk sta ik nog nergens en besef ik dat het een levenslang leren is. De kruiding kan ook telkens anders. Soms kan ik enorm boos worden, dan schiet er vuur door mijn borstkas, dan weet ik dat iets me echt raakt. Dan worden er geen gevoelige snaren maar complete strijkkwartetten geraakt. Een teken dat iets me nauw aan het hart ligt want soms is dat een beetje flou vind ik. Wat is ècht belangrijk voor mij en wat kan best wat minder? Saus tot nadenken!

De 7 Ge’s

De voorbije week was voor mij de eerste week waarin ik het echt voelde doorwegen. Een kort lontje in combinatie met twee overactieve kinderen in lockdown. Neen, het was geen topweek. Zoekend naar antwoorden tussen de ruis die in mijn voorhoofd wareert kwam ik enkel tot het besef dat er ook gewoon kakweken kunnen zijn. Er gebeurt ook weinig noemenswaardig maar net voldoende om er een kort postje over te schrijven.

Gelezen:

Ik ben er nog in bezig: “Georges en Rita” van Leen Dendievel. Een rauw boek over euthanasie, het komt bij momenten hard binnen maar het is een aanrader. Ik ken Leen Dendievel vooral van haar rol als Frankie in Thuis. Ik heb haar altijd een speciale vrouw gevonden. Ze heeft een heel specifiek uiterlijk en ze komt altijd sereen over. Alsof ze heel wat wijsheid in zich draagt.

Gesjeesd:

Met de scooter kon ik wel eens een uurtje “ontsnappen” aan het vele lawaai in huis. Ik trof het met een geweldige zonsondergang onderweg. Wolken en alleen-tijd laden mij altijd op.

Gekregen:

Na de laatste werkdag van de week vond ik een lief kaartje in de brievenbus. Mijn gemoed zat wat in mijn keelgat en ik moet zeggen dat dit mooie gebaar veel heeft goedgemaakt.

Gespot:

Paddenstoelen. Zijn er altijd zoveel paddenstoelen in de herfst of valt het gewoon extra op nu we veel meer over bospaden crossen?

Gevierd:

Sint-Maarten was in het land. De kinderen kregen hem voor het eerst niet te zien. Toch opvallend hoe zij opgroeien met dit virus. Linus wist droog te zeggen “dat de piet in quarantaine zat” en daarmee was de kous af. We gingen voor minimalistische cadeau’s dit jaar. Ik bakte nog maar eens man-te-paarden en uiteraard werd er veel te veel chocolade geboeft.

Gekocht:

Een fluffy kamerjas. Als we dan toch in ons kot moeten blijven beter in een comfy outfit dan maar? Ik bingede er Emily in Paris in, dus qua girlystuff kan dat wel tellen denk ik. Emily in Paris is van dezelfde makers als Sex And The City (eerste seizoen uit 1998) al is het heel braafjes. Van die tweede ken ik alle afleveringen uit mijn hoofd en ik rol soms nog altijd uit de zetel van het lachen met de uitspraken van de vier dames. Tegelijk denk ik niet dat zoiets controversieels nu nog zou gemaakt worden.

Geschreven:

Te weinig. Een eerste versie van het gedicht is nog niet bijgewerkt en de tijd tikt hiervoor aangezien de wedstrijd tot eind november loopt. Ook voor mezelf heb ik te weinig geschreven, vandaar ook mijn wattenkop deze week. Ik geef het iedereen mee als tip: schrijf neer wat er in je hoofd omgaat! (Daarna negeer ik netjes mijn eigen raad! Tjah!)

Jullie iets interessants uitgestoken? Saaier dan bij mij kan het echt niet!

Days of our lockdownlife #2

Oe ist in jullie kot? We moeten dat een beetje meer vragen aan elkaar hé nu, hoe het echt gaat? Hier is het…cava. Het loopt niet over, maar het is ook niet slecht. De stress zit iets minder hoog dan enkele weken geleden en dat voel ik wel fysiek. Toch kies ik er nog altijd voor om vroeg in bed te kruipen (soms knip ik om 21u30 al het lichtje uit). Het is blijkbaar nodig aangezien ik niet midden in de nacht wakker word en nog vier uur naar het plafond lig te turen.

De voorbije week was er één met variatie in werken en verlof opnemen. In oktober en nu ook in november werk(te) ik samen met mijn collega’s veel meer uren dan normaal. Een verlenging van het herfstverlof met 4 dagen is sowieso voor ons al een aanpassing van de uurroosters en zorgt er ook wel voor dat ons overuren-aantal nog meer de hoogte in schiet. Ik heb enorm veel geluk met de mogelijkheden die de gemeente hier aanbiedt qua kinderopvang, ik besef maar al te goed dat het geen evidentie is dat er extra noodopvang wordt ingeschakeld voor de werkende mensen maar ik maak er graag gebruik van.

Met Tiny en de kinderen (de mijne, niet de hare) trok ik naar het Multimovepad in Vleteren. In de Sint-Sixtusbossen werd een hindernissenparcours opgezet in twee lussen. De ene lus loopt door het kasteeldomein van De Lovie en de andere lus door een ander deel van het Sint-Sixtusbos.

Het pad is een echte aanrader maar…enkele zaken wil ik toch zeker meegeven: het is enorm modderig. Breng je laarzen of wandelschoenen zeker mee, ik moest zelfs achteraf jassen wassen. Op een gegeven moment kom je ook binnen in het domein van De Lovie. Dat is mijn werkgever dus het is een voorziening voor personen met een verstandelijke beperking. Momenteel zijn er strenge richtlijnen omwille van Corona-uitbraken. Het is over het volledige domein verplicht om een mondmasker te dragen (ja, ook in open lucht). Als derde puntje: het pad is enorm druk momenteel. Ik zou nu niet meer gaan in de vakantie. Dit ter zijde. Hou hem zeker in bewaring als je met kleine kinderen binnenkort eens de fantastische Westhoek wil bezoeken.

update: het postje stond nog maar online en ik zag passeren dat het pad afgesloten wordt (kant van het kasteeldomein) tot en met 15 november omdat de corona-maatregelen onvoldoende worden nageleefd….

Als je dan toch in De Lovie komt, bezoek dan ook eens de Mariagrot. Katholiek ben ik niet maar dit blijft wel indrukwekkend.

Voor de rest wentelden we vooral in ons kot waar ik erin slaagde om falafel te laten aanbraden in een pan met anti-aanbaklaag. Doe mij maar eens na!

Thuis zijn met de kinderen is ook heel regelmatig iets openschroeven om batterijen te vervangen. Ik beschik ondertussen over een heel arsenaal aan toernevieskes die ik tussen de messen en vorken bewaar. Zo moet ik niet telkens een hele alaambak gaan omkeren in de garage.

Ik liet ook de was volledig ontsporen waardoor ik vandaag een inhaalmanoeuvre mocht inzetten.

De kinderen kregen een pretpakket van nonkel Roderik en tante Melissa als compensatie voor het logeerpartijtje dat in het water viel deze vakantie. Er bleek ook een cadeautje voor ons in te zitten, waarvoor dank!

Vanmorgen trok ik er nog eens alleen op uit. Geen kat op baan te vinden, dat is anders dan de andere wandelingen die we de laatste week deden in De Gavers (druk), De Vestingen in Ieper (superdruk), het Sterrebos Rumbeke (redelijk druk). Misschien moet ik mijn terrein gaan verleggen en voor stadswandelingen gaan in plaats van te schuifelen op knuppelpaden?

Mijn bullet journal werd aangevuld met de maand december. Het feit dat ik in de tweede week van november nog de komende maand moet opmaken is typisch voor het jaar dat geweest is. Er valt niet veel vooruit te plannen dus doe ik het ook niet.

Op de planning voor straks: mijn valies maken om twee nachtjes te gaan werken!

Achter de schermen

Volgend jaar ben ik hier al tien jaar bezig. Een blogdino zou je dat kunnen noemen zeker? De eerste jaren was het hier kalm, het is pas toen ik meer begon online te delen via Facebook dat er interacties en nieuwe inspiratie ontstond op deze blog. Ik heb altijd geschreven, ook op talloze andere blogs. Momenteel beheer ik ook twee blogs, maar Shoutyourheartout blijft mijn hoofdblog. Het is ondertussen een soort online dagboek geworden waar ik graag eens in terug snuister. Hoe was het in het jaar 2013? Al die tijd ben ik nooit echt anders gaan schrijven. Misschien iets meer genuanceerd, iets minder expliciet. De komende jaren wordt dit waarschijnlijk ook beperkter door de leeftijd van mijn kinderen. Ik besef maar al te goed dat ik hun privacy beter moet beschermen en daar zal ik de komende maanden geleidelijk aan rekening mee houden. Mijn schrijfsels worden vaak omschreven als “herkenbaar”. Ik denk dat de meeste lezers zich ook in mijn leeftijdscategorie en levensfase bevinden al weet ik dat er ook wel wat mensen meelezen die iets ouder zijn.

Koffie en ochtend. Twee onderdelen van het bloggen.

Bloggen gaat bij mij vanzelf. Ik moet er niets speciaals voor doen, enkel mijn laptop openen en zorgen dat ik wat tijd voor handen heb. Ik heb geen vaste thema’s behalve dan misschien “De 7 Ge’s” waar ik allerlei dingetjes op een hoopje schraap en in een postje giet. Voor de rest gaat het soms alle kanten op. Er is geen vaste structuur, geen doordachte inhoud. Er zijn wel verschillende types postjes maar dat staat niet vast op voorhand. Soms probeer ik een bepaalde sfeer te beschrijven, soms is het gewoon een relaas van de voorbije dagen. Ik waag me wel eens aan een metafoor of soms zijn het gewoon foto’s met wat commentaar. Het feit dat het zo gevarieerd is maakt het voor mij haalbaar om te blijven schrijven. Ik heb niet het gevoel dat ik iets “moet” van mijn blog. Ik moet niet elke week posten, ik moet eigenlijk niets en die vrijheid is voor mij heel belangrijk.

Veelal begin ik te schrijven en komt de inspiratie terwijl ik bezig ben. Soms heb ik al enkele kernwoorden genoteerd terwijl ik met iets anders bezig was. Ik ben sowieso constant foto’s aan het nemen met mijn smartphone. Er gaat geen dag voorbij zonder dat ik een foto heb genomen. Soms doe ik er niets mee maar het kan ook dat ze op de blog vliegen in een tekst die er totaal niet mee te maken heeft. Zoals ik reeds schreef, er is geen structuur in deze blog, geen vast stramien, geen verwachtingen.

Sinds dit jaar heb ik een bureautje om mijn laptop op te zetten. Na 9 jaar heb ik eindelijk een vast plekje om te schrijven en moet ik niet meer als een nomade met mijn laptop door het huis sluipen. Ik kocht ook een noise cancelling headphone omdat ik in het centrum van het huis en de bijhorende actie zit. Maar mijn bureau is van mij. Er mag geen speelgoed op liggen, er mogen geen kleren op mijn stoel liggen, geen papieren slingeren naast mijn laptop. Veelal drink ik koffie terwijl ik schrijf. Dat ziet er op dit eigenste moment blijkbaar zo uit:

Ik snuister wel eens in de statistieken. Soms merk ik dat iemand een leesmarathon heeft ingezet en ja, ergens ben ik dan wel nieuwsgierig wie dat zou kunnen zijn, maar tegelijk is het mysterie ook een fijne gedachte.

Mijn meest gelezen post is “Powermeme” uit 2018. Ik schreef hem de ochtend na het overlijden van mijn grootmoeder, uiteindelijk las ik hem ook voor op de afscheidsviering. Het staat als een paal boven water dat ik al schrijvend zaken verwerk. Ik raad het dan ook iedereen aan om te schrijven wat er in je hoofd opkomt. Je hoeft het niet te delen maar iets wegschrijven is al zo vaak een goeie manier geweest om mijn hersenspinsels te kalmeren. Als het maalt in mijn kop verdwijnt het via mijn vingertoppen.

Deze blogpost ontstond in het kader van de Blogboost najaars challenge. Ik werd ook door hen reeds in het verleden geïnterviewd over bloggen.

Days of our lockdownlife

Ik denk dat ik in de eerste lockdown wel enkele posts heb geschreven met eenzelfde titel, ik ben eerlijk gezegd te lui om het te gaan opzoeken. Het was lichtjes anders toen, de kinderen zaten ook die hele periode thuis, nu kunnen ze na de herfstvakantie gewoon weer naar school, tenzij ook dàt weer verandert. Er werd veel gewandeld, schoolwerk gedaan thuis, educatieve programma’s gekeken. Voor deze periode probeer ik voor mezelf ook wat plannen te maken om mijn thuistijd in te vullen. Op mijn vrije dag kon je mij vroeger wel eens zien windowshoppen in de winkelstraat en snuisteren in prutswinkels. Met de mondmaskers en de vele stinkende alcoholgels aan elke deur was de meeste fun er al vanaf tenzij het om plantjes ging. Mijn urban jungle is momenteel op punt maar er bestaat in mijn wereld niet zoiets als “planten minimaliseren”, dus wie een stekje heeft van een plantje, smijt maar binnen (of zet maar aan de voordeur). Ik geloof er zelfs in dat planten gelukkiger zijn als ze meer aandacht krijgen en nu we collectief binnen blijven durf ik wel eens meer te praten tegen hen. Babypannenkoekplantjes worden aangemoedigd om goed door te zetten, bruine blaadjes worden met veel liefde verwijderd en ik zit regelmatig in de aarde te voelen of ze niet te nat of droog staan. Klink ik nu koekoek? Kan zijn.

Ik ben weer meer beginnen schrijven. Niet rammen op het toetsenbord zoals de vorige periode (in april schreef ik 14 blogposts). Er werd een wedstrijd uitgeschreven in mijn gemeente om een liefdesgedicht te maken voor in het vernieuwde trouwboekje. Ik heb me voorgenomen om elke dag een beetje te werken -al is het maar 5 minuutjes- aan een gedicht. Schrijven gaat normaal gezien naturel bij mij maar dit is toch andere koek. Het voelt soms als ploeteren om de woorden juist te zetten, om er wat cadans in te brengen maar ik heb juist zo’n hersenbreker nodig om mijn gedachten te verzetten.

Zien jullie het zitten in jullie kot?

Veertien quotes waardoor je me iets beter kan leren kennen.

Veel zelfhulpboeken beginnen met een quote of een uitspraak van één of andere bekende filosoof, Lao Tse spant de kroon in de boeken die ik veelal lees. En weet je, Lao, die kerel had eigenlijk meestal wel gelijk hoor. Ik ga de discussie niet aangaan met een ouwe Chinees. Instagram is ook een plek waar veel quotes op wolkenachtergronden te vinden zijn. Sommige quotes helpen wel om mezelf iets beter te typeren.

Zelf vind ik het veel gemakkelijker om iets neer te schrijven dan om het uit te spreken. Ik hou van taal en vooral ook van metaforen, maar ik wil graag eerst eens nadenken voor ik iets zeg en dan blijkt schrijven toch altijd veel vlotter te gaan.

Er gaat niets boven een goeie tas koffie. Een koffietje bij het opstaan, een koffietje voordat we de werkdag aanvatten, een koffietje in de pauze. Koffie is altijd een goed idee. Misschien drink ik er wel wat veel….maja…

Ik vertrouw gemakkelijk mensen maar iemand in mijn hart toelaten dat duurt wel eventjes. Maar eens je onder mijn vel zit is het moeilijk om er weer van onder uit te geraken.

Dat klinkt misschien wat hard maar door de jaren heb ik geleerd om parasieten uit mijn omgeving te weren. Er zijn altijd mensen die het minder goed met je voor hebben en instinctief ga ik die personen weren uit mijn leven.

Bitchy Resting Face, het is een aandoening als een ander. In 2013 schreef ik er al een stukje over.

Ok, misschien moet ik het niet allemaal op Bitchy Resting Face steken. In mijn verdediging: de laatste jaren heb ik veel moeite gedaan om me socialer en meer aanspreekbaar op te stellen. Ik ben zelfs actief onbekenden gaan aanspreken. En weet je, het gaat alsmaar beter en beter. De mooiste gesprekken vloeien soms voort uit conversaties met vreemden.

Van the gravitate-quote ben ik heilig overtuigd. Zeker nu in deze periode waarin contacten beperkt zijn. Gelijk hoe ver we ook zijn van elkaar, we vinden elkaar altijd terug.

Ja, deze klungelachtigheid is typisch iets voor mij. Ik wed dat mijn lief luidop zit te lachen als hij deze ziet verschijnen.

Mijn linkshandigheid zorgt regelmatig voor vlekkerige wenskaartjes. Maar dat heeft zijn charme hé…

In plaats van er krampachtig tegenin te gaan leerde ik mijn introverte kant omarmen. Extraverte mensen negeren mij ook veel minder dan vroeger. Ik vermoed juist omdàt ik mijn introverte kant heb leren appreciëren en altijd vooral mezelf ben in een groep.

Het zit niet in onze aard om op een normale manier een compliment te aanvaarden. Toch doe je de gever er vaak een plezier mee door te zeggen “Dank je, zo fijn dat je dat zegt”. Alsof je een cadeautje krijgt en er meteen ééntje teruggeeft door zorgzaam met het complimentje om te gaan. Maar dat is echt work in progress hier!

En jij? Kun jij vlot een compliment aanvaarden?

Op zijn zaterdags…

7u15 gaan mijn ogen voor de eerste keer open. Voor iemand die normaal tussen 6u en 6u30 al aan de koffie zit is het verdacht om die 7 ineens te zien staan. Tegelijk met mijn verwondering voel ik een barstende koppijn. Vanaf mijn voorhoofd tot op mijn linkerschouder klopt alles op het ritme van mijn hartslag. Mijn maag ligt overhoop en mijn benen voelen wankel als ik de trap afloop. Ik kreeg te weinig zuurstof de voorbije dagen en zet meteen de achterdeur wagenwijd open om frisse lucht binnen te trekken terwijl ik vier glazen koud water drink. Het water klotst even later in mijn maag terwijl een dafalgan oplost in een klein glaasje. Ik probeer de vieze smaak ervan weg te slikken terwijl ik mijn gedachten op iets anders probeer te focussen. Kindervoetjes banen zich een weg over het laminaat boven nadat de eerste kamerdeur zich opent. Ik heb mijn zonen bijna niet gezien de voorbije week en ik baal dat ik me zo rot voel momenteel. Het is meteen duidelijk dat opgekropte stress zijn weg naar buiten zoekt deze ochtend. Als iedereen beneden is ga ik terug naar bed voor een uurtje. Ik probeer wat te rusten terwijl de dafalgan begint te werken. Ondertussen krijg ik goed nieuws vanop het werk omtrent een eventuele coronabesmetting, er vallen al wat kopzorgen weg. Ook hier thuis verblijft de echtgenoot onder quarantaine na een hoogrisico-contact de voorbije week (gelukkig wel een eerste negatieve test) maar veel wordt er niet aan elkaar gedebbeld. Mijn nek en mijn schouders zitten compleet vast, ik maak een afspraak bij mijn osteopaat. Het was veel de voorbije week. Quarantaine op het werk, besmettingen in onze omgeving, strengere maatregelen, heel wat extra geregel en georganiseer en veel uren draaien. Ik heb maar één iets te doen vandaag: zo weinig mogelijk. Als ik Ilja afzet aan de karate spring ik even binnen in de bloemenwinkel. Eén van mijn plantbaby’s gaf de geest deze week en ik had nog een lege bloempot te vullen. Mijn minimalistische mindset werd even compleet overboord gegooid, ik kocht er meteen drie. Stress verlaagt mijn wilskracht, zoveel is zeker.

’s Middags eten we voor het eerst dit jaar man-te-paarden met magere cacaofantasie.

Binnen hier en een maand ben ik die koeken weer beu gegeten maar vandaag smaken ze overheerlijk. Daarna is er maar één plek waar ik wil zijn en dat is in mijn zetel met mijn boek.

Glennon Doyle en ik vallen binnen het kwartier in slaap en ik schiet twee uren later wakker als mijn echtgenoot zich begint klaar te maken voor het werk. (Jawel, werken mag hij wèl nog…). Ik voel me direct stukken beter na de rust. Toch blijf ik nog een uurtje lezen terwijl de jongens genadeloos zijn voor hun duplohelden.

Even genadeloos zijn de hopen was in mijn washok. Ik start een wasmarathon en steek de jongens in het werk om me te helpen.

’s Avonds eten we een weinig instagramwaardige maaltijd die wel tot de laatste korrel wordt opgesmoefeld. Puree van zoete aardappel, verse appelmoes en veggie nuggets met ketchup van den Aldi. Een hipster zal ik nooit worden. Zoveel is zeker. Maar mijn plantjes staan wel schoon hé toch?

Straks eindig ik mijn dag in een dampend bad met The Moth And The Flame op de achtergrond. Misschien kijk ik nog “Jonge Wolven” of “Andermans Zaken” aangezien mijn lief dat niet zo graag ziet. Ideaal voor een zaterdagavond alleen.

Morgen anders? We zien wel…

Welke routine?

Al enkele maanden ben ik me aan het verdiepen in non-fictie (welke boeken kun je hier vinden) over routines, gewoontes en automatismen. Voornamelijk dan over hoe je die kunt verbreken, verbeteren of herkennen. Veel mensen willen af van bepaalde gewoontes die ze als slecht bestempelen. Anderen beseffen niet dat ze bepaalde dingen doen en zichzelf hiermee beschadigen. In de tweede blogboostchallenge gaat het de komende twee weken over rituelen en gewoontes in je eigen leven. Uiteraard heb ik verschillende routines, daar schreef ik vorige maand nog een stukje over. Ik wil het deze keer hebben over het omgekeerde van een routine namelijk: twee flexibele uurroosters combineren. Momenteel werkt mijn echtgenoot als zorgkundige in het ziekenhuis en doet hij stage in de thuiszorg omdat hij verder studeert voor verpleegkundige. Hij verdient ook soms iets bij als barbier. Hij werkt 70% op zijn huidige job en doet daarnaast zijn stage. Ik werk 80% in de zorg als opvoedster bij jongeren met een verstandelijke beperking. Deze periode is hectisch omdat de stage nu volle bak bezig is. Een inkijk in onze week van donderdag tot donderdag:

Donderdag 15 oktober:

Hij: 6u30 tot 11u30: stage in de thuiszorg – Ik: 13u tot 20u werken

Vrijdag 16 oktober:

Hij: 9 tot 16u: werken in het ziekenhuis – Ik: 18u starten met nachtdienst

Zaterdag 17 oktober:

Hij: vrij weekend: 10u tot 13u barbieren – Ik: 9u gedaan met de nacht, 20u opnieuw nachtdienst

Zondag 18 oktober:

Hij: vrij weekend – Ik: 8u gedaan met de nacht, 19u opnieuw nachtdienst

Maandag 19 oktober:

Hij: 6u30 vroegdienst in het ziekenhuis tot 12u30; stage in de thuiszorg van 15u tot 19u – Ik: om 10u30 gedaan met mijn nachtdienst

Dinsdag 20 oktober:

Hij: opleidingsdag op zijn werk die door corona is weggevallen dus allebei vrij want ik heb recup.

Woensdag 21 oktober:

Hij: 6u30 tot 11u30 en 15u tot 19u stage in de thuiszorg – Ik: 11u tot 20u werken

Donderdag 22 oktober:

Hij: 6u30 tot 11u30 en 15u tot 19u stage in de thuiszorg – Ik: 14u tot 20u werken

Al die momenten waarop mijn partner en ik elkaar afwisselen thuis, ik die soms met valiezen sleep als ik inslaapdiensten heb, de overburen denken vast dat wij aan birdnesting doen ofzo

Als je het volhield om die bovenstaande week door te lezen dan ga je merken dat er enkele momenten zijn waarop wij beiden ’s morgens of ’s avonds aan de slag zijn. Dat zouden we niet kunnen zonder dat mijn ouders inspringen voor de kinderen. Op die momenten brengen of halen zij hen van of naar school en blijven bij hen tot iemand van ons thuiskomt. All the love for my mom and dad!!!

Mijn echtgenoot had deze week eerder een kalme week in het ziekenhuis, vandaar de vele stages maar meestal doet hij meerdere vroegdiensten. Dit verhaal vraagt enorm veel planning en organisatie. Elke zondag overloop ik de komende week, maak ik mijn weekmenu, stuur ik bij waar nodig. Ik check of de kinderopvang is aangevraagd op woensdag of op schoolvrije dagen. Ik noteer wie een zwemzak moet meehebben en wanneer ik vers fruit moet voorzien. Een planning is heilig als je met twee zo’n uurroosters zit en die ga ik ook niet zomaar omgooien. Ik ben het afgeleerd om mij in bochten te wringen om een eventuele wijziging te doen werken. De dagen waarop mijn man en ik samen thuis zijn zijn heel schaars en daarom profiteren we er van. Deze week gingen we samen wandelen op De Scherpenberg.

We doen allebei dagelijks elke werkshift met mondmasker (en hij compleet ingepakt om de virussen tegen te houden). Mijn lief* werkt op de Covid-afdeling waardoor elke toevoer aan extra zuurstof mooi meegenomen is.

Je moet een hart voor de zorg hebben om dit te doen maar je moet ook vooral goed kunnen plannen en organiseren om het familiaal rond te krijgen. Routines en gewoontes zijn hier cruciaal maar vooral een goed netwerk is onontbeerlijk! Ohja…en heel veel “neen” zeggen.

*mijn lief – mijn husbando – mijn echtgenoot – mijn partner….dat is allemaal dezelfde persoon hé, voor het geval het ingewikkeld moest worden….

Goud in een potje.

“Er was daar iemand in de buurt, het was al een oude hoor, ik denk rond de 40”. De pubers op mijn werk konden mij best affronteren met deze uitspraak. Ik begon te lachen en riep “Zèg, ik ben bijna 40, ben ik dan ook oud?” “Neenee, jij niet hoor” paaiden ze me nog lachend. Ok, ik ben nog geen 40 maar sinds mijn 38ste verjaardag de voorbije zomer begin ik er toch al naar te lonken. Eerlijkheidshalve moet ik ook toegeven dat ik me de laatste twee jaar echt ouder voel. Niet oud, maar ouder.

Daarjuist probeerde ik mijn haar goed te leggen door de selfiestand van mijn smartphone als spiegel in te schakelen. Mijn oudste zoon hield me in de gaten, ik zag hem de hele tijd loeren met zijn lichtbruine ogen. “Gebruik gewoon een beautyfilter mama” zei hij nonchalant. In Karrewiet hadden ze het vorige week over het afschaffen van de naam “beautyfilter” in Snapchat en Google. Voortaan heet de filter “Retoucheerfilter voor het gezicht”. Ik moet toegeven dat ik heel regelmatig filters gebruik in mijn selfies*. Doen we dat niet allemaal? Ik ben geen fan van de lijntjes in mijn gezicht, de grijze haren die regelmatig de kop terug opsteken als het dringend tijd is voor een nieuwe kappersbeurt. Tegelijk is het de natuur al vind ik die soms gemeen.

Tel daarbij dat ik enorm lui ben en dus doordeweeks geen make-up draag. Ik weet dat ik er met weinig middelen gemakkelijk iets frisser en fruitiger kan uitzien. Sinds enkele weken gebruik ik een dag- en nachtcrème die ik kocht toen ik mijn wenkbrauwen liet epileren. De schoonheidsspecialiste dacht er waarschijnlijk het hare van toen ik zei dat ik zelfs dàt niet eens gebruik. Aangezien de pot evenveel heeft gekost als mijn weekbudget voor voeding verplicht ik mezelf nu om dagelijks mijn huid te reinigen ook al smeer ik er anders nooit iets op. De lijntjes vervagen er wel iets door maar vooral door aanvaarding zal ik er zelf door kunnen kijken.

Terwijl ik door de Men’s Health van mijn echtgenoot bladerde besefte ik dat het niet alleen vrouwen zijn die soms twijfelen aan hun uiterlijk. Als ik de mannen in het magazine van nader bekijk (het was niet lastig) vraag ik me af: je moet toch enorm veel tijd hebben om te sporten om er zo uit te zien? Zijn dat mannen die fulltime werken en een gezin thuis hebben, nieuwe omheiningen plaatsen tijdens het weekend nadat ze soep kookten voor hun kroost? Mijn lief gaat gemiddeld 2 keer in de week fitnessen, dat vraagt al heel wat planning en organisatie. Hij ziet er knap uit en dat zelfvertrouwen straalt hij uit, maar hij ziet er niet zo uit:

Welke man ziet er zo uit?? Maak uzelf kenbaar!

Onzekerheden over mijn uiterlijk, dat komt in vlagen en daar kan ik meestal goed mee overweg. “Tevreden met gewoon” is een mindset die ik me al enkele maanden jaren heb aangemeten. Tegelijk vind ik het belangrijk om te zorgen voor mijn lichaam en vooral mijn geest. Door dagelijks te bewegen en vanaf nu ook een pot goud op mijn voorhoofd te smeren. Want vervaagde lijntjes zijn net iets gemakkelijker om door te kijken 😉

No make-up, only mondmaskerpukkels!

* ter info met “filters” bedoel ik de klassieke IG-filters die je standaard in de app vindt. Niet speciale photoshopdingen waar ik totaal geen verstand van heb. Als ik al geen verstand heb van make-up dan zeker ook niet van zo’n dinges 😉