Page 12 of 12

En nu nog een Volvo op de kop tikken

Binnenkort ben ik dus zo’n vrouw “wiens echtgenoot naar het buitenland moet voor zijn werk”.  Binnen enkele maanden ben ik ook een vrouw die een white picket fence zou kunnen installeren rond haar huis, maar dat is dan ook weer een ander verhaal.  Subiet word ik binnen enkele jaren zo’n vrouw die haar kind naar de voetbal brengt met de auto, zo’n volvodrivingsoccermom. (Al is de rest van de context van het nummer volledig naast mijn kwestie!  For sure!).  En dan kan Dreete zeggen hoe weinig baltechniek Ilja wel heeft.  Voorlopig is enkel de eerste ‘vrouw’ van toepassing (vrouw klinkt goed hé, het is even wennen, maar het begint te komen).  Over de reden van zijn afwezigheid ga ik niet uitweiden, enkel “dat de FBI er ook zal zijn”.  Straks staat hij na 8 dagen terug aan de deur met zijn badge in zijn handen “M’me, you have the right to remain silent…” in zo’n Texaans accent.  Alright!  Het lijkt misschien niet zo verstandig om te gaan verkondigen dat ik hier alleen thuis ga zitten met een dreumes (zo heet een kind tussen 1 en 2 blijkbaar), maar daar zit ik weinig mee, de overbuur houdt vast en zeker mee een oogje in het zeil, nietwaar Wijnand?  En diezelfde overbuur heeft ook een grote hond, dubbelsecurity: check!  Zelf heb ik een kat die bijt als je te dichtbij komt.  Het is van toen ik op mijn eentje woonde dat ik nog eens zo’n lange tijd alleen thuis ben geweest.  Wat deed ik toen de hele tijd, ik had kind noch kraai…voor de tv eten, doe ik zeker weer.  Afspreken met vriendinnen, doe ik ook zeker al zal het hier bij mij thuis moeten zijn, het schema wordt al opgesteld, wie nog wil inpikken, ’t is ’t moment!  Skypen met mijn lief, nog nooit gedaan want ik heb nog nooit met skype gewerkt, een computernitwit zoals ik.  En werken combineren met de zorg voor Ilja en het huishouden.  Zo’n opdracht waar de mamamaffia nogal eens problemen mee ondervindt.  Zelf kan ik er niet van meespreken en daar ben ik enorm blij om.  Maar ik denk dat ik het pas zal gewaar worden als die echtgenoot van me er niet is.  Als ik op dag 4 al een berg rommel moet zien te overwinnen, een tiental wasmachines achtersta en ’s morgens zonder ontbijt moet gaan werken omdat ik geen tijd had om naar de winkel te gaan.  Na dag 6 ga ik al zo’n respect hebben voor alleenstaande moeders dat ik er een benefiet voor zal oprichten.  Op dag 8 komt hij thuis in een nest en draait hij zijn kar, met Texaans accent en al, om terug te keren naar Duitsland terwijl ik me aan zijn onderbeen klamp “Niet weglopen, nooit meer weglopen, nee-heeeen!!!  Ik word de perfecte huisvrouw, de perfecte echtgenote, blijf bij mij!”  Zo gebeurt het zeker.

de kinderhand is gauw gevuld

In tijden van apps en fisherprice-speelgoed waar je een iPhone in kunt stoppen “zodat je baby de moderne technologie kan leren kennen” kan ik alleen maar juichen om zoiets als een ballonwedstrijd.  Op de kermis stuur je een ballon met een kaartje de hoogte in en hoopt dat een vinder het kaartje terugstuurt.  Zo simpel, zo cool.  Ballonnen kunnen ver vliegen, apps kunnen ook veel, maar het gevoel van een ballon los laten, niet wetende of iemand hem daadwerkelijk zal vinden of tegenkomen…dat is toch iets speciaal in zijn eenvoud.  En het feit dat iemand de moeite doet om het kaartje op de post te doen, moet toch ergens betekenen dat die vinder even enthousiast is als de loslater van de ballon!  Ja, een ballon, voor mij is dat instant happiness!

Waar is hij? Achter het behang.

Een kind, dat kan al eens lastig zijn.  Je hoeft geen pedagoog te zijn om dat te weten.  Een kind weent, jengelt, trunt, maakt zich kwaad.  Net zoals wij.  Daar kun je al eens tende van komen, en vooral bij de befaamde groeispurten (waar ik wel degelijk in geloof) kunnen het al eens lange dagen zijn met zo’n bleitzak in huis.  Maar soms heb ik het gevoel dat je zoiets niet mag benoemen.  “Maar dat ventje kan daar niet aan doen, alléé noem dat toch geen bleitzak”.  Hij is al de hele dag aan het bleiten, dus is het vandaag wel een bleitzak, nèh!  Soms ben ik stiekem blij dat hij in zijn bedje ligt na zo’n hangdag.  Meteen na die gedachte voel ik me al schuldig dat ik zoiets denk, hell, ik voel me nu al schuldig dat ik het neertyp.  En pas op, ik klaag onterecht hé, ik weet dat maar al te goed.  Die van ons is dan nog een hele braven, behalve op zo’n jengeldagje bleit hij weinig tot heel weinig.  Als hij ’s nachts wakker wordt van de koorts weent hij niet maar vertelt hij stilletjes verhaaltjes in bed waarna hij na een beetje koortsremmer weer mooi doorslaapt.  Maar die jengeldagjes die kruipen al eens in de kleren.  Al is dat rap vergeten als hij giert van het lachen bij het samen schommelen, als hij uit het niets de slappe lach krijgt aan tafel met zijn mond vol chocostuutje.  Ik kan er weer helemaal tegen als hij zijn speelgoedgsm neemt, hem aan zijn oor houdt en een afspraakje brabbelt met zijn denkbeeldige gesprekspartner.  En al zeker als hij zo übercute eendjes “vist” op de kermis

the new frontdoor

Sinds ik vroeg opsta is het ontbijt echt een maaltijd geworden.  Vroeger was dat koffie en met moeite een boterham, heel vaak niks.  Nu kan ik echt genieten van een rozijnenbolleke, een kop koffie of 7, yoghurtjes, eventueel een krant.  Als ik op hotel ben vind ik een uitgebreid ontbijtbuffet dan ook het toppunt van mijn uitstap.  Alleen jammer dat het precies niet echt gepermitteerd is om daar in uw pyjama toe te komen.  Want in pyjama ontbijten, dat is pas congégevoel.  Soit, ik zou mij alleszins al een deftig model mogen aanschaffen, als er één iets is dat ik zeker niet ga veranderen na mijn 30ste is het wel mijn slaapkledij.  Een veel te grote t-shirt van een groep die ik al dan niet ken volstaat.  En neen, er is niks veranderd deze nacht om OOh, ik werd 30.  Een jaar ouder dan 29.  Toen ik deze morgen in de spiegel keek zag ik er nog steeds hetzelfde uit, met een verschoten slaap-t-shirt en niet meer aan oogreinigingslotion gedacht na een zware avond met heerlijke wellness, lekker eten en een beetje teveel wijn.  Ik werd vroeg wakker, met een knorrende maag en begoest op een hotelontbijt.  Tevreden, verrast en jarig.

Op naar de scary age van 36!

when you’re having fun

Het is een cliché en technisch gezien kan het niet, maar iedereen zegt het toch: verlofdagen gaan rapper dan werkdagen.  Dus het moet wel zo zijn dat de seconden rapper tikken als je:

Op een terrasje zit in je favoriete Belgische stad.  In een Irish Pub voel ik me toch een klein beetje in het buitenland, al is België meer dan goed genoeg hoor als het niet regent.

Je maffe beesten met eigenaardige rechtstaandersmanieren tegenkomt.  Ik vergeet altijd dat flamingo’s bestaan.  En dat ze fantastisch roze van kleur zijn.  Welk ander dier (behalve een biggetje) is er nu roze van kleur?

Je zoon leert parkeren alvorens hij kan stappen.  Achteraf zagen we pas dat de wielen van dat autootje aan het afbrokkelen waren en dat hij afstevende op zijn allereerste autocrash.  Zijn allereerste stapje alleen zette hij gisteren, het tweede stapje viel hij echter als een pudding ineen.  Mijn hart maakte toch een sprongetje.

Je in een appartement van volwassen mensen zonder kinderen logeert.  In zo’n mooi appartement met vers geschilderde witte muren is het een beetje tricky om een 14maander met chocohandjes los te laten, maar het is gelukt.  Mits een beetje inventief zijn.

Ik was in hetzelfde appartement ook onder de indruk van het hoge “deco-boekjes-“gehalte van dit kruidenopbergsysteem.  Naaaaaais!

En er werd door onze schone zuster gekookt voor ons….thaaaaisssss!

Mmmmeer vakantie!

Londen baby!

Het is zo warm dat ik me afvraag of mijn was geen dorst heeft van de hele dag in de zon te wapperen.  Ze is niet droog, ze is KURKdroog.  Zalig zo’n weertje en dat in combinatie met congé uiteraard.  (Toch blij dat ik niet op de weide van pukkelpop lig te bakken.)  We zijn nog niet goed en wel begonnen aan onze huidige congé en we plannen al een weekendje weg in december.  Aangezien mijn babe een mega Green Day-fan is bezoeken we een musical gebaseerd op American Idiot.  En tju ja, ’t is nu toch wel in Londen zeker.  We gaan daar wel moèten twee dagen blijven hé, anders is het de moeite niet van je Eurostar hé.  Ah neen.  Gisteren de Eurostar geboekt en nu nog op zoek naar een leuk hotelletje, liefst met propere lakens en met een treffelijk sanitair.  Ik sta erop dat ik geen restanten van de voorgangers vind in een “geleende” badkamer :-).  Al bij al ben ik steeds in treffelijke hotels beland op alle citytrips die ik ooit deed.  Een vriend ging ooit op hotel en belandde in een badkamer waar bloed op het douchegordijn te vinden was.  ’t Is vriendelijk, maar bedankt.  Ohja, en een bombastisch ontbijt, dat staat ook op het verlanglijstje.  Met allerlei dingen die ik niet ga proeven maar wel ga bewonderen.  En lekkere pistoletjes.

ice ice baby, ironic ice ice baby

In die tweede week van de zomervakantie waarin het eens warm werd…

  • was er tijd voor ijsjes

ijsjes in appeltjespotjes

  • was er nog meer tijd voor nog meer ijsjes

mmm fake magnums van den aldi

  • was er tijd voor knappe mannen die ijsjes eten

must eat icecream

  • er was ook nog een beetje tijd voor ironie

mesje = drie weken oud

  • en tijd om met de voetjes in het zwembadje te plonsen.  Ik mag echter geen foto’s van voeten posten van één van die twee knappe mannen op die foto hier beetje boven.

 

want voeten zijn kizzig volgens hem.

  • en we mogen ook al eens van congé dromen…nog één volle week, en weken gaan rap hé, echt rap.

en dat mijn was naar ‘buiten’ ruikt, zalig toch!

“De kinderhand is gauw gevuld” wordt er wel eens gesmaald als ik weer eens doordraaf over iets dat ik fantastisch leuk geweldig vind.  Aan de grootte van mijn handen te zien zou je het niet zeggen (wie mij kent weet dat mijn handen buiten proportie zijn, giganden zeg maar) maar in het spreekwoordelijk geval beschik ik echt over kinderhanden.  De kleinste dingen zijn capabel om mij gelukkig te maken.  Een opgeruimde tuin resulteert in twee dagen glimlachend naar buiten staren, een fijne barbecuemiddag bij vrienden die babbelend voorbijvliegt geeft me energie.  Ik begin net niet op en neer te springen bij het maken van een ûbergrote zeepbel.  Maar vooral de onverwachte kleine dingetjes doen me intens glimlachen:

anytime gasten!

En in het volgende geval is de kindervoet gauw gevuld:

Zeg nen keer “danku Oma voor de schoentjes”

 “prrrrrrrrrrtt”

 En waar ik helemaal blij om ben: Pieter blijft erin slagen om mijn verjaardagsverrassing ook effectief een verrassing te houden.  Ik doe echter geen efforke om te achterhalen wat het is, ik geniet van de idee dat hij moeite voor me doet en laat het eind de maand allemaal over me komen.  Dat neemt niet weg dat ik zo nieuwsgierig ben dat er waarschijnlijk vraagtekens uit mijn slapen komen als ik even aan het dagdromen ben.

en mijn laptop stond ineens vol door veel te veel fotomateriaal, dat ook

In de warmste week van de zomervakantie:

  • Kreeg ik een voorstel om over te bloggen:

Ik deed er echter niks mee, maar kreeg wel ineens veel goesting om op zoek te gaan naar de vlag en daarbij de generaal keihard af te slachten.

  • Was er tijd voor zeepbellen van den aldi, kippen en tuinkabouters

en de tuinkabouters lijken ontsnapt op de foto, ze zijn er echter wel achter het hoekje

  • Er was ook tijd om in het gras te wentelen

heerlijk met de zon op je smoel

  • Ging Onslow dood 

tju toch Onslow 

  • Wist ik ineens wat ik echt graag wou voor mijn verjaardag

en “via het internet kun je dat gewoon aan je deur laten leveren Ma”

werd beantwoord met “bestel jij het maar, kga ik het dan wel betalen”

  • En Marbel leek het allemaal content te bekijken vanaf haar plekje bij de hortensia

Althans, ze werd even gerust gelaten door Het Mormel die het te druk had met zeepbellen achternarollen in zijn “rolkar” 

  • Oh ja, ik werd ook zo’n vrouw “wiens echtgenoot binnenkort naar het buitenland moet voor zijn werk”.  Maar daarover meer later.  

 

 

 

 

Dating a sailor

Sinds een groot jaar hangt er een aanhangbootje aan ons huwelijksvlot.  Het is zo mooi, je kunt het niet in woorden omschrijven.  Tijdens het varen kijken we telkens achter ons als het er nog wel aanhangt, samen of elk om beurt.  Nu en dan kijken we elk onze eigen kant op, nu en dan kijken we naar elkaar, maar het aanhangbootje is steeds bij ons.  In dat grote jaar leerden we dat ons minibootje constant onderhoud nodig heeft.  Het vraagt veel, maar als je aan het varen bent, en je kijkt achter je, dan zie je dat kleine bootje steeds liever en liever, je kan het niet meer missen en je kijkt altijd maar meer om.  Het is altijd blij, altijd content, en nu en dan vaart het al eens alleen, het durft nog niet goed, maar het probeert.  Hoe graag je het ook ziet, de extra vracht weegt soms wel eens door.  Ons huwelijksvlot is er echter ook nog.  Al twee jaar ondertussen, en ook deze boot heeft onderhoud nodig.  We hebben er nood aan.  Alletwee.  Aan een beetje gesleutel aan ons.  We kijken altijd naar het aanhangbootje, maar er zijn ook nog andere dingen te zien.  Dinsdag meren we aan op kaai Opa en gaan we samen eten.  Het huwelijksbootje heeft nood aan brandstof.  Prettige huwelijksverjaardag liefje, ik kan me geen betere medepiloot voorstellen voor ons schip.