Page 101 of 117

Run to the hell

God***Do**e!  Hier heb ik echt geen goesting in.  Maar een keer echt niet.  Jongens toch jongens toch.  Een uitvlucht, en vlug.  Regent het niet?  Neen, miljaar.  Ben ik niet te moe?  Na een zeteltukje deze middag voelde ik me eigenlijk absoluut niet moe, al gaf ik het niet graag toe.  Aaaah maar ja, ik ben een beetje verkouden!  Ja gow, zo erg is het nu eigenlijk ook niet, gewoon een mini-loopneus.  Maar moest ik niet veel niezen vandaag?  Zo gaat dat in mijn kop op het moment dat ik voor mezelf uitmaak dat ik eigenlijk misschien feitelijk nog wel eens zou kunnen gaan lopen.  Als de omstandigheden goed zijn moet ik ervan profiteren, dat was mijn gedachtegang enkele weken geleden en ik hield mooi vol, ongeveer 3 keer per week ging ik een half uurtje lopen.  De laatste weken was het door omstandigheden (die wel degelijk terecht waren) er niet meer van gekomen en mijn brein had dat lopen precies volledig uit mijn weekschema verbannen.  (I love the brain, it does nice things).  Tot de cijfers op de wegschaal ineens ’s morgens niet meer dat leuke lagere getal aangaven.  Tot ik weer een gaatje overkwam op mijn riem en niet meer op het versgeprikte laatste gaatje kon vertrouwen.  Of het moest zijn dat ik de hele dag het geduw tegen het speklaagje onder mijn navel bleef negeren.  Ik dacht dat ik de weg naar de hel zou afleggen.  Brandend maagzuur, verzuurde spieren, pijnlijke voeten en na twee minuten al volledig buiten adem.  Terwijl ik mezelf verwenste omdat ik in mijn kopdiscussie toch weer de moeilijkste weg had gekozen ging ik met een verwijtende vinger denken “damn you brain, zie je wel,  je moet meer naar de verleiding van het luieren luisteren!”.  Maar neen.  Vreemd genoeg ging het heel vlot.  Ik legde het parcours van 6 weken geleden af zonder moeite.  Mijn tong zat nog in mijn mond en was niet halfweg mijn kin aan het slingeren.  Het was ook niet zo dat ik badend in het zweet de laatste stukjes op de trottoir naar huis strompelde in de hoop dat er niemand bekend aan de verkeerslichten zou staan.  Dat lopen….dat deed precies deugd.  (Djeezes I said it!  Nu is de volgende kopdiscussie weer in het voordeel van wel gaan lopen, ik moet stoppen met bloggen).

Count Your Blessings

Even over CYB: Count Your Blessings.  Ik steel het schaamteloos van LJ die het wekelijks doet denk ik.  Ik vind het een leuk idee en het houdt mijn gedachtengang van “content zijn met wat je hebt” in stand.

CYB week 41 (– 42) hier gaan we:

Koffie in mijn favoriete tas (ooit eens gekregen bij een pakje Douwe Egberts) samen met de beste sinaasappelen van de winkel.  Wat de tas zo geweldig maakt is de dikke boord en het gemakkelijke “handvat” of noem ik dat beter de oor van de tas?  En misschien het feit dat ik maar één zo’n Douwe Egberts-tas heb maakt ze zo begeerd.  En Papillonsinaasappels.  Van die papiertjes die rond sinaasappels zitten maakten we vroeger parachutes voor de GI Joe’s.

De TE LAAT-sticker aan onze gevel.  Hoewel ik zo’n stickers regelmatig vervloekt heb tijdens onze huizenjacht ben ik er nu uiterst tevreden mee.  Sorry!  TE LAAT!!  Zo’n sticker mist nog een vingertje dat je uitlachend aanwijst zo.

Speelgoed dat zichzelf maakt.  Een lege doos tissues (laat het ons misschien gewoon papieren zakdoekjes noemen) en een beetje duploblokken.  Mini-me is al zo rap content als mezelven!

Pagina 707 van “De Opwindvogelkronieken”, het begint eindelijk in te korten maar ik lees er zo graag in dat het me nog geen seconde heeft tegengestoken.  Dat ik mezelf soms letterlijk een verrekking lees aan het zware boek dat neem ik er door de recente Murakamiliefde heel graag bij.

Sam en Ivan.  De hele dag Ivan De Vadder op zondag.  Zo zijn verkiezingen toch nog voor iets goed.  Ik ben fan, van De Vadder Ivan.

Het einde is in zicht.  Het ging vlug, maar het mag gauw morgen zijn…

Morgen heb ik ook een eerste kennismaking met de nieuwe werkplek!  Blij dat ik terug aan het werk kan.  Zeker van.

een duits boeketje bloemen zou precies niet miskomen…gow

“Het is wel heel gezellig hé” zei de meneer bij zijn eerste stappen die hij binnenzette.  Ik was gecomplimenteerd.  Gezellig is mijn ding.  Alles moet gezellig zijn.  Ga ik op café, liefst een gezellig café, met kleine hoekjes en speciale kantjes.  Mijn huis moet ook gezellig zijn.  Het mag rommelig zijn, als het maar gezellig rommelig blijft.  De meneer bleef precies tevreden met alles wat hij zag.  Hij bleef vragen stellen.  Toch had ik niet gedacht dat hij al over de vraagprijs ging spreken.  Er moest onderhandeld worden.  Hij sprak een te laag bod uit, ik trok een scheve lip, we zochten een gulden middenweg.  Ik moest zelfs mijn playing-hardball-gezicht niet opzetten.  ’s Avonds zetten we beiden een handtekening onder een compromis.  Ik verkocht het huis.  Op mijn ééntje.  Dat doen vrouwen waarvan hun echtgenoot naar het buitenland moet voor hun werk.   Ik zweer het, hij komt niet meer terug die man van me.  Ik moet minder spectaculair doen als hij weg is.  Oh ja, had ik al vermeld dat Ilja deze week is beginnen lopen?  Powermommy!

“You’re like the worst dogpoopcatcher ever!”

Sommigen zullen het pulp vinden, een decadente show doorspekt met stoeferij.  Noem het gerust belachelijke realityTV, I couldn’t care less: I luuuuv it!!!  Astrid In Wonderland.  Ik vermoed dat het volledig fout is om te verkondigen dat ik zoiets opneem maar ik lach me elke week een accident met haar praatjes en vooral haar accent.  En die grimassen die ze maakt, vooral bij het stoefen over haar rijke vriendjes.  Amazing zoals ze het zelf zou zeggen.  Ze ziet er geweldig goed uit maar kleedt zich de helft van de tijd gewoon in een chillersbroek en een simpel topje, en dat terwijl haar kleerkast zowat designers paradise is.  Den John vindt Astrid ook de max.  Hij adoreert alles wat ze doet, het is vreemd dat hij nog nooit een t-shirt met haar kop erop heeft gedragen “I’m Astrid’s homeboy”.  En praten dat die mannen doen, praten praten praten over alles wat ze rond zich zien, alsof ze voor de eerste keer in de wereld komen.   In de aflevering die ik vandaag bekeek vond ze het een hele experience om dogpoop in een zakje te doen.  “My first dogpoop, in our  own house dan nog hé”.  Als ze dan samenkomt met “De Lau” is het hek helemaal van de dam.  Elkaar afkatten en uitlachen, de max!  De luxe en de decadentie druipen van het drie-tal af en toch blijven ze allemaal zo naturel, en zoooo naïef.  De perfecte ontspanning voor als je hoofd vol zit met allerhande toestanden.  Verstand op nul en lachen maar!

Helpt het als ik hieronder nog vlug vermeld dat ik daarna naar Louis Theroux op Nederland 3 gekeken heb?  Kwestie van het niveau weer een beetje op te krikken…

maar een ontwapenende glimlach doet alle plekken vervagen hé

Ze zeggen dat onze zoon op Pieter gelijkt.  “Oh amaai zeg, hij heeft heel den kijk van zijn papa hé?”  Ze hebben gelijk.  Ik doe daar niet moeilijk over, hij gelijkt op Pieter.  Pieter is dan ook zijn vader, zo vader zo zoon?  Maar als je dichterbij kijkt kun je toch een uiterlijk kenmerk van mij in hem terugvinden: er is altijd wel ergens een blauwe plek op hem te bespeuren.  Ik steek het op genetisch bepaalde lompheid.  Wie reeds een glas rode wijn van mij op zijn schoot kreeg of me bezig zag restjes dame blanche uit mijn haar spoelen zal me zeker niet tegenspreken.  Nu hij zich onder de wandelaars tracht te begeven wordt de aangeboren lompheid meer en meer duidelijk.  Hij blijft zijn hoofd stoten tegen elke mogelijke stootbare plek, hij slaagt er ook altijd in om blauwe plekken op de meest onmogelijke plaatsen te krijgen.  Zoals op de onderkant van zijn kaak of te kluffe op zijn voorhoofd.  Zelf ben ik nu ook niet bepaald kandidaat om punten te scoren in de Miss Elegantie-verkiezing.  Witte kleren, te hoge hakken of delicate stofkes laat ik preventief links hangen.  Ik merk, laten we die hakken even buiten beschouwing laten, dat ik die lijn ook best doortrek naar mijn zoon.  Als je die van mij ergens tussen zoekt, het is dendien met chocoplekken op zijn mouwen of koekemul aan zijn mondje.  Deze middag mocht ik nog een stukje sinaasappel van zijn voorhoofd prutsen…  Sommige kinderen zien er steeds uit alsof ze vers uit de wasmand komen, die van mij ziet er na een half uur verse kleertjes al uit alsof hij al 4 dagen hetzelfde draagt.  (en neen, het is niet zo, bad housewife of niet, kleren wassen doe ik wel degelijk!).

beetje bitsig bezig (al zeg ik het zelf)

Brieven, in een handgeschreven enveloppe, volledige boekjes, blinkend en in kleurendruk.  Een mens zou bijna verongelukken als hij zijn brievenbus opentrekt heden ten dage.  De mannen van het papier deze morgen zullen het geweten hebben, het verkiezingsdrukwerk vliegt rechtstreeks van de brievenbus in de papierbak.  Welke politieker kan er daar iets aan doen?  Oeps, ik moet opletten wat ik zeg, mijn schoonbroer komt ook op voor de verkiezingen.  You’ve got my vote Fred’n!  Ook al kan dat technisch gezien niet, in mijn gedachten heb je mijn stem…Yes you can!  Onderweg van de brievenbus naar de papierbak blader ik toch vluchtig eens door de blaadjes om hier en daar toch eens te verzuchten.  Iemand die zichzelf voorstelt en bij haar gegevens ukkepuk@hotmail.com ofzoiets zet…is dat eigenlijk serieus te nemen?  Of iemand die bij haar interesses vermeldt dat ze graag de Twilightfilms bekijkt omdat Robert Pattinson toch zo’n knappe vent is.  U-huh, interessant.  Het is tijd dat het voorbij is, ook al om de klagende bijzitters en tellers op facebook stil te krijgen. “Dat ze de doppers een keer oproepen, die leegaards doen nooit iets!” “En al die oude, die gaan weer kunnen uitslapen hé, en kaffie gaan pullen bij elkaar de zondagmiddag!”.  Toegegeven ik begrijp de frustraties heel goed, ik zou er ook niet voor staan springen, zeker niet als je al één op de twee zondagen moet werken en in de tussenzondag nog eens moet gaan helpen met de stemming.  Dit jaar hebben ze me niet meer opgeroepen nadat ik twee jaar geleden moest afmelden wegens het werkweekend.  Om dan voor mijn vertrek naar het werk in het stembureau van een kwade stem te horen “Ewel, ben jij niet diegene die heeft afgemeld omdat ze moest werken?”  Die moest dringend naar de opticien om zijn paardenbril te laten bijstellen, het attest van mijn werk kon hij duidelijk niet meer lezen.

An end has a start

Er wordt weinig tot nooit over mijn werk geblogd. (zijn de oogjes van de meelezende collega’s al aangetrokken nu? 🙂 )  Nochtans kan ik na 10 jaar sociale sector al een aantal verhaaltjes kwijt maar het recht op de privacy van de bewoner en de collega vind ik belangrijk.  Niet gezeverd waar.  Daardoor blijft het bij vage vertelsels die meestal gewoon een tekst op gang trekken.  Deze week was er echter een raar moment.  Ik werd bij de directie verwacht.  In eerste instantie riep ik “Ik ga toch mijn bon niet krijgen hé!?”  “Maar neen!!” riep mijn afdelingshoofd “Vereuveringe hé” antwoordde ze grijnzend.  Ik wist niet wat ze daarmee bedoelde maar het feit dat er geen bonnen gingen uitgeschreven worden kon alleen maar het omgekeerde betekenen.  Deze week werd ik dus door de directeur vereuverd tot leefgroepverantwoordelijke.  Het moet gezegd zijn dat ik ferm twijfelde of ik dat wel zou doen.  Kan ik dat wel, verantwoordelijk zijn voor een leefgroep, een team, een groep bewoners en alles daar rond?  Er is ook een leefgroepswitch mee verbonden.  Een nieuwe groep en een nieuw team dus.  Moet ik dan zoals in Het Eiland mijn collega’s gaan motiveren?  “Ik ben blij dat jij in mijn team zit!”  Ga ik dan zo’n kreet en een bijhorend gebaar moeten ontwikkelen?  Tjakka!! *vuist in de lucht*  Het is ook eigenaardig dat iedereen die dit te weten komt mij “proficiat” wenst, en dat terwijl ik nog niets gepresteerd heb.  Pas op, ik apprecieer die wensen enorm, maar hoe daarmee omgaan is mij een beetje een raadsel.  Ik heb dus ‘ja’ gezegd op dit aanbod en neem zo een sprong in het diepe.  Iets nieuw, iets uitdagend….klinkt spannend eigenlijk.  Nu nog waarmaken!  Tjakka!!

over blonde suiker en bronzen uilen

We smulden overheerlijke ovenkoeken op het werk deze week.  Ovenkoeken worden precies steeds vergeten hier thuis.  Ze worden jammergenoeg genegeerd in onze menukeuze.  Nochtans zijn die bebloemde schijven echt berelekker, we moeten ons echt meer op ovenkoeken gaan concentreren.  Met potsuiker uiteraard.  Al weet mijn echtgenoot niet wat ik met potsuiker bedoel.  Als westhoekse zeg ik potsuiker tegen wat in zijn ogen bruine suiker heet.  Ik zeg bruine suiker tegen wat hij kandijsuiker noemt.  In feite is potsuiker blonde suiker.  En zo gaat het taalspelletje door bij ons.  Maar één ding blijft voor elke Belg gelijk: op de verpakking van de potsuiker staat al jaren hetzelfde jongetje met het eigenaardige ding in zijn handen.  Is het een pannenkoek?  Is het een boterham?  Wat eet hij eigenlijk?  Dat er een aardige berg potsuiker op te vinden is, dat is zeker!

Naast de pietluttige potsuiker/ovenkoekenkwestie is er eigenlijk ander belangrijk nieuws te melden:

Het boek won zonet eventjes de Bronzen Uil.  Ik kan alleen maar zeggen dat

APETROTS 

een understatement is voor hoe ik me hierbij voel!

Het is zeker verdiend, want het boek is geweldig!  De schrijver ook trouwens!

Het verTand komt met de jaren

Toch een vreemde gewaarwording, zo’n tand die afbreekt in je mond.  Ineens voelde ik, na een verkeerde beet, een hard gekraak en meteen daarna korrelden er stukjes tand tussen mijn lippen.  Creepy, gelukkig gaat het over een terugkerende droom die zo danig levensecht is, ik zou het nooit willen meemaken,  zo’n vies gevoel!  Het gebeurt ook nooit dat ik in de spiegel kijk in mijn droom dus ik zag nog nooit een half-afgebrokkelde tandenmond.  Volgens de droomexperts op google.be kunnen kapotte droomtanden wijzen op allerhande zaken die onderhuids spelen.  In feite zou zo’n droom te wijten zijn aan elke situatie die zich in je leven voordoet.  Dromen over tanden?  Je bent onzeker.  Dromen over tanden uitspuwen?  Je maakt je zorgen over geld.  Dromen over gebroken tanden?  Een stukgelopen relatie.  Ja zo kan ik ook droomexpert worden.  Zou dat goed betalen?  En ik heb deze week ook over mijn schoonvader gedroomd, die was DJ op een feestje waar we aanwezig waren en ineens moest hij zijn DJ-set onderbreken om zijn telefoon op te nemen.  En dat tijdens Insomnia van Faithless!  Schande Roger!  Schande!  (de droomexperts konden geen trefwoorden vinden onder “schoonvader” dus de uitleg moet ik schuldig blijven….)

 

 

Vuile Zever

Eerst dacht ik dat het aan de handhaving van Pieter lag.  Er werd al eens een “aan de kant, je kunt er niets van” gescandeerd en triomfantelijk alles uit de handen genomen.  Maar iedere keer weer opnieuw is het hetzelfde gevloek op dinsdag.  De vloek van de vuilniszak uit de vuilbak halen.  Het onding is nog maar halfweg de ton getild, of de bovenkant van de zak scheurt al open.  Alsof ik mijn vuilniszak volprop met allerhande dingen die er niet in horen, verre van.  Ik denk dat ik een gemiddelde vuilzakvuller ben, tenzij de anderen hier thuis er stoute dingen in deponeren zonder dat ik ervan weet, maar dan nog is dat scheuren echt overdreven onnodig.  De rol plakband ligt gewoonweg al standaard klaar bij de vuilnisbak want elke week is het hetzelfde gedoe hier.  We zijn zelfs al bedreven geworden in het zo goed mogelijk toeplakken van die hele zeverboel zodat die niet nog eens openvliegt.  Ik hoop voor de vuilnismannen dat ze zo’n toestanden niet tegenkomen als ze het geval op de camion kieperen.  Maar dat kan toch niet anders?  Dat wordt hier geweldig amusant als den onzen eens gaat openscheuren en Ilja’s pampers van een week ver op straat vliegen…