Page 105 of 117

en mijn laptop stond ineens vol door veel te veel fotomateriaal, dat ook

In de warmste week van de zomervakantie:

  • Kreeg ik een voorstel om over te bloggen:

Ik deed er echter niks mee, maar kreeg wel ineens veel goesting om op zoek te gaan naar de vlag en daarbij de generaal keihard af te slachten.

  • Was er tijd voor zeepbellen van den aldi, kippen en tuinkabouters

en de tuinkabouters lijken ontsnapt op de foto, ze zijn er echter wel achter het hoekje

  • Er was ook tijd om in het gras te wentelen

heerlijk met de zon op je smoel

  • Ging Onslow dood 

tju toch Onslow 

  • Wist ik ineens wat ik echt graag wou voor mijn verjaardag

en “via het internet kun je dat gewoon aan je deur laten leveren Ma”

werd beantwoord met “bestel jij het maar, kga ik het dan wel betalen”

  • En Marbel leek het allemaal content te bekijken vanaf haar plekje bij de hortensia

Althans, ze werd even gerust gelaten door Het Mormel die het te druk had met zeepbellen achternarollen in zijn “rolkar” 

  • Oh ja, ik werd ook zo’n vrouw “wiens echtgenoot binnenkort naar het buitenland moet voor zijn werk”.  Maar daarover meer later.  

 

 

 

 

terra halleluja!

Een drukke morgen op het werk, een kind dat een beetje ziek is en uit zijn smeet is, half en half beginnen panikeren dat er nog niets geregeld is voor de gasten die morgenavond komen eten, thuiskomen en zien dat er ECHT nog veel werk is tegen dat de gasten morgenavond komen eten, een kind dat er nog een schepje bovenop doet en zijn spaghetti liever van zijn eetstoel plukt dan te happen naar de aangeboden lepel, spaghetti die niet alleen op diezelfde eetstoel vliegt, maar zich ook de volledige keukenvloer eigen maakt, dingen die uit je handen vallen omdat je moe bent van de nacht te doen, niet weten wat klaarmaken voor je gasten morgen….op zo’n moment is er maar één heil: mondje afvegen, babyfoon aan, baby in bed en zelf: HET NOENETUKSJE.  Na dat tukje lees je dat je favoriete kaaswinkel nog niet in verlof is (godzijdank), krijg je tips voor heerlijke broodjes erbij, blijkt de kleine nog te slapen waardoor je nog even tijd hebt om tot jezelf te komen, is het ineens heel wat afgekoeld buiten waardoor je eindelijk de deuren kan openen, kom je beneden en merk je dat het eigenlijk vooral de keuken is, ben je op slag betergezind….noenetukskjes zijn de max.  Lazy-housewife-kaasplanken ook, surtout als ze vandaar komen!

een bende echte moaten en een graduaat orthopedagogie

Dat kind blijft er wel nog twee dagen langer inzitten, een kind wordt nooit geboren op de dag dat hij uitgerekend is.  Dat hoor ik mezelf vorig jaar nog zeggen.  Ilja besloot er anders over.  Moeder, jij doet je eindwerkverdediging vrijdag?  Ik ga pushen om er de donderdag uit te komen.  And so he did.  Gelukkig zat ik in een heel meegaande school en mocht ik mijn eindwerk alsnog in een lege school op een bloedhete zomerdag gaan verdedigen.  Vier juryleden draafden voor mij alleen op wat de druk alleen verhoogde.  Daar zat ik, zes weken eerder bevallen, nog vlug een deftig kleed gaan zoeken waar ik me ingewrongen had.  Het was om 10u ’s morgens al loeiend heet en de zenuwen zorgden voor nog enkele extra vapeurs.  Mijn lief lief had een dag verlof genomen om me te backupen, want ik hield niet meer samen in de auto van de zenuwen.  Dit moest gewoon goed gaan.  Ik moest die dag afstuderen.  Veel te hard gewerkt om er te geraken en op dat moment echt geen tijd om een nieuw eindwerk te gaan schrijven.  Ineens rijdt er op de lege binnenkoer van de school een bekende wagen op en zie ik het gezicht van mijn klasvriendin blinken “ik kom je steunen!”  Miljaar zeg, ik was een beetje van de kaart.  De verdediging op zich bleek minder erg dan de terror die ik in mijn gedachten had.  Ik werd niet neergesabeld met een japans zwaard, ik voelde de grond niet onder mijn voeten zakken als iemand zei:”ik heb nog een opmerking”.  Het viel al bij al goed mee.  De grootste horror was naar beneden gaan en daar zitten te wachten tot ze gedelibereerd hadden.  Ik kom beneden op de koer, naast mijn echtgenoot zie ik bijna de hele bende klasvriendinnen zitten “heeyyyyy, we zijn hier voor jou!”  Zalig toch!  Toen de leerkracht me even later riep en hij de woorden “proficiat” uitsprak werd het instant zomer.

Gisteren was de klasvriendinnenbbq weer geweldig leuk.  Een goeie portie wijvenpraat, met een glas cava en kaarsjes.  Meer moet dat toch niet zijn?  Heb ik ooit bedankt gezegd voor die afstudeerdag vorige zomer?  Nee?  Merci wi zeg gastjes!

Over brol en schuiven

In ieder huis waar ik al gewoond heb heb ik er één gecreëerd denk ik: een brolschuif.  De enige schuif waar alles in terechtkomt dat elders precies geen plaats lijkt te vinden.  Het materiaal dat te min is om bij het bestek te behoren “Oh neen, we gaan toch geen plaklint herbergen?” fluistert de vork dan waarschijnlijk tegen de messen.  In de brolschuif liggen in mijn geval 5 rolletjes plaklint, allemaal reeds begonnen.  Ze liggen niet bij elkaar, neen, ze liggen over de volledige schuif verspreid.  Samen met de pritt, de 7 luciferdoosjes en het verloren pakje zakdoekjes.  Het is in die schuif dat ik een schoenlint moet gaan zoeken want blijkbaar liggen er massa’s in te wentelen.  Ooit waren die mooi opgerold….ooit was die schuif leeg.  Er zijn van die dagen dat de schuif mij tegensteekt.  Vooral als ik ze opendoe en ze niet helemaal kan openen omdat er iets stropt aan de achterkant ergens.  Vermoedelijk kan ik het zo’n 9 keer verdragen dat het stropt.  De 10e keer graai ik tot ze weer openkan.  Vandaag is de druppel.  De prestigevorkenschuif kreeg een blinkbeurt, de brolschuif kan niet achterblijven. 

Het blijft een brolschuif, maar als je nu een rol plaklint nodig hebt, links boven te vinden.  Lucifers?  Rechtsboven, zo’n 8 doosjes.  Iemand een pedaalemmerzakje nodig?  In de schuif mensen, gewoon even optrekken.  En goed rollen dat ze doet, zjoef open, zjoef toe, zjoef nog een keer open om nog eens te kijken en dat allemaal zonder stropping, zonder ergernis….met brol.

de vraag van vandaag, morgen, overmorgen, de dag erop…

Hoe meer huizen je bezoekt, hoe meer je beseft wat je wel of niet wil, hoe moeilijker het is om een huis te vinden naar je gedacht.  Is dat dan een vicieuze cirkel?

Zou het voor huiseigenaars die willen verkopen nu echt zoveel moeite gevraagd zijn om op zijn minst het afval dat rondslingert op te rapen?  En de afwas te doen?  Of op zijn minst de vuile afwas te verstoppen voor de potentiële kopers?  En te verluchten?  En de asbakken die in alle kamers staan te ledigen?

Kippen die strijden om de overschot van je vol-au-vent, zijn dat dan kannibalen?  Mag je dat dan een chickfight noemen?

                                                              

Is een rode broek eigenlijk nog done als je niet meer als “meisje” wil aangesproken worden?

Hoewel ik nooit bikini’s draag vind ik het wel leuk om naar de uitgestalde bikini’s te kijken in de vitrine van  lingeriewinkel naast de deur.  Maar die poppenlichaampjes lijken zo klein, niemand is toch zo klein?

Als je lifters voorbijrijdt, ben je dan gemeen?  Ook als je alleen bent en eruitziet als een meisje (of zie je de basketjes niet als je autorijdt)?

Is het dwaas om de paperclipspellingsassistent op Word in te stellen, gewoon omdat hij zo grappig met zijn oogjes draait als hij geen werk heeft?

People don’t change, we change

Vernieuwing kan geen kwaad dacht ik zo.  Het was even zoeken om een nieuw thema te vinden voor de blog maar de veranderingen zijn subtiel gebleven.  Meer kleur, en misschien binnenkort meer foto’s in de berichten.  We zien wel….een beetje met een keer.

Straks ga ik op bezoek bij een lief klein meisje met een klein cadeautje….

 

Wat zou er daar inzitten?

HLZHI: Marbelkat vs Mustiekat

Neeneeneen, het is niet waar, het mormel is wakker.  Zie hem daar zitten in zijn voedingstroon.  Dat krijgt zijn eten gewoon in zijn mond gestoken, dat smost aan alle kanten.  Weet jij wel dat ik eerst al mijn brokken moet opeten voor ik nieuwe krijg?  Ook diegenen die ik gemorst heb?  Nuh, ik zie dat de langharige ook al eens komt memmen als je aan haar befaamde gordijn hangt.  Damn right!  Als ik niet mag, jij ook niet.

Zie hem daar zitten, je kan niet aan hé, en ik heb je ballons gekregen van je moeder.  Ah, het is trouwens ook mijn moeder hoor, ze heeft mij geadopteerd als die van mij me heeft afgestaan.  En ik was ook een cutiepie hoor als ik klein was, iedereen zei het.  Der waren er zelfs die me gingen meenemen naar huis, ze zouden jou beter eens ergens meenemen dan kan ik op mijn gemak door het huis wandelen zonder dat je me achterna zit op je vier kruipers.  Leer maar eerst lopen klein mormel, en smoet dan maar je kitten, we gaan dan een keer een spurtje inzetten. En dan die smile op je gezicht als je de jacht begint, je denkt toch niet dat je ooit rapper zal zijn dan mij?  Haha, zelfs je moeder kan me niet pakken als ze dat wil. Always remember: I was here first!

girl, you’ll be a woman soon

“Laat het meisje voor, ze stond hier eerst.” zei de madame naast mij aan de kassa daarnet tegen haar dochtertje.  Meisje, meisje, ik ben waarschijnlijk ouder dan jij.  En weet jij wel dat ik een kind heb, en getrouwd ben, en dat ik bijna 30 word.  Ik zie er toch helemaal niet uit als een meisje. Ter info: dat waren mijn gedachten.  Mijn acties waren: glimlachen en mijn kassaterritorium verder bewaken.  Ik kon het niet laten om haar af te loeren.  Ze geleek op mij.  In de madammenversie dan.  Met hakken, en een madammenhandtas en een bloesje aan, en shmink. (en kort haar, ik weet nu ook dat kort haar niks voor mij is).

Hopend op een ontkenning vroeg ik thuis:

“Ik zie er toch niet meer uit als een meisje hé?”

“In die kleren wel ja” was het verkeerde antwoord. (anggggg guess again!)

Ik had het wel zelf kunnen voorspellen.  Een jeansbroek, zijn verschoten pumatrui die ik tien minuten daarvoor uit de wasmand had geplukt (ahja, wie gaat er nu nog in t-shirt naar buiten?) en mijn witte sneakers. Excuse my flair-taal.  Dat heet de dag van vandaag sneakers volgens de mode-experte.  Vroeger heette dat basketten, even later skateschoenen.  Ik hield altijd al van skateschoenen.  Nooit een skateboard aangeraakt (jezus spaar ons daarvan, zo’n brokkenmaker gelijk mezelf) maar de lage simpele schoenen vond en vind ik nog steeds de max.  Ze zijn ideaal voor lange trappeldiensten op het werk, ze zitten comfortabel en ze passen onder al mijn broeken.  Ondertussen noem ik ze alweer “basketjes”, gewoon omdat basketjes leuker klinkt en ik draag ze enkel maar om te werken.  Of als ik op een meisje wil gelijken.

woerewoerewoerewoerewhiieettwhiieeett!!

Groot Respect voor:

  • Mensen met twee of drie (of vier of vijf) kinderen.  Vooral als dat eerste of tweede kind niet eens zelfstandig een broekje aan of uit kan doen, laat staan op het potje kan plassen
  • Mensen die aan een tweede of derde kind beginnen tout court.
  • Ontwerpers van prachtige uitnodigingen

Gigantisch Blij met:

  • mijn echtgenoot die momenteel bezig is met het opruimen van onze rommeltuin
  • mijn tuin die er binnen een grote week weer barbecue-proof zal uitzien.
  • Mijn middagdutje deze middag
  • Mijn uurrooster, dat me middagdutjes en genieten van de flauwe zon toestaat
  • Ilja’s nieuwe gewoonte om bij alles wat enigszins op een telefoon gelijkt “waho” te zeggen en vol spanning af te wachten tot iemand iets terugzegt.
  • Ik krijg een verrassing voor mijn verjaardag.  Het leukste cadeau van allemaal dus.
  • De tickets voor (The)Gossip in november
  • Haruki Murakami
  • Pingu, de hele middag lang Pingugeluidjes!

Heel Wat Minder Blij met:

  • Brieven met roos/witte aanhangsels
  • mijn kapotte garagepoort
  • de lege bloempotten op mijn terras
  • het vermoeide gevoel dat me al maanden in zijn greep houdt, dat me doet in slaap vallen in de zetel waardoor ik al veel te veel Dexter en Mad Men gemist heb. “Maar uw bloed is in orde Lieselotte, niks op aan te merken”  Alléé, ik heb toch goed bloed, das toch iets.
  • het feit dat ik aan een film zelfs niet moet beginnen als een aflevering van een tv-serie al te lang is om wakker te blijven.  Maar mijn bloed is goed.
  • het gebod van anderen om voor een broertje of zusje voor Ilja te zorgen.

Mixed feelings bij:

  • de glimlach op mijn zoon zijn gezicht als ik met mijn mama-is-boos-stem “Neen, dat mag niet” roep.  Waarna ik enorm veel moeite krijg om niet in de lach uit te schieten als ik zijn puppyoogjes zie glunderen.
  • De blik in zijn ogen als hij kijkt naar het geattaqueerde voorwerp dat hij moet gerust laten van mij.  Zo van “het kwam naar mij, het vroeg om aangeraakt te worden”
  • De mama-is-boos-stem op zich, dat gaat precies soms eens luid bij mij.
  • de gedachte dat het opvoeden nu echt begonnen is en dat dat van je eigen kind precies niet gemakkelijker is dan bij een ander zijn kind.
  • Het feit dat hij kan huilen tot hij zonder adem valt en je intussentijd denkt “adem, adem dan toch!” terwijl je hem negeert.
  • Dat hij zich na zo’n genegeerde huilbui gewoon terug op zijn kont zet en verder speelt alsof er niks aan de hand is.
  • Andere mensen hun argumenten als je opgooit dat de kans bestaat dat er geen broertje of zusje meer komt.
  •  Het feit dat je daar misschien geen keuze in hebt en de natuur soms wreed is en gewoon zijn eigen goesting doet.

“zet dit in je status als je ook een echte vrouw bent”

“Wij vrouwen: Lopen tijdens het tandenpoetsen rond. We lezen de shampoo flessen onder de douche. We lachen om onze eigen grappen voordat we ze verteld hebben. We hebben geen horloge nodig, we hebben een mobiel. We kunnen een zin 10x lezen, zonder het te snappen. We duwen tegen deuren waarop met dikke vette letters TREKKEN staat. We vragen “wat” ?? terwijl we alles verstaan. We haten het, als de wind onze haren in de war blaast. We kijken soms in de koelkast, zonder iets te eten. We kunnen 10x dezelfde film kijken. We moeten onze mobiel bellen, om hem te vinden. We kunnen op de klok kijken, zonder daarna te weten hoe laat het is. We staan in de supermarkt voor de koeling, en weten niet meer wat we gingen kopen. We zetten onze wekker eerder, om langer te kunnen blijven liggen. Als we ’s avonds naar bed gaan, tellen we hoeveel uur we nog kunnen slapen.”

  •  Tandpastavlekken zijn hardnekkig, niet doen dat rondlopen!
  • Na enkele jaren vakantiejob in de zeepfabriek heb ik nog bitter weinig interesse in een shampoofles.  Andere vrienden werkten in de zomer in de ijsjesfabriek, hun interesse is blijkbaar niet getemperd in het product dat miljoenen keer door je handen gaat in zo’n fabriek.
  •   Grappen vertellen vind ik niet zo leuk, er zijn ook veel te weinig echt grappige grappen (behalve die over de mamakameel en kindjekameel, maar die hou ik voor mezelf)
  •  Ik draag wel een horloge, mijn “mobiel” past niet in mijn broekzak, en als hij er toch inzit dan mag ik hem binnen de kortste keren van de grond rapen.  En ik noem het een GSM.
  •   Laat ons zeggen dat het moeten herlezen van een zin wel eens voorvalt, alsook het duwen tegen trekdeuren.  Het bijkomende “gow zeg, wat is dat hier?” mag je mij anders ook verwijten.
  •  Als ik het begrepen heb maar ik vind het niet interessant dan ga ik geen “wat” zeggen, voor hetzelfde geld mag je het verhaal nogmaals aanhoren!
  • Tenzij je Sinead O’Connor bent haat elke vrouw het dat de wind je haren versmoezelt.  Je ziet niet meer waar je loopt (in mijn geval toch).  Dat is gewoon ambetant no mather what!  Vooral als je het achteraf wil kammen en je een serenade moet afsteken omdat de borstel er niet meer uitgeraakt!
  • Als ik in de koelkast kijk en niks eet, is dat niet omdat ik gewoon in de koelkast wil kijken, dat is omdat er niks inzit dat eetbaar is tenzij ik graag een rauw ei wil doorslikken.
  • Er zijn weinig films die ik 10 keer gezien heb al komt Pulp Fiction wel aardig in de buurt denk ik.  “It was just a footmassage, nothing more!”
  • Bellen naar mijn gsm, ik vermoed dat dit toch wekelijks voorvalt, alsook het voornemen maken om er een vaste plek voor te vinden. (oef ik ben toch een echte vrouw)
  • Ik weet meestal wel hoe laat het is, ahja ik draag een horloge, tenzij je vergeten bent dat ik het 7 puntjes geleden al getypt heb –> jaja, je bent ook een echte vrouw!
  • Als ik voor de koeling sta in de supermarkt dan grijp ik direct wat ik nodig heb om een verkoudheid te vermijden (damn you colruytfrigo)
  • Ik zet mijn wekker altijd ruim op tijd, langer blijven liggen staat al een heel eind niet meer in mijn woordenboek.
  • Als ik ’s avonds naar bed ga dan tel ik niet standaard het aantal uur dat ik nog kan slapen, behalve als het extreem laat in de nacht is en ik moet werken de dag erop. “Fuck, ik moet binnen 3 uur op”.

Het was te lang om in mijn status te zetten.