Page 105 of 118

the new frontdoor

Sinds ik vroeg opsta is het ontbijt echt een maaltijd geworden.  Vroeger was dat koffie en met moeite een boterham, heel vaak niks.  Nu kan ik echt genieten van een rozijnenbolleke, een kop koffie of 7, yoghurtjes, eventueel een krant.  Als ik op hotel ben vind ik een uitgebreid ontbijtbuffet dan ook het toppunt van mijn uitstap.  Alleen jammer dat het precies niet echt gepermitteerd is om daar in uw pyjama toe te komen.  Want in pyjama ontbijten, dat is pas congégevoel.  Soit, ik zou mij alleszins al een deftig model mogen aanschaffen, als er één iets is dat ik zeker niet ga veranderen na mijn 30ste is het wel mijn slaapkledij.  Een veel te grote t-shirt van een groep die ik al dan niet ken volstaat.  En neen, er is niks veranderd deze nacht om OOh, ik werd 30.  Een jaar ouder dan 29.  Toen ik deze morgen in de spiegel keek zag ik er nog steeds hetzelfde uit, met een verschoten slaap-t-shirt en niet meer aan oogreinigingslotion gedacht na een zware avond met heerlijke wellness, lekker eten en een beetje teveel wijn.  Ik werd vroeg wakker, met een knorrende maag en begoest op een hotelontbijt.  Tevreden, verrast en jarig.

Op naar de scary age van 36!

when you’re having fun

Het is een cliché en technisch gezien kan het niet, maar iedereen zegt het toch: verlofdagen gaan rapper dan werkdagen.  Dus het moet wel zo zijn dat de seconden rapper tikken als je:

Op een terrasje zit in je favoriete Belgische stad.  In een Irish Pub voel ik me toch een klein beetje in het buitenland, al is België meer dan goed genoeg hoor als het niet regent.

Je maffe beesten met eigenaardige rechtstaandersmanieren tegenkomt.  Ik vergeet altijd dat flamingo’s bestaan.  En dat ze fantastisch roze van kleur zijn.  Welk ander dier (behalve een biggetje) is er nu roze van kleur?

Je zoon leert parkeren alvorens hij kan stappen.  Achteraf zagen we pas dat de wielen van dat autootje aan het afbrokkelen waren en dat hij afstevende op zijn allereerste autocrash.  Zijn allereerste stapje alleen zette hij gisteren, het tweede stapje viel hij echter als een pudding ineen.  Mijn hart maakte toch een sprongetje.

Je in een appartement van volwassen mensen zonder kinderen logeert.  In zo’n mooi appartement met vers geschilderde witte muren is het een beetje tricky om een 14maander met chocohandjes los te laten, maar het is gelukt.  Mits een beetje inventief zijn.

Ik was in hetzelfde appartement ook onder de indruk van het hoge “deco-boekjes-“gehalte van dit kruidenopbergsysteem.  Naaaaaais!

En er werd door onze schone zuster gekookt voor ons….thaaaaisssss!

Mmmmeer vakantie!

I’ll scream ‘til my lungs pop

“Tante Lieselotte ga je mee op de boomerang?” “Tuurlijk” “Tante Lieselotte, ik wil op de Screaming Eagle, ga je mee?” “Vaneigens!”  Het is allemaal goed en wel en fantastisch leuk tot op het moment dat ik klaarzit in het bakje met de beveiliging over mijn schouders.  Altijd eerst testen of dat wel goed vastzit.  Geeft dat nu een beetje mee of zijn dat mijn gedachten?  Eens checken bij de buur of dat ook zo los zit.  Ja het zit goed vast.  Ja toch hé?  Op het moment dat alles klikvast is en iedereen zijn plekje gevonden heeft begin ik mij al inwendig een beetje op te jagen. “Beuh, ben toch een beetje benauwd” en dan schiet die Screaming Eagle zonder waarschuwing de lucht in…”WAAAAAAAAAAAAAAAAHHHH!!!!!!!” even naar adem happen “WAAAAH  hap adem WAAAAH hap adem WAAAAAAAAAAHHH!!!” “Maar tante toch, zo tieren” Sorry gastjes.  Ik ben gek op boomerangs, wilde slingertoestanden, weg en weer gegooi, maar ik tier net zo luid als een varken op weg naar het slachthuis.  Het tieren en de thrill van de boomerang is zo ontspannend, minder goed voor mijn stembanden, maar goed om eens te ontladen.  NOG EEN KEER !!!  (riep ze een beetje hees de armen in de lucht gooiend).

 

Helmut Lotti is er toch stinkend rijk mee geworden

Het gebeurt al eens dat ik een boekske lees.  Echt lezen kun je het niet noemen, ik doorblader ze en houd halt bij de “artikels” die me interessant lijken.  Die dingen belanden na zo’n doorbladersessie in het toilet.  Alléé, dernaast, je weet wel.  Ik heb niet echt een voorkeur voor één bepaald tijdschrift, meestal koop ik een pakket met drie samen en doe ik er een aantal weken mee eer ik nog eens “ververs”.  Het is een eigenaardig systeem dat in mijn hoofd, maar ik kan het niet verdragen dat Pieter de verse boekjes eerst doorbladert.  Ik koop ze, ze zijn voor mij.  Hij mag ze pas doorbladeren nadat ik ze diagonaal gelezen heb.  In mijn ogen zijn verse boekjes het leukste.  Als hij ze al bemukkeld heeft is er precies al een beetje fun vanaf.  Negen van de tien zit er een Story bij.  Story blijkt halfvol te staan met Bekende Vlamingen waar ik nog nooit van gehoord heb, meestal zijn dat die artiesten uit talentenshows.  Ik ken er bitter weinig van omdat ik na de eerste editie van Idool nooit meer gekeken heb naar zoiets, hoe leuk het ook was om een ander te horen kriepen en daarbij tegelijk als een pinguïn te staan voetenpletsen voor de jury.  De helft van de Story staat vol met verhaaltjes over die winnaars, zilveren medailles en opvallers van zo’n programma’s.  In de andere helft worden de echte BV’s uitvoerig besproken.  Ze beroddelen uitvoerig de mensen die al jaren en jaren aan de bak komen als Bekende Zanger.  Misschien komen een aantal van die zangers wel uit De Sound Mix Show.  Was dat niet één van de coolste programma’s van de jaren 90?  Men kwam toe bij Bart Kaëll als Jan Modaal met een jeansbroek, een veelkleurig hemd en een vest met epauletten waarmee je een rugbyspeler omver kan stoten.  Vijf minuten later kwam die Jan op magische wijze uit een walm podiumrook en ziet hij eruit als Prince of Michael Jackson.  En Bart Kaëll, die had altijd het juiste kostuum in de juiste maat in zijn winkeltje hangen, toevallig?  Ik dacht het niet :-D!  En op het laatste: Thank You For The Music, altijd, elke aflevering opnieuw, winnaars en verliezers allemaal samen.  Geweldig!

Londen baby!

Het is zo warm dat ik me afvraag of mijn was geen dorst heeft van de hele dag in de zon te wapperen.  Ze is niet droog, ze is KURKdroog.  Zalig zo’n weertje en dat in combinatie met congé uiteraard.  (Toch blij dat ik niet op de weide van pukkelpop lig te bakken.)  We zijn nog niet goed en wel begonnen aan onze huidige congé en we plannen al een weekendje weg in december.  Aangezien mijn babe een mega Green Day-fan is bezoeken we een musical gebaseerd op American Idiot.  En tju ja, ’t is nu toch wel in Londen zeker.  We gaan daar wel moèten twee dagen blijven hé, anders is het de moeite niet van je Eurostar hé.  Ah neen.  Gisteren de Eurostar geboekt en nu nog op zoek naar een leuk hotelletje, liefst met propere lakens en met een treffelijk sanitair.  Ik sta erop dat ik geen restanten van de voorgangers vind in een “geleende” badkamer :-).  Al bij al ben ik steeds in treffelijke hotels beland op alle citytrips die ik ooit deed.  Een vriend ging ooit op hotel en belandde in een badkamer waar bloed op het douchegordijn te vinden was.  ’t Is vriendelijk, maar bedankt.  Ohja, en een bombastisch ontbijt, dat staat ook op het verlanglijstje.  Met allerlei dingen die ik niet ga proeven maar wel ga bewonderen.  En lekkere pistoletjes.

little talks

De gesprekken die hier werden gevoerd de laatste dagen:

Ik: “Ik heb eigenaardige dromen de laatste tijd”

Hij:”Aangezien je me niet onder mijn voeten geeft zal het wel niet over mij gaan”

 

Nadat hij een peuk verorberde op een kruiptocht:

Ik: ”Je ruikt naar sigaretten”

Ilja:”wakakdakada”

 

Ik, helemaal verwonderd:”Die drummer van Green Day is nogal vermagerd zeg”.

WTF?  Who cares!?

 

Ik, wijzend naar een plaatje in een boekje:”Kijk Ilja, een zebra”

…vlug rond mij kijken of iemand het gehoord heeft….

daarna fluisterend: “Excuseer: een nijlpaard”

 

Ilja:”Wiediediewiedie”  schouders ophalend  “Diediewiewiwie”

 

Ik:”Geef eens een zoentje aan Mama”

Smuk

Ik:”Haha, er hangt een kladder snot aan mijn bovenlip”

Ja hallo, dat ging je ook niet zeggen twee jaar geleden dat ik dat ooit grappig zou vinden.

 

 

van die keer dat ik een dikke zigeuners’ ass gekicked heb

Als ik eraan terugdenk besef ik meer en meer hoe derover die situatie was.  Ik spreek over bijna 12 jaar geleden, toen de dieren nog spraken zeg maar.  Ik was net 18 jaar en zat op kot, en geestig dat het was.  Op zondagavond gingen we uit.  Zoals elke student was de vrijdagavond om languit in de zetel te bekomen, de zaterdagavond en zondagavond gingen we uit.  Kwestie van toch zeker voldoende uit te gaan, want we waren studenten en studenten gaan uit.  Ik had net mijn eerste gsm gekocht, dat leek handig op kot.  De dag van vandaag koopt men dat voor iemands’ plechtige communie, in die tijd mocht je blij zijn dat je er één had op kot, anders was het zoeken naar een telefooncel in de buurt.  Dat ding kostte me 4999 frank van mijn zuurverdiende vakantiejobcentjes.  Drie weken aan een stuk zeepflesjes op de band zetten, 8 uren per dag.  Het was een grijze motorola genre televisiebakske.  Ik kon ermee smsen en bellen.  Het toestel had geen kleurenscherm en ik kon er zelfs alleen maar hoofdletters mee tikken.  Switchen naar kleine letters kon pas op mijn tweede gsm.  Een smsje kostte toen 12 frank (waarom weet ik zo’n dingen toch nog na 11 jaar?).  Ik heb er geen idee van hoeveel zoiets nu kost.  Op één van de zondagavonden stapte ik met Friede naar het café toen we tegengehouden werden door een drietal zigeuners.  Ze schurkten tegen ons en leidden ons af met allerhande brabbelpraat.  Toen we ze eindelijk afgeschud hadden duurde het zeker nog een halve Overpoortstraat voor ik merkte dat mijn gsm gepikt was.  Ik had hem nog maar een week!  Godver smeerlappen!  Wat er toen gebeurde is nooit veel voorgevallen.  Ik werd razend!  Niet-te-doen-razend!  Ik weet niet of ik ooit nog zo kwaad ben geweest sinds die keer.  Ik denk zelfs dat ik stoom afgaf rond mijn oren.  We keerden terug naar de crime scene.  Friede herkende meteen de bandidos en wees ze aan.  Die man was twee koppen groter en vermoedelijk zo’n 50kg zwaarder dan mij.  Ik stelde me voor hem, versperde de bombast de weg en tikte met mijn wijsvinger op zijn borst “Jij hebt mijn gsm gepakt!”  Hij probeerde mij te negeren en deed alsof hij me niet begreep.  Ik bleef volhouden en in mijn colère begon ik te roepen “Jij hebt mijn gsm!”.  Net op dat moment passeerde een politiepatrouille door de drukbevolkte Overpoortstraat.  Ik zei “geef hem nu terug of ik roep die patrouille”.  En toen gebeurde er iets vreemd.  De zigeuner zei “kom mee”.  We volgden hem en bleven op een afstand toen hij vroeg om even te wachten.  (ter info: dat was de razernij, nu zou ik NOOIT meer zoiets doen, screw you zigeuner, ik koop gewoon een nieuwe).  Maar ik was KWAAD!  Kwaad, het had geen naam.  De gigantische zigeuner kwam eraan en  ik kreeg mijn gsm terug.  Zomaar. En daarna gingen we een pintje drinken (niet met die zigeuner, die ging verder gaan stelen).

Quentn for president!

En zo ging Peggy dood op zondagmiddag.  We hadden het wel zien aankomen en ja het is spijtig…maar wat moesten we ermee doen?  Begraven in onze tuin leek tricky, met een huiskat die regelmatig bezoekers over de tuinvloer krijgt.  Ik heb geen zin om op een ochtend de gordijnen open te trekken en daar Peggy’s karkas op mijn terras tegen te komen.  Echt niet.  Wat doe je als je met een probleem in de tuin zit?  Je belt naar Quentn.  Is je tuin overwoekerd van het onkruid, bel naar Quentn, hij zal het komen vermoorden, chemical Quentn.  Wil je graag een beetje aanplantingen doen?  Quentn is your man.   En materiaal dat die kerel heeft.  Een verticuteur, een remorque, een aardeplatlegmachine, allerlei schoppen en tuinmateriaal, he’s got it!   En zo komt hij ook dode kippen wisselen voor nieuwe!

Mijn eerste verjaardagscadeau!  New Chick On The Block!

“Ik wed dat je tegen vanavond een naam gevonden hebt voor het nieuwe kippetje” zei Pieter daarnet aan tafel.

Hmmm, even nadenken…

ice ice baby, ironic ice ice baby

In die tweede week van de zomervakantie waarin het eens warm werd…

  • was er tijd voor ijsjes

ijsjes in appeltjespotjes

  • was er nog meer tijd voor nog meer ijsjes

mmm fake magnums van den aldi

  • was er tijd voor knappe mannen die ijsjes eten

must eat icecream

  • er was ook nog een beetje tijd voor ironie

mesje = drie weken oud

  • en tijd om met de voetjes in het zwembadje te plonsen.  Ik mag echter geen foto’s van voeten posten van één van die twee knappe mannen op die foto hier beetje boven.

 

want voeten zijn kizzig volgens hem.

  • en we mogen ook al eens van congé dromen…nog één volle week, en weken gaan rap hé, echt rap.

Maar van de chicken wings van haar vrienden smul ik maar al te graag!

Peggy’tje, het gaat er precies niet zo geweldig goed mee.  Haar kam hangt al twee dagen plat en ze is niet in haar gewone doen.  Had ik niet ergens gehoord dat kippen met een platte kam zich niet zo goed voelen?  Ze verschuilt zich ook onder haar boog.  Als ik naderbij kom doet ze niet haar normale springtegendendraad-moves.  Normaal springt ze omhoog, klampt zich vast met haar poten aan de draad terwijl ze tegelijk met haar vleugels slaat.  Ik schrik me altijd kapot als ze dat doet, ook al weet ik dat het zal gebeuren.  Ze heeft ook geen kippenmanieren, eerder ik-heb-teveel-gedronken-gisterenavond-en-ben-er-nog-altijd-niet-goed-van-manieren.  Peggy woont hier al langer dan wij.  Toen we het huis kochten zat ze hier als een koningin te rijk in een kiekenplein dat de helft van de tuin in beslag nam.  Ze werd Peggy genoemd naar Peggy uit “Thuis”.  Nu lijkt ze ziek.  Of oud misschien?  Hoe oud ze juist is, ik zou het niet weten.  Wij hebben ze al drie jaar en half.  Zou dat oud zijn voor een kip?  Als ik denk dat één van mijn kippen zich niet zo fit voelt dan denk ik meteen:”wat als ze doodgaat?” Wat doe je met een dode kip?  Begraven?  Hoe kun je een kip begraven zonder dat de kat of de buurtkatten het dier weer opgraven?  Opeten is al zeker niet aan de orde.  Niet alleen omdat ze misschien een ziekte heeft, maar ook omdat ze ons huisdier is.  Ik zie niet iemand direct hondenbillen eten, dus mijn eigen kip ga ik zeker niet opeten.  Laat ons hopen dat ze morgen weer genezen is.  Dan hoef ik die doemgedachten niet voor werkelijk te houden.