Page 80 of 117

Currently #kweeniehoeveelenbenteluiomtezoeken

Blij: met de vroegtijdige verjaardagscadeaus gekregen van mijn geliefden

wpid-dsc_1351.jpg

Opgelucht: over het feit dat we na een jaar peertjes eindelijk lampen hebben.  Mèt lampekappen en al hé.

wpid-dsc_1352.jpg wpid-dsc_1353.jpg

 wpid-dsc_1355.jpg   wpid-dsc_1352.jpg

Getroost: want dat jaar zonder lampekappen is nog kort, in ons vorige huis hebben we drie jaar gewoond en er zijn gewoonweg nooit lampekappen geweest!

Geïntrigeerd: de Ikea in Rijsel blijkt veel dichter dan ik dacht.  Een goeie zaak voor mijn leven in het algemeen. Ik hou namelijk van Ikea.  Ik ben stiekem verliefd op Ikea.  Ik ben ervan overtuigd dat de liefde wederzijds is, want Ikea blijft precies items uitvinden die me aanspreken.  Een slechte zaak voor mijn portemonnee echter.  Een zeer slechte zaak voor mijn portemonnee.

Boos: over de dood, die fucker blijft maar toeslaan hier in de buurt.

Tevreden: over het voorbije verlof.  Elke dag werd superleuk in gevuld, teveel om op te sommen.

Geupdate: met veel vrienden de laatste twee weken.  Want daar dient verlof voor.  Ik heb er dan nog een deel niet gezien ook…komt in orde hoor.

Verbaasd: over het feit dat onze zoon dagelijks tot 8u slaapt en ’s middags alweer doodmoe aan zijn middagdutje begint.

Verontrust: over hoe dat in het komende schooljaar zal evolueren.  Kan hij in het eerste kleuter nog steeds zoveel middagen naar huis komen om te slapen?

Bescheten: keihard zwaaien naar een bekende die te voet bij je wagen passeert, zien dat die keihard terugzwaait en dan bedenken dat het iemand anders is.  Of was hij het nu wel?  Hij leek mij wel te kennen, maar was hij het eigenlijk?  En waarom zwaaide hij dan keihard terug?  Of was hij achteraf ook aan het denken “wie was dat in feite?”  Frederick!  ’t Is tegen jou!

Benieuwd: naar het diner in Publiek Gent.  En of 32 worden pijn zal doen deze nacht.  Als je als Gentenaar een luide schreeuw hoort rond middernacht: het is gebeurd, mijn nieuwe jaar is aangebroken.

Besteld: het blogboek van Lilith.  Want als blogger kan ik zeker extra tips gebruiken om het hier iets aangenamer te maken.  Tips van lezers zijn ook altijd welkom hoor.  Ik ben nog zo koppig niet.

Smetvrees? Moi?

Onze reis van en naar Oostenrijk bevatte uiteraard veel “stops”.  Om de zoveel uur gingen we even aan de kant om even de benen te strekken met het nodige gekraak en “ohhh” en “aaahh”, iets te eten tussen de wespen en op de bekladderde houten tuinsetbanken, de kleine “uit te laten” en…naar toilet te gaan.  Laat nu juist dat laatste het minst aangename zijn van de hele reis.  Kan er iets vreselijkers zijn dan een wegtoilet?  Zelfs in restaurants waar je moet betalen voor je plasje blijken de toiletten helemaal niet proper te zijn.  Een kleuter trekt zich daar niets van aan en zet zich netjes op zo’n openbaar toilet. (oh man, ik ga straks zijn billen ontsmetten).  Zelf werd ik een krak in zweefplassen.  Elke vrouw weet waar ik het over heb.  Als je dan al toiletpapier had in je ranzig toilet mocht je blij zijn dat het niet op de grond lag ergens te rollen tussen het vuil van je honderdduizend voorgangers.  Echt.  Gisteren ging ik naar Bellewaerde, ook daar was het een vieze toiletboel, het kon niet meten met een autostradetoilet, dat nu weer niet, maar toch, ik moest er toch weer aan denken.  Gelukkig zijn het 1stwordproblems en zijn er inderdaad mensen die helemaal geen toilet hebben, laat staan water om het door te spoelen.  Of er zijn mensen die helemaal niet naar Bellewaerde kunnen gaan om achteraf te klagen.  Maar toch…een ontsmettingsspray voor je billen, zou je dat in Kruidvat kunnen kopen?

1341088813546_161139

tot schrijfs!

Miek kwam deze week weer in mijn gedachten op.  Hoe zou het in godsnaam met Miek zijn?  Toen we kinderen waren, ik vermoed tussen onze 8 en 12 jaar, waren we pennenvriendinnen.  Ik herinner me dat er toch maandelijks briefwisseling was.  Voor de kinderen die meelezen: er bestond toen nog geen internet of gsm.  We konden niet smsen naar elkaar of mailen.  Of eens chatten op een verloren woensdagmiddag.  Neen, we moesten brieven schrijven.  Maar de inhoud van die brieven, daar weet ik niets meer van.  We schreven jaren naar elkaar.  Tot we pubers werden en de briefwisseling plaats maakte voor nieuwe vrienden op school en “coolere” dingen dan brieven schrijven.  Als ik haar naam intik in google levert me dat bitter weinig op.  Ik weet zelfs nog haar adres vanbuiten, ahja, ik heb het honderd keren op een enveloppe geschreven.  Miek was cool.  Voor mij was ze een echte vriendin.  Ze had maar één minpuntje: haar handschrift was vreselijk!  Ik probeerde altijd om zo netjes mogelijk te schrijven, net omdat ik niet wou dat ze mijn handschrift lelijk zou vinden.  Zij niet, zij kribbelde hele bladen vol, hanenpoten voor zot, soms moest ik echt ontcijferen wat er stond, zelfs gokken.  In het digitale tijdperk is iemands’ handschrift je meestal onbekend.  Jammer, want ik vermoed dat je handschrift veel over jezelf vertelt.  Is er hier anders geen grafoloog in de zaal?  En moeten we het briefschrijven echt geen nieuw leven inblazen?

Een goed boek is zoals een vers geopende zak chips: het moet uit.

“Lezen dat is zo mijn ding niet, ik doe dat eigenlijk niet graag”. 

“Ik kan mij zo niet neerzetten om een boek te lezen als er nog andere dingen op mij zitten te wachten”,

Ik vind nooit een boek dat ik graag lees“.

Of toch: zo een boek over haken of naaien, ja dat wel”.

Jammer toch hé als mensen niet geboeid kunnen geraken door een boek.  Er zijn er miljarden!  Niet ééntje dat je kan boeien.  Of je krijgt net dat ene boeiende boek niet in handen, het ligt daaraan.  Ik las bij Lilith enkele boekentips.  Enkele bij de zoveel boekentips die ik nog moet opvolgen.  Ik weet niet aan welk boek eerst beginnen, er liggen er op mijn nachtkastje, op de livingtafel, in mijn boekenkast, in de bibliotheek, in het hoofd van de schrijvers die ik graag lees.  Ik denk altijd pretentieus: “Als je niet graag leest, dan heb je nooit het goeie startboek gevonden om te leren houden van lezen.”  Een boek hoeft helemaal geen literair hoogstandje te zijn om ok te zijn.  Als het vlot leest, als het verhaal je meesleept en als je denkt bij jezelf overdag “hoe zou het met mijn hoofdpersonage verlopen vanavond?”  Dan is het boek voor mij geslaagd.  Je ziet: ik ben nog geen zindelijke hé.

Enkele boeken die volgens mij goeie “startboeken” zijn om te leren houden van boeken:

Voor kinderen vanaf rond 9 jaar:

“Daantje De Wereldkampioen” van Roald Dahl

Specifiek voor meisjes: De volledige reeks van De Babysittersclub.

Voor kinderen vanaf rond 11 jaar:

“Het Duivelskind” van Kolet Janssen

Voor tieners vanaf rond 13 jaar:

“Duet Met Valse Noten” van Bart Moeyaert

Omdat de Harry Potter-reeks nog niet bestond toen ik jonger was heb ik hem pas op latere leeftijd gelezen, toch vind ik dit goeie boeken om als kind van boeken te leren houden.  Ook als volwassene kunnen ze je meesleuren.  Zo was ik soms echt bang van Voldemort. (en dan nog steeds niet weten vanwaar die nachtmerries komen).

Ik heb dan een hele tijd niet meer gelezen – mijn verloren jaren noem ik ze – omdat, ja waarom eigenlijk?  Ik vind nu ook altijd tijd om te lezen, meestal het laatste half uurtje voor ik mijn ogen dicht doe (als die al niet zijn dichtgevallen voor de televisie).  Ik doe er dan ook soms ellenlang over om een boek uit te krijgen, gelukkig zijn de bibliotheekboetes niet te hoog de eerste maand.

Als volwassen startende lezer zou ik volgende boeken aanraden:

– “Dit boek redt je leven” A.M. Homes

-“Joe Speedboot” Tommy Wieringa

-“Komt een vrouw bij de dokter” Kluun

-“Ten zuiden van de grens” Haruki Murakami

-“De eenzaamheid van de priemgetallen” Paolo Giordano

Deze boeken lezen vlot, zijn ideaal als vakantielectuur, slepen je mee, zijn niet te zwaar en zijn niet te dik.  Want een dik boek, dat heeft weinig voordelen.  Elke boekenmaker zou dit moeten weten.  Een lompe klomp, ook al is die nog zo goed, dat leest niet gemakkelijk.  Zeker niet als je een bedlezer bent als ik.  Dus Donna Tartt: niet aan beginnen als je nog nooit een boek hebt gelezen (en niet alleen omdat je er iemand de kop mee kan inslaan).  Carlos Ruiz Zafon kan er ook goed weg mee, maar voor hem maak ik graag een uitzondering, ook al vervloek ik hem telkens ik de zwaarste kant van het boek bijna in mijn wezen krijg als ik in bed probeer een blad om te draaien.  Murakami heeft dat goed begrepen en maakte van zijn superwerk “1Q84” een trilogie.  Dat elk boek dan nog bijna 500 pagina’s bevat, dat kan er nog mee door.  Dat ik er bijna een jaar over gedaan heb om het uit te lezen, dat is er misschien over, maar het was tijdens ons verbouwingsjaar.  En zo heeft alles een reden.  Maar er is geen geldige reden om nooit te lezen.  Echt niet.

 

Mandy en de nachtpaarden

Hij achtervolgde mij op mijn werk, deur open, deur dicht, ik probeerde te ontsnappen aan het blinkende mes dat hij in zijn gehandschoende hand droeg.  Ik faalde.  Eens hij me vastgraaide probeerde ik tegen zijn voorgevel te slaan, het voelde alsof ik al mijn power samenbundelde om hem de nosejob van zijn leven te geven maar het eindigde in armtierig gezwaai door de lucht.  Uiteindelijk schoot ik wakker, de daver op mijn lijf, mijn hartslag vierdubbel in mijn keel.  Ik sprong net niet uit bed.  Als de dood om weer te gaan slapen, verschrikt om terug in de droom te belanden, want dat gebeurt als ik een nachtmerrie heb, ik slaap verder en ik word gewoon weer verdergefolterd.  In Oostenrijk droomde ik over een geest die me een hak wilde zetten en mijn grootmoeders’ huis in brand probeerde te steken.  Vreselijk.  Toen ik daar wakker werd zag ik enkel zwart, we waren vergeten om ergens een lichtje aan te laten waardoor ik maar niet kalmeerde.  Een half uur lag ik wakker, doodsbang om weer in slaap te vallen.  Ik por dan altijd eens mijn wederhelft, om te zien of hij nog naast me ligt.  In de veel te grote bedden in Oostenrijk moest ik verdorie ver reiken om hem te vinden.  Ik heb geen idee vanwaar die nachtmerries uitkomen.  De laatste weken heb ik er regelmatig last van.  Ze zijn te absurd voor woorden maar lijken zo levensecht.  Altijd moord, brand, bloed en verderf!  Dromen en hoe ze ontstaan, dat heeft me altijd al gefascineerd, hoe ontstaan die gedachten in je slaap en in hemelsnaam, hoe komt het zover dat het soms zo absurd is, de beste scenaristen kunnen het soms niet bedenken of ik droom het.  Misschien moet ik iets minder intensief naar Criminal Minds kijken.  ’t Is Mandy zijn schuld, hij moet maar zo boelkloedig niet zijn.

Oostenrijk!

Gisteren arriveerden we thuis na een rit van 1250 km.  We leven ondertussen in de herinnering van de Oostenrijkse bergen, een prachtige herinnering, dat kan ik wel zeggen.  Ik was er nog nooit geweest in zo’n bergenland en menig avonturiers zullen mij uitlachen als ze dit lezen, maar die natuur kletst mij in het gezicht.  Bergen zo hoog als je maar kan kijken, watervallen, een uitzicht picture perfect.  Een beetje beelden misschien:

IMG_6761

De enige foto waar je het lief op kunt bewonderen.  Hij houdt er niet van om op de blog te verschijnen, nochtans a sight for sore eyes.

IMG_6821

Het uitzicht uit ons appartement op een vochtige dag.  Het appartement was in typische Oostenrijkse stijl, houten vloeren, kaplampjes en bommazetels.  We kozen voor comfort door het grootste appartement van de vier te kiezen.  Ok, 6 bedden voor 3 personen was misschien een beetje te luxueus, al kan je dat van de keukenuitzet niet zeggen.  Zes borden voor zogezegd 6 personen, ik at cornflakes uit een hoog glas en ik moest halfweg het maken van spaghetti beginnen afwassen omdat ik maar één kom had.  Maar een lookpers was er wel!  Soit, verder geen commentaar op het prachtige huisje.

IMG_6813

Oostenrijk biedt veel bossen met de heerlijke typische geur.  Er waren mensen die er Schwammen gingen plukken.  Ik trok ze alleen maar met het fototoestel.  Ik zou niet weten welke paddenstoelen je mag eten en welke niet.  Het risico om te eindigen op de spoedafdeling met een etterbuilenplaag is het mij niet waard.

IMG_6854

We trokken een dag naar Slovenië waar ze hun nationale hockeyhelden op een eigen manier eren.  Blijkbaar is Anze Kopitar daar de lokale ster in het hockey en moet dit in een land met slechts 2 miljoen inwoners toch ergens zichtbaar gemaakt worden.

IMG_6862

Slovenië biedt evenveel als Oostenrijk al is het daar veel goedkoper.  Als je nog wil krempekloten kun je via een bergpas vanuit Oostenrijk naar Slovenië rijden, dan hoef je niet aan te schuiven aan de betalende bergtunnel en evenmin een wegenvignet te kopen.  Neem er wel bij dat de hoogste helling 18% is en dat er instructies staan langs de weg hoe je hem het best kan berijden.  Laat ons zeggen dat er menig keer door de lippen werd geblazen op de passagierszetel (mijn kant ter info, niets in mijn hoofd zou er ooit aan denken om zo’n bergpas zelf op te rijden, mijn echtgenoot/held deed het zonder verpinken).

IMG_6868

Will Smith zou hier zingen:”Water so clear you can see to the bottom”.  Best eigenlijk want onze zoon had per ongeluk de zonnebril van zijn vader afgesmeten in dit water, gelukkig konden we hem perfect zien liggen en dook er een lifeguard achter.

IMG_6879

Ok, de dag dat hij effectief thuiskomt in zo’n combi gaan we misschien minder lachen.

IMG_6759

“Unk?”

IMG_6770

Een rodelbahn.  Neen danku.  Na vorig jaar had ik het eventjes gehad en dit exemplaar leek nog eens zoveel hoger dan diegene in Duitsland vorige zomer.  Juist, die waar ik net niet in mijn broek had gescheisht.

P1050886

Klets!  Natuur!

P1050892

Juist, we deden een panoramawandeling “die goed begaanbaar was”.  Euhm ja, met een wandelwagen mee moet je blijkbaar kiezen voor “die goed berolbaar is”.  Hier zie je mij ploeteren tussen een hoop bosstruiken en een kind dat voorin zit te zeggen “mama, gaan we terug naar de auto?”.  Straks schatje, als we boven zijn.  In de verte zie je mijn schoonvader.  Voila, Roger, je staat er ook ne keer op.

IMG_6733

Via een nog meer misselijkmakende bergpas bezochten we een wildpark waar ze een miniatuurtreinstation hebben opgesteld.  Geweldig mooi al hou ik vooral van het woord “Murmeltier” dat voor Marmot staat.  Cutiepiediertje.

IMG_6738

De Murmeltierexpress heeft het hart van mijn zoon gestolen, ik moest hem er letterlijk van wegslepen.

Het was een fantastische reis.  Meer moet dat niet zijn!

Goodbye my friend

Hoe je het ook draait of keert: een huisdier, dat is part of the family.  Als je geen huisdieren hebt kun je dat niet begrijpen denk ik.  Gisteren was de thuiskomst minder fraai voor mijn liefje.  Iemand had Marbel aangereden: dood.  Marbel was al vijf jaar onze huiskat.  Ze kwam als klein kattejongsken bij ons wonen toen we ons vorig huis kochten.  Ik bleef me maar verwonderen over de lengte van haar haar.  Ze bezat een enorme vacht in de meest bonte kleuren. Ros, wit, grijs en zwart, ze was het misschien niet maar ze had wel de looks van een raskat.  Pieter begroef ze toen ik thuiskwam zonder dat ik haar nog heb gezien, ik wil geen dood dier in mijn gedachten, ik wil Marbel herinneren als een levendige kat, die antwoordde als ik haar aansprak.  Ok, het was maar “mjaw mjaw” maar wij verstonden elkaar.  Een kat die op me kwam slapen als ik een middagdutje deed of die keihard wegspurtte als Ilja haar spotte.  Er zijn ergere dingen in het leven, maar het doet wel vreemd zo zonder dat ankerende kopje aan het keukenraam.

wpid-img_20140718_060431.jpg

Dat je volle bak mag rocken in Kitty Heaven Marbeltje. 

 

 

 

 

Schouderklopje voor mezelf.

Een maand.  Exact 4 weken was het geleden dat ik nog eens ging lopen.  Het resultaat: 3 kg verdikt en een mailtje van Runkeeper dat ze mij missen.  Het was het mailtje dat mij over de schreef trok om er nog eens werk van te maken.  Ok, neen, het was die 3 kg.  Laat ons zeggen dat koekjes, chips, barbecue vlees, pudding, taarten, snoepjes en pralines misschien ook aan de basis liggen, in combinatie met de couch potatoe-mentaliteit, teveel regen of teveel zon en een kind dat niet meer naar school gaat tijdens mijn loopuurtjes.  “Genoeg excuses” dacht ik vanmorgen.  Ik ging voor de volle 7 km en wonderbaarlijk genoeg moest ik niet steken om thuis te geraken.  Het ging nog steeds even goed en alles was hetzelfde gebleven:

wpid-dsc_1198.jpg

6u30: De spuwende ganzen waren er nog steeds.  Lekker spuwend als altijd.  Ook een goeiemorgen.

wpid-dsc_1202.jpg

Zo zie ik eruit na 1 km.  De planten in de berm slaan tegen mijn blote kuiten en laten een spoor van dauw na.  Verfrissend!

wpid-dsc_1207.jpg     wpid-dsc_1211.jpg

De koeien staren mij aan:”Ben je daar terug?”.  Ook de schapen lijken verwonderd me te zien.  Zwarte schapen zijn ook echt wel zoveel cooler dan witte.  Als ik ooit reïncarneer in een cafébazin dan noem ik mijn café “Het Zwart Schaap”.  Gratis pintje voor alle bloglezers!

 

wpid-dsc_1216.jpg wpid-dsc_1218.jpg wpid-dsc_1219.jpg

De kerk komt in zicht.  In de fabriek zijn ze aan het werk.  Bij de brandweer is het echter stil.  “Alle deurtjes zijn dicht!” Zou Ilja hier roepen moest hij mee zijn.

wpid-dsc_1231.jpg

De zon is ondertussen ook al komen piepen.  Zalig!

wpid-dsc_1238.jpg

Hier kan ik tussen de mais linksaf slaan om een shortcut te nemen.  Ik doe het niet en hou dapper vol voor een extra 500 meter.

wpid-dsc_1249.jpg

Minderen van vaart, we naderen de bebouwde kom….

wpid-dsc_1250.jpg

De zon verdoezelt mijn roodaangelopen gezicht!

wpid-dsc_1255.jpg

Owla, zorgen dat ik niet geflitst word.  Hoh!  I’m so funny.

wpid-dsc_1262.jpg wpid-dsc_1264.jpg

Ik krijg goesting in cola.  Hoe zou dat toch komen?  Zie je mij lopen?  Mijn schaduw ziet er alvast slank uit.  Nu de rest nog.

wpid-dsc_1268.jpg

Hier wonen mensen die ik ken.  Ze slapen duidelijk nog.  Dat ze gelijk hebben, het is ondertussen 6u45.

wpid-dsc_1270.jpg wpid-dsc_1272.jpg

Na 5 km ben ik terug bij de brandweer.  Het heeft echt heel lang geduurd voor ik doorhad dat de ramen tegelijkertijd ook de nummers van de garage waren.  Van ver is het echter overduidelijk.  Op de foto ernaast ziet het eruit alsof ik onderweg een tand ben verloren.  Ik hoop eerder op 500 gram.

wpid-dsc_1275.jpg

Uitgezonderd fietsers.  En de lopers?

wpid-dsc_1284.jpg

Het laatste dier op de looproute.  Soms loopt dit paard van de buren volle bak met mij mee in zijn wei.  Vandaag is het blijkbaar te tam.

wpid-dsc_1289.jpg

Bij thuiskomst druppelt er zweet langs het topje van mijn neus naar beneden.

wpid-dsc_1290.jpg

Ik heb de slechte gewoonte om mijn schoenen af te schoppen en de linten niet los te maken.  Telkens een frustratie op het moment dat ik ze terug wil aandoen.

7u15 mijn echtgenoot komt beneden. “Ah ga je gaan lopen?”

Meer moet dat niet zijn #4

Sommige mensen danken De Goede Heer voor alle voorspoed.  Ik geniet er gewoon van zonder m(h)eer.

wpid-dsc_1175.jpg

Op een semi-regenachtige zondagvoormiddag naar zee trekken.  Er was geen kat want het miezerde.  Dat maakte het extra gemakkelijk om mijn zee-afwijzing ongedaan te maken.  Het is redelijk goed gelukt.  Ik zou er nu niet meteen naartoe trekken op een hete dag zoals gisteren maar ik ga er zeker wel eens terug in het verlof.  Gewapend met kinderarmbandjes met telefoonnummer, een stel goeie ogen en een schopje en een emmertje.

wpid-dsc_1163.jpg

Ik schrok wel van de hoeveelheid zeedierafval.

wpid-img_20140708_160059.jpg

De pony met de pony.  We noemen hem Rod Stewart.  Need I say more?

wpid-img_20140704_083319.jpg

Het lief had veel geduim/instagramliefde nodig bij zijn laatste examen.  Nu is het nog eventjes duimen voor de uitslag al heb ik er alle vertrouwen in dat het goedkomt.

wpid-img_20140704_150611.jpg

De meme kreeg een verjaardagskaartje.  Het is wonderbaarlijk, hoe slecht het er de voorbije winter voorstond, zo goed is het nu de laatste weken.

wpid-img_20140708_101504.jpg

Mijn broer werkt voor Knack.  Bij aanschaf van een abonnement kreeg je een dolce gusto apparaat als geschenk.  Uiteraard moest ik hierna een bestelling doen op de site van Nescafé.  Want je kunt toch niet de gewone espresso daarin klaarmaken?  Zo met uw knack lezend.  Gaat toch gewoon niet.

wpid-img_20140707_171339.jpg

Het is ook mooi meegenomen dat ik zijn column kan lezen.  Blijkt de rest van het magazine ook nog mijn ding te zijn.  Drie keer prijs! (“Nokel Roderik!  Waar is Tante Tine?”)

wpid-img_20140718_060431.jpg

Marbel aan het legefakken deze ochtend.  Het was pas toen ik de foto had getrokken dat ik zag dat er vlakbij haar hoofd een dode muis lag.  Gezellig.  En zeker nadat ze al een spuugske had gedaan in onze gang na haar ochtendgroet.  Gezellig tot de tweede macht.  Ze is de hele nacht buiten en het moment dat ze binnenkomt ’s morgens braakt ze.  Kwestie van het niet op een ander te doen.

Maar verder zie ik ze graag hoor.

 

it was life the old-fashioned way

Het was hard, zo na een goeie 14 dagen volle bak werken, mijn twee mannen achterlaten op ons eerste vrij weekend in vier weken.  Maar het cactusfestival wacht niet en we haalden de qualitytime gisteren meer dan voldoende in.  Het was sinds Werchter vorig jaar (Greenday!) dat ik nog op een festivalweide stond.  Hoewel een weide, het Cactusfestival bevindt zich in het Minnewaterpark en is dan ook een superlocatie voor zo’n evenement.  Hoewel het geen groot festival is zijn alle ingrediënten er wel voor.  Vooral het publiek voor het podium is op elk festival hetzelfde.  Iedere keer als ik daar probeer te genieten van een optreden is er wel iets typisch festivals:

* Sideshowbob haar, vlak voor je uiteraard: je bent gedoemd om door een bos krullen te zoeken naar het podium.

* Het babbelende stel vrienden: ze praten hun leven voorbij vlak voor je.  Ik vraag me altijd af: wat moet je nu zo dringend de hele tijd aan elkaar vertellen tijdens een optreden?

* Het verliefde koppeltje: ze kunnen elkaar niet loslaten en er moet occasioneel een kusje gegeven worden.  Of ze staan gewoon het hele optreden te lebberen.  Dat kan ook.

* De stinkers: luide muziek is blijkbaar een vrijgeleide om in een grote massa volk lustig erop los te droppen.  Meestal biergeur.  Of gegist festivaleten.  Smakelijk.

* De dronkaard: hij zwalpt door het publiek, blijft meestal op je tenen staan zwierend met een pint zodat je zeker gedoopt wordt in de typische festivalgeur.  Negen van tien brult hij luidruchtig mee met de muziek zijn pint wild in de lucht zwaaiend.  Tegelijkertijd gooit hij zijn lichaam achteruit waardoor je ook nog eens mag duiken om een achterkopstoot te vermijden.

De bakvissenclub gone wild: geen commentaar.

Zelf had ik tijdens het geweldige Arsenal een rustig homokoppel voor me staan.  Van één van de twee was het haar perfect geknipt zoals het dezer dagen hoort, opgesneden in de nek met een lange bles vooraan.  Telkens hij een beetje meedeed met de muziek moest het haar weer goedgelegd worden.  Als ik moet kiezen tussen dit en alles wat hierboven staat dan denk ik dat ik het nog getroffen had.

Maar uiteindelijk als je ineens dit hoort:

 

dan vergeet je alles heel even rond je en is het oren open, ogen dicht en handen in de lucht.