Page 80 of 117

Als er broeken moeten gekort worden, dan gaan wij naar onze meme.  Die doet dat met veel liefde en mooi afgewerkt en je krijgt er koffie, koekjes en een update van de hele familie bij.  Wie is waar geweest op vakantie, wie is zwanger en wanneer gaat die of die trouwen?  Mijn lief vond het echter nog niet genoeg en zei “er zouden nog knoopjes moeten aangenaaid worden aan die broek, ik ga het aan de meme vragen”.  Ok, dat is er misschien over, knoopjes aannaaien, dat kan ik nu toch nog wel zelf.  Misschien niet zo goed als meme, maar toch, het is precies een beetje heel derover om met een losse knoop daar toe te komen.

Deze week kreeg ik van de juffrouw van Ilja ook een opdracht op het lijf geschreven.  Zijn symbooltje moet in zijn fluojasje worden genaaid worden, zodat hij het vlotjes herkent.  (Na één week school weet hij niet alleen zijn eigen symbooltje, maar ook alle symbooltjes van zijn vriendjes in de klas, freaky!).  Terwijl ik daarnet bezig was voelde ik me net weer in het derde leerjaar, waar we een kussenhoes mochten naaien.  Alleen had de stof in die tijd voorgeprogrammeerde gaatjes en moest je enkel het lijntje volgen.  Deze keer ging het iets minder vlot:

IMG_6980

 

IMG_6981

Zoals ik al zei: basisschoolnaaien.  Het is mij toch gelukt, en ik ben er niet voor naar de meme moeten lopen.  Het symbooltje was wel al een beetje aan het uitrafelen alvorens het in het fluojasje geraakte, binnenkort is het een vrachtwagen zonder wielen.  Plus: hij zal hem zelfs vanop de rug al kunnen herkennen:

IMG_6983

Ja, inderdaad, ik heb die uiteindjes van die draad aan elkaar geknoopt en dan afgeknipt.  Zwijgt, of ben jij een echte Mme Zsa Zsa misschien?   Of meme, moest je meelezen: sorry, ik wou het zelf doen, hopelijk doen je ogen niet teveel pijn.

 

Als tien mensen mij zouden beschrijven zal er bij 8 van die 10 mensen zeker het woord “rustig” of “chill” terug te vinden zijn.  Can’t blame em, ik vind mezelf ook rustig en chill.  Mijn lief volgde laatste een cursus mindfulness, toen ik de pagina’s doorbladerde met de tips vond ik niet dat ik veel moeite moest doen om mezelf mindfuller te maken.  Ze hadden mij beter als draaiend object gebruikt in die cursus “kijkt allemaal naar deze persoon: zo ziet mindfull eruit in de praktijk mensen” en dan zou ik een paar reverences maken en tegelijkertijd mijn armen openzwaaien en ping ping, money in the pocket.

Het is nochtans niet altijd zo.  Er zijn ook dagen dat ik mij erger aan de dingen rond mij.  Al komen die maar weinig voor (aaaah, André Hazes! update: tis Paul De Leeuw…:-)).

*  De perfecte moeder.  Niet het feit dat ze perfect is, dat ze er altijd uitziet alsof ze naar een receptie moet, vermoedelijk dagelijks een driegangenmenu op tafel tovert en ik wed erop dat ze kan meepraten over naaipatronen, neen.  Het is het feit dat ze mij negeert en doet alsof ik niet besta. Ik kom haar regelmatig tegen, soms staat ze te praten met een persoon waar ik ook mee sta te praten, en toch blijft ze me negeren.  Ze kijkt straal door me.  Als ik haar ken, dan moet zij mij toch ook kennen??  En what the hell heb ik haar eigenlijk misdaan?

*  Mijn gsm.  Een smartphone sony xperia, bijna 2 jaar oud.  Doet nooit wat ik wil dat hij doet.  Eerlijk is eerlijk, ik heb dikke vingers en veelal zit ik gewoon op het verkeerde icoontje te tappen om een bewerking uit te voeren.  Maar soms staakt hij ook gewoonweg.  Dikwijls bij de dingen waarvoor hij in eerste instantie dient: bellen en smsen.  Als ik een deftig telefoongesprek wil voeren dan valt de verbinding weg.  Wil ik een sms versturen dan moet ik het ding soms heropstarten omdat er altijd zo vies geel sms-icoontje komt roepen: “kan niet verzenden”.  Wat?  Kan niet verzenden?  ’t Is verdikke al dat je moet kunnen, stom spel, en waarom niet? Mijn nokia 3410 uit de jaren stilletjes verzond altijd een sms, no mather what!  Maar dan komt er geen antwoord want hij staakt.

* De armspieren van mijn echtgenoot.  Al drie keer heb ik het hem gezegd, misschien, als ik er eens over blog, dat hij er echt wel eens aandacht voor zal hebben: DE HANDREM!  Ik krijg dat ding niet meer naar beneden als hij die keihard opgetrokken heeft.  Zelfs met twee handen krijg ik met de meeste moeite van de wereld dat ding open.  Er zal een dag komen, en die komt er, mark my words, dat ik effectief niet ga weggeraken.  De vorige keer had hij geluk en stond auto nummer 2 nog op de oprit, ik kon vlotjes wisselen van wagen.  De volgende keer is het pech voor mij, (maar nog veel meer voor hem -typte ze vijandig-)

*  Kruimels.  Konden ze maar een brood uitvinden dat niet kruimelt.  Kruimels op de grond, kruimels op tafel, op de keukentablet, vreselijk.  En elke dag zijn ze er hé, geen dag zonder kruimels.

* De schoendoos waarin ik mijn ondergoed bewaar.  Wie bewaart er nu zijn ondergoed in een schoendoos?  Ja ik ja, en niet zomaar een schoendoos: een te kleine schoendoos.  “Ewel, begin dan een tweede doos hé” hoor ik u denken.  Ahja, inderdaad, dat kan ik doen.  Al vergeet ik dat telkens en erger ik me als ik mijn onderbroeken boven op mijn beha’s toren.  Tegelijkertijd hoop ik dat ze niet omvallen en al mijn plooiwerk voor niets is geweest.

* Mijn uitsteldrang.  Zo kan ik veel te lang wachten met een dom taakje en me blijven ergeren aan het feit dat het nog niet is gebeurd.  Ahja, kijk naar die schoendoos.

* Mijn verloren kbc-online-bakje.  Dit is zowat het enige object in ons huis dat steeds op dezelfde plaats ligt en nu kan ik het nergens vinden.  Ik zou de app van kbc online kunnen installeren om mijn bankaffairen te regelen.  Maar mijn gsm staakt daarvoor teveel.

Het zijn slechtst een paar werkpuntjes in mijn verder stressloze bestaan.  Ik fret er ook mijn kas niet voor op, het is nu zo.  Kruimels zijn kruimels, en ook al doe ik het wel, mij eraan ergeren verandert de zaak niet.  Al zou het leven toch veel toffer zijn zonder kruimels.  En met een extra ondergoeddoos.

 

PLOG#3

Het blijkt al eeuwen geleden dat ik nog eens plogde.  Martine houdt dapper vol, ze steekt zelfs nog andere mensen aan om ermee te beginnen ook!

Toen ik opstond zag ik in het voorbijkomen van het waskot dit:

wpid-dsc_1360.jpg

Great.  Mijn semi-dag-vrijaf zal weer goed gespendeerd worden…

wpid-dsc_1361.jpg

Een goodmorning-selfie met een stoere zoon.  Iemand moet dringend haar haar wassen.

wpid-dsc_1367.jpg

We hebben bezoek.  En slakkensporen op onze ramen.

wpid-dsc_1366.jpg

Oei, ik ben weer een fantastische huisvrouw de laatste week.

wpid-dsc_1368.jpg

Ik lummel een beetje aan, doe wat wasjes, kijk nog een beetje naar de zwarte bananen en besluit om een kaartje te maken voor de pasgeboren baby van mijn schoonzus en schoonbroer.  Ze heet Elenore.  Maar dat was wel duidelijk ondertussen dacht ik.

wpid-dsc_1369.jpg

Bij het ophangen van de was zie ik dat onze huisvriend een koffiekletske op ons terras houdt vandaag.  Ze doen een wedstrijd om ter langste slakkenspoor maken.  De huisvriend staat op kop in de ranking, de tweede ronde is op een nader te bepalen tijdstip.

wpid-dsc_1370.jpg

We stinken alletwee een beetje.  De één al meer dan de ander, ik laat in het midden hoe de verdeling van de geur is verlopen en vraag aan het monstertje om iets te kiezen om mee te spelen in bad.  In eerste instantie komt hij af met zijn kleutersynthesizer.  Het lijkt me geen zo’n strak plan en stel iets voor van baddiertjes.  De findingnemo-zwembandjes zijn de tweede optie.  Ok dan, let’s get fresh!

wpid-dsc_1371.jpg

Na het middagmaal begin ik te bladeren in de stapel Knacks.  Ik sta drie weken achter waardoor de artikels in Focus nog steeds over Pukkelpop gaan, het voelt even terug als vakantie.  Uiteindelijk haal ik maar één week Knack lezen in.  Ondertussen heeft de postbode alweer een nieuw pakket gebracht.

wpid-dsc_1372.jpg

De rust is echter van korte duur, mijn zoon weet mij te vertellen “dat Bob De Bouwer geen wenkbrauwen heeft”.  Ik check eens voor de zekerheid, waarlijk!  Frea-kyyy!  De rest van de Knack krijg ik gezelschap op mijn schoot, met de nodige commentaar op de foto’s.  Zo geraak ik nooit door die stapel.  Tijd dat het 1 september is.

wpid-dsc_1374.jpg

Even later voer ik mijn gebroed naar oma en opa.  Mijn laatavonddienst start om 17u. (Vandaar de semi-vrije-dag). Ernie reist ook mee.

wpid-dsc_1377.jpg

Selfies in de auto nemen, zie mijn nieuwe nerd-bril.  Die heb ik gelukkig alleen nodig bij het autorijden want ik zie er wel een beetje secretaresse-achtig uit.

wpid-dsc_1378.jpg

Om 22u30 strek ik mijn benen op de salontafel, ik ben deadbeat, vraag me niet hoe het komt, het was nochtans maar een semi-werk-dag.

Currently #kweeniehoeveelenbenteluiomtezoeken

Blij: met de vroegtijdige verjaardagscadeaus gekregen van mijn geliefden

wpid-dsc_1351.jpg

Opgelucht: over het feit dat we na een jaar peertjes eindelijk lampen hebben.  Mèt lampekappen en al hé.

wpid-dsc_1352.jpg wpid-dsc_1353.jpg

 wpid-dsc_1355.jpg   wpid-dsc_1352.jpg

Getroost: want dat jaar zonder lampekappen is nog kort, in ons vorige huis hebben we drie jaar gewoond en er zijn gewoonweg nooit lampekappen geweest!

Geïntrigeerd: de Ikea in Rijsel blijkt veel dichter dan ik dacht.  Een goeie zaak voor mijn leven in het algemeen. Ik hou namelijk van Ikea.  Ik ben stiekem verliefd op Ikea.  Ik ben ervan overtuigd dat de liefde wederzijds is, want Ikea blijft precies items uitvinden die me aanspreken.  Een slechte zaak voor mijn portemonnee echter.  Een zeer slechte zaak voor mijn portemonnee.

Boos: over de dood, die fucker blijft maar toeslaan hier in de buurt.

Tevreden: over het voorbije verlof.  Elke dag werd superleuk in gevuld, teveel om op te sommen.

Geupdate: met veel vrienden de laatste twee weken.  Want daar dient verlof voor.  Ik heb er dan nog een deel niet gezien ook…komt in orde hoor.

Verbaasd: over het feit dat onze zoon dagelijks tot 8u slaapt en ’s middags alweer doodmoe aan zijn middagdutje begint.

Verontrust: over hoe dat in het komende schooljaar zal evolueren.  Kan hij in het eerste kleuter nog steeds zoveel middagen naar huis komen om te slapen?

Bescheten: keihard zwaaien naar een bekende die te voet bij je wagen passeert, zien dat die keihard terugzwaait en dan bedenken dat het iemand anders is.  Of was hij het nu wel?  Hij leek mij wel te kennen, maar was hij het eigenlijk?  En waarom zwaaide hij dan keihard terug?  Of was hij achteraf ook aan het denken “wie was dat in feite?”  Frederick!  ’t Is tegen jou!

Benieuwd: naar het diner in Publiek Gent.  En of 32 worden pijn zal doen deze nacht.  Als je als Gentenaar een luide schreeuw hoort rond middernacht: het is gebeurd, mijn nieuwe jaar is aangebroken.

Besteld: het blogboek van Lilith.  Want als blogger kan ik zeker extra tips gebruiken om het hier iets aangenamer te maken.  Tips van lezers zijn ook altijd welkom hoor.  Ik ben nog zo koppig niet.

Smetvrees? Moi?

Onze reis van en naar Oostenrijk bevatte uiteraard veel “stops”.  Om de zoveel uur gingen we even aan de kant om even de benen te strekken met het nodige gekraak en “ohhh” en “aaahh”, iets te eten tussen de wespen en op de bekladderde houten tuinsetbanken, de kleine “uit te laten” en…naar toilet te gaan.  Laat nu juist dat laatste het minst aangename zijn van de hele reis.  Kan er iets vreselijkers zijn dan een wegtoilet?  Zelfs in restaurants waar je moet betalen voor je plasje blijken de toiletten helemaal niet proper te zijn.  Een kleuter trekt zich daar niets van aan en zet zich netjes op zo’n openbaar toilet. (oh man, ik ga straks zijn billen ontsmetten).  Zelf werd ik een krak in zweefplassen.  Elke vrouw weet waar ik het over heb.  Als je dan al toiletpapier had in je ranzig toilet mocht je blij zijn dat het niet op de grond lag ergens te rollen tussen het vuil van je honderdduizend voorgangers.  Echt.  Gisteren ging ik naar Bellewaerde, ook daar was het een vieze toiletboel, het kon niet meten met een autostradetoilet, dat nu weer niet, maar toch, ik moest er toch weer aan denken.  Gelukkig zijn het 1stwordproblems en zijn er inderdaad mensen die helemaal geen toilet hebben, laat staan water om het door te spoelen.  Of er zijn mensen die helemaal niet naar Bellewaerde kunnen gaan om achteraf te klagen.  Maar toch…een ontsmettingsspray voor je billen, zou je dat in Kruidvat kunnen kopen?

1341088813546_161139

tot schrijfs!

Miek kwam deze week weer in mijn gedachten op.  Hoe zou het in godsnaam met Miek zijn?  Toen we kinderen waren, ik vermoed tussen onze 8 en 12 jaar, waren we pennenvriendinnen.  Ik herinner me dat er toch maandelijks briefwisseling was.  Voor de kinderen die meelezen: er bestond toen nog geen internet of gsm.  We konden niet smsen naar elkaar of mailen.  Of eens chatten op een verloren woensdagmiddag.  Neen, we moesten brieven schrijven.  Maar de inhoud van die brieven, daar weet ik niets meer van.  We schreven jaren naar elkaar.  Tot we pubers werden en de briefwisseling plaats maakte voor nieuwe vrienden op school en “coolere” dingen dan brieven schrijven.  Als ik haar naam intik in google levert me dat bitter weinig op.  Ik weet zelfs nog haar adres vanbuiten, ahja, ik heb het honderd keren op een enveloppe geschreven.  Miek was cool.  Voor mij was ze een echte vriendin.  Ze had maar één minpuntje: haar handschrift was vreselijk!  Ik probeerde altijd om zo netjes mogelijk te schrijven, net omdat ik niet wou dat ze mijn handschrift lelijk zou vinden.  Zij niet, zij kribbelde hele bladen vol, hanenpoten voor zot, soms moest ik echt ontcijferen wat er stond, zelfs gokken.  In het digitale tijdperk is iemands’ handschrift je meestal onbekend.  Jammer, want ik vermoed dat je handschrift veel over jezelf vertelt.  Is er hier anders geen grafoloog in de zaal?  En moeten we het briefschrijven echt geen nieuw leven inblazen?

Een goed boek is zoals een vers geopende zak chips: het moet uit.

“Lezen dat is zo mijn ding niet, ik doe dat eigenlijk niet graag”. 

“Ik kan mij zo niet neerzetten om een boek te lezen als er nog andere dingen op mij zitten te wachten”,

Ik vind nooit een boek dat ik graag lees“.

Of toch: zo een boek over haken of naaien, ja dat wel”.

Jammer toch hé als mensen niet geboeid kunnen geraken door een boek.  Er zijn er miljarden!  Niet ééntje dat je kan boeien.  Of je krijgt net dat ene boeiende boek niet in handen, het ligt daaraan.  Ik las bij Lilith enkele boekentips.  Enkele bij de zoveel boekentips die ik nog moet opvolgen.  Ik weet niet aan welk boek eerst beginnen, er liggen er op mijn nachtkastje, op de livingtafel, in mijn boekenkast, in de bibliotheek, in het hoofd van de schrijvers die ik graag lees.  Ik denk altijd pretentieus: “Als je niet graag leest, dan heb je nooit het goeie startboek gevonden om te leren houden van lezen.”  Een boek hoeft helemaal geen literair hoogstandje te zijn om ok te zijn.  Als het vlot leest, als het verhaal je meesleept en als je denkt bij jezelf overdag “hoe zou het met mijn hoofdpersonage verlopen vanavond?”  Dan is het boek voor mij geslaagd.  Je ziet: ik ben nog geen zindelijke hé.

Enkele boeken die volgens mij goeie “startboeken” zijn om te leren houden van boeken:

Voor kinderen vanaf rond 9 jaar:

“Daantje De Wereldkampioen” van Roald Dahl

Specifiek voor meisjes: De volledige reeks van De Babysittersclub.

Voor kinderen vanaf rond 11 jaar:

“Het Duivelskind” van Kolet Janssen

Voor tieners vanaf rond 13 jaar:

“Duet Met Valse Noten” van Bart Moeyaert

Omdat de Harry Potter-reeks nog niet bestond toen ik jonger was heb ik hem pas op latere leeftijd gelezen, toch vind ik dit goeie boeken om als kind van boeken te leren houden.  Ook als volwassene kunnen ze je meesleuren.  Zo was ik soms echt bang van Voldemort. (en dan nog steeds niet weten vanwaar die nachtmerries komen).

Ik heb dan een hele tijd niet meer gelezen – mijn verloren jaren noem ik ze – omdat, ja waarom eigenlijk?  Ik vind nu ook altijd tijd om te lezen, meestal het laatste half uurtje voor ik mijn ogen dicht doe (als die al niet zijn dichtgevallen voor de televisie).  Ik doe er dan ook soms ellenlang over om een boek uit te krijgen, gelukkig zijn de bibliotheekboetes niet te hoog de eerste maand.

Als volwassen startende lezer zou ik volgende boeken aanraden:

– “Dit boek redt je leven” A.M. Homes

-“Joe Speedboot” Tommy Wieringa

-“Komt een vrouw bij de dokter” Kluun

-“Ten zuiden van de grens” Haruki Murakami

-“De eenzaamheid van de priemgetallen” Paolo Giordano

Deze boeken lezen vlot, zijn ideaal als vakantielectuur, slepen je mee, zijn niet te zwaar en zijn niet te dik.  Want een dik boek, dat heeft weinig voordelen.  Elke boekenmaker zou dit moeten weten.  Een lompe klomp, ook al is die nog zo goed, dat leest niet gemakkelijk.  Zeker niet als je een bedlezer bent als ik.  Dus Donna Tartt: niet aan beginnen als je nog nooit een boek hebt gelezen (en niet alleen omdat je er iemand de kop mee kan inslaan).  Carlos Ruiz Zafon kan er ook goed weg mee, maar voor hem maak ik graag een uitzondering, ook al vervloek ik hem telkens ik de zwaarste kant van het boek bijna in mijn wezen krijg als ik in bed probeer een blad om te draaien.  Murakami heeft dat goed begrepen en maakte van zijn superwerk “1Q84” een trilogie.  Dat elk boek dan nog bijna 500 pagina’s bevat, dat kan er nog mee door.  Dat ik er bijna een jaar over gedaan heb om het uit te lezen, dat is er misschien over, maar het was tijdens ons verbouwingsjaar.  En zo heeft alles een reden.  Maar er is geen geldige reden om nooit te lezen.  Echt niet.

 

Mandy en de nachtpaarden

Hij achtervolgde mij op mijn werk, deur open, deur dicht, ik probeerde te ontsnappen aan het blinkende mes dat hij in zijn gehandschoende hand droeg.  Ik faalde.  Eens hij me vastgraaide probeerde ik tegen zijn voorgevel te slaan, het voelde alsof ik al mijn power samenbundelde om hem de nosejob van zijn leven te geven maar het eindigde in armtierig gezwaai door de lucht.  Uiteindelijk schoot ik wakker, de daver op mijn lijf, mijn hartslag vierdubbel in mijn keel.  Ik sprong net niet uit bed.  Als de dood om weer te gaan slapen, verschrikt om terug in de droom te belanden, want dat gebeurt als ik een nachtmerrie heb, ik slaap verder en ik word gewoon weer verdergefolterd.  In Oostenrijk droomde ik over een geest die me een hak wilde zetten en mijn grootmoeders’ huis in brand probeerde te steken.  Vreselijk.  Toen ik daar wakker werd zag ik enkel zwart, we waren vergeten om ergens een lichtje aan te laten waardoor ik maar niet kalmeerde.  Een half uur lag ik wakker, doodsbang om weer in slaap te vallen.  Ik por dan altijd eens mijn wederhelft, om te zien of hij nog naast me ligt.  In de veel te grote bedden in Oostenrijk moest ik verdorie ver reiken om hem te vinden.  Ik heb geen idee vanwaar die nachtmerries uitkomen.  De laatste weken heb ik er regelmatig last van.  Ze zijn te absurd voor woorden maar lijken zo levensecht.  Altijd moord, brand, bloed en verderf!  Dromen en hoe ze ontstaan, dat heeft me altijd al gefascineerd, hoe ontstaan die gedachten in je slaap en in hemelsnaam, hoe komt het zover dat het soms zo absurd is, de beste scenaristen kunnen het soms niet bedenken of ik droom het.  Misschien moet ik iets minder intensief naar Criminal Minds kijken.  ’t Is Mandy zijn schuld, hij moet maar zo boelkloedig niet zijn.

Oostenrijk!

Gisteren arriveerden we thuis na een rit van 1250 km.  We leven ondertussen in de herinnering van de Oostenrijkse bergen, een prachtige herinnering, dat kan ik wel zeggen.  Ik was er nog nooit geweest in zo’n bergenland en menig avonturiers zullen mij uitlachen als ze dit lezen, maar die natuur kletst mij in het gezicht.  Bergen zo hoog als je maar kan kijken, watervallen, een uitzicht picture perfect.  Een beetje beelden misschien:

IMG_6761

De enige foto waar je het lief op kunt bewonderen.  Hij houdt er niet van om op de blog te verschijnen, nochtans a sight for sore eyes.

IMG_6821

Het uitzicht uit ons appartement op een vochtige dag.  Het appartement was in typische Oostenrijkse stijl, houten vloeren, kaplampjes en bommazetels.  We kozen voor comfort door het grootste appartement van de vier te kiezen.  Ok, 6 bedden voor 3 personen was misschien een beetje te luxueus, al kan je dat van de keukenuitzet niet zeggen.  Zes borden voor zogezegd 6 personen, ik at cornflakes uit een hoog glas en ik moest halfweg het maken van spaghetti beginnen afwassen omdat ik maar één kom had.  Maar een lookpers was er wel!  Soit, verder geen commentaar op het prachtige huisje.

IMG_6813

Oostenrijk biedt veel bossen met de heerlijke typische geur.  Er waren mensen die er Schwammen gingen plukken.  Ik trok ze alleen maar met het fototoestel.  Ik zou niet weten welke paddenstoelen je mag eten en welke niet.  Het risico om te eindigen op de spoedafdeling met een etterbuilenplaag is het mij niet waard.

IMG_6854

We trokken een dag naar Slovenië waar ze hun nationale hockeyhelden op een eigen manier eren.  Blijkbaar is Anze Kopitar daar de lokale ster in het hockey en moet dit in een land met slechts 2 miljoen inwoners toch ergens zichtbaar gemaakt worden.

IMG_6862

Slovenië biedt evenveel als Oostenrijk al is het daar veel goedkoper.  Als je nog wil krempekloten kun je via een bergpas vanuit Oostenrijk naar Slovenië rijden, dan hoef je niet aan te schuiven aan de betalende bergtunnel en evenmin een wegenvignet te kopen.  Neem er wel bij dat de hoogste helling 18% is en dat er instructies staan langs de weg hoe je hem het best kan berijden.  Laat ons zeggen dat er menig keer door de lippen werd geblazen op de passagierszetel (mijn kant ter info, niets in mijn hoofd zou er ooit aan denken om zo’n bergpas zelf op te rijden, mijn echtgenoot/held deed het zonder verpinken).

IMG_6868

Will Smith zou hier zingen:”Water so clear you can see to the bottom”.  Best eigenlijk want onze zoon had per ongeluk de zonnebril van zijn vader afgesmeten in dit water, gelukkig konden we hem perfect zien liggen en dook er een lifeguard achter.

IMG_6879

Ok, de dag dat hij effectief thuiskomt in zo’n combi gaan we misschien minder lachen.

IMG_6759

“Unk?”

IMG_6770

Een rodelbahn.  Neen danku.  Na vorig jaar had ik het eventjes gehad en dit exemplaar leek nog eens zoveel hoger dan diegene in Duitsland vorige zomer.  Juist, die waar ik net niet in mijn broek had gescheisht.

P1050886

Klets!  Natuur!

P1050892

Juist, we deden een panoramawandeling “die goed begaanbaar was”.  Euhm ja, met een wandelwagen mee moet je blijkbaar kiezen voor “die goed berolbaar is”.  Hier zie je mij ploeteren tussen een hoop bosstruiken en een kind dat voorin zit te zeggen “mama, gaan we terug naar de auto?”.  Straks schatje, als we boven zijn.  In de verte zie je mijn schoonvader.  Voila, Roger, je staat er ook ne keer op.

IMG_6733

Via een nog meer misselijkmakende bergpas bezochten we een wildpark waar ze een miniatuurtreinstation hebben opgesteld.  Geweldig mooi al hou ik vooral van het woord “Murmeltier” dat voor Marmot staat.  Cutiepiediertje.

IMG_6738

De Murmeltierexpress heeft het hart van mijn zoon gestolen, ik moest hem er letterlijk van wegslepen.

Het was een fantastische reis.  Meer moet dat niet zijn!

Goodbye my friend

Hoe je het ook draait of keert: een huisdier, dat is part of the family.  Als je geen huisdieren hebt kun je dat niet begrijpen denk ik.  Gisteren was de thuiskomst minder fraai voor mijn liefje.  Iemand had Marbel aangereden: dood.  Marbel was al vijf jaar onze huiskat.  Ze kwam als klein kattejongsken bij ons wonen toen we ons vorig huis kochten.  Ik bleef me maar verwonderen over de lengte van haar haar.  Ze bezat een enorme vacht in de meest bonte kleuren. Ros, wit, grijs en zwart, ze was het misschien niet maar ze had wel de looks van een raskat.  Pieter begroef ze toen ik thuiskwam zonder dat ik haar nog heb gezien, ik wil geen dood dier in mijn gedachten, ik wil Marbel herinneren als een levendige kat, die antwoordde als ik haar aansprak.  Ok, het was maar “mjaw mjaw” maar wij verstonden elkaar.  Een kat die op me kwam slapen als ik een middagdutje deed of die keihard wegspurtte als Ilja haar spotte.  Er zijn ergere dingen in het leven, maar het doet wel vreemd zo zonder dat ankerende kopje aan het keukenraam.

wpid-img_20140718_060431.jpg

Dat je volle bak mag rocken in Kitty Heaven Marbeltje.