Page 96 of 117

morgen zal er weer een blablablaatje zijn

  • Dat het toch soms godgeklaagd is (oeioei het begint al, Brusselmans) hoe lang je moet staan wachten aan een zebrapad.  Mèt een 20-maandertje aan de hand èn in de vrieskou.  Dan stoppen ze aan de linkerkant van het zebrapad en dan moet je begot nog vier auto’s afwachten tot er aan de rechterkant ook iemand stopt.  “Maar loop dan gewoon stoer over, ze zullen wel remmen” hoor ik mensen vanachter hun scherm denken.  Met een peuter?  Nee, toch niet.
  • Dat “Kaatjes Tralalaatjes” verdikke een oorworm is.  Net als al die andere peuterliedjes die keer op keer herhaald worden.  Schuddebol je mee?
  • Dat veel mensen lijken te denken dat Marbel naar ons oude huis is teruggelopen.  Maar ik vind 3km precies wel ver om terug te keren?  Of kunnen katten dat?  Die kat kom weer, die kon nie langer wach, die kat kom weer, de volgende dag.  Bobbejaan moet die foute zin toch ergens uitgehaald hebben?
  • Als mijn lief “to sax or not to sax” op zijn facebookpagina post, polst hij eigenlijk naar de firma Sax die ondertussen verkozen werd om onze badkamer te voorzien.  Dat betekent niet dat hij saxofonist wordt.  Drummen is al voldoende, gelukkig kochten we deze keer een huis op de buiten, zo kan hij ongestoord de vogels wegdrummen van de velden.
  • Dat ik weer in de ban ben van nog maar een Murakami.  “Hij leek dan nog het meest op een door het leven getekende tovenaar die gniffelend aan een onheilspellende toverspreuk werkt.”  Sommige zinnen worden nog mooier naarmate de aantal keren dat je ze herleest.  Peter Terrin is er bij mij ook in geslaagd om zijn Post Mortem meteen te willen herlezen nadat ik de achterflap dichtsloeg. (Amaai, die zin is echter niet om drie keer te herlezen).  Maar de 1Q84-trilogie ligt al sinds kerstmis ongeduldig klaar om verorberd te worden, soms zag ik in mijn ooghoek Boek 1 al lichtjes opspringen van mijn nachttafel.  Zoals een kind dat ongeduldig zijn vinger opsteekt als hij het antwoord op de vraag van de juf weet.  “Pick me, pick me!”
  • “We moeten iets bedenken, hoe lossen we dit op?”  Godver zwijg Kaatje!
  • Dat hoogtepunt 1 en 2 van de verbouwing in het zicht komen: de vloer en de keuken…binnen exact een maand komt de camion van Eggo opgereden.  Met mijn nieuwe keuken!  Sméagol-my-precious-gebaar.  Of Mr Smithers voor wie Sméagol niet kent. “Yeeeezzzz”!!

De marbel is weggerold…

Ik heb er al vier keer over gedroomd.  Dat ze terugkwam, dat ze kwam aangespurt vanuit de velden nabij ons huis.  Ze kan ook spreken in mijn dromen maar ik begrijp niet wat ze zegt, ik spreek namelijk geen “kats”.  Het is nu al een week dat Marbel niet meer in ons huis is geweest.  Ze was gepromoveerd tot huisbewaker en werd ondertussen gewend aan de locatie en de woning.  Omdat de isolatieman ging komen PUR spuiten vorige week liet ik haar buiten, ze kwam niet meteen terug waardoor ze ook de nacht moest buiten slapen.  Iets wat ze in ons andere huis altijd deed trouwens.  Ze was nochtans al buiten geweest in het nieuwe huis, dus ik maakte mij er weinig zorgen in.  Ook niet toen ik haar de dag erop nog niet terug zag komen.  Maar nu, na een week, begin ik toch het ergste te vrezen en er gaan alle soorten scenario’s door mijn hoofd.  Misschien zit ze opgesloten in de grote loods achter ons huis, of misschien werd ze verscheurd door de hond van de achterburen.  Ik mag er niet teveel bij stilstaan en begin me voor te bereiden dat ze misschien niet meer terugkomt die Marbel van me.  Ofwel zit ze morgen gewoon op de zulle te wachten..“ewel?” te scanderen in het kats.

 

marbelfotoblog

Nooit te oud om te leren

Ik denk teveel na.  Over een carnavalspak voor Ilja voor volgend jaar al bijvoorbeeld.  Spontaan komt er zo’n groot oranje pompoenpak in mijn gedachten op maar tegelijk denk ik ochère dat manneke, subiet valt hij om en geraakt hij niet meer recht doordat hij de hele tijd weg en weer rolt in zijn kostuum.  Het is al geen volledig jaar meer voor hij naar school moet, mijn hart breekt nu al, met zijn boekentasje en een fluohesje tot op zijn knieën in de rij lopen.  Wat ga ik dan doen op mijn vrije dagen?  Nu zijn die gevuld met achter zijn gat lopen en tegelijkertijd iets trachten te koken zonder dat hij aan de oven prutst of met mijn aardappelen aan de haal gaat.  Misschien wordt het tijd om weer iets verder te studeren?  Het ligt precies al ver achter mij, dat gezwoeg op een eindwerk en het blokken voor de examens.  Ver genoeg om er weer zin in te krijgen?  Of krijg ik instant een kokhalsneiging als ik mijn blauwe boekentas weer opeis bij Pieter die hem nu als werktas gebruikt?

War of the punctuation marks

Alles moet dezer dagen bevestigd worden met een hashtag.  De hashtag is tegenwoordig de koning van de leestekens.  En dat terwijl het vraagteken zo’n prachtige vorm heeft?  Ik wil juist een koningske typen om er zo’n quote voor te zetten en dat dan in een thema’tje te gieten, maar ik vind hem zelfs niet op mijn toetsenbord.  Ah toch, bij de 3.  #  Samen met ALT GR dus.  #computernitwit much?  En ik ben niet cool want ik heb al maanden niet meer op mijn twitteraccount gekeken omdat ik twitter namelijk moeilijk vind en omdat ik het woord “cool” nog altijd gebruik.  Dat laat me tegelijkertijd onder de # oud wijf vallen.  Als we verhuizen stappen we ook over op de papieren gazet, ik hou steeds minder van een computerscherm bij het opstaan, welke, dat staat nog ter discussie.  En we eten chocolade-boeken. . .

chocovloed

De papieren versie staat trouwens op de longlist voor de Gouden Uil!  Did I mention dat mijn broer dit geschreven heeft?  Èn dat het supergoed is daar nog een keer bovenop!? Ah neen hé, niemand wist dat! #zisdaarweerwidestoefege.  Ik maak alvast een t-shirt met “da’s mijn broer!” en zo’n grote wijzende vinger.  Dan moet ik zeker zorgen dat ik niet naast andere schrijvers ga staan, subiet vragen ze mij of Brusselmans als klein kind ook al zo grofgebekt was.  Weet ik het!

 

Een broodje Poep!

“Mama Pinguïn is heel trots!  Op! Haar! Baby’s!”  Dat schelt door de badkamer als Ilja duchtig probeert de babypinguïn te klikken in de buik van de Mama Pinguïn tijdens zijn badmoment. “Kun jij babypinguïn nummer zes vinden?”  “Nee, dat kan ik niet, ik ben nog maar anderhalf jaar oud en mijn moeder kan het ook niet want ze heeft geen goesting om nummer zes te gaan zoeken” Om het misschien duidelijker te maken, het gaat om een badspeeltje waarbij plastic pinguïns de hoofdrol spelen.  De stem die uit het speelgoedje komt is Hollands.  Zoals elk babyspeelgoedje dat zo’n tergend luid lawijt kan maken.  Dat sprekend speelgoed begint ook soms uit zichzelf te tateren, zonder dat je er ook nog maar een vinger naar uit steekt.  Dan zit je kind al een kwartier op zijn gemak in zijn bed, kun je eindelijk je voeten optrekken in de zetel en even later hoor je uit de speelgoedbak een Hollandse stem tieren “Joepie de poepie!”  Inderdaad, ik zit eindelijk in mijn zetel: joepie de poepie!  Toch verkozen we gisteren op weg naar de wijvendate de Hollandse GPSstem van Anita boven de Vlaamse Ellen.  Anita heet trouwens helemaal niet Anita, haar naam is Claire.  Dat ze Claire heet heb ik ook maar ontdekt omdat mijn copiloot aan het prutsen was aan de instellingen (en daarna het mooie doosje waarin ik de GPS bewaar vertrappelde, stout Ann-Sophie, stout!).  Ellen had haar dagje niet vermoed ik.  Je houdt het niet voor mogelijk maar hoe kun je nu saai spreken op een GPS?  Een beetje enthousiasme kan ook hé Ellen, er mag al eens een “we zijn er bijna” bij of “het is maar een kwartiertje meer als je niet verkeerd rijdt”.  Soit, Anita, Claire en de Mama Pinguïn, allemaal stemmen die in ons leven aanwezig zijn.  Dus als ik Ilja binnenkort om pindakaas hoor vragen, ik zal maar niet raar opkijken, hij wordt mee-opgevoed door een bende enthousiaste Hollanders.  En “Ik vind jou lief mama”, dat klinkt eigenlijk ook echt wel lief in het Hollands. (dat zegt Baby Pinguïn 3 als je de moeite doet om hem te vinden.)

 

maar Lambi Bambi was er niet vandaag…

  • Na een maand zonder TV kan ik constateren dat ik niets mis.  Zelfs Thuis niet, ik hoor regelmatig een update van degenen die het wel zien en ik lees dagelijks in de krant wat er zal gebeuren, dus ik ben redelijk goed mee.  Dat wil niet zeggen, als ik eens een huis heb, en een zetel, en een televisie-aansluiting, dat ik ineens ’s avonds ga mediteren in plaats van tv kijken.  Als ik een televisiebakje heb zap ik er terug lustig op los.  De lustige op los zapster.
  • In vanillepudding hoort een speculaaskoekje.  Punt.  Eind discussie.  Neenee, ik zei Einde Discussie!  Nee, ik moet niet horen over petit beurre of rozijnen.  EINDE DISCUSSIE
  • Radio 2 dat steekt minder tegen dan vroeger.  Nico Blontrock blijkt precies nog een goeie presentator en zijn stem is ook niet mis.  Uiteraard kan niemand Christophe Lambrecht evenaren.  Ik wil trouwen met Christophe Lambrecht.  Alléé, je weet wel hé.  Ondertussen heb ik Nico Blontrock gegoogled, wat een downer zeg.  Zijn stem past niet bij zijn uiterlijk.  Booeeeh Nico!
  • Zo’n oude mazouttank komen opspuiten, dat brengt goed op.  798 euro, 20 minuutjes werk.  Naast brievenbusmaakster is er misschien een tweede carrière mogelijk.  Mazouttankopspuitster.  Niet voor mensen met een spraakgebrek.
  • De babyrace van 2013 werd deze week ingezet.  Tot in augustus staan er één, twee, drie of vier baby’s per maand op het geboorteprogramma.  Subiet moet ik zelf een babyborrel organiseren en alle mama’s gewoon bij mij thuis uitnodigen om cadeautjes te overhandigen.  De idee lijkt meer en meer aanlokkelijk.  Dan kan iedereen zijn kindje met elkaar gaan vergelijken en het enige wat ik moet doen is hapjes ronddragen.  It’s a deal! Eerst een huis maken.  En voldoende sjaretteparking.
  • Ik probeer elke avond te lezen voor ik ga slapen.  Het verlicht mijn kopkronkels.  Als ik mijn boek dichtklap, mijn arm zo min mogelijk uit mijn deken tracht te halen om het lampje dicht te knippen en mijn hoofd op mijn kussen nestel ben ik al halfweg dromenland.  Zalig.  En dan moet ik pipi doen.

 

 

Frustremis

ExTempore15_standardIk kan mij, net als een paar anderen die ik ken, of laat ons zeggen veel anderen, nogal enerveren in sommige dingen.  In eerste instantie in laptops die niet werken zoals het moet, maar ook in mijn bureaustoel hier die telkens uit elkaar valt als je hem ook nog maar één millimeter tracht te verzetten.  Neen, zelfs als je nog maar denkt om er één vinger naar uit te steken dan maakt hij al uit-elkaar-val-manoeuvres.  En uiteraard, irritatie in frustratiebook.  Elke keer als ik dat nieuwsoverzicht bekijk erger ik mij aan spelletjesverzoeken, aan zaagstatussen en aan de “like, share, win”-wedstrijden.  Was het niet dat ik maar al te graag snuister in een ander zijn affairen, maar is dat toch allemaal leuk. . . . Uiteraard moet je Shout Your Heart Out wel leuk vinden hé, ook al kun je er niets op winnen.  Bij die wedstrijden die telkens de helft van het statusoverzicht inpalmen komt er daar dan zo’n tuinset op je scherm om eerst te liken en dan helemaal niet te winnen of je ziet een paar oorringen megagroot voor je ogen bengelen.  En schoon dat dat allemaal is, inderdaad.  Maar de winnaar van zo’n wedstrijd, preus gelijk veertig, met een smile tot achter zijn oren, dat heb ik nog nooit zien verschijnen.  Zo iemand die met zijn benen languit op zijn gewonnen tuintafel ligt, zoals ik dat zou doen moest iemand dat aan mijn deur leveren. . . . dat is de foto die ik wel eens zou willen zien.   Of ze mogen mij ook gewoon een tuinset opsturen, ik wil gerust naast het reclamebordje poseren en apetrots vermelden dat ik dat gewonnen heb bij die prachtige firma.  Ik doe er zelfs een tandpastasmile bij.  Of, hey, doe maar twee tuinsets, één voor mij om reclame voor te maken, en één om te winnen via de blog.  ’t Is kwestie van overeenkomen hé Extremis.

Fatcheekphone-etiquette

De haat-liefdeverhouding met telefoneren is er ééntje die mij al jaren parten speelt.  Omdat e-mailen, facebooken en smsen zo normaal geworden is valt telefoneren meer en meer weg bij mij.  Ik stuur vlugger een sms of een mail dan dat ik ga telefoneren.  Tegelijk vind ik telefoneren wel veel beleefder.  Bij mij komt een telefoontje over als “ik maak tijd voor je”.  Lief hé, dat ik tijd voor je maak.  Met mijn fatfingerphone is het ook een opdracht geworden om te telefoneren.  Om de één of andere reden duw ik mijn telefoon vaak af met mijn kaak via het touchscreen.  Beschik ik over hamsterkaken?  Ik dacht het precies niet, maar misschien denken de mannen bij Sony er anders over want echt amusant vind ik dat opleggen met mijn kaak niet.  En beleefd al evenmin.  Bestaat er eigenlijk een etiquette als je telefoon ineens een loopje neemt mijn zijn opdracht en vroegtijdig inhaakt?  Wie belt dan wie terug en wanneer.  Altijd, maar dan ook altijd moet ik twee of drie keer proberen en voicemails aanhoren omdat de andere persoon mij tegelijkertijd aan het terugbellen is.  Ahja, want je weet nooit exact hoe het komt dat de verbinding ineens verbroken is, misschien sta je wel op een plaats waar weinig bereik is en is het jouw schuld.  Of misschien heeft de ander gewoon dikke kaken.

Sus your conscience , praise the pussywagon!

Dat het zeker 20 jaar geleden moet zijn dat mijn vriendinneke me deze sticker gaf met de boodschap “je krijgt mijn mooiste sticker ooit, ik heb hem nog nooit opgeplakt, en jij mag het ook niet doen hé!”.  Vandaag kreeg ze hem cadeau in haar verjaardagskaart met de boodschap om hem de komende 20 jaar te bewaren.  We zullen eens zien of ze er ook in slaagt!

stickerliefdeGeweldig toch!

Op straat werd ik deze week confronteerd met de meest foute sleutelhanger ooit.  Hij lag daar maar te liggen, vers verloren door iemand.  Zo’n ding zag je vroeger massaal aan sleutels, nu zijn ze volledig not done.

so not done  Uiteraard belandde hij aan mijn sleutelbos.  Totdat ik hem zelf verlies, en iemand anders denkt “hmm, dat kan ik gebruiken”

In Kruidvat was het “koop onze brol nu aan -50% en sus je geweten door te zeggen dat het toch niet veel geld kostte op het moment dat het stuk gaat”.  Daar vond ik twee geweldig amusante dingen.  Vooreerst  dit plastic zakmes:

het zakmes Dit deed me vooral denken aan een serie die we vroeger volgden.  “Het Zakmes” (origineel, I know) over een jongetje dat zo’n mes had en het verloor ofzo.  En dan nog iets met speciale gaven of zoiets.  Ja, echt spannend en al.  In ieder geval waren we volledig in de ban van “Het Zakmes”.

Het tweede item was het werkbankje op de foto.  Gelukkig dat het aan de helft van de prijs stond of ik voelde nog steeds de lege plek in mijn portemonnee roepen: “Hahaha, binnenkort gaat het toch mee met de vuilkar, what a waste of money!”

bosschWerkmateriaal voor Ilja.  ’t Is wel van Bosch, en ik denk dat die misschien toch voor kwaliteit staan.  Haha!

En mijn drie mini-taartjes die voor mij werden overgehouden tijdens het etentje deze middag waar ik jammergenoeg niet bij kon zijn door mijn werk.

mini-taartjes Mini-taartjes, maxi-smulpret!

En uiteraard moet ik hier ook eervol mijn schoonvader en pracht-echtgenoot vermelden die me vandaag kwamen halen op het werk met schoonpapa’s  jeep door de sneeuw.  Zo kon ik toch naar huis zonder dat schijtluispipi langs mijn broekspijpen naar beneden sijpelde.  De pussywagon rocks!  Oh yeah amazing!  Het is dezelfde als Astrid Bryans’ pimped out , chromed out pussywagen.  (Maar niet zo pimped out. ) (Niet dat het mij iets zou kunnen schelen, ik kwam heelhuids thuis!)

Als het op facebook staat is het voor echt!

Het gebeurt al eens dat iemand me aanspreekt over de blog.  Eigenlijk zijn het enkel de mensen die het leuk vinden die erover beginnen.  Er is nog nooit iemand komen zeggen “jong toch, ik erger me evenveel aan uw irritant gezever als aan zo’n oranje kanariepietje dat zo helemaal tilt slaat tijdens het schuifelen”.  Ik vraag me of mensen dat zouden durven eigenlijk.  Het zou toch soms wel eens opluchten als iedereen gewoon eens zijn gedacht zou kunnen zeggen zonder aan de gevolgen te moeten denken.  Niet dat er veel gevolgen zouden zijn aan iemand die komt zijn beklag doen over mijn internetactiviteiten (en dat klinkt louche).  Of, misschien moet ik daar nog eens over nadenken, haha, maar soit.  Ik kan me wel voorstellen dat de regelmatige postjes, die in nieuwsoverzichten verschijnen, mensen kunnen irriteren.  And in the end, don’t we all wanna be liked?  Jaja, jij ook, geef maar toe!  Dus vanaf nu komen de blogberichten op de pagina van Shout Your Heart Out op facebook in plaats van op mijn persoonlijke pagina.  Http://www.facebook.com/shoutyour  (de heart out kon wegens onbekende redenen niet aanvaard worden).  Dat is uiteraard betreden op eigen risico.  De zever gaat gewoon door, gewoon door.