Page 99 of 117

Lach maar, keihard, het mag. De Gossip-editie

Dat het terecht was.  Dat is het enige wat ik op onze uitlachers van vandaag kan zeggen.  Het is ook belachelijk wat we vrijdagavond uitgestoken hebben.

In het scenario: wij.  Aka Pieter en ik.

De setting: de wagen.

De locatie: Antwerpen, meerbepaald…de file naar Antwerpen.  De eeuwig durende, ellenlange, tergend traag doorrijdende file.  De laat-mij-uit-de-auto-ik-ga-in-het-kanaal-springen-veel-te-saaie-file.

Het doel: bij Beth Ditto geraken in de Lotto Arena voor een hevige roddel

De situatie: Elke tien minuten dat we ons langer en langer in de ellenlange file bevonden begon mijn humeur van 10 boven het vriespunt te zakken tot 2232 onder nul.  Hoe langer we op de nummerplaat van onze voorganger zaten te staren, hoe meer ik in mezelf dacht “kill me, now, please do it”.  Ik begon nog net niet met mijn voorhoofd op het dashboard te bonken maar ik was net die optie aan het overwegen, tot mijn lieftallige echtgenoot na anderhalf uur file spottend zei:”Ik heb goesting om mijn kar te draaien.  Gaan we naar huis?” Dat klonk zo bevrijdend!   Het was alsof je tegen een kleuter vroeg “gaan we naar Plopsaland in plaats van naar school?” Het was zo leuk om dat te horen dat ik tot zijn verbazing antwoordde “Ja, we gaan naar huis, ik zie het niet meer zitten.  Rij maar af en we keren terug!”  En zo geschiedde het.  Twee uur onderweg van Kortrijk naar Antwerpen om dan in Antwerpen zelf onze kar te draaien en Gossip te laten stoven in hun vet.  En content dat we waren dat we thuis waren.  En slapen dat wij gedaan hebben.  ‘t Was echt leuk vrijdagavond.

Het gevolg: om onszelf af te straffen voor onze veel te dure uitstap gaan we de komende periode niet meer naar optredens (behalve naar Werchter).

Derover hé.

Murakami – Maanlandschap – Minderwaardig – Mumba

CYB week 47

Het was een klein beetje uit mijn geheugen geglipt, als in…ik was het vergeten.  Ik had geen opvang voorzien en gelukkig moet ik niet werken die avond: Gossip in de Lotto Arena komende vrijdag.  Het onbehaaglijk gevoel van iets niet onder controle te hebben bekroop mij, want ik vond nergens de tickets.  Ik had ze toch niet per ongeluk in de vuilnisbak gekieperd of laten kieperen?  Had ik eigenlijk wel tickets?  Een week voor het evenement nog steeds geen kaartjes in de brievenbus leek me een beetje verdacht.  Een beetje in paniek surfte ik teleticketservice af om daar mijn tickets gewoon onder mijn account te vinden.  E-tickets dus.  Soms leef ik nog veel te veel in het pre-internet-tijdperk.  Van toen er nog cassettespelers bestonden en Tik Tak een staaltje geavanceerde grafische vormgeving was.

Een aantal verse boeken die al even op mijn leeslijstje stonden.  Waaronder de Gouden Boekenuil winnaar David Pefko.  In Kangoeroecorrespondentie van Murakami vond ik een lief briefje van de bibliotheek om te zeggen dat ik de eerste lener was van het boek en met de vraag om er zorg voor te dragen.  Doe ik altijd, no worries, ik aai zelfs elke keer over de kaft als ik een boek dichtdoe.

Er werd ook een bananentaart gebakken voor de vriendjes die vandaag op bezoek komen.  Ze ziet er een beetje buitenaards uit, laat ons hopen dat ze smaakt naar banaan in plaats van naar maanlandschap.

Na te koop en verkocht is de status van ons huis nu Te Huur.  Het huis krijgt ook binnenkort een effectieve buurman.  Je kunt er zo een soap over schrijven, alleen zal ik het niet meer zijn die het zal doen.

Het CD-rek werd leeggehaald.  Met nog een maand tot de verhuis wordt er al eens iets in een doos gestopt.  “De Green Day collectie, wat moet ik daarmee doen?” vroeg ik preventief aan Pieter.  “Ik ga daar voor zorgen!” riep hij verschrikt.  Hij belandde uiteindelijk toch bij de andere minderwaardige cd’s.

Niet te doen hoe Gert Verhulst het zo ver krijgt dat mijn zoon nu een zevende familielid bij naam kan noemen, na mama, papa, Ilja, opa, oma en Marbel is er nu ook Bumba.  Ze maken die clownnamen zo gemakkelijk om uit te spreken omdat je kind erachter zou kunnen roepen in de speelgoedwinkel.  In Bumba’s wereld komt er ook een beestje voor en dat heet Kiwi.  Zo ver ben ik al in het studio100-tijdperk.  Ohja, en nog een papegaai dacht ik met de coole naam Gwido.  Zoals de psychologe Nolleke het zo mooi tegen Guido in “Het Eiland” zei, zo zei Pieter het ook enige tijd tegen mijn vader.  Omdat hij ook Guido heet.  Moest hij Gilbert heten dan zou dat helemaal koekoek zijn.

A Pain In The Ass!

Auuch, mijn kont.  Door de stoutbeenperikelen doet mijn betere kant eigenlijk constant pijn, daar heb ik me met veel tegenzin bij neergelegd.  Er kan niet veel meer aan veranderd worden en door enkele zelfaangeleerd zittechnieken is de pijn vaak gewoon afwezig of laat ons zeggen, toch enigszins op de achtergrond.  Maar gisteren was het nog maar eens heel duidelijk dat mijn staartbeen echt wel een kleine fucker is, zo’n irritant beentje zonder nut.  Een beetje zoals de cavia in het dierenrijk, zo is het staartbeen in het geraamte, nutteloos en irritant gewoon omdat het bestaat.  To the point: ik kon van mijn garagist een fiets lenen tijdens het onderhoud van mijn wagen.  Van de garage tot de bibliotheek leek het goed te doen om de boetes op De Opwindvogelkronieken te gaan betalen.  Tot ik de eerste berg op moest.  “Goed te doen” bleek een illusie.  Bij de eerste 100 meter ging het goed, maar toen ging de berg ook effectief omhoog.  Vre-se-lijk!  Het neep verschrikkelijk en het zweet brak me al uit.  Ze zeggen wel, fietsen verleer je niet, maar als je het twee jaar niet hebt gedaan dan ben je dat precies toch gewaar.  Ondanks het puffen en vloeken op de felle wind was ik toch vlot overal aan en bij.  Maar mijn gat deed zeer.  Echt zeer.  Ik moet me erbij neerleggen…fietsen…alleen voor mensen met een welgevormd staartbeentje.

lach maar, keihard, het mag

Ik dacht nog bij mezelf de laatste weken “er komen precies zo weinig rekeningen binnen”.  Jinxed it!  Net een halve maandwedde overgeschreven…

 Ik had het weer in mijn kop daarnet.  Nadat ik gisteren in De Kruitfabriek geRihannad werd, moest ik vanmorgen surfen naar “We Found Love”. Repeat, repeat, repeat!  Geweldige dansplaat volgens mij. Repeat nog een keer!  Nu, ik moest toch nog naar de bibliotheek vandaag om nog maar eens een bibliotheekboete te betalen dus eerst eens vlug Ieper-stad in…misschien stond die cd wel in promotie in Free Record Shop.  Alles ging goed, zelfs een parkeerplaatsje dichtbij want ik had niet de indruk dat het wreed warm was.  Tot ik uit de auto stapte.   “Niet wreed warm” bleek een understatement. Een ijskoude wind sloeg mij in het gezicht, in één keer ging al mijn haar de lucht in en zag ik totaal niets meer voor 10 seconden.  Aan de parkeerautomaat bleek ik enkel 2eurostukken en een berg rostjes bij me te hebben.  Gelukkig aanvaardde het ding 5centstukken en ik had 14 minuten om mijn ding te doen.  Tijdens het terugstappen van de automaat vloog er nog patat een esdoornblad in mijn gezicht, ik schrok me een accident.  Ik vermoed dat het een hilarisch zicht moet geweest zijn, een vrouw in de lucht zien springen door een blaadje dat van een boom waait.  Mijn schuldgevoel negerend haalde ik de mustiekat uit de warme auto, hij was inderdaad niet te content maar na enkele hobbelkasseien vond hij het al minder erg.  Met mijn hair in de wair (en misschien de afdruk van een esdoornblad op mijn snoet…Hey, I just love Canada ) toegekomen in Free Record Shop bleek mijn gedachtegang juist geweest.  Alles van Rihanna stond in promotie, alsook de nieuwe cd.  You can call me housebjète now.  ( = huisbiet?).  Daarna zo rap of tellen terug door het ijskoude Ieper naar de wagen terwijl ik tegelijkertijd besliste dat de bibliotheek toch maar voor morgen zal zijn….een beetje beschamend, ik doe 16 km voor een paar cd’s…van Rihanna dan nog. (ik moet zelf lachen als ik hier herlees!)

De 10 geboden van de 17-maander

  1. Je moet op het eerste knopje van de wasmachine duwen om ze in gang te steken.  Tegelijkertijd gaat de mond van uw moeder open en komt er “neeeeen” uit.
  2. Dat is nu je nieuwe naam: “neen”, je achternaam is Ilja “Neen Ilja”
  3. Alles wat je kunt verslepen kun je gebruiken als opstapje om ergens op te klimmen.
  4. Als je op de omgekeerde curverbox klimt en je kletst eraf, niet afgeven, gewoon opnieuw proberen, je geraakt aan de top, je geraakt er!
  5. In de zetel sta je recht, “poepe zitten” noemen ze dat.
  6. Eten steek je zelf in je mond, met je handen, met je lepel, of je eet het gewoon van de vloer als je gedaan hebt en je terugpasseert bij de voederplek.
  7. Als je een crèchegenoot tegenkomt op straat begin je naar elkaar te roepen, dat is de code.
  8. Katten achtervolg je tot ze letterlijk de muren oplopen, dat vinden ze leuk.
  9. Als ze uw broek verversen draai je zoveel als je kan op je buik, dan roepen ze je nieuwe naam verschillende keren, kwestie dat je eraan kan wennen.
  10. Alles wat van je moeder of vader is is interessant en wil je hebben, vooral hetgeen ze op hoogte leggen, ze willen dat je erachter klimt.

De man die alles kan!

Deze morgen werd ik gewekt door Jimmy B.  Hij bleek een vent te zijn.  Vreemd genoeg kreeg ik na een bijna slapeloze nacht toch een glimlach op het gezicht.  Wie wordt nu niet welgezind van Jimmy B?  Bij de thuiskomst van het werk deze middag kon mijn koortsige zoon meteen zijn bed in, moeder plooide zich in de kamer ernaast ook onder haar eigen donsdeken.  Draai het of keer het hoe je wil, je eigen bed is toch het beste ter wereld.  Ik sliep reeds een aantal keer in hotels en bij anderen thuis en toch…mijn eigen bed voor president!

Het huis lijkt ontploft na een werkweekend maar het kan me weinig schelen, ik doe het morgen wel.  Eerst tijd maken voor wat echt belangrijk is: mijn maag.  De koffieverslaving tracht ik binnen de perken te houden door nu en dan eens voor thee te kiezen.  Of dat veel beter is…voor mijn gemoed alleszins wel.

 

Ik kreeg deze week ook een prachtige bestelling binnen.  Gemaakt door de bewoners op het werk (ter info: het is niet de pop):

 Das handig zo’n stoeltje, je kunt al eens iemand inviteren.  Meet Elvis.

 Nog een bestelling, in de brievenbus deze keer:

 Inderdaad, ik druk nog steeds foto’s af en steek ze in een oldskool fotoalbum.  Al moet ik toegeven dat ik dat enkel doe voor de foto’s van Ilja.  De foto’s op mijn laptop van feestjes en dergelijke dienen als drukmiddel bij vrienden voor als ik ooit eens geld moet aftroggelen…

 Een derde bestelling kwam ook binnen:

 

De mijn-vingers-zijn-te-dik-voor-deze-telefoon-telefoon.  Ik dacht dat ik een vat vol frustraties zou zijn bij de ingebruikname maar het gaat wonderbaarlijk goed, al moet ik nog het volume van mijn wekker herinstellen.  Al twee middagen op rij schiet ik recht alsof men met een naald in mijn hiel prikt om dan als een halve gekookte naar het toestel te gaan graaien.  Voorlopig zonder breuken.  Je ziet het, een radiowekker blijft de beste keuze, al moet je er dan soms eens Jimmy B bijnemen.

Under your skin feels like home

Het gebeurt niet zoveel maar soms leer ik iemand kennen en die kruipt meteen onder mijn vel.  In de categorie “die heeft mijn sympathie gewonnen” hebben die velkruipers meteen een berg krediet van bij de start.  Andere mensen moeten hun krediet verdienen en belanden uiteindelijk ook onder mijn dekentje van vriendschap (er zijn er ook die het radicaal mogen vergeten, maar daar gaat het nu niet over).  De relaties zijn gelijkwaardig, maar ik begrijp niet goed van mezelf waarom ik soms zoveel sympathie kan voelen voor iemand die ik net leer kennen terwijl een ander zo zijn best moet doen om de lieseloving te ontvangen.  In deze periode van ons leven is het al niet zo evident om vriendschappen te onderhouden en te voeden en ik ervaar het soms als een opdracht.  Waar alles vanzelf ging vroeger, een keer bellen en hup je zit samen op een terras moet we nu regelen, afspreken, met thuiswachten onderhandelen of eventueel een werkweekend wisselen.  Nu nemen we vlugger genoegen met een paar uurtjes bijpraten in een gestolen moment, dit doet evenveel deugd als vroeger toen we soms uitgingen om uit te gaan.  Vreemd genoeg gaat deze blogpost de hele andere richting uit dan hij bedoeld was.  Ik wou eigenlijk mijn sympathie voor Arne De Tremerie uitspreken (echt helemaal de andere richting dus).  De jongste finalist in De Slimste Mens Ter Wereld, hij ziet er een beetje vreemd uit, maar als hij lacht breekt de hele hemel open.  Vanwaar die sympathie weer komt, ik weet het absoluut niet, hij gedraagt zich soms een beetje arrogant maar je merkt zo dat het onzekerheid is die doorschemert.  En hij ziet er ook nog jonger uit dan 20 jaar, wat het nog spectaculairder maakt als hij volle bak met goeie antwoorden zit te strooien.  Arne, you go kiddo!

foto: De Standaard

en mariaspekken, 80.000 mariaspekken aub


Chocomelk, duplo, speculoos: Sint Maarten is gepasseerd. Hij is lange tijd uit onze leefwereld verdwenen maar sinds vorig jaar is hij er terug prominent in aanwezig, en content dat ik ben! Hij mag ook weer een rol komen spelen de komende jaren, de sint wordt keihard mijn dreigmiddel als de kamer moet opgeruimd worden (en de andere maanden van het jaar dreig ik met nonkel Jef, die gelijkt een beetje op de sint). Tegelijkertijd laait de Sinterklaas / Sint Maarten-discussie hier weer op. Zoals ieder jaar is het “wie is de coolste?” Dat dat Sint Maarten is staat eigenlijk buiten kijf maar ik ben ook wel een beetje fan van Sinterklaas. Au fond doet hij helemaal hetzelfde als Sint Maarten no mather what, de kinderen krijgen cadeau’s. Zo’n kind dat heel het jaar wroet op school, beleefd is tegen iedereen en nooit een poot uitsteekt naar een ander, dat krijgt evenveel cadeau’s als het onbeleefd etterbakje dat speekt op de grond alvorens een ander erin te duwen. Nuh, Sint-Maarten of Sinterklaas, het is hier allebei van toepassing in een gemengd West-Vlaams gezin. Toch blijf ik fan van Sint-Maarten. Ik tierde keihard “KIJK!!!! Sint Maarten passeert!” als hij met zijn huifkar door onze straat reed vorige week, Ilja werd tegen het raam geplet door zijn moeder die het niet goed kon zien. Ik kan niet wachten tot hij oud genoeg is om mee te gaan naar de kaai in Ieper om hem te verwelkomen, gewoon omdat ik zelf zo blij ben om hem te zien! En dan alles er rond, de mandarijntjes, de pic-nicjes, de sint-koeken. Man-te-paard noem ik ze tot verveling van mijn echtgenoot OMDAT HET DE VORM HEEFT VAN EEN MAN TE PAARD! ZIEJT? ZIEJT? Ik kan me niet voorstellen dat ik ooit zo op en neer ga springen voor sinterklaas maar ik wil het wel faken, want hij komt ook. Sinterklaas. En hij verdient ook een enthousiaste mama en mijn zoon zal er ook schrik van hebben, maar Sint-Maarten…dat blijft mijn homeboy.

Stijgbeugels en een ponypoepe

Sinds enkele jaren is shoppen geen ontspanning meer. Terwijl ik vroeger graag en veel winkelde en daarmee gepaard ook veel miskopen deed begin ik het nu meer en meer te ontzien om een jeansbroek te vervangen. Ik draag ze dan ook tot op de draad, en als ze zo danig comfortabel zitten is het soms echt moeilijk om er één weg te doen. Als ik iets koop dan is het meestal tijdens een vluchtig winkelbezoek gecombineerd met andere boodschappen. De tijd dat ik echt nog eens ging winkelen om te winkelen, ik spreek van een jaar geleden (Maasmechelen Village…de buit: 1 trui). Na mijn bevalling heeft het ook meer dan een jaar geduurd eer ik me weer gemakkelijk voelde in een jeansbroek. Maar nu is het dus echt tijd voor een nieuwe. Ik bezit 3 exemplaren die goed aanvoelen momenteel, wat volgens mij echt te weinig is. Wetende dat ik bijna dagelijks een jeans draag staat dat gelijk met heel veel wassen. Een gewone jeansbroek vinden dit seizoen lijkt heel moeilijk, ofwel moet die paars, okergeel of petrolblauw van kleur zijn. Ik wil geen paars, okergeel of petrolblauw, ik wil jeansbroekkleur, liefst donkere jeans. En ik wil er niet teveel moeite voor doen en al zeker geen 12 exemplaren passen, na 4 pasbeurten heb ik er al genoeg van en geef ik het op. Bij het vluchtig gewinkel gisteren kwam één der winkelergernissen weer naar boven: de winkeldames….Het was vrijdagavond, akkoord, voor iedereen, ik begrijp dat. Maar met 4 dames in het midden van de winkel staan kletsen terwijl het jeansbroekenstandje één grote jeansmesthoop is, daar krijg ik dubbel de kriebels van. Ik weet ongeveer mijn maat, maar als je elke broek moet gaan vastnemen om te zien of dat hem nu effectief is, dat vind ik nogal tijdrovend en enorm enerverend. Gisteren was het nu niet het geval, maar laatst werd ik zo kleinerend aangesproken door een winkeldame. Niet te doen, er zijn niet veel mensen die me op mijn paard kunnen krijgen, maar mijn voeten zaten al danig in de stijgbeugels nadat ze oogrollend haar preekje had gegeven over “ja madamtje, daarvoor ben je veel te laat hoor, je moet eerder komen als je die maat wil!” terwijl ze haar gezwarte wenkbrauwen omhoogtrok en een tssss-geluidje maakte riep ze me nog honend na “die maat is er al laaaaang uit!” En weg was ik….al laaaaang uit de winkel. Vandaag ga ik het echt niet nog eens proberen, leve de pyjama, de laptop en www.esprit.be niemand die me bekijkt alsof ik dringend op fatcamp moet als ik om maat 33 vraag (43 in mensentaal), gratis levering en gratis retour! Olei!

Nicotine Is So Passe

In de categorie dingen waarvan ik niet wist dat ik ze nog had:

· een sleutelhanger van Kipling in de vorm van een mini-rugzakje. Ik dacht dat de mustiekat hierom zou vechten, het dingetje heeft ritsjes en een velcrostrip om het te dichten, blijkt hij er voor geen meter in geïnteresseerd. Dus als iemand graag een rugzak wil voor een dieetlunch, shout!

· Mijn schoolboeken die ineens weer bijster interessant lijken. Vooral omdat volgens Piaget het einde van de sensomotorische periode aanbreekt op de overgang van baby naar peuter. In zijn sensomotorische omgang met de dingen bereikt hij een soort logica van handelen. Dit houdt onder andere in dat de peuter causaliteit leert kennen. Volgens Piaget is het daardoor dat peuters geboeid raken door de werking van knopjes, hendeltjes of schakelaars waarbij ze een of ander effect kunnen te voorschijn toveren (Boy do I know it!). Piaget noemt die periode ook wel een copernicaanse revolutie. “Het is niet erg dat je eigenhandig het draadloos internet aflegt schatje, blame it on your copernicaanse revolutie!”

· Een niquitin pleister. Deze hielpen me jaren geleden om te stoppen met roken. Een aanrader zou ik zeggen, al voelde het soms wel vreemd aan hoe de pleister zich aan de huid nestelt. Alsof de stoffen hongerig een weg naar binnen zoeken. Destroy de goesting om te roken! Attack! Now!

· Pritt Poster Buddies. Wie vond ooit deze kauwgumlijm ooit uit? Vieze boel, meteen de vuilbak in, samen met die nicotinepleister die al 6 jaar over datum is.

· Verpakkingsdozen van gsm’s. Met de boekjes en plasticjes en alles er nog in. Wat ben ik eigenlijk, de gsmdozenverzamelaar?

In de categorie dingen waar ik zo blij mee ben dat ik ze heb:

· My Precious Potters.
· The Melancholy Death Of Oyster Boy And Other Stories

In de categorie “Fuck I’m old”

· Een Boomerang kaartje. Ik weet niet of ze nu nog bestaan, de gratis kaartjes met een leuke advertentie op de voorkant. Ze waren overal te vinden waar ik als student kwam. Over de reclame van het kaartje kan ik vooral zeggen: gow zeg! Er was een gsm te winnen die nu als fossiel zou bestempeld worden.

En dat is nog maar twee schappen van het boekenrek….oftewel vier verhuisdozen ver. To be continued.