Page 50 of 62

Bottoms up!

De Gezinsbond West-Vlaanderen organiseerde gisteren een beurs waarbij we de kans kregen om te proeven van verschillende workshops die dan eventueel kunnen ingericht worden op je eigen afdeling. Het is een beetje moeilijk uit te leggen maar we kregen elk de kans om twee verkorte sessie mee te volgen. Eén van mijn sessies was “Jongeren en alcohol”. Een ex-alcoholieker kwam er spreken over zijn ervaringen en probeerde ons wakker te schudden voor het effect van alcohol. Hij sprak niet veroordelend naar het gebruik van alcohol toe. Hij gaf aan dat alcohol ons met de paplepel wordt ingegeven. Bij de geboorte, bij elk verjaardagsfeestje, op elk familiefeest zien we als kind hoe onze ouders alcohol drinken. Kinderen doen heel vaak na wat ouders doen. Zelf drink ik ook graag een glas. Of twee. Vorige zondag hadden we een fles cava geopend bij de aperitief. Toen mijn zoon naar de fles greep “mag ik ook eens drinken” vonden we dat vooral heel grappig, maar eigenlijk deed hij gewoon wat de ouders deden. Onze medicatiedoos zetten we zo hoog mogelijk, rokers vliegen steevast op het terras en drugs komt hier al zeker niet binnen, maar alcohol dat drinken we zonder gêne. “Dat is voor de mama’s en de papa’s”. Guilty as charged!

En jij? Hoeveel drink jij gemiddeld?

 

Och!  Een nominatie!  Van Thomas Pannenkoek dan nog!  Ik heb er heel de nacht van wakker gelegen, zo’n belangrijke taak die op mijn schouders rust!  Het koud zweet staat er nog van op mijn rug!  Hoe werkt de nominatie?

1, Show het logo van de Award
2. Uit jouw waardering naar de blogger toe die jou heeft genomineerd
3. Deel 7 feitjes over jezelf
4. Nomineer 15 bloggers die je bewondert en link naar hun site
5. Contacteer de 15 gekozen bloggers en laat ze weten dat ze zijn genomineerd!

Thomas Pannenkoek.  De naam voorspelt weinig serieux.  De blog staat dan ook regelmatig vol met gezwans en gezever.  Maar toch blijf ik er graag komen lezen, Thomas kan de schwung erin blijven houden door plezier en serieux toch goed op elkaar af te stemmen, een mooie balans van de alledaagse dingen in het leven.  Hij houdt trouw vast aan de photochallenge, ik vermoed dat Thomas helemaal niet graag een wedstrijdje verliest en daardoor alles op alles zet om van zijn aanvaarde challenges ook ultragoed zijn werk te maken.  Brugge is een goeie schrijver rijk, ééntje die we graag nog lang willen lezen!

7 feitjes over mezelf, laat ons zeggen dat er wel wat gestoef in zit, maar dat mag wel eens hé, het moeten niet altijd mijn domme trekken zijn!

* mijn naam is niet echt Liese….eerder een langere versie ervan.  Mijn achternaam komt echter wel veel voor in liedjes.

en neen, het is niet “Monkey” 🙂

* ik krijg veel complimenten over mijn tiramisu, sommige mensen vroegen zelfs of ik hem wou klaarmaken als ze op bezoek kwamen, bij nader inzien blijkt het heel lang geleden dat ik er nog eens maakte.

* ik hou er niet van om bij de kapper aan de spoelbak te liggen.  De meeste mensen vinden het zalig om hun haar gewassen te worden, ik lig er vooral ongemakkelijk, met pijn aan de nek en mijn benen slaan precies alle kanten uit.  Het staren naar het plafond duurt steeds veel te lang en ik schrik altijd als ze aan mijn hoofd komt.  Neen, daar is niets ontspannend aan bij mij.

* ik ben verslingerd aan spaghetti.  Ik zou het dagelijks kunnen eten.  Als ik bij mensen thuis ga en ze verontschuldigend zeggen “Het is maar een simpele spaghetti hoor”, dan maakt mijn hart al een sprongetje!  Yes!  Maar als ik iets ga eten op restaurant (allééja, of in een bistro ofzoiets), dan kies ik bitter weinig voor spaghetti omdat ik het altijd een ontgoocheling vind.  Wie mij in de westhoek een goeie spaghetti kan aanraden, be my guest!

* Met ijs kun je mij niet verleiden.  Ik eet het wel, maar zelfs in de zomer zou ik nog durven kiezen voor een warme appeltaart.

* Iemand kan mij omverblazen met kennis of kunde.  Een handige technieker die dingen kan herstellen, een ict-man die een computer kan fixen of iemand die gewoonweg heel veel weet.  Daar kan ik danig onder de indruk van zijn, zeker als die mensen het als vanzelfsprekend vinden dat ze iets kunnen of kennen.  Ik pik er echter wel heel vlug de blazers uit, diegenen die het etaleren om te etaleren.

* Ik kan relatief goed voorspellen welke koppels er bij elkaar gaan blijven en wie er uiteen zal gaan.  Van sommige koppels ben ik echter wel onder de indruk als ze uiteen gaan, ahja, ik had het niet kunnen voorspellen.

Zo, het nomineren ga ik overslaan omdat ik toch altijd mijn goesting doe.  Maar bedankt Thomas voor de mooie kans en blijf schrijven!

 

Een plek onder de zon.

We passeren regelmatig bij huizen die we ooit bezochten toen we voor de eerste of de tweede keer op huizenjacht waren.  Sommige van die huizen staan ondertussen alweer te koop, andere waren vlug weg en zijn nog steeds bewoond, al dan niet met extra bewoners dan bij de start.  Het was een huzarenwerk, dat huizenjagen.  Vele woningen werden bezocht, het ene al beter bevonden dan het andere.  Toen de knoop doorgehakt werd en we ons huis te koop zetten wist ik wel een beetje waar ik op moest letten om de aandacht van potentiële kopers erbij te houden.  Ik was namelijk zelf zo lang een potentiële koper geweest in andere woningen.

Enkele tips om je huis misschien iets meer aantrekkelijk te maken, allemaal gebaseerd op eigen ervaringen, no shit (of misschien toch wel shit):

* Als de makelaar binnenkomt met geïnteresseerden, doe dan de televisie uit.  Niets storender dan een luidruchtige televisie als je je wil concentreren op een woning en vragen wil stellen.  Het getuigt ook wel een beetje van algemene beleefdheid, dacht ik.

*  Als de makelaar binnenkomt met geïnteresseerden ga dan niet zitten roken in de woning die te koop staat.  Als je toevallig aan het roken was, doof dan die sigaret, zeker als het koppel binnenkomt met een Maxi-Cosi waar een 4-maander in ligt te slapen.

*  Ruim je huis op.  Zorg dat vuil wasgoed ofwel in de wasmachine ofwel in de wasmand ligt.  Voor de machine, in de hal naar de wasruimte, op de keukentafel, op het aanrecht of eigenlijk elke andere plek, daar hoort geen vuile was.

* Probeer de badkamer te kuisen, al is het maar een vluchtige wreef.  Niets meer onaantrekkelijk dan zeepresten op douchewanden, schimmel op douchegordijnen of zwarte voegen in de plinten.  En echt, vuil ondergoed.  In de machine of in de wasmand.  Nogmaals!

* Zorg ervoor dat elke ruimte te betreden is.  Een deur die niet opent omdat er teveel rommel in de kamer ligt, dat is nu niet bepaald een voordeel als je die kamer tracht te verkopen.

* De afwas is een lastig werkje, en ja, het kan gebeuren dat die nog niet gedaan is.  Maar zorg dan tenminste dat er geen schimmel in staat.  Mensen weten dat dit geen “verse” afwas is. Ja toch wel, die weten dat.

*  Dode vissen verwijder je best uit de benevelde visbokaal.

*  Dode vissen stinken.

* Als je huis niet meer bewoond is, zorg dan dat de voedingswaren uit de koelkast verwijderd werden.  Ook als je daar al 6 maanden niet meer woont.  Yoghurt houdt niet zo lang.  En sneetjes hesp ook niet.  Je kunt ook zorgen dat die koelkast dicht is, dat helpt om de stank te beperken die 6 maanden oude voedingswaren met zich meebrengt.  Just saying.

* Een verkoper die zich in de zetel zet met een blik jupiler is nu niet bepaald een toonbeeld van motivatie.  Ambieer op zijn minst een verkoop.  Al moet je daarvoor eens doen alsof je iemand anders bent.

* Het is handig, als er vast tapijt ligt, dat dit niet kletsnat is.  Zo wordt de rest van je woning ook niet natgetrappeld.

* Zorg ervoor dat je geen bouwovertredingen hebt gedaan.  Het is zichtbaar als je eigenhandig een veranda geplaatst hebt en daarvoor enkel een paar haken en bouten gebruikt hebt.  Een plastic afdak mag je trouwens niet beschrijven als een “veranda”.  Een plastic afdak is een plastic afdak.

* “Pittoresk” is alleen de juiste term als het echt pittoresk is.  Voor alle andere woningen die niet pittoresk zijn benoem je het als “gezellig” “starterswoning” of “ideaal voor een alleenstaande”.

* Als je al een hond hebt in de woning die te koop staat, zorg dan op zijn minst dat hij ofwel vastzit, ofwel lief is.  Alle andere opties zijn not done.  Een hond die je grommend, kwijlend staat aan te staren maakt het niet bepaald aanlokkelijk om verder te stappen.

* Als je al een huisdier hebt in de woning, verwijder dan de faeces  van het dier.  Dat ruikt toch wel een beetje.  Ook als ze opgedroogd zijn.

U denkt: overdriving voor duust.  Neen.  Jammergenoeg niet.  Niets van dit alles is ook nog maar enigszins met het haar gegrepen.  U kan zich wel voorstellen dat ik blij ben dat we dit gedeelte al een tijdje achter ons hebben liggen.  Dus als u er binnenkort aan begint: I wish you very good luck!

Windows l8 mij uit

Mijn laptop is stout.  Als ik mijn internet opstart doet hij dit:

“Deze webpagina is niet beschikbaar”.

Er is nochtans internet, ahja, ik zit erop op de andere laptop.  Hij wil zijn mening niet herzien.  Beschikbaar maken staat niet meer in zijn agenda sinds het voorbije weekend.

I call it kaka.  Ik kan mijn favorieten raadplegen maar als ik ze aanklik blijkt de pagina niet beschikbaar.  Ondertussen leg ik me erbij neer dat “de tank” misschien zijn laatste adem aan het uitblazen is want de laptop werkte de laatste tijd misschien wel vlugger, hij is met zijn 7 jaar misschien wel al een beetje oud (of is dat niet oud?  Ik heb daar eigenlijk geen verstand van jong, echt niet).  Maar in vergelijking met de laptop waar ik nu op werk -nagelnieuw en eigendom van de echtgenoot- is mijn laptop wèl vertrouwd.  Ik weet waar ik moet klikken om mijn favoriete blogs te vinden (jajaaa, ik heb favoriete blogs).  Op deze windows 8 dinges moet ik zoeken zoeken zoeken.  Waar mijn pagina’s nu weer staan, hoe ik extra tabbladen kan toevoegen, hoe ik überhaupt iets moet uitklikken (–> naar beneden slepen dus).  Al dat modern gedoe, ik krijg er grijs haar van (oh my god, deed ik zonet een moeder-uitspraak?!).  Tegelijkertijd typt hij wel geweldig zalig, takketakketak.  En er is een aparte numpad.  (numpad? is dat eigenlijk wel een woord?).

Soit.  Na een nachtdienstwerkweekend ben ik precies een beetje uitgeteld.  Vrijdag lachte mijn zoon een stuk van zijn tand bloot waardoor we nog holderdebolder naar de tandarts mochten sjezen om dat te laten nakijken.  Ok, het is een melktandje, maar toch, een stuk uit een voorste tandje valt toch wel op en ik wou het zekere voor het onzekere nemen.  De tandarts veilde het scherpe randje er vanaf en voor de komende vier (?) jaar loopt hij dus met een iets minder aantrekkelijke voorgevel rond.  Het kon erger.  Hij kon ook nog getoucheerd zijn in zijn gezicht.  Of wacht.  Hij was eerder in de week al thuisgekomen met een serieuze buil, dus dat was ook al gearrangeerd.  Een kind van zijn moeder.  Lomp en blauw.

Er ontstond vorige week ook een lichte paniek in mijn gedachtegang.  Een onrust zeg maar.  De onrust die veroorzaakt wordt door het feit dat mijn broer trouwt.  Binnen ongeveer twee weken.  En ik heb nog niets om aan te trekken.  Ik voel dat eventueel meelezende mannen met hun ogen aan het rollen zijn. Ja rol maar, maar twee weken is echt niet meer lang om iets te vinden.  (ondertussen doet windows 8 iets waardoor ik een heel deel van mijn tekst kwijt bent.  Of laat ons eerlijk zijn, ik doe iets en windows 8 reageert door alle schermen te sluiten.  Zo gaat het niet lukken hé om overeen te komen!  Een beetje compassie met een nitwit is hier wel op zijn plaats.  Kak)  Ik ging tijdens gestolen uren wel al een paar winkels binnen voor ik ging gaan werken.  In één winkel vond ik wel een leuk kleedje maar ik wou nog even afwachten op misschien iets beter.  De winkeldame was wel helemaal de max.  Het klikte meteen tussen ons.  Ze voelde instinctief aan dat ik er wel goed tegen kan als iemand zegt “dat staat je niet” “daar toon je te dik in” of “het is mooi maar ik denk dat je mooier kan zijn”.  Als de onrust ontstaat begin ik meer op de winkeldame te vertrouwen.  Misschien moet ik me maar eens volledig Jani-stijl overgeven aan een winkeldame.  “Kleed mij, in een kleedje, niet te speels, niet te serieus, wedding-worthy en niet te oud.”  En uiteraard.  Ik moet er slank uitzien.  Dat willen we namelijk allemaal, er slank uitzien.  Verdoezel de laagjes zo goed als je kan!  Dan kan ik het gewoon op de winkeldame steken als niemand mij complimenteert met mijn outfit. (of het aandurft om te vragen “voor wanneer ist?”)

13 –> 14

De laatste dag van het jaar.  Wordpress stuurde vanmorgen mijn rapport, ik had 13000 hits dit jaar, mijn slecht wiskundig brein houdt het op ongeveer 1000 per maand al zal één gebeurtenis specifiek wel een groot effect gehad hebben op dat cijfer.  In november pleegde ik sociale zelfmoord, ondertussen zijn we een maand verder en ik merk dat vooral in mijn blogstatistieken.  Facebook was uiteraard mijn grootste bron van bezoekers.  Ik ben er niet rouwig om, als mensen hier echt willen komen lezen, dan kunnen ze daar nu heel bewust voor kiezen.  Ik blijf ook volhouden dat ik niet blog voor iemand anders maar voor mezelf ook al gelooft niet iedereen dat.  Bij Brubeck steel ik zonder scrupules deze afbeelding:

when was the last time

Daar kan ik anders niet over klagen in 2013.

In januari zag ik voor het eerst een foto van Nico Blontrock, ik was gechoqueerd hoe slecht zijn body bij zijn stem paste.  En uiteraard blij dat dat bij Christophe Lambi Bambi niet zo is.  (Hey Christophe, how YOU doing?)

In februari wist ik dat er in mijn gemeente iemand rondloopt die ik nu volmondig een cavia kan noemen.  Er zijn er nog niet veel op deze planeet die deze term van me krijgen (cavia verkrijg je als je mij eigenhandig en en plein public tracht te vernederen) maar er zijn er.

In maart leerde ik de processen van het vloeren.  Ik hielp samen met onze vloerder/nonkel en mijn echtgenoot/geweldige verbouwer/vader/enzoverder/doemaarverderdenkthijnu/ een vloer leggen, voegen en hem daarna bewonderen.  Ik kan er nog steeds heel blij om zijn.

In april werd ik een speekselmoeder.  Ik voel nog steeds grenzeloze schaamte hiervoor en sindsdien doe ik het nooit meer tenzij ik echt niet anders kan (lees: nergens in de verste verte een doekje te bespeuren, een zakdoek of een stuk gazettenpapier om over zijn hoofd te trekken).

In mei werd ik geen karrenloerder.  Ondertussen ben ik dat nog steeds niet geworden, wegens Collect en Go.  Een service die zich dit jaar echt een weg baant naar de top 10 van “dingen waarvoor ik graag rijkelijk wil betalen zodat ik ze zelf niet zou moeten doen”.

In juni werd mijn kind twee jaar.  Echt, twee jaar, dat hou je toch niet voor mogelijk?  Het is trouwens geen volle week meer eer hij naar school gaat.  NAAR SCHOOL!

In juli kreeg de aandoening waar ik zoveel last van heb eindelijk een naam (en een gezicht).  Ik lijd aan BRF.

In augustus ging ik voor het eerst op een rodelbaan.  En voor het laatst.

In september ging het er ten huize Liese keihard aan toe in het opvoeden van de twee-jarige.  Opvoeden is een groeiproces zegt een befaamde kinderpsychiater, godver zeg.  Opvoedster zijnde van beroep kan ik maar één ding zeggen: ik weet het ook niet altijd!

In oktober ontdekte ik bij het invullen van mijn wekelijks kruiswoordraadsel dat het antwoord “Lorre” moet zijn als de vraag “naam voor een papegaai is”.  I’d still go for Jeanke though.

In november was er de sociale zelfmoord, iets dat ik eigenlijk verkeerd verwoord, want zelfmoord is het zeker niet.  Eerder set yourself free!  De frustraties, het gezaag en de spoilers bij prachtige series zoals Eigen Kweek, geen last meer van!

In december kwam ik tot de constatatie dat: 6kg kwijt = nieuwe broeken nodig.  Broeken die me deden opkomen voor mezelf.

En morgen?  Morgen wordt er gewoon weer verder geblogd.  Over domme trekken, kleine levensgebeurtenissen of grootse ervaringen.  We zien wel wat het nieuwe jaar brengt.

 

 

Poetin en Bush

We kunnen elkaar hier nogal eens op stang jagen.  Aangezien we beiden vatbaar zijn voor catchy liedjes  “Ah, ‘tis kabouter Plop op TV.  De kabouterkermis staat weer in het bos!  Olei!” of “Wickie De Viking, hey hey Wickie, Wickie Wickie Hey!”  Fucking Viking.  Het is niet eens een mooi tekenfilmpje.  We hoorden het gisteren nog nascanderen door de babyfoon.  Aan de andere kant kan ik ook cranky worden als er voor de tweede keer Foo Fighters gedraaid wordt op stubru en mijn lief mij daar nog eens op wijst.  Geen Foo Fighters-liefhebber ik.  Als enige op de wereld.  Ik weet het.  Sommige nummers heb je beter ook helemaal niet in je hoofd, zoals Wuthering Heights van Kate Bush.  Niemand kan zoiets zingen zoals het hoort, echt niemand.  Het is zelfs in de auto niet gepermitteerd om dit mee te zingen, ik vermoed dat het sterretje in mijn voorruit vlugger zou doorbarsten dan gedacht.  Ik versta er ook totaal de tekst niet van “it’s true, it’s me, oh katy, oh come home now” of zoiets.

Over sterretjes in de voorruit, ik zag de meneer in de autokeuring deze morgen daar eens over wrijven, dacht bij mezelf. . .”shit, dat komt hier niet goed”.  Hij dacht hetzelfde toen hij mijn auto niet eens kon starten.  Ik moest hem zelf uitleggen dat hij de embrayage moest induwen alvorens op de startknop te duwen.  Bleek die kerel geen West-Vlaming te zijn en moest ik dan zelf gaan nadenken over het mooie woord voor embrayage.  “De koppeling ingeduwd houden!” riep ik naar de beschaamde autotechnieker.  Een beetje leedvermaak borrelde op.  En een beetje compassie ook.  Dat heet dan weer medelijden in het schoon Vlaams.  Ohja, en Poetin was daar nergens te bespeuren deze keer. . .

Scheißebahn

Hij was er al de volle twee weken voor we vertrokken over bezig.  In feite waren dat dezelfde twee weken nadat we het tripje boekten want er was eigenlijk geen budget meer over na de moordaanslag op onze bankrekening.  Soit ons huis is toch verbouwd geraakt (had ik dat eigenlijk al vermeld? 😉 ) en we zijn toch eventjes op vakantie geweest.  De rodelbaan dus, daarover was mijn lief lief al meerdere keren nostalgisch over aan het vertellen geweest “Jammer, het is pas voor kinderen vanaf 4 jaar, maar ok, dan kunnen wij er toch eens op gaan hé!?” Wij? “Jij” zul je bedoelen.  Ik bekeek het eens van ver op het moment zelf en zette me met ijs en zoon op een bankje nabij.  “Ik heb toch een toegangskaartje voor jou gekocht hoor, misschien verander je nog van gedacht.”  En inderdaad, toen hij een beetje twijfelend zei dat het helemaal niet zo erg was besloot ik maar om het ook eens te proberen.  De eigenaar shushishashatte het één en ander toen ik in het bakje kroop, een kabel werd aangesloten en hup, ik werd weggetrokken de rail op.  Er stond “go” en “stop” op de enige stang die zich in het veel te krappe rodelbakje bevond.  Wreed moeilijk kon dat dus niet zijn?  Toch?  Het duurde even voor ik de heuvel op was, so far so good, het bleek nog aangenaam met een beetje wind en de zon op je smoel.  Boven schoot de kabel los en maakte de rodelbaan een bocht om daarna de heuvel af te gaan.  “Gaan” als in altijd maar rapper en rapper en rapper.  Zo rap dat ik de borden die ik passeerde met moeite kon interpreteren.  “Bremsen” las ik.  Bremsen?  En maar gaan, en gaan en mijn haar wapperde even hard als het tempo van mijn hartslag want dat bakje daverde extreem.  En dat stond toch maar op een heel fijne rail, zo genre de monorail in Bellewaerde vroeger.  Wat als dat rodelding er ineens af schoot?  Waar zou ik landen?  En in welke staat zou ik nog zijn na de crash?  Bremsen zei het bord wederom, eindelijk kon ik lezen wat er helemaal onderaan stond: “Brake”.  Verdammt!  Zeg dat dan!  Blijkbaar had ik een beetje te weinig geremd om het leuk te houden want ik was al twee bremsenborden gepasseerd zonder te gehoorzamen.  Het laatste stuk was ik de überbremser.  Ik was de saaiste rodelbaanchauffeur ever , diegene die bij de minste bocht begon te remmen.  Druk bremsend en foeterend kwam ik beneden toe waar mijn niet zo lief lief in de camera sprak “mama weet niet dat het eigenlijk veel erger is dan ik had gezegd”.  Arschloch!

somer

Fondantgefoeter

13u: Ding Dong.  Het gebeurt niet veel dat er onverwacht wordt aangebeld waardoor het extra spannend is om de voordeur te openen uiteraard.  Een Nederlandssprekende Waal gaf mij een pakketje “Mevrrrrrouw, ierrrr tekenen astublieft”  Oeeeh een cadeautje!  Nog spannender dan een onverwachte deurbel! “Ed ies een cadeautje van Eggo keukens” Hij zag dat ik mij moest inhouden om niet op en neer te gaan springen.  Een keukenkastdeurtje?  “Oei, verrrrwacht niet te veel hé mevrrrrouw, het is een kleine dingetje als bedanking voorrrr uw koop van keuken”.  De doos werd al opengedaan nog voor ik zijn balpen teruggaf.  Het was een handdoek, een kookwekker en. . . een doos chocolaatjes.  Kijk:

wpid-DSC_0471.jpg

Ok.  Ze leveren een doos chocolaatjes, zo net rond de middag, mijn moeilijkste moment om niet aan chocolade te denken.  We spreken niet over een mini doosje chocolaatjes.  Er zitten er 36 in.  Ja, ik kon het niet laten om ze te tellen, het zijn chocolaatjes, ze zijn gratis en ze proppen ze nog net niet in je mond, zo’n dingen houden mij bezig.  Een gegeven paard mag je niet in de bek kijken.  Zodoende ging het proeven van start.  Om daarna in mineur te eindigen.  Shit, slechte smaak!  Echt, van die zwarte chocolade die zo’n bittere nasmaak geeft, zo’n vieze verhemelteplakboel.  Tju toch.  Het hele moment verpest.  Nu sta ik daar, in de keuken van mijn leven,  met nog 34 van die chocolaatjes (want ik kon het natuurlijk niet laten om er nog één te proeven om toch zeker te zijn dat ik ze echt niet lust!) . . .

hey, ik kan ook dichten hoor…varkentje! snuit!

Volledig van de kaart wakker worden, niet weten waar je bent het eerste moment…alleen thuis.  En dat in een huis waar we momenteel met 5 wonen, het is het eerste moment een beetje besuisd. Druilerig, een beetje draaierig, is het echt al bijna 15u30 oeps! En nu, vlug douchen, alle werkzweet en middagdutjesplak eraf wassen.   Dat is het effect van een middagslaapje na een nachtdienst.  Typen op een laptop die de mijne niet is, constant hertypen en wissen, letters vliegen in het rond.  G–dver wat is me dat hier, letter blijf op de grond!  De donkere wolken passeren naast de grote ramen, hier en daar een druppel soms kletterend, soms tranend.  Binnen een uurtje terug aan de slag, morgenvoormiddag eindigt mijn werkdag, oudejaar met vrienden en ohja, een cadeautje…blij dat ik nog eens volk zal zien, het worden drukke weken.  Hopelijk kunnen we in 2013 na de bouwwerf van een prachtig huis spreken…en dat gerijm…dat is nu toch precies een beetje lame…prettig eindejaar…ik ben nu met mijn tekstje….hehe

little talks

De gesprekken die hier werden gevoerd de laatste dagen:

Ik: “Ik heb eigenaardige dromen de laatste tijd

Hij:”Aangezien je me niet onder mijn voeten geeft zal het wel niet over mij gaan

 

Nadat hij een peuk verorberde op een kruiptocht:

Ik: ”Je ruikt naar sigaretten

Ilja:”wakakdakada

 

Ik, helemaal verwonderd:”Die drummer van Green Day is nogal vermagerd zeg”.

WTF?  Who cares!?

 

Ik, wijzend naar een plaatje in een boekje:”Kijk Ilja, een zebra

…vlug rond mij kijken of iemand het gehoord heeft….

daarna fluisterend: “Excuseer: een nijlpaard

 

Ilja:”Wiediediewiedie”  schouders ophalend  “Diediewiewiwie

 

Ik:”Geef eens een zoentje aan Mama

Smuk

Ik:”Haha, er hangt een kladder snot aan mijn bovenlip

Ja hallo, dat ging je ook niet zeggen twee jaar geleden dat ik dat ooit grappig zou vinden.