Page 110 of 117

“djoensj” is the sound!

Een toilet, een gladde broekzak en een gsm die erinsteekt…dat was één van mijn mindere ideeën de laatste weken.  Ik was nog niet goed begonnen met mijn riem te openen of ik hoorde al “djoensj”, zo rap of tellen haalde ik het ding terug uit het water en probeerde ik de schade te beperken.  Tegelijk stond ik te trappelen, want een keer dat je beslist om naar toilet te gaan is het moeilijk om het tij te keren vind ik.  Een beetje paniek, maar soit, gebeurd is gebeurd.  En met den één al eens rapper dan met den ander zeker?  Toen ik na een uur het toestel zag knipperen en er een plas water onder het scherm verscheen wist ik dat mijn 10 maanden oude toestel naar de vaantjes was (waar zouden de vaantjes trouwens liggen?).  Gelukkig had ik indertijd wel een goed idee en spendeerde ik zo weinig mogelijk geld aan die gsm waardoor het verlies binnen de perken bleef.

Deze morgen ging ik dan maar een nieuw toestel gaan zoeken.  Eéntje met zo weinig mogelijk gedoe erop, een camera, bluetooth èn een gemakkelijk toetsenbord.  Ik vond dit redelijk eenvoudige wensen maar eenvoudigheid is blijkbaar niet zo gemakkelijk te vinden.  Het moet allemaal met patatie en patata erop zijn en touchscreens zijn voor mij alleszins geen sinecure, ik word een beetje zenuwachtig als ik iets verkeerd aanduw (en ik heb altijd het gevoel dat mijn vingers te dik zijn voor zo’n ding).  Ik hoop dat ik er deze keer langer mee doe, en voor mijn oude toestel kreeg ik zowaar nog 0,50 cent als ik het ingaf.  Schone affaire (en schoon was hij inderdaad na zijn zwemtochtje).

Dirky toys

Ik ben een lazy housewife.  Er bestaat ergens zo’n club denk ik, ik zou meteen lid mogen worden, ik vraag me zelfs af waarom ik nog niet gecontacteerd ben door hen.  Ik ben jullie modellid gasten!  Ik hou me liever bezig met banaliteiten dan het stof weg te nemen.  Als ik een vrije dag heb is dat om uit te gaan, niet om de grote kuis te doen.  Maar ik benijd wel de mensen die het kunnen opbrengen om een weekschema te maken omtrent het onderhouden van de woning.  Met een flexibel uurrooster als het mijne is dat al bijna onmogelijk en vind je hier en daar wel eens een hoopelke stof.  En als het te erg wordt doe ik wel eens een efforke en wordt de hele boel opgeblonken.  Natuurlijk heb ik dan eer aan mijn werk omdat het verschil voor en na zo danig groot is dat je er moeilijk naast kunt kijken.  En neen, ik ga mij niet verantwoorden.  Het komt niet omdat ik een klein kindje in huis heb, het komt ook niet omdat ik ga werken en geen tijd over vind en mijn man is alleszins geen leegaard.  Neen, ik heb er wel degelijk de tijd voor, mijn kind slaapt nog massa’s veel overdag en Pieter is een grote hulp.  Ik doe het gewoon niet graag en ik vind teveel andere dingen om me mee bezig te houden, zoals op Groupon de deals bekijken.

En het is weer van dat hé: “koop deze deal en bespaar zoveel of zoveel procent”.  Aangezien mijn stofzuiger zijn beste tijd heeft gehad (hij heeft eigenlijk nooit echt een goede tijd gehad, maar soit), zag ik een aanbieding voor de robotstofzuiger van Vileda.  Het duitse filmpje dat erbij hoort doe ik hieronder cadeau:

Voor de gemakkelijkheid heb ik hem Dirk genoemd.  Dirk ziet er wel aanlokkelijk uit, ik vraag me alleen een paar dingen af:

  •  waar slaapt Dirk? Heeft hij een speciaal kotje nodig?
  • moet hij veel voeding krijgen?
  • Staat hij uit zichzelf op of moet ik hem wekken?
  • Is hij zindelijk?  Verliest hij al eens een haartje of een kattewietje?
  • Mag ik Dirk alleen thuis laten werken of breekt hij de hele boel af als hij merkt dat hij al klaar is na een half uur (zo groot is het hier nu ook weer niet)
  • Zal hij wel passen in ons gezin?  Zo’n Dirk erbij…je weet maar nooit hé!?
  • Moet ik hem strelen?
  • Heeft hij positieve bevestiging nodig?

Het valt te overwegen, zo’n Dirk.

smurfin

Mieters! Hoezee! Pow! Kaboem!  In stripverhalen worden vaak zo’n grappige geluidsuitspraken afgebeeld.  Als ik van de trap glijd zegt het geen “kaboem” hoor, trust me, I know, want ik ben er deze week afgegleden.  Het zei eerder “godverdomme” en “fak, dat doet zeer”.  Het deed ook zeer.  Gelukkig heb ik alle andere beentjes van mijn kont kunnen gebruiken om de val te breken en bleef mijn stoutbeen ongedeerd.  Ondertussen is de pijn al lang verdwenen maar de eigenaardige blauwe plekken die ik elders opgelopen had de vorige week beginnen nu pas weg te trekken.  Na lang peinzen en testen waar ik bleef haperen met mijn dijen om zo’n blauwe plekken erop te krijgen, is het voor 90% zeker dat Ilja eigenlijk de dader is.  Hij blijkt het heel leuk te vinden om met zijn voetjes net daar te staan en zo recht te kruipen tegen mij.  En 9 kilo mustiepaté, dat veroorzaakt al eens een plekske.  Een mooie bruin/groene plek ondertussen.  Tjah, dat, of al de rest die ik opgelopen heb door me ergens tegen te stoten…

I like my sugar with coffee and cream!

Tijdens een drankje deze week met mijn fantastische vriendin (die ik veel te weinig zie en waar we zeker werk van gaan maken om het te onderhouden maar het is toch niet evident als je elk een menage hebt en neen het is geen excuus want het was wel weer leuk en ja het is al twaalf  jaar geleden dat we in Gent op kot zaten en verdikke ‘tis lang geleden besef je het ook? Zou het pitashietje nog leven trouwens daar hebben we het nog niet over gehad!? ) ging het over de vasten (heilige nonnekes als wij) en verslavingen.  En neen, ik heb geen verslavingen als ik erbij stilsta….”Ook niet aan koffie?”  Miljaar ja, ik ben verslaafd aan koffie.  Gezien ik mijn tas meeneem naar de badkamer zodat ik kan drinken voor en na het douchen bewijst nog maar eens dat het zo is.  I love the smell of goeie dampende coffee in the morning, het is het enige waarmee je mij ’s morgens aandachtig kunt krijgen.  Als ik een vrije dag heb maak ik zelfs een extra grote kan zodat ik zeker de hele voormiddag sipjes kan nemen.  Mijn tas moet ook extra groot zijn. (en het is altijd een content moment als ik merk dat alle tassen uit de afwasmachine komen en ik de keuze heb uit verschillende lievelingstassen, hoe noemen ze dat, de kinderhand is gauw gevuld?).  Neen, ik drink niet graag uit zo’n sikkeneurig tasje, koffie hoort in een tas met ballen!  Om mezelf goed te praten, ik vul ze maar tot de helft, want van die lauwe drek tegen de bodem, dat vliegt meteen de gootsteen in.  En het perfecte koffiekoekje is toch echt wel een madeleintje….mmmmadeleintjes…(en niet van die schelpvormige hé, ah neen, dedie krijg je niet in je koffie gedopt als je een beetje onhandig bent zoals ik!)

top entertainment

De Story is net voldoende light entertainment om een inslaapnacht door te komen, maar gisteren was Top Gear al enigszins verknald doordat diezelfde Story verklapte dat Matt LeBlanc de eerste eindigde in the Star in a Reasonably-Priced Car.  Damn you Story, de fun is er toch vanaf als je al weet dat Jeremy Clarkson hem helemaal bovenaan zal zetten in de rating.  Soit…de NASCAR race was minstens even amusant.  Lijkt me wel geweldig, gewoon het gaspedaal induwen en boenk boenk boenk, iedereen die in je weg rijdt een tikje geven en voorbij steken.  Nu weet ik weer waarom ik van Mario Kart hou.  Net als van bokswedstrijden op TV, ik weet het, het is fake, maar als er een tand uitvliegt en bloed rondspettert ben ik al content.  Denk nu niet dat ik mij amuseer met tijdens het autorijden in iemands’ gat te gaan hangen of bokshandschoenen bewaar voor als ik aan de rode lichten eindig bij één die me geërgerd heeft.  Ik probeer het zo netjes mogelijk te houden, liefst met de radio vulle tutte en zoveel mogelijk op de juiste snelheid, maar de meeste nieuwe verwijtwoorden ontstaan wel tijdens het autorijden.  ’t Is groen!  Gie CAVIA!

en als ze verkocht worden wil ik toch een percentje!

Enkele weken geleden vertelde Pieter tijdens een weekendontbijtgesprek dat hij graag gecremeerd wil worden als hij dood is.  Nog iets dat ik over hem weet ondertussen.  Als hij maar niet denkt dat zijn as hier op de schouw (die we niet hebben) komt te staan.  Ik ben nog in staat om hem omver te gooien. “Oeps, sorry keptje, ‘kzal u terug samenvegen”

Zelf vind ik niks aan crematie, ik ben bang van vuur en wil dat na mijn dood ook nog zijn.  Al  spreekt de hel wel tot de verbeelding, meer dan de hemel, daar lijkt iedereen een wit kleed te dragen…en das ook alleen maar om plekken op te maken in mijn geval.

Het moet juist passen dat ik op een andere blog (bedankt LJ) las over orgaandonatie.  En de lieve schrijfster heeft me meteen overhaald.  Ik ga er mijn werk van maken (als ik dood ben uiteraard, nu zou ik graag nog mijn ingewanden gebruiken).  Een formulier opstellen waarin ik verklaar dat mijn organen gedoneerd mogen worden is blijkbaar in no time gedaan  (ik wed dat ik op die ‘in no time’ nog ga terugkomen, maar soit).   Al weet ik niet goed hoe dat weghalen van die organen eigenlijk gaat en wie dat dan zal doen.  Toen ik tijdens mijn zwangerschap surfte naar navelstrengdonatie bleek enkel Leuven hiervan werk te maken…maar whatever eigenlijk, als ik dood ben moeten ze zelf maar uitzoeken wat ze moeten aanvangen met mijn binnenwerk.  Al gooien ze het in de pan voor een bende kannibalen, als iemand er baat bij heeft: haal maar uit dan!  En smakelijk in het laatste geval.

babynijd

Een jaar geleden was mijn dikke ton de eyecatcher bij iedereen die je passeert op straat (UNK?  Is die nu zwanger of gewoon te dik?), nu is het de wandelwagen.  Al eens met een kinderwagen rondgelopen waar geen kind in zit?  Je wordt nogal bekeken.  Alsof je één of andere flipbeer bent die zijn kind ergens heeft gedumpt.  Je wordt trouwens nog meer bekeken met een kinderloze kinderwagen waar geen zitgedeelte opstaat.  Mensen kunnen nogal gapen naar het onderstel van een wandelwagen.  Je ziet ze denken: Is het een rollator?  Is het een steekwagen?  Is she crazy in the coconut?  Ook met een wandelwagen met een kind in word je nogal aangesproken “ga je niet lachen té?” is de standaardvraag terwijl Ilja vooral graag staart naar vreemden, iets wat hij sinds enkele weken geruild heeft voor het lachen naar iedereen die boven hem komt hangen.  Nu lacht hij enkel naar ons! Haha!  Gedaan met iedereen’s laughing monkey te zijn, vanaf nu bekijkt hij iedereen met een veroordelende blik zoals de mama later zal doen naar zijn lief.  Lachen naar de mama,  kwaad kijken naar vreemden, machtig!  Sommige babymanieren zouden moeten gepermitteerd blijven heel je leven lang.  Zoals het wegkomen met curieuzeneuzen in allerhande potjes en doosjes die kruipers onderweg tegenkomen.  Heb ik mij al moeten inhouden om bij mensen thuis geen potjes open te doen.  Zo’n uitnodigende mooie ronde potjes met mooie deksels….waarbij het enige wat je je afvraagt is: “wat zou daarin zitten?”  Met een besjiekt stuk boterham in je mond “prrrrrrrtt” te doen met je tong…moet zalig zijn…Of slapen in een slaapzak, nooit meer koude voeten of een blote rug.  Babies have all the fun…

tweestrijd

Meer tijd spenderen aan het proper noteren van een to-do-lijstje dan aan de dingen die er effectief opstaan.

Torens bouwen met allerhande materiaal op de legplanken in de garage en denken “hmm, ik ga moeten opletten dat dit niet naar beneden dondert” en het tegelijkertijd trachten op te vangen als het dat ook effectief doet.

Weken aan een stuk tegen mezelf zeggen in de auto: “ik ga die mesthoop moeten opruimen” en dan iets op diezelfde mesthoop leggen om het zeker mee te hebben.

Daadkrachtig zijn in het nemen van beslissingen op short notice, maar twijfelen over twee simpele menu’s in een restaurant.

Het een lumineus idee vinden om een vaste plaats voor mijn gsm te hebben, maar het daar enkel bij laten en toch veel te vaak me laten opbellen omdat ik het onding maar niet kan vinden.

Telkens zeggen “neen, neen, ik ga het niet doen” en een tijdje later toch de hele boel naar me toe trekken en alles willen organiseren.

Zuchtend van de weegschaal stappen en denken “ik ga gaan lopen”…oehhh chocolade…

Telkens ik in de winkel kom denken “ik zou beter eens voor een paar dagen eten kopen” maar toch elke dag weer naar Delhaize of Aldi tjoolen omdat er iets tekort is.

Om de zoveel weken denken “ik moet die persoon bellen, het is lang geleden”….straks….

Telkens de melding “uw inktpatroon is bijna leeg” negeren….en als er dan iets dringend moet afgeprint worden vloeken als het er in strepen uitkomt…

Denken dat je weet wat je wil….maar het niet zeker weten… 🙂

stoutbeen

“Schatje ga jij nu nog een puddingsje eten?  Je gaat weer maagpijn hebben hé…”  Maar de vorige twee waren maar kleintjes…Twee uur later dacht ik bij mezelf in bed “pfff had ik maar geluisterd”.  Mijn maag was één klomp pudding die zijn weg zocht elke keer als ik me draaide.   Eigen schuld, als ik me zielig voel dan wil ik iets smoefelen.  Een aangezien er geen smoefeling in huis komt hier, dan moet je er zelf maken.  Pudding is het ideale comfort food, gemakkelijk klaar en je hoeft er niks speciaals voor in huis te halen.  De reden?  Een pijnlijke behandeling met cortisone in mijn staartbeen.  Ik weet ondertussen waarom ze je sederen voor zo’n infiltratie.  Het moment waarop de hele kamer begint te draaien en je je afvraagt of dat wel normaal is dat alles op je afkomt, komt de dokter op zijn kousenvoeten vertellen dat er weinig of geen verbetering te bemerken valt na de vorige behandeling.  Van een buzzkill gesproken zeg.  Hij hoopt dat het nu wel opgelost wordt.  “Super” was het enige dat ik naast een opgestoken duim kon zeggen. Toen ik even later de slappe lach kreeg en niet eens wist waarom eigenlijk, moest ik nog meer lachen.  “Voila, u bent klaar mevrouw, u mag vanaf nu doen wat u wilt”.  “Ik ga hier gewoon blijven liggen” bleek niet het juiste antwoord want hij had zijn tafel nog nodig.  (Dan hoop ik voor hem dat hij nooit met mensen met autisme moet gaan werken.)

hoetjatja!

Het is altijd iets aan de kassa van de GB, of die scanner werkt niet, of er zit niemand, of het gaat tergend traag (doe dan toch voort kind, doe voort!  En neen, ik heb geen interesse in een klantenkaart!) of er hangt nog maar eens geen prijs op het artikel!  Vreselijk!  Maar gisteren was het een klant die de boel ophield!  Mezelven vaneigens! Schaamtelijk!  Als de volledige inhoud van je portefeuille over de vloer rolt net op het moment dat je beslist om met de bankkaart te betalen.  En muntstukken, dat klettert zo hard, het klinkt nog eens dubbel zo luid als je oren rood zijn!  Gelukkig was er op dat moment ook een mevrouw in de lange rij wachtenden achter mij die voor een bleitend kind had gezorgd, zodat we de veroordelende blikken van de anderen konden delen.  Danku peuterpuberteit, bij een ander kind dan toch, want binnen anderhalf jaar zal het vermoedelijk mijn beurt zijn om een weerbarstig kind in bedwang te houden (alléé, waar heb ik die koeken nu gestopt in mijn sjakosj?  Ik?  Opvoedster?  Alleen op het werk hoor!).  In het terugwandelen begon ik na te denken over een liedje dat in de jeugdbeweging heel vaak gezongen werd….”de zon schijnt, zie je’t niet, wat een heerlijk gevoel…al die zon zon op je smoel!” maar ik was al thuis tegen dat ik goed en wel de volledige tekst terug uit het verleden had gegraven.  Toch eens een ervaring, met de zon op je smoel gaan!