Page 82 of 118

Mandy en de nachtpaarden

Hij achtervolgde mij op mijn werk, deur open, deur dicht, ik probeerde te ontsnappen aan het blinkende mes dat hij in zijn gehandschoende hand droeg.  Ik faalde.  Eens hij me vastgraaide probeerde ik tegen zijn voorgevel te slaan, het voelde alsof ik al mijn power samenbundelde om hem de nosejob van zijn leven te geven maar het eindigde in armtierig gezwaai door de lucht.  Uiteindelijk schoot ik wakker, de daver op mijn lijf, mijn hartslag vierdubbel in mijn keel.  Ik sprong net niet uit bed.  Als de dood om weer te gaan slapen, verschrikt om terug in de droom te belanden, want dat gebeurt als ik een nachtmerrie heb, ik slaap verder en ik word gewoon weer verdergefolterd.  In Oostenrijk droomde ik over een geest die me een hak wilde zetten en mijn grootmoeders’ huis in brand probeerde te steken.  Vreselijk.  Toen ik daar wakker werd zag ik enkel zwart, we waren vergeten om ergens een lichtje aan te laten waardoor ik maar niet kalmeerde.  Een half uur lag ik wakker, doodsbang om weer in slaap te vallen.  Ik por dan altijd eens mijn wederhelft, om te zien of hij nog naast me ligt.  In de veel te grote bedden in Oostenrijk moest ik verdorie ver reiken om hem te vinden.  Ik heb geen idee vanwaar die nachtmerries uitkomen.  De laatste weken heb ik er regelmatig last van.  Ze zijn te absurd voor woorden maar lijken zo levensecht.  Altijd moord, brand, bloed en verderf!  Dromen en hoe ze ontstaan, dat heeft me altijd al gefascineerd, hoe ontstaan die gedachten in je slaap en in hemelsnaam, hoe komt het zover dat het soms zo absurd is, de beste scenaristen kunnen het soms niet bedenken of ik droom het.  Misschien moet ik iets minder intensief naar Criminal Minds kijken.  ’t Is Mandy zijn schuld, hij moet maar zo boelkloedig niet zijn.

Oostenrijk!

Gisteren arriveerden we thuis na een rit van 1250 km.  We leven ondertussen in de herinnering van de Oostenrijkse bergen, een prachtige herinnering, dat kan ik wel zeggen.  Ik was er nog nooit geweest in zo’n bergenland en menig avonturiers zullen mij uitlachen als ze dit lezen, maar die natuur kletst mij in het gezicht.  Bergen zo hoog als je maar kan kijken, watervallen, een uitzicht picture perfect.  Een beetje beelden misschien:

IMG_6761

De enige foto waar je het lief op kunt bewonderen.  Hij houdt er niet van om op de blog te verschijnen, nochtans a sight for sore eyes.

IMG_6821

Het uitzicht uit ons appartement op een vochtige dag.  Het appartement was in typische Oostenrijkse stijl, houten vloeren, kaplampjes en bommazetels.  We kozen voor comfort door het grootste appartement van de vier te kiezen.  Ok, 6 bedden voor 3 personen was misschien een beetje te luxueus, al kan je dat van de keukenuitzet niet zeggen.  Zes borden voor zogezegd 6 personen, ik at cornflakes uit een hoog glas en ik moest halfweg het maken van spaghetti beginnen afwassen omdat ik maar één kom had.  Maar een lookpers was er wel!  Soit, verder geen commentaar op het prachtige huisje.

IMG_6813

Oostenrijk biedt veel bossen met de heerlijke typische geur.  Er waren mensen die er Schwammen gingen plukken.  Ik trok ze alleen maar met het fototoestel.  Ik zou niet weten welke paddenstoelen je mag eten en welke niet.  Het risico om te eindigen op de spoedafdeling met een etterbuilenplaag is het mij niet waard.

IMG_6854

We trokken een dag naar Slovenië waar ze hun nationale hockeyhelden op een eigen manier eren.  Blijkbaar is Anze Kopitar daar de lokale ster in het hockey en moet dit in een land met slechts 2 miljoen inwoners toch ergens zichtbaar gemaakt worden.

IMG_6862

Slovenië biedt evenveel als Oostenrijk al is het daar veel goedkoper.  Als je nog wil krempekloten kun je via een bergpas vanuit Oostenrijk naar Slovenië rijden, dan hoef je niet aan te schuiven aan de betalende bergtunnel en evenmin een wegenvignet te kopen.  Neem er wel bij dat de hoogste helling 18% is en dat er instructies staan langs de weg hoe je hem het best kan berijden.  Laat ons zeggen dat er menig keer door de lippen werd geblazen op de passagierszetel (mijn kant ter info, niets in mijn hoofd zou er ooit aan denken om zo’n bergpas zelf op te rijden, mijn echtgenoot/held deed het zonder verpinken).

IMG_6868

Will Smith zou hier zingen:”Water so clear you can see to the bottom”.  Best eigenlijk want onze zoon had per ongeluk de zonnebril van zijn vader afgesmeten in dit water, gelukkig konden we hem perfect zien liggen en dook er een lifeguard achter.

IMG_6879

Ok, de dag dat hij effectief thuiskomt in zo’n combi gaan we misschien minder lachen.

IMG_6759

“Unk?”

IMG_6770

Een rodelbahn.  Neen danku.  Na vorig jaar had ik het eventjes gehad en dit exemplaar leek nog eens zoveel hoger dan diegene in Duitsland vorige zomer.  Juist, die waar ik net niet in mijn broek had gescheisht.

P1050886

Klets!  Natuur!

P1050892

Juist, we deden een panoramawandeling “die goed begaanbaar was”.  Euhm ja, met een wandelwagen mee moet je blijkbaar kiezen voor “die goed berolbaar is”.  Hier zie je mij ploeteren tussen een hoop bosstruiken en een kind dat voorin zit te zeggen “mama, gaan we terug naar de auto?”.  Straks schatje, als we boven zijn.  In de verte zie je mijn schoonvader.  Voila, Roger, je staat er ook ne keer op.

IMG_6733

Via een nog meer misselijkmakende bergpas bezochten we een wildpark waar ze een miniatuurtreinstation hebben opgesteld.  Geweldig mooi al hou ik vooral van het woord “Murmeltier” dat voor Marmot staat.  Cutiepiediertje.

IMG_6738

De Murmeltierexpress heeft het hart van mijn zoon gestolen, ik moest hem er letterlijk van wegslepen.

Het was een fantastische reis.  Meer moet dat niet zijn!

Goodbye my friend

Hoe je het ook draait of keert: een huisdier, dat is part of the family.  Als je geen huisdieren hebt kun je dat niet begrijpen denk ik.  Gisteren was de thuiskomst minder fraai voor mijn liefje.  Iemand had Marbel aangereden: dood.  Marbel was al vijf jaar onze huiskat.  Ze kwam als klein kattejongsken bij ons wonen toen we ons vorig huis kochten.  Ik bleef me maar verwonderen over de lengte van haar haar.  Ze bezat een enorme vacht in de meest bonte kleuren. Ros, wit, grijs en zwart, ze was het misschien niet maar ze had wel de looks van een raskat.  Pieter begroef ze toen ik thuiskwam zonder dat ik haar nog heb gezien, ik wil geen dood dier in mijn gedachten, ik wil Marbel herinneren als een levendige kat, die antwoordde als ik haar aansprak.  Ok, het was maar “mjaw mjaw” maar wij verstonden elkaar.  Een kat die op me kwam slapen als ik een middagdutje deed of die keihard wegspurtte als Ilja haar spotte.  Er zijn ergere dingen in het leven, maar het doet wel vreemd zo zonder dat ankerende kopje aan het keukenraam.

wpid-img_20140718_060431.jpg

Dat je volle bak mag rocken in Kitty Heaven Marbeltje. 

 

 

 

 

Schouderklopje voor mezelf.

Een maand.  Exact 4 weken was het geleden dat ik nog eens ging lopen.  Het resultaat: 3 kg verdikt en een mailtje van Runkeeper dat ze mij missen.  Het was het mailtje dat mij over de schreef trok om er nog eens werk van te maken.  Ok, neen, het was die 3 kg.  Laat ons zeggen dat koekjes, chips, barbecue vlees, pudding, taarten, snoepjes en pralines misschien ook aan de basis liggen, in combinatie met de couch potatoe-mentaliteit, teveel regen of teveel zon en een kind dat niet meer naar school gaat tijdens mijn loopuurtjes.  “Genoeg excuses” dacht ik vanmorgen.  Ik ging voor de volle 7 km en wonderbaarlijk genoeg moest ik niet steken om thuis te geraken.  Het ging nog steeds even goed en alles was hetzelfde gebleven:

wpid-dsc_1198.jpg

6u30: De spuwende ganzen waren er nog steeds.  Lekker spuwend als altijd.  Ook een goeiemorgen.

wpid-dsc_1202.jpg

Zo zie ik eruit na 1 km.  De planten in de berm slaan tegen mijn blote kuiten en laten een spoor van dauw na.  Verfrissend!

wpid-dsc_1207.jpg     wpid-dsc_1211.jpg

De koeien staren mij aan:”Ben je daar terug?”.  Ook de schapen lijken verwonderd me te zien.  Zwarte schapen zijn ook echt wel zoveel cooler dan witte.  Als ik ooit reïncarneer in een cafébazin dan noem ik mijn café “Het Zwart Schaap”.  Gratis pintje voor alle bloglezers!

 

wpid-dsc_1216.jpg wpid-dsc_1218.jpg wpid-dsc_1219.jpg

De kerk komt in zicht.  In de fabriek zijn ze aan het werk.  Bij de brandweer is het echter stil.  “Alle deurtjes zijn dicht!” Zou Ilja hier roepen moest hij mee zijn.

wpid-dsc_1231.jpg

De zon is ondertussen ook al komen piepen.  Zalig!

wpid-dsc_1238.jpg

Hier kan ik tussen de mais linksaf slaan om een shortcut te nemen.  Ik doe het niet en hou dapper vol voor een extra 500 meter.

wpid-dsc_1249.jpg

Minderen van vaart, we naderen de bebouwde kom….

wpid-dsc_1250.jpg

De zon verdoezelt mijn roodaangelopen gezicht!

wpid-dsc_1255.jpg

Owla, zorgen dat ik niet geflitst word.  Hoh!  I’m so funny.

wpid-dsc_1262.jpg wpid-dsc_1264.jpg

Ik krijg goesting in cola.  Hoe zou dat toch komen?  Zie je mij lopen?  Mijn schaduw ziet er alvast slank uit.  Nu de rest nog.

wpid-dsc_1268.jpg

Hier wonen mensen die ik ken.  Ze slapen duidelijk nog.  Dat ze gelijk hebben, het is ondertussen 6u45.

wpid-dsc_1270.jpg wpid-dsc_1272.jpg

Na 5 km ben ik terug bij de brandweer.  Het heeft echt heel lang geduurd voor ik doorhad dat de ramen tegelijkertijd ook de nummers van de garage waren.  Van ver is het echter overduidelijk.  Op de foto ernaast ziet het eruit alsof ik onderweg een tand ben verloren.  Ik hoop eerder op 500 gram.

wpid-dsc_1275.jpg

Uitgezonderd fietsers.  En de lopers?

wpid-dsc_1284.jpg

Het laatste dier op de looproute.  Soms loopt dit paard van de buren volle bak met mij mee in zijn wei.  Vandaag is het blijkbaar te tam.

wpid-dsc_1289.jpg

Bij thuiskomst druppelt er zweet langs het topje van mijn neus naar beneden.

wpid-dsc_1290.jpg

Ik heb de slechte gewoonte om mijn schoenen af te schoppen en de linten niet los te maken.  Telkens een frustratie op het moment dat ik ze terug wil aandoen.

7u15 mijn echtgenoot komt beneden. “Ah ga je gaan lopen?”

Meer moet dat niet zijn #4

Sommige mensen danken De Goede Heer voor alle voorspoed.  Ik geniet er gewoon van zonder m(h)eer.

wpid-dsc_1175.jpg

Op een semi-regenachtige zondagvoormiddag naar zee trekken.  Er was geen kat want het miezerde.  Dat maakte het extra gemakkelijk om mijn zee-afwijzing ongedaan te maken.  Het is redelijk goed gelukt.  Ik zou er nu niet meteen naartoe trekken op een hete dag zoals gisteren maar ik ga er zeker wel eens terug in het verlof.  Gewapend met kinderarmbandjes met telefoonnummer, een stel goeie ogen en een schopje en een emmertje.

wpid-dsc_1163.jpg

Ik schrok wel van de hoeveelheid zeedierafval.

wpid-img_20140708_160059.jpg

De pony met de pony.  We noemen hem Rod Stewart.  Need I say more?

wpid-img_20140704_083319.jpg

Het lief had veel geduim/instagramliefde nodig bij zijn laatste examen.  Nu is het nog eventjes duimen voor de uitslag al heb ik er alle vertrouwen in dat het goedkomt.

wpid-img_20140704_150611.jpg

De meme kreeg een verjaardagskaartje.  Het is wonderbaarlijk, hoe slecht het er de voorbije winter voorstond, zo goed is het nu de laatste weken.

wpid-img_20140708_101504.jpg

Mijn broer werkt voor Knack.  Bij aanschaf van een abonnement kreeg je een dolce gusto apparaat als geschenk.  Uiteraard moest ik hierna een bestelling doen op de site van Nescafé.  Want je kunt toch niet de gewone espresso daarin klaarmaken?  Zo met uw knack lezend.  Gaat toch gewoon niet.

wpid-img_20140707_171339.jpg

Het is ook mooi meegenomen dat ik zijn column kan lezen.  Blijkt de rest van het magazine ook nog mijn ding te zijn.  Drie keer prijs! (“Nokel Roderik!  Waar is Tante Tine?”)

wpid-img_20140718_060431.jpg

Marbel aan het legefakken deze ochtend.  Het was pas toen ik de foto had getrokken dat ik zag dat er vlakbij haar hoofd een dode muis lag.  Gezellig.  En zeker nadat ze al een spuugske had gedaan in onze gang na haar ochtendgroet.  Gezellig tot de tweede macht.  Ze is de hele nacht buiten en het moment dat ze binnenkomt ’s morgens braakt ze.  Kwestie van het niet op een ander te doen.

Maar verder zie ik ze graag hoor.

 

it was life the old-fashioned way

Het was hard, zo na een goeie 14 dagen volle bak werken, mijn twee mannen achterlaten op ons eerste vrij weekend in vier weken.  Maar het cactusfestival wacht niet en we haalden de qualitytime gisteren meer dan voldoende in.  Het was sinds Werchter vorig jaar (Greenday!) dat ik nog op een festivalweide stond.  Hoewel een weide, het Cactusfestival bevindt zich in het Minnewaterpark en is dan ook een superlocatie voor zo’n evenement.  Hoewel het geen groot festival is zijn alle ingrediënten er wel voor.  Vooral het publiek voor het podium is op elk festival hetzelfde.  Iedere keer als ik daar probeer te genieten van een optreden is er wel iets typisch festivals:

* Sideshowbob haar, vlak voor je uiteraard: je bent gedoemd om door een bos krullen te zoeken naar het podium.

* Het babbelende stel vrienden: ze praten hun leven voorbij vlak voor je.  Ik vraag me altijd af: wat moet je nu zo dringend de hele tijd aan elkaar vertellen tijdens een optreden?

* Het verliefde koppeltje: ze kunnen elkaar niet loslaten en er moet occasioneel een kusje gegeven worden.  Of ze staan gewoon het hele optreden te lebberen.  Dat kan ook.

* De stinkers: luide muziek is blijkbaar een vrijgeleide om in een grote massa volk lustig erop los te droppen.  Meestal biergeur.  Of gegist festivaleten.  Smakelijk.

* De dronkaard: hij zwalpt door het publiek, blijft meestal op je tenen staan zwierend met een pint zodat je zeker gedoopt wordt in de typische festivalgeur.  Negen van tien brult hij luidruchtig mee met de muziek zijn pint wild in de lucht zwaaiend.  Tegelijkertijd gooit hij zijn lichaam achteruit waardoor je ook nog eens mag duiken om een achterkopstoot te vermijden.

* De bakvissenclub gone wild: geen commentaar.

Zelf had ik tijdens het geweldige Arsenal een rustig homokoppel voor me staan.  Van één van de twee was het haar perfect geknipt zoals het dezer dagen hoort, opgesneden in de nek met een lange bles vooraan.  Telkens hij een beetje meedeed met de muziek moest het haar weer goedgelegd worden.  Als ik moet kiezen tussen dit en alles wat hierboven staat dan denk ik dat ik het nog getroffen had.

Maar uiteindelijk als je ineens dit hoort:

 

dan vergeet je alles heel even rond je en is het oren open, ogen dicht en handen in de lucht.

 

3 jaar en 364 dagen!

 

Hij wil liever niet dat ik hem op mijn blog afbeeld.  Maar als ik nu een trouwfoto wil uploaden dan kan ik toch moeilijk zijn hoofd gaan wazig maken?  Hoe echtscheidingsachtig zou dat niet zijn?  We waren 4 jaar jonger en fijner maar ik heb niet het gevoel dat wij veel veranderd zijn.  Niet dat 4 jaar nu geweldig lang is maar er is toch veel gebeurd.  Het kind bijvoorbeeld.  Maar ook een verbouwing, inwonen bij mijn ouders, diploma’s behalen, ingangsexamens voor een opleiding.  Allemaal mini-relatietesten die we met glans doorstonden.  Als ik kijk naar de trouwfoto’s van die bloedhete 9e juli van 2010 kan ik jammergenoeg wel constateren dat er reeds 11 koppels vanop ons avondfeest hun relatietesten niet doorstonden.  Met 140 genodigden tel ik met mijn onwiskundig brein grofweg dat 1 op de 7 koppels reeds uit elkaar zijn.  Spijtig, wat gebeurt er om het zover te laten komen?  En wanneer start je dan met elkaar zo te gaan haten?  Dat haat en liefde dicht bij elkaar liggen is algemeen geweten, de persoon die je het liefste ziet kan je ook het meeste pijn doen.  Maar stoppen met praten tegen elkaar, gemene opmerkingen en elkaar het leven zuur maken.  Het moet diep zitten de oorzaak van zo’n breuk en in de meeste gevallen hoor je nooit het volledige verhaal.  Ok, deze post gaat de depressieve richting uit.  Laat ons stellen dat ik ten zeerste hoop dat het ons niet overkomt, zo’n gemene scheiding en dat de mensen die erin zitten eruit kunnen komen zonder al te grote wonden.  Voorlopig vier ik het feit dat we goed bezig zijn en het zal een katholiek klinken maar ik ben dankbaar voor wat ik heb.  En dat voor een koppel dat geeneens voor de kerk trouwde!  Ketters!

avec deux boules avec du chocolatte é madame

De zee, wij gaan daar nu eens bijna nooit.  Het is nochtans niet ver rijden, maar de zee is precies nooit een optie.  Bij Kerygma zie ik foto’s die er geweldig amusant uitzien en ik denk bij mezelf: waarom ga ik nooit naar zee?  Mijn innerlijke pessimist zeg dat ik daar geen parking ga vinden op warme dagen.  De freak roept: er is geen omheining aan de zee, mijn kind kan er gewoon verloren lopen terwijl ik even mijn zonnebril tracht te vinden in mijn sjakosj.  En dan ga ik door dat zand moeten crossen en roepen achter hem terwijl de paniek steeds groter wordt.  De chiller zucht: er is teveel volk aan de zee, ze zullen mij daar crushen met hun plakkerige zomerhanden.  Aan de zee zit er overal zand aan je, aan je tenen, aan je kleren, aan je ijscrème.  De anti-zonneklopper wappert: er is geen schaduw aan de zee.  Het kind in mij zegt: je kunt verdrinken in de zee.  Trust me, ik heb het aan den lijve ondervonden.  Een vreemde meneer kwam me redden, al een geluk of deze blogster was nooit +5 jaar geworden.  Iedere ijverige psycholoog wijt mijn zee-afwijzing aan dat kleine trauma, maar in feite denk ik niet dat dat er iets mee te maken heeft.  Het spreekt mij precies echt niet aan, zo naar de zee crossen.  In de winter voor een wandeling, ja dat wel.  En zeemeeuwen die op uw vest kakken.  Maar kijk, in de zomer, ’t is wel eens het proberen waard, I could prove myself wrong en misschien heeft mijn kind wel de tijd van zijn leven zo in het zand en in dat vieze water met die kwallen. En dan kan ik mijn Frans oppoetsen, om een crème te bestellen.  “Toch een beetje een vakantiegevoel!” roept de optimist in mij.

Iron Man

Het is niet dat ik dat niet apprecieer, zijn hulp in het huishouden.  Het verstoort gewoon soms mijn ritme.  Het probleem is dat het ritme alleen door mezelf is te snappen waardoor het nog moeilijker wordt om het uit te leggen.  I guess it’s a Liese-thing.  Soms denk ik “fuck it, ik doe vandaag geen was, ik heb er geen zin in”.  Als ik dan thuiskom van het werk blijkt hij toch zijn kleren gewassen te hebben en staat er een wasmachine te pinken dat hij klaar is, ik kan dat niet zien, dat moet geledigd worden.  Alsof het knipperende lichtje “leeg mij! leeg mij!” roept, ik peis soms dat ik het kan horen.  En dan heb ik uiteraard nog steeds geen zin in was doen en sta ik toch te helpen bij het ophangen.  Want: als hij was uithangt dan eindigt het toch in kleine correcties die ik doe, gewoon maar om het strijken van mijn eigen kleren te beperken.  Opnieuw, ik apprecieer het, die hulp.  Gelukkig doet hij zijn eigen strijk -hij vindt namelijk heimelijk dat ik dat niet zo goed kan, en alles wat je zelf doet doe je beter- en ik doe alsof ik niet weet dat hij er zo over denkt – win-win-situatie noem ik dat, zeker met een echtgenoot die dagelijks een vers overhemd draagt.  Het is al zo geëvolueerd dat ik weinig tot nooit meer strijk.  Ik beschik namelijk over excellente ophang/opplooi-technieken of ik ben gewoon niet zindelijk.  Komt erbij: als er al eens iets moet gestreken worden kan ik het rustig op de strijkplank leggen, het gebeurt perfect.  Misschien moet ik wel vermelden dat ik zowat al de rest in het huishouden binnen doe.  Kwestie van niet volledig als een luie doos over te komen.  Terecht (over dat huishouden doen, niet over die luie doos), ik werk ook 1/5e minder uren en ik heb meer tijd door de flexibiliteit van mijn uurrooster. Zagen over het feit dat ik het huishouden moet doen probeer ik te beperken, ik doe in feite qua timing mijn goesting.  Dat is uiteraard zo weinig mogelijk, indien dit nog niet duidelijk was gebleken op deze blog (hey, ik heb een volledig item kuisvrees op deze pagina!).  Dat de vloer niet elke week gedweild wordt of de ramen soms maanden geen zeemvel zien, dat neem ik er maar bij.  Als het te erg is doe ik het wel.  Met tijd en goesting.

 

Dolfijn!

Mijn lief dacht dat het een veredeld aquarium was, ik had een vernieuwd pretpark voor ogen.  We besloten het eens te gaan bekijken gisteren en trokken naar Boudewijn Seapark.  Bij aankomst, een uur na opening, bleek de parking voor 1/4e gevuld, er was zelfs nog parkeerplaats in de straat die eraan grensde (sorry buurtbewoners).  Aan de ingang kregen we prompt een vogel op onze schouder en de bijhorende hoop foto’s (zie je wel –> pretpark) in gebroken Nederlands “lache jongeman!”, dat was tegen Ilja, ons noemden ze vriendelijk “mevrouw en meneer”, een gezinsfoto later stapten we een half gerenoveerd, half verloederd park binnen.  Er was weinig bebloeming, en alles had precies een likje verf nodig.  Het personeel was er echter supervriendelijk, er was dan ook -behalve enkele gezinnen en een tweetal scoutsgroepen- geen kat in het park te vinden.  We startten met de zeeleeuwenshow.  Zie van zo’n dingen word ik dus blij, ik heb dan ook niet veel nodig.  Een zeeleeuw die op een trap loopt of in zijn handen klapt en ik ben content. (de protesten tegen aquaria en dieren in gevangenschap tracht ik even te negeren, ik had niet de indruk dat ik met een ongelukkige zeeleeuw had te maken al heb ik natuurlijk geen zicht op het totaalplaatje).

  P1050838Euhw Euhw Euhw

De zoon bekeek het allemaal met grote ogen terwijl de meiden van scoutsgroep achter ons op de tribune hem al bijna hun jongste lid maakten “Kom maar bij ons zitten hoor, hier tussen ons”.  Binnen enkele jaren schrijf ik hem in in de Chiro, no doubt.  Kunnen zijn vader en ik middagdutjes doen op zondagmiddag.

Boudewijnpark blijkt enorm aangepast aan jongere kinderen, er zijn iedere stap speelpleinen, Ilja mocht met zijn 94 cm op bijna elke attractie, niet dat er zo superveel zijn, maar we zijn toch enkele uren zoet geweest en dan hebben we nog het indoorpretpark niet bezocht.  De dolfijnenshow was spectaculairder dan ik me kon herinneren.

P1050843

 

Instant fan van dolfijnen.  Dit gespierde dier lijkt ook altijd te glimlachen.

Het park kan nog wel opfrissing gebruiken al zijn sommige attracties wel nieuw.  Zoals de piratenboot voor kleinere kinderen.  De scoutsmeiden zetten zich terug bij Ilja en nodigden ook mijn echtgenoot uit om dichter bij hen te zitten.  (Tjah, het is een hunk en zij hebben ogen in hun kop).  Op de orkaride mocht ook de zoon mee al zei hij verschillende keren “ik ben een beetje bang”.  Geen erg, mama was ook een beetje bang en er kwamen bij beiden geen traantjes of pipibroeken aan te pas.  Gelukkig waren er ook de klassieke kermisattracties zoals vliegtuigjes in de vorm van dolfijntjes.

P1050861

In de ene vliegende dolfijn mocht je als volwassene zitten, in degene die erachter kwam niet.  Ik weet het aan het evenwicht van het toestel en hoopte dat het ding niet ging gaan kantelen.

De volgende keer wordt er zeker gezwommen in het outdoorkleuterzwembad dat in juli opent en bij slecht weer testen we het indoorpretpark.  Ja, Boudewijnpark, gaan we zeker nog eens terug, ook al heb ik goesting om mijn verfpotten mee te nemen.