De Rem en Het Tandvlees.
Het zit in de kleine dingetjes bij mij. Zoveel meer zuchten. Een half uur eerder dan anders in slaap vallen in de zetel. Bergen was die op miraculeuze wijze torentjes vormen in de hoekjes van het washok en de badkamer. Te hoog om het nog door de kabouters te laten doen. Ik zei een beetje teveel “ja” de laatste weken. Op alles wat me werd gevraagd namelijk. Het wordt tijd om op de rem te gaan staan. Twee weken geleden zegde ik een vriendinnendate af omdat mijn hoofd op ontploffen stond. Ik zit erop: mijn tandvlees. Er gebeuren dingen thuis die ik begin te verwarren met gebeurtenissen op het werk. Zo zag ik batterijen liggen op de keukentablet en dacht ik “ah, dat zijn die batterijen voor in onze draagbare telefoon, die zijn plat”. De draagbare telefoon was echter die vanop het werk. Nog een tiental dagen op mijn tandvlees bijten en dan is het eindelijk zo ver, drie weken de boeken toe.
Toch is het niet allemaal kommer en kwel: vorig weekend wisselde ik een dienst om naar Dinos Alive te kunnen gaan in Oostende. Via Heidi en op uitnodiging van de dienst toerisme Oostende mocht ik ontbijten in het Hotel Mercure en daarna met mijn gezin de tentoonstelling bezoeken. I’m a real blogger now! (riep ze ironisch en Pinokkio-uit-Shrek-gewijs) Bedankt aan allen trouwens hiervoor. Een 5-jarige zoon en een 6-jarig metekindje leken me hiervoor een uitstekend publiek. Het evenement is ook interessant voor oudere kinderen die geen moeite hebben om “Triceratops” te spellen, zelf breek ik daar mijn tong over.


Levensgroot en creepy bewegend, mijn stoere zoon was er in het begin niet te tuk op, maar toen hij tegen een T-Rex mocht racen op een groot scherm was het enthousiasme al serieus de lucht in gegaan.

Met eigenaardige 3D-brillen begeef je je in een Dino-domein waardoor je SimCity-gewijs je weg kan zoeken. Best wel grappig om die handjes voor die brillen te zien grijpen naar de beelden.
De expo is nog tot 4 september te bezoeken in het Kursaal van Oostende. Meer info vind je hier.
En anders? We doen altijd voort.
Linus droegen we de vorige week rond in de rugzak bij het bezoeken van de rally in Ieper. In de buggy moet het altijd vooruitgaan, stilstaan is achteruitgaan volgens mister Ruskabus, en dat bevestigt hij steevast met een concert. In de rugzak lijkt alles interessanter, op hoogte van een volwassene en nu en dan eens in moeders’ haar wrijven of aan papa’s oren prutsen.

Elf kilo en half weegt hij. U-huh, serieus baasje, nog steeds.
Deze middag ging ik nog eens gaan zwemmen met mijn oudste pagadder. Veel entertainment was er niet nodig toen ik een vriendin tegenkwam met een deel van haar kroost: kinderen content, moeders tateren in het warme peuterbad. Achteraf hadden we “verkrompelde handen” aldus Ilja.

Ik ben ook nog steeds braaf bezig in mijn bullet journal. De verlofweken worden reeds mooi uitgeschreven, nu stoppen met plannen, want hoe graag ik ook “neen” wil zeggen op dingen, soms moet ik daar echt werk van maken.

Leren banners uittekenen, dat biedt wel rust moet ik zeggen. Er is nog werk aan de winkel maar ik vind het alvast heel ontspannend.









het moet verwoorden, een hype moet zichzelf ook altijd dubbel bewijzen vermoed ik. Ondertussen ben ik begonnen in de klomp: “Tijdmeters” van David Mitchell.

Gewonnen: Niet alleen het beaublue pakket heb ik gewonnen, ook bij 








