Page 106 of 117

en ja, ik kan nog ademen

Anderhalf jaar lag hij me aan te staren.  Soms lachte hij me al eens uit.  Toch bleef hij steeds liggen, op hetzelfde plekje.  Sommige vrouwen kunnen hem aantrekken net voor ze uit de deur van het moederhuis stappen, ik echter niet.

“We all have one, hiding in our closet, the skinny jeans”  Wie Sex and The City graag ziet weet waarschijnlijk waarover ik het heb, die jeansbroek waar je geen afscheid van kunt nemen, ook al pas je er al meer dan een jaar niet meer in.  Wel…het vele appelvreten heeft eindelijk iets opgeleverd!  Ik pas ein-de-lijk terug in mijn favoriete jeansbroek van voor mijn zwangerschap (ja, ik weet het, ’t is laat).  Je moet je nu geen illusies beginnen maken, het gaat hier niet over een broek van honderden euro’s.  Neen, het ding is versleten tot op de draad, kostte mij bijna niets. Maar heeft die smeerlap mij uitgelachen!  En zijn lach klonk extra vettig de keren dat ik hem durfde passen en hem moest terugleggen.  Hoewel ik me had voorgenomen om 5 kg te verliezen en dit nog niet gelukt is, ben ik toch blij dat ik die ene tussenstap al overwonnen heb.  De teller staat op min 3,5kg sinds 30 mei.  We doen verder, appels etend doen we rustig verder.

Dating a sailor

Sinds een groot jaar hangt er een aanhangbootje aan ons huwelijksvlot.  Het is zo mooi, je kunt het niet in woorden omschrijven.  Tijdens het varen kijken we telkens achter ons als het er nog wel aanhangt, samen of elk om beurt.  Nu en dan kijken we elk onze eigen kant op, nu en dan kijken we naar elkaar, maar het aanhangbootje is steeds bij ons.  In dat grote jaar leerden we dat ons minibootje constant onderhoud nodig heeft.  Het vraagt veel, maar als je aan het varen bent, en je kijkt achter je, dan zie je dat kleine bootje steeds liever en liever, je kan het niet meer missen en je kijkt altijd maar meer om.  Het is altijd blij, altijd content, en nu en dan vaart het al eens alleen, het durft nog niet goed, maar het probeert.  Hoe graag je het ook ziet, de extra vracht weegt soms wel eens door.  Ons huwelijksvlot is er echter ook nog.  Al twee jaar ondertussen, en ook deze boot heeft onderhoud nodig.  We hebben er nood aan.  Alletwee.  Aan een beetje gesleutel aan ons.  We kijken altijd naar het aanhangbootje, maar er zijn ook nog andere dingen te zien.  Dinsdag meren we aan op kaai Opa en gaan we samen eten.  Het huwelijksbootje heeft nood aan brandstof.  Prettige huwelijksverjaardag liefje, ik kan me geen betere medepiloot voorstellen voor ons schip.

auwrm

De weetjes van voorbije week:

  • De voorste tanden zijn de snijtanden, de tanden die ernaast staan zijn de zijsnijtanden.
  • Een gesprongen ader kan voor een massaal grote blauwe plek zorgen, zo blauw dat je erover aangesproken wordt
  • Hirudoid is een middel om blauwe plekken te behandelen
  • Het helpt voor geen meter
  • Oordeel zelf maar:
  • Als de elektriciteit uitvalt is het in mijn geval beter om niet in de “plongkast” te fikkelen.
  • Ik deed het echter toch
  • Wat resulteerde in het ongewild aanzetten van onze elektrische verwarming die ’s nachts oplaadt
  • Chauffage aan + 21 graden buiten = gratis sauna
  • Als je auto niet wil starten en alles begint te knipperen in je dashboard dan moet je niet verwachten dat De Grote Autohersteller er binnen het uur zal zijn
  • Ik ben zo naïef om te denken dat dat wel zo ging zijn
  • Zo zat ik ongewenst drie uur gegijzeld thuis
  • En dat terwijl de solden van start gingen
  • En de moestiekat in de crèche was
  • Het emoshoppen in het laatste half uur dat ik nog overhad voor ik moest werken heeft me toch een leuk kleedje opgeleverd
  • De kapotte batterij echter een oh zo zure factuur
  • Ik heb volgende week nog eens een date
  • Met een knappe man
  • Oh yeah
  • Reden te meer om mijn nieuw kleedje aan te doen

en toch blijven spelen hé

Monopoly…het staat hier bij ons thuis, de versie die we jaren speelden toen we nog thuis woonden.  De doos is stokoud, er zijn nog briefjes van 10 000 fr in te vinden.  Die oranje briefjes waren het meest begeerd, ik ging al mijn blauwtjes wisselen om toch maar ééntje van 10 000 fr in mijn bezit te hebben.   Mijn broer koos steeds de sportwagen als pion, ik ging meestal voor het strijkijzer (oh de ironie, de vrouw die al het strijken aan haar man overlaat koos vroeger het strijkijzer).  Iedere keer, maar dan ook iedere godganse keer opnieuw verloor ik.  Vanaf hij zijn hotels begon te kopen was het hek van de dam en gingen mijn oranje briefjes jammergenoeg steeds naar overkant van het bord.  Het straatgeld was altijd voldoende om radicaal failliet te gaan, al had ik nog regelmatig eens geluk toen ik “de pot” won.  En wat er zeker niet mocht aan ontbreken tijdens één van zijn vele triomfen: de grijns op zijn gezicht terwijl hij  “keep the change” riep als HIJ eens iets moest betalen aan MIJ.

Vandaag op/in De Standaard:

Bordspelen op de tablet: nooit meer een pion kwijt

Vandaag om 03:00 , door wle in Apps

Bordspelen op de tablet: nooit meer een pion kwijt
© rr
Niets dat onderweg op reis handiger was om je bezig te houden dan bordspelletjes. Alleen: die dingen gingen aan het schuiven, en voor je het wist was je een paar stukken kwijt. Het is dan eigenlijk niet verbazend dat een aantal van de meest succesvolle apps aangepaste versies van die bordspelletjes van toen zijn.
Monopoly

Monopoly is een spel dat zich niet zo goed leent tot een transfer naar iPad, zou je denken. Het bord is vrij groot en bevat veel kleine lettertjes (de straatnamen). Maar dat weeg niet op tegen het grote voordel: u moet de tablet niet moet doorgeven of draaien, want iedereen kan aan zijn kant van het bord blijven zitten.

volledige artikel en bron: http://www.standaard.be/mobilia/cnt/DMF20120629_134

Maar hoe moet je dan met al je geld zwaaien naar je tegenspeler?  Een waaiertje maken van je oranje briefjes en jezelf koelte toewapperen terwijl de ander zijn laatste geld samenschraapt?  Je huizen weer mooi op het bord zetten omdat de ander er met zijn sportkar is ingereden…Je ziet, ik heb misschien toch wel eens gewonnen, tijdens één van zijn zwakke momentjes.  Ik vermoed dat ik die drie keren vermeld heb in mijn dagboek vroeger.

I’m a lover, I’m a child, I’m a mother

Ieder diertje zijn pleziertje.  Grappige uitspraak, maar het helpt me om bepaalde dingen binnen zijn context te plaatsen.  Soms worden de bezigheden van een ander veroordeeld terwijl we zelf misschien een hobby hebben waar een ander ogen van optrekt.  Ik wed dat er mensen zijn die zich afvragen waarom ik mijn tijd op de blog verspil en wat er daar nu eigenlijk zo amusant aan is.  Ik betrapte mezelf er gisteren op dat ik dacht “oh my god, what’s the fuzz” toen een vriend een eigenaardige usbhub de lucht in prees op facebook.  In mijn ogen is het een usbhub, aan de commentaren te lezen was het blijkbaar een technisch hoogstandje waar je veel te lang op moest wachten als je het bestelde.  (sorry Alexander 🙂 )  Om maar te zeggen, elk zijn ding.  Wil jij graag honderden euro’s uitgeven om op Rock Werchter ladderzat de helft van de optredens te missen, doe maar.  Spendeer je liever duizenden euro’s aan een spoiler voor op je wagen, be my guest.  Het oordeel erover zul je steeds wel horen van iemand die het kwijt wil.  “Dat ze maar doen” zeg ik dan meestal nadat ik mijn oordeel gegeven heb in intieme kring, ik ben geen heilige, verre van…Ik roddel al eens, ik mem regelmatig, ik geef onnodige commentaar of ik bitch tegen Pieter over futiliteiten.  Maakt het iets goed dat ik ook op tijd en stond met mezelf lach?

irrisquito

4u45 sloop mijn echtgenoot uit bed, zo stil als hij kon….het hielp niet, mijn lichaam hoort wakkerheid en het is mee wakker.  “Maar nu is het echt te vroeg om al op te staan” zegt mijn verstand zo verstandig als het maar kan zijn om 4u45, mijn blaas noemt het “zo rap als je kan naar beneden, rapper!”  Na drie kwartier tweestrijd won de blaas het van het verstand (damn you weak verstand).  Toen ik terug in bed dook was de interne wekker bij mijn andere schat blijkbaar ook afgegaan “dadamamapapamamamamadada”, gelukkig kon een tutje even zijn hersentjes verschalken en viel hij vlug terug in slaap.  Als dat grote onweer dan al gepasseerd is vannacht, dan heeft het alleszins voor weinig afkoeling gezorgd.  De hanen in het geburchte dachten er ook zo over en kraaiden elkaar naar de bek.  We slapen niet veel met de velux open, maar deze keer was het echt niet te doen.  Als iedereen weer stilgevallen is, inclusief mijn weak verstand dat besefte dat slapen echt nog nodig was, voelde ik mezelf eindelijk weer wegsoezen in het veel te warme donsdeken, zalig….Tot ineens de befaamde doekedoekedoekedoek-geluiden op het dak, Marbel is terug van haar nachtuitstap….en de velux staat nog altijd open.  Het is een vreemd zicht, je ogen opendoen en je kat haar kop daar ineens boven je zien hangen. Als zij uiteindelijk terug naar buiten is gejaagd kan ik eindelijk verderwentelen want het lukt wonderwel goed.  En dan….geweldig fijn slapen waarin je droomt en beseft dat je eigenlijk gewoon droomt….MIIIIIIEEEEEEEEEEE  –>  een mug, aan je oor, in je slaap, ooit uitgeroepen tot het meest irritante geluid ever zeker?  In mijn wereld is het dat alleszins.  Die echtgenoot van me, die had geluk dat hij er niet meer bij was, want mijn maaiende armen gingen hem meer dan een muggenbeet bezorgd hebben….en toch is hij zo stil geweest….merci honey, je ziet, het haalt niet altijd iets uit!

soepkieken

Sommige dagdagelijkse dingen doe je heel bewust, zoals de was al dan niet buitenhangen met dit belgische weer.  Andere dingen doe je dan op automatische piloot.  Die piloot wordt gevoed door het routinematig wegzetten van het materiaal dat je gebruikt voor je dagdagelijkse handelingen.  De wasspelden staan op de wasmachine, vochtige doekjes staan onderaan de verzorgingstafel, de rijst staat in de glazen pot naast het fornuis.  Gisteren verwarmde ik een restje en kookte ik de rijst uit zo’n routinepot.  Dacht ik….

Een keer dat de soepletters gekookt waren was het toch moeilijker om er “damn” mee te spellen, maar mijn automatische piloot heeft niet geklaagd, het heeft alsnog gesmaakt.

 

of ben ik nu niet lief voor de andere mensen?

Het is altijd hetzelfde in van die subtropische zwembaden.  Ben je rustig op je gemak in zo’n brubbeldingen aan het wentelen, zwemt er ineens een verlorengelopen plakker voorbij.  Even later voel je een blad van zo’n palmboom op je schouder vallen waardoor je een vreemde –er-zit-een-beest-op-mijn-schouder-dans begint te doen.  Hetzelfde als zo’n blad in het water aan je tenen kietelt –> instant doemgedachten van waterslangen komen dan in mij op.  Elke keer staar ik naar mijn voeten als ik over de artificiële keienvloer pekkel, doodsbang om op mijn smoel te gaan, dat wil je toch echt niet meemaken in een overvolle aquamundo.  Niet dat iemand moet onderdoen voor mijn mogelijke marginale uitspattingen.  Wat ik daar allemaal heb zien passeren de voorbije week….vergeet Sonja Kimpen.  Als je je wil beter in je vel voelen moet je gewoon eens een uurtje in zo’n zwembad rondlopen.  Een beetje cellulitis, een zwangerschapsstriem hier of daar of een kilootje meer…geen probleem, ik moest enkel mijn ogen opdoen tussen het raar dansen en slangenfreaken door.  Blijkbaar ben ik niet de enige die niet perfect is!

 

liese voedert de dieren – deel 1 –

“Dan duw ik ze gewoon nog eens naar beneden” dacht ik toen mijn geroosterde boterhammetjes afgekoeld stonden te wachten in de broodrooster.  Geroosterd brood is pas geslaagd als het mooi warm heeft.  Toen ik anderhalve minuut later terugkwam uit de slaapkamer zag ik twee dingen: rook en twee zwarte boterhammen die op een bord werden gegooid.  “Oepsie, miscalculatietje” de twee stinkende schijven legde ik met bord en al buiten op de ligzetel om uit te roken en het duurde toch nog een half uur voor onze leefruimte er niet meer uitzag als een discotheek gone bad.  Drie uur later kwamen we terug van het zwembad en wat bleek, één van de twee zwarte boterhammen was verdwenen.  Waarom de andere was blijven liggen, wie zal het zeggen.  Gisterenavond werd duidelijk wie de dader was.  Je denkt, een vogel, of misschien een hongerige kat. Je denkt echter niet dat er ineens een hert op je terras komt en alles opeet dat hij tegenkomt.  En we spreken hier niet over een bambietje dat zijn mama kwijt is…neen, we spreken over een gigahert!  Een lomp beest dat etend zijn weg zoekt en daarbij net zijn snoet niet binnensteekt in je living.  En een hert dat geroosterde boterhammen eet, dat klinkt dus helemaal zoals je denkt dat het zou klinken hé.  “grawtsj grawtsj grawtsj”.

Toch nog een beetje extra gegooid, gasten mogen niet met een lege maag vertrekken bij ons!

en terwijl ik dit typ passeert er een hert op ons terras, maar volgende keer meer daarover

Mijn frans is terrible.  In de middelbare school kreeg ik vele uren frans, inclusief franse handelscorrespondentie.  Het was pas nadat ik de eerste les hiervan had gekregen dat ik besefte dat ik officieel in de meest saaie richting van de school zat.  Toch was ik de taal enigszins een beetje machtig en het was niet voor niets geweest al die ellenlange woordenlijsten.  Ik kon me uit de slag slaan en ik begreep wat men tegen mij zei, eventueel met enige verdere uitleg of gebaren.  Nu, twaalf jaar later, blijft er niets meer van over.  “Je peux (met een potje olvarit in de hand) chauffer ca ici?” gecombineerd met de gebaren van het openen van een microgolf erbij (ik, in een wegrestaurant, samen met een hongerige baby).  La fille begreep mij maar ik voelde me un petit peu stupide.  Het zal misschien negatief overkomen, toch bedoel ik het zo niet, maar door zelf onbegrijpbaar te zijn besef ik ineens hoe het soms moet zijn voor de bewoners op het werk.  Als ik drie of vier keer “wat zeg je?” moet vragen als iemand iets komt vertellen, hoe frustrerend moet dat niet zijn?  “Tu as compris?” vroeg de gebronzeerde dandy die het babyzwemmen gisteren uitlegde, Pieter knikte ja, ik keek als een koe op de laatste trein. “You translate” zei hij tegen Pieter en wees daarna naar mij.  Holy cr…gelukkig is mijn engels nog heel goed om te weten hoe mijn gezicht eruit moet gezien hebben bij de veel te vlugge uitleg.  Oh ja, er werkt hier iemand die Jean-Louis Poisson heet.  Dat dat vergif betekent weet ik toch nog….(nee echt niet…zo erg is het toch niet).