Page 90 of 117

De consequentiefase

Als er nu één eigenschap is die ik mezelf niet toeschrijf dan is het wel koppigheid.  Ik blijf geen dagen kwaad, ik blijf niet pertinent “neen” zeggen als ik mijn gedacht niet krijg.  Mijn peuterpuber daarentegen kan er ferm weg mee.  Het heet dan ook niet voor niets “de koppigheidsfase”, hey, sommige dingen zijn wel heel duidelijk en rechtdoor in hun benaming.  Omdat hij gisteren quasi niets at wil ik dat hij vandaag een boterham eet bij zijn ontbijt.  Hij is echter alleen geïnteresseerd in spelen met de doos nieuwe auto’s die hij van een lieve vriendin doorkreeg.  Compromis: “Je eet eerst een boterham, en dan mag je spelen met je nieuwe auto’s”.  Wenen, pantomime, roepen, met de handjes kloppen op de billen, op en neer springen, op zijn hollands roepen “nej nej nej”, de boterhammen vliegen meermaals naar het midden van de tafel.  Het lijkt geen effect te hebben, daarop neem ik de doos nieuwe auto’s en zet ze in de garage, iets wat nog meer getier en gebrul veroorzaakt.  De boterhammen laat ik liggen op de tafel en de boodschap is duidelijk: eerst boterhammen, dan spelen. . . Het monstertje beslist om van tafel te gaan en met zijn “oud” speelgoed te gaan spelen.  Soms komt hij vragen om de nieuwe auto’s, en de blauwe brommer.  Ik toon hem de boterhammen en zeg dat hij pas mag spelen met de nieuwe auto’s als de boterhammen op zijn.  Wat een hele fijne ochtend kon zijn met nieuwe auto’s ontdekken verandert in een ochtend met wenen, jammeren, roepen.  Kortom. . . fantastisch.  Consequent zijn is altijd de saaiste oplossing.  Ondertussen blijft hij koppig neen zeggen en blijven de auto’s in onze garage staan, is de sfeer onder nul en is mijn humeur verpest.  Hij is wel zijn oud speelgoed aan het herontdekken.  Soms vraag ik me echt af wat het allemaal oplevert, dat strijden, die ruzie’s.  Ik wil de boevrouw niet spelen maar tegelijk wil ik graag dat hij iets eet.  Ik wil in mijn vrije voormiddag een leuke tijd met mijn zoon maar zo’n situaties zijn absoluut een dieptepunt.  Als het wenen mij nader staat dan het lachen komt hij ineens in de keuken bij me “stuutje eten?”.  We gaan aan tafel, ik bied hem de boterham aan, hij eet die op tot de laatste kruimel.  “Nog een stuutje?” vraagt hij.  Hij eet nog een beetje van een tweede boterham.   Ik triomfeer niet, ik ben alleen blij dat hij iets eet.  En dat hij zijn nieuwe auto’s kan ontdekken. . .

Mazeltofkes!

Een mening is vlug gegeven, en soms is het onnodig om die te spuien.  Horen, zien en zwijgen is in meerdere gevallen de betere optie.  Bepaalde situaties of gebeurtenissen kan ik beter plaatsen door er eens goed over door te denken.  Of het op mijn blog smijten, thah!

* vrouwen met een BitchyRestingFace, geen mening over, daar kun je niet aan doen.  BRF is je gezichtsbouw, en dat krijg je mee van je geboorte.  Maar als BRF-vrouwen tegelijkertijd ook een BitchyMovingFace hebben, dan kun je je al eens de bedenking maken van “eila, not in my club!”

* een weekendje afstappen van het dieet.  Ahja ik sta al een maand op dieet.  Het is niet meer spekken-galore of “laten we eens een uur na het middagmaal pannenkoeken bakken”.  Gisteren vroeg iemand al “amaai, je bent nogal afgeslankt zeker?” Glans glans.  Dan is het wel een beetje lame als je antwoordt dat er eigenlijk maar een grote drie kilo weg zijn.  En het schuldgevoel dat ik vandaag heb na twee avonden uit de band springen is er alleen maar groter op.  Ik was eindelijk deze week voor de eerste keer in maanden die lelijke 8 kwijt.  Die 8, twee rondjes op elkaar, stond gelijk aan de twee laagjes boven mijn broeksboord.  Deze morgen was hij er terug, maar vanaf vandaag is het weer magere yoghurt, fruit en sport.  En totaal negeren dat er nog drie kleine zakjes chips in de voorraadkast zitten.  De voorraadkast in het washok.  Boven de diepvries.  Onderste schap rechts.

* de rokende zwangere vrouw.  Of de drinkende zwangere vrouw.  Twee keer fout.  Mijn mening.  Kleine baby’s horen niet te drinken of te roken.  “Maar de dokter heeft gezegd dat ééntje geen kwaad kan”.  Ahja doe maar nog eens vol dan.

*  de naar-ons-huis-staarders.  Dat komt ervan als je in een gehucht woont en de woning van de lokale stierenboer overgekocht hebt.  Ineens is het blijkbaar spectaculair als daar nieuwe ramen in zitten.  “Amaai, ’t is nogal veranderd”  Enkele weken geleden stond hier gewoon een hele groep gebloemde rokken op straat naar ons huis te kijken, commentaar inclusief.  In het begin dat we hier woonden heeft Pieter er nog enkele “van ons erf” moeten jagen.  Ze wilden den hof eens inspecteren en de buren nog eens goed blameren.

* de naar-mijn-buik-staarders.  Is zij nu zwanger of is dat nu een 8-buikje?  Het is een 8-buikje.  En het voorbije weekend kon ik alle insinuaties nog eens ontkrachten door lekker te aperitieven met voldoende cava.  Iets wat ik anders niet zou doen (zie twee punten hierboven) tenzij ik op dieet zou staan, maar gelukkig sprong ik uit de band het voorbije weekend.  Een drinkende dieetende vrouw. . . fout.  Maar tegelijkertijd was even van het dieet afstappen ook meteen een middel om de loerende buikkijkers af te schrikken.  “Nog een beetje cava mevrouw?” Bwah, tis gin seule!

* de DJ die door de micro roept.  Fout.  Negen van tien fout.  Gisteren was er één van die negen van.  Vooral de op-VJ-Tony-wijze “Komaan, meisjes van plezier!”  was het toppunt.  Dachten we.  Tot hij drie keer “mazeltov” meebrulde bij The Black Eyed Peas en “Shaken met die heupen meisjes!” erbij smeet.  Het was toch amusant hoor.  Dj’s uitlachen is namelijk een middel om van mijn BRF af te stappen.

 

Poetin en Bush

We kunnen elkaar hier nogal eens op stang jagen.  Aangezien we beiden vatbaar zijn voor catchy liedjes  “Ah, ‘tis kabouter Plop op TV.  De kabouterkermis staat weer in het bos!  Olei!” of “Wickie De Viking, hey hey Wickie, Wickie Wickie Hey!”  Fucking Viking.  Het is niet eens een mooi tekenfilmpje.  We hoorden het gisteren nog nascanderen door de babyfoon.  Aan de andere kant kan ik ook cranky worden als er voor de tweede keer Foo Fighters gedraaid wordt op stubru en mijn lief mij daar nog eens op wijst.  Geen Foo Fighters-liefhebber ik.  Als enige op de wereld.  Ik weet het.  Sommige nummers heb je beter ook helemaal niet in je hoofd, zoals Wuthering Heights van Kate Bush.  Niemand kan zoiets zingen zoals het hoort, echt niemand.  Het is zelfs in de auto niet gepermitteerd om dit mee te zingen, ik vermoed dat het sterretje in mijn voorruit vlugger zou doorbarsten dan gedacht.  Ik versta er ook totaal de tekst niet van “it’s true, it’s me, oh katy, oh come home now” of zoiets.

Over sterretjes in de voorruit, ik zag de meneer in de autokeuring deze morgen daar eens over wrijven, dacht bij mezelf. . .”shit, dat komt hier niet goed”.  Hij dacht hetzelfde toen hij mijn auto niet eens kon starten.  Ik moest hem zelf uitleggen dat hij de embrayage moest induwen alvorens op de startknop te duwen.  Bleek die kerel geen West-Vlaming te zijn en moest ik dan zelf gaan nadenken over het mooie woord voor embrayage.  “De koppeling ingeduwd houden!” riep ik naar de beschaamde autotechnieker.  Een beetje leedvermaak borrelde op.  En een beetje compassie ook.  Dat heet dan weer medelijden in het schoon Vlaams.  Ohja, en Poetin was daar nergens te bespeuren deze keer. . .

Mijn naam is Lieselotte, ik blijf een roker. In koor: “Dag Lieselotte”

Sommige zelfstandigen bouwen zo’n mooie zaak uit, tot in de puntjes gerenoveerd, mooie gevel, alles erop en eraan.  Jammer genoeg plaatsen ze dan zo’n zwarte borden voor de deur waarop ze in witte (of nog erger: gekleurde) stift hun promoties aankondigen.  Niet dat die borden afgrijselijk zijn, maar het is soms zo’n zootje op die dingen.  Verschillende handschriften door elkaar, schots en scheef, veel!!! te!!!! veel!!!! uitroepingstekens.  De grootste horror is toch echt wel: spelfouten.  Ik ben niet vrij van zonde, ik maak ook spelfouten, maar ik krijg toch wel de hibbie jibbies als ik zo’n zwart bord passeer waarop staat “spagetti” of “rebbetjes a volenté”.  Hell, het doet soms pijn aan mijn ogen.  Ik heb soms goesting om uit mijn auto te springen en het te corrigeren.

Ohja, en behalve mij ergeren aan zwartebordenspelfouten kochten we gisteren ook de laatste azalea aan de stand bij de Aldi.

wpid-DSC_0585.jpg

Nu nog hopen dat het plantje het overleeft, anders is dat maar triestig opgekomen tegen kanker.  Vroeger waren we ook steeds van de partij op de fuif voor Kom Op Tegen Kanker.  De eerste keer dat ik daar kwam had ik schrik, als ik een sigaret opstak, dat ik daar ging scheef bekeken worden, want dat leek me zo ongepast.  Bleek dat helemaal geen probleem te zijn, in die tijd mocht je ook nog binnen roken, nu lijkt dat allemaal zo irreëel.  Ik heb ooit op het werk gerookt, aan de eettafel tijdens het koffiemomentje.  Ik kan het mij helemaal niet meer voorstellen dat ik dat zou doen.  Ik rook gelukkig al jaren niet meer.  Zo lang dat ik tijdens het typen van deze zin nog steeds aan het denken ben hoe lang ook al weer.  Toch blijf ik altijd een beetje een roker, ik kan het niet helemaal van mij af schudden.  Ik begrijp rokers nog steeds.  Ik ga nooit iemand pushen om te stoppen ook al heb ik het zelf gedaan.  Mensen die zeggen “ik hou er zoveel van”, ik kan daar inkomen, ik hield daar ook van.  Ik genoot van mijn sigaret.  Als ik een lange periode moet wachten mis ik dat nog steeds of als ik hevig geschrokken ben denk ik soms aan een sigaret.  Rokers die een asbak zoeken bied ik spontaan mijn leeg blikje aan, en als ze naar buiten vluchten na het eten om er ééntje op te steken erger ik mij niet, rokers doen dat nu eenmaal.  Maar als ik de prijs op de verpakking van mijn merk vergelijk met 9 jaar geleden (ik weet het ondertussen weer dat het al zooo lang geleden is) dan is dat laatste beetje goesting op slag verdwenen.  Shit man, als je rookt moet je echt geld hebben.  Zeker als het sigaretten zijn, 19 sigaretten kosten 5,2 euro.  Mijn laatste pakje kostte mij 3,10 euro denk ik.  Ohja, en voor de gezondheid en al ook hé, daarvoor zou ik ook niet meer herbeginnen.  Gow. . .

 

En dan hebben we het nog niet over de langpootmuggen gehad!

Dat alles precies verandert op 1 september als die grote vakantie ineens voorbij is.  Het weer lijkt zich dit weekend ook ineens te keren, alsof het weet dat de 21e echt de deadline is voor de zomer.  De wegen zijn op slag 10 keer drukker, het valt te overwegen om de stad te vermijden rond 16u30 als alle middelbare scholen hun leerlingen buiten jagen, sigaretten aanstekend, rugzakken half en half op hun rug.  En Eva Mouton had het er twee weken geleden ook al over: vieze spinnen.  Godver, dat zijn pas ellendige beesten.  Er liep er één over onze keukentafel deze morgen (“Neen!!!  Niet met de smeerkaaspot doodslaan!”), ik zou zeggen: smakelijk.  Het is minder erg als ze stil in een hoekje zitten, of buiten ergens.  Het ergste is als ze opgejaagd rondwandelen, met die enge tengels van hen en die venijnige kop.   Ik gebruik soms Marbel als spinnenpakker door haar in de lucht te houden voor zo’n potencreep.  Het enige wat ze echter doet is haar kop draaien naar mij en mij the look geven.  Als je wil weten hoe “kijken als een zieke koe die een trein ziet passeren” eruit ziet, be my guest, en breng een spin mee. Trouwens, de geelgroene boogers zijn ook terug op mijn zoons’ bovenlip, hij redeneert “waarom een doekje gebruiken als je een tong hebt?” en wederom. . . smakelijk!

100_spinnenkillen

 

bron:  http//evamouton.wordpress.com

HLZHI: de marbelkat vs de mustiekat (hfdst 2)

Oh, een vlieg, recht voor mijn neus op het raam hier. . . pfff ze beweegt te vlug, geen interesse, ik was m’n pels nog even tot ze misschien eens zo dom is om stil te zitten.

Moh, heylaba, wie dat er daar is si, een soortgenoot die mijn etensbak komt leegeten terwijl ik erop sta te kijken.  Doe maar, ik krijg toch voldoende hier, gewoon even janken aan de achterdeur en daar is de langharige al met een potje whiskas.  Ik jank niet voor minder dan voor Whiskas.  Ze probeerden laatst een staaltje van een ander merk in te gooien “omdat ze het toch bij de post hadden gekregen”, tsss, schandalig, mij een beetje gratis postvoer voorschotelen.  “Catilicious”, jongens toch, wie heeft er dat in godsnaam uitgevonden.  Die heeft het waarschijnlijk niet zelf geproefd.  Gelukkig is er nog maniepoes die zo’n dingen opeet.  Staan ze daar allemaal gelijk een halve gare aan dat raam te roepen “mag niet poes!!!” als die van de buren eens komt dineren.  Het kleine mormel up front uiteraard.  En maar maneuvres doen, en dan lachen zij met ons als we een keer de moeite doen om achter onze staart te lopen.  De kortharige blijft zich ook altijd ergeren als ik in de buurt kom.  En maar zakdoekjes uithalen om te niezen.  Nies dan toch gewoon gelijk ons, alles los!  Een goei spettering, dat doet deugd, dat kuist de neusgaten!

Ah en nu heb ik het gevonden.  Als het kleine mormel mij teveel ambeteert moet ik een reden geven om het te klauwen.  Anders beschuldigt de langharige mij van oneerlijke competitie.  Maar als ze het niet ziet dan ga ik mij triomfantelijk op mijn rug leggen, ik fluister “hugg me hugg me” waar het kleine mormel uiteraard inloopt en dat kleine graaipootje van hem uitsteekt.  Uiteraard is het dan “tjakka!” klauwtjestijd!  Haha! Sucker!!!  Je zou zijn gezicht dan eens moeten zien.  En dan naar mama gaan lopen “pijn! poesje pijn!” ja tuurlijk, wat had je gedacht dat ik mijn nagels vijl?  Tsss ze hadden nooit mogen kweken de langharig en de kortharige.  Dat mormel heeft mijn territorium ingepalmd, mij buitengejaagd ’s nachts en dat krijgt nu nog eens al de aandacht ook.  Als dat wil shnugglen, dan wordt dat allemaal toegestaan, en ik, ik mag al blij zijn dat ik eens op meneer zijn speeltapijt mag slapen.

Wacht maar meneertje, als jij op kot gaat, dan ga ik in je bed slapen, en hopelijk ben je ook allergisch, dan kun je in het weekend een beetje zitten niezen gelijk de kortharige die zichzelf “papa” noemt.   En stop met aan mijn whiskas te proeven, ik deel alleen met de maniepoes!

wpid-DSC_0584.jpg

sundaymorningblogging

Ik kreeg van een nominatie voor een Liebster Blog Award.  Blijkbaar is dat zo’n kettingbrief zoals we vroeger moesten versturen.  “Stuur dit naar 10 van je vrienden, doe je het niet dan zal er je iets slechts overkomen”.  Oh neen!  En in mijn klas zaten maar 10 mensen dus dat was een helse karwei om telkens 10 nieuwe mensen te vinden.  Ik vind het nu ook wel moeilijk om 11 andere bloggers te taggen want ik lees waarschijnlijk zelfs geen 11 blogs…ik doe mijn best…

Ter info: De Liebster Blog award is blijkbaar een soort van kettingbrief-achtige award waarbij bloggers elkaar nomineren. Op die manier ontdek je nieuwe blogs en kom je iets meer te weten over je collega blogger.
Je schrijft een inleidend stukje waarbij je diegene die jou nomineerde vernoemd mét link, je voegt een afbeelding toe en beantwoordt de 11 vragen die je worden gesteld. Daarna nomineer jij op je beurt 11 bloggers en breng je hen daarvan op de hoogte én verzin je een interview met 11 vragen voor hen. 

De vragen die ik van Pé kreeg:

Waarom ben je begonnen met een blog?

ik had teveel vrije tijd, begon blogs te lezen en zo kreeg ik weer zin om te herstarten

Hoe kom je aan de naam van je blog?

een beetje denkwerk, een beetje wat ik doe en hup daar had je de naam

Omschrijf jezelf in enkele woorden

horen – zien en soms zwijgen , down to earth , de kinderhand is gauw gevuld , happiness is just around the corner , you don’t know what you’ve got until it’s gone , ok, dat zijn een beetje spreuken en van die dingen maar dat typeert wel waar ik achter sta.

Bergen of de zee?

Als ik maar weg ben, take me anywhere!

Wat is je beroep?

Ik ben begeleidster bij personen met een verstandelijke beperking.

En als je een ander beroep kon gaan uitoefenen, welk zou dat nu zijn?

Ik ben razend benieuwd hoe het er in marketing aantoe gaat, ik benijd interieurvormgevers, maar iedereen die iets kan betreffende woningbouw zonder dat ze er een stielman voor moeten aannemen krijgt mijn grootste respect.

Ga je naar de bioscoop om films te zien?

Onder andere.  En om me te ergeren aan de anderen hun popcorngekraak, aan de kostelijke prijzen, aan bakvissen die giechelen, aan mensen die praten tijdens de film, aan mensen die te luid praten tout court.  Voor mijn gemoed kijk ik dus beter thuis naar een film. . .

Sport je en zo ja welke sport?

Ik ga drie keer per week gaan joggen.  Lees: rood aanlopen, zweten uit mijn haar, mezelf oppeppen om verder te doen, zappend op mijn gsmradio, daarna kijk ik heel trots naar mijn runkeeper hoe ver en hoe fantastisch ik het wel niet heb gedaan om dan stoefend thuis te komen.

Andere hobbies?

In bloggen kruipt tijd, ik lees ook altijd.

Heb je een wagen? Dewelke?

Ja, twee zelfs. . . luxe die jammergenoeg niet overbodig is, anders deed ik er één weg.  Een toyota Yaris die 14 jaar geworden is dit jaar en een mommiemobiel toyota corolla verso waar er zo danig veel plaats in is dat dingen beginnen rondrollen als je een bocht neemt

En last but not least (en let op uw woorden :-)); kat of hond?

Ja, ik ben een kattenmens, altijd al geweest.  Marbel is mijn 4 jarige kattin, (zie foto), ze werd een beetje emotioneel verwaarloosd toen onze zoon werd geboren waardoor ze minder aanhankelijk is maar ik zie ze nog steeds heel graag en soms komt ze nog wel eens shnuggelen, of voor mijn voeten lopen als ik met een berg was passeer, of springt ze op de keukentafel om eten te stelen.

wpid-DSC_0061.jpg

Ze heeft niet altijd zo’n fluogroene ogen, enkel als ze vindt dat het maar eens genoeg moet zijn met foto’s nemen en er eens aan whiskas mag gedacht worden.

De blogs die ik tag:

An Nelissen 

Joke Depouvre

Elise schrijft

sofinesse

storm

we zijn nog maar aan vijf zeg

sstrid

LJ

kristien

das 8

nog 3…

ja gow, we stoppen ermee…8 moet voldoende zijn.

De vragen voor hen zijn:

1) Wat is het irritantste van het irritantste dat er bestaat?

2) Favoriete CD ever?

3) Hoe zou je reageren als er iemand die je maar half kent zegt “amaai, das echt typisch jij hé”

4) Welke slechte eigenschap bij iemand kan je nog door de vingers zien?

5) Wanneer moest je nog eens echt dringend naar het toilet zonder dat er één in de verste verte te bespeuren viel?

6) Erger jij je ook soms aan facebook?

7) Noem één iets dat je alleen maar doet als er niemand in de buurt is.

8) Verzamel je iets?

Voila, that should do it. . .gemakkelijk bloggen, het mag al eens op zondagvoormiddag hé!?

maar het moet wel op iets trekken hé

Sommige dingen kan ik moeilijk begrijpen zoals cavia’s bijvoorbeeld, compleet nutteloos, lelijk en meestal is hun haar vettig. Een zwangere cavia is zowaar nog erger, die produceert nog eens zo’n ondingen.  Of sierfruit, van die gele pompoenen en gebubbelde peren.  Niet te eten uiteraard anders werd er al lang soep van gemaakt.  Als kind had ons meme ook zo’n dingen staan, die worden blijkbaar wel zacht na een tijd want we vonden er niets beter op om sierfruit door de oude koffiemolen te halen en te kijken naar het resultaat in het schuifje.  Shhhttt aan niemand vertellen. . . Wat ook vreemd is in mijn ogen is hoe een balpen in mijn handtas kan gereduceerd worden tot een serie onderdelen.  Volledig ontmanteld dus zonder dat ik het dingen ooit aanraakte, of toch misschien niet rechtstreeks.

wpid-DSC_0571.jpg

Er ging ook niets van verloren want ik kon hem weer netjes samenzetten.  Er is een monteur aan mij verloren gegaan jong.

Ohja en ik ben één van hen geworden.  Zonder dat ik het besefte.  Zo’n vrouw die ik vroeger voor zot verklaarde omdat ze al voor 10u ’s morgens ramen aan het wassen was.  Maar!  Ik heb het gat in de markt gevonden deze ochtend.  Welke student wil nu geen frankske bijverdienen?  Ik bied aan:  6 kleine raampjes, één gewoon raam, één deurraam, één zijraam aan een deur, één porte-fenêtre, en nog 4 extreem grote ramen.  Vuil, smekend om gewassen te worden.  Ok, neem een poetsvrouw hoor ik iedereen denken, maar de rest wil ik graag zelf blijven doen.  Het zijn die ruiten die voor al het zweet zorgen.  Dus wie graag een eurootjen wil bijverdienen, ik sta open voor onderhandeling!  

Scheißebahn

Hij was er al de volle twee weken voor we vertrokken over bezig.  In feite waren dat dezelfde twee weken nadat we het tripje boekten want er was eigenlijk geen budget meer over na de moordaanslag op onze bankrekening.  Soit ons huis is toch verbouwd geraakt (had ik dat eigenlijk al vermeld? 😉 ) en we zijn toch eventjes op vakantie geweest.  De rodelbaan dus, daarover was mijn lief lief al meerdere keren nostalgisch over aan het vertellen geweest “Jammer, het is pas voor kinderen vanaf 4 jaar, maar ok, dan kunnen wij er toch eens op gaan hé!?” Wij? “Jij” zul je bedoelen.  Ik bekeek het eens van ver op het moment zelf en zette me met ijs en zoon op een bankje nabij.  “Ik heb toch een toegangskaartje voor jou gekocht hoor, misschien verander je nog van gedacht.”  En inderdaad, toen hij een beetje twijfelend zei dat het helemaal niet zo erg was besloot ik maar om het ook eens te proberen.  De eigenaar shushishashatte het één en ander toen ik in het bakje kroop, een kabel werd aangesloten en hup, ik werd weggetrokken de rail op.  Er stond “go” en “stop” op de enige stang die zich in het veel te krappe rodelbakje bevond.  Wreed moeilijk kon dat dus niet zijn?  Toch?  Het duurde even voor ik de heuvel op was, so far so good, het bleek nog aangenaam met een beetje wind en de zon op je smoel.  Boven schoot de kabel los en maakte de rodelbaan een bocht om daarna de heuvel af te gaan.  “Gaan” als in altijd maar rapper en rapper en rapper.  Zo rap dat ik de borden die ik passeerde met moeite kon interpreteren.  “Bremsen” las ik.  Bremsen?  En maar gaan, en gaan en mijn haar wapperde even hard als het tempo van mijn hartslag want dat bakje daverde extreem.  En dat stond toch maar op een heel fijne rail, zo genre de monorail in Bellewaerde vroeger.  Wat als dat rodelding er ineens af schoot?  Waar zou ik landen?  En in welke staat zou ik nog zijn na de crash?  Bremsen zei het bord wederom, eindelijk kon ik lezen wat er helemaal onderaan stond: “Brake”.  Verdammt!  Zeg dat dan!  Blijkbaar had ik een beetje te weinig geremd om het leuk te houden want ik was al twee bremsenborden gepasseerd zonder te gehoorzamen.  Het laatste stuk was ik de überbremser.  Ik was de saaiste rodelbaanchauffeur ever , diegene die bij de minste bocht begon te remmen.  Druk bremsend en foeterend kwam ik beneden toe waar mijn niet zo lief lief in de camera sprak “mama weet niet dat het eigenlijk veel erger is dan ik had gezegd”.  Arschloch!

somer

und zwiebelshnitzels, mit zwiebeln

In Duitsland spreken ze zo geshushishaga-achtig, en veel te vlug, massa’s veel te vlug.  Zo kon de eigenares van onze ferienwohnung hele rijen swatelen en deed ik er beleefdheidshalve “jawohl”-maneuvres bij.  Tegelijkertijd schoten mijn ogen waarschijnlijk heen en weer van het nadenken over wat ze nu in godsnaam uiteen deed.  Herr Dierinck , onze leerkracht Duits in het 6e middelbaar, heeft het altijd al geweten, in Duitsland zou ik beter niet komen.  Of op zijn minst mijn mond houden.  Anyway, vakantie is leuk, Duitsland was toch leuk, kijk maar:

wpid-DSC_0565.jpg

Er stond een stenen eendje op mijn groene nachttafeltje.  Wie heeft dat nu staan op zijn nachttafel?

wpid-DSC_0564.jpg

Een kookwekker in de vorm van een ijscoupe.  To die for.

wpid-DSC_0563.jpg

Ik kon ook meteen met het naaidoosje aan de slag.  Moest ik ooit van m’n leven zin krijgen om op vakantie kleren te naaien, voer me af, voer me meteen af.  Zum krankenhaus!

augustus2013vakantieduitsland 001

Dit gelijkt er al meer op, een anti-stress-becher, gevuld met goeie dampende koffie. . .

wpid-DSC_0562.jpg

Anderhalf boek lezen in vier dagen, onder een “saarzeke”. . . now we’re talking. . .

augustus2013vakantieduitsland 038

Aan zijn gezicht te zien zou je denken dat hij nooit buitenkomt, dat deden we echter wel. . .

En er was ook het verhaal van de rodelbaan, ohja, en een incidentje in het wegrestaurant en iets met vliegtuigen bezoeken.  Maar nu ben ik eventjes uitgevakantied, misschien de volgende keer.