Page 93 of 117

Karrenloerderij is geen misdrijf

Loer jij ook soms in het karretje van iemand anders als je aan het winkelen bent?  Ja echt?  Ik niet.  Het interesseert mij niet wat een ander koopt.  Ik kijk wel mijn ogen uit als ik zie welke hoeveelheden mensen kopen.  Sommige karren liggen tjokvol, de plastic verpakkingen puilen door de tralies, ergens bovenaan balanceert een doos tissues.  Serieus, hoe besturen die mensen dat zonder een rayon chocopotten omver te rijden?   Zouden de kassamedewerkers in de colruyt in zichzelf denken “oh my god, net voor mijn pauze een grote kar, je gaat het nooit anders zien hé”.  Gisterenmiddag was het Stefanio die mijn kar deed (alléé, zo noemden zijn collega’s hem toch, moest hij Michel heten dan moet hij wel echt een serieuze streek uitgehaald hebben om en plein public Stefanio genoemd te worden).  Wat zou hij denken als hij de inhoud van mijn winkelkar overlaadt in de andere kar.  Het colruytsysteem van de karren overladen is trouwens een geweldig goeie uitvinding geweest, al kijk ik soms wel eens raar als ik iets door de medewerkers’ handen zie passeren (Huh? Heb ik dat daarin gelegd?).  Als je het zelf op de band moet leggen heb je precies een beter overzicht.  Ik doe ook steeds van “gok de prijs”.  Dan probeer ik zo vlug mogelijk een goeie schatting van mijn kasticket te maken.  I suck at the game, ik zit er telkens onder jammergenoeg.  Zou Stefanio denken “zuipteil” als hij mijn twee bakken bier versleept?  Misschien denkt hij wel “trut, met je zware bakken”.  Misschien is hij er steengerust in en helemaal bezig met iets anders.  Met wat hij zou eten deze avond (kip in zoetzure saus misschien?) of wat hij komend weekend gaat doen (date met die knappe van dat feestje vorige week).  Of waarom ze hem Stefanio noemen, terwijl hij eigenlijk Michel heet.

Rolling the red carpet

Waarschuwing: deze post bevat too much information.  Je hebt nu nog de kans om weg te klikken.  Tot. . . nu ongeveer.  De tijd van de maand!  Olei!  Kom hier Always, Tampax en ander materiaal waarmee je kunt zwemmen, paardrijden, zelfs hele nachten kunt gaan dansen.  Ahja uiteraard, want met een kind is het allemaal niet meer zo evident om dat allemaal geregeld te krijgen.  Laat staan met twee kinderen!  Ik heb zin om een klein maandverdansje te maken.  Een realitycheck is het even voor mij, zo twee dagen overtijd gaan.  Okay, misschien is het echt too much information, ik kan dat begrijpen, ik zou het ook bij mezelf denken moest ik het bij een ander lezen.  Pech voor jou, je wou persé doorlezen, na-hah, *wijzende vinger*.  Het is nog maar eens een bewijs dat ik absoluut niet klaar ben voor een tweede kindje.  (Hey, was het zo, het was zo, het zou verwend worden, evenveel als Ilja.)  Maar nu niet, misschien zelfs nooit.  Nu ga ik mijn buikpijn verwelkomen.  En een beetje minder grumpy zijn.  –lalalala-

Duud en duud en duud! Hoofdstuk 2

wpid-DSC_0342.jpg

Misschien moet ik stilaan beginnen aanvaarden dat deze sanseveria nu echt dood is.  In plaats van krampachtig telkens opnieuw de verschillende plantenonderdelen in de aarde te proppen, zou ik ze beter in de vuilbak kieperen.  Het is ook zo’n irritante sterver.  Telkens ik de verschillende beentjes hoopvol terug in de aarde duwde om hem daarna vlug wat water te geven moest er altijd wel één beentje terug omvallen om zo een berg aarde door de keuken te katapulteren.  Anyway. . . dood dus. . . Eén van mijn orchideeën daarentegen, die geeft weer teken van leven.

wpid-DSC_0344.jpg

Deze kan ik dan ook maar in één keer afschrijven.  Planten die hier terechtkomen mogen al hun testament beginnen schrijven.  Ik woon in de palliatieve afdeling van de plantenkliniek vrees ik.

wpid-DSC_0336.jpg

Er bestaat zoiets als Studio100-TV.  Inderdaad, ik wist dat nog niet, en ik ben al bijna twee jaar moeder.  Ineens draaien ze de samsonliedjes die je hoorde toen je als kind stil mocht naar de televisie kijken als je ouders op zondagochtend aan het uitslapen waren.  Samson die had toen nog zijn eigen afbeelding niet.  Hij zat in zijn mand en maakte irritante spelfouten.  In de afbeelding van Samson lijkt hij precies iets actiever.  Hij gelijkt ook helemaal niet op de mandhond.  Zijn haar is korter en je ziet eindelijk dat hij een staart heeft.  En hij kan lopen.  Samson on speed.

wpid-DSC_0349.jpg

“Acht” dat kenden we dan wel weer.  The Armstrong and Millershow blijft één van mijn favoriete comedyprogramma’s.  Vooral “Mammoth, you like mammoth?”

Als we ’s ochtends nog half slapend uit ons bed komen is het hier ook soms mammothpraat “Koffie?” “Hmmm”.

http://www.youtube.com/watch?v=hb0ef6NhY74

wpid-DSC_0351.jpg

In onze badkamer is er een ledlamp geïnstalleerd boven de spiegelkast.  Ik noem het “de lamp der confrontatie”.  Vreselijk!  Als het aanligt zie je elk stipje, puntje, lijntje, rimpeltje dat op je gezicht te bespeuren valt.  “Maar ik wou zeker voldoende licht, ik haat het als ik niet genoeg zie in de badkamer”.  Het meisje in Sax dacht er waarschijnlijk het hare van toen ik dat zei.  Je zou voor minder de relevantie van fond de teint beginnen begrijpen.

wpid-DSC_0343.jpg

“Baby en Peuter”: mijn huidige lectuur als ik voor de zoveelste keer gezegd heb “mama zegt wanneer je van je stoeltje komt!”  Kinderen met karaktertjes bestonden in de tijd van “de moderne huisbibliotheek” ook al blijkbaar.  In die tijd was het blijkbaar nog geen probleem om onderzoeken van poedelnaakte kinderen in verschillende fotostappen af te beelden. Doe je dat nu, je hebt een proces aan je been.  Volgende boek in deze reeks: “Binnenhuis- en balkonplanten”.  Oh yes.

 

boorkie-birkie-boerkie

Of we het goed stellen in ons huis?  Ja!  Vaneigens!  Maar waar ik nog het meeste van geniet is mijn vrije middag.  Die wordt niet meer gespendeerd aan deuren, muren, chambrangs, plafonds en andere ongeverfde toestanden.  Voor de eerste keer in vijf maanden ging ik vandaag nog eens een paar winkels binnen.  Ik paste zelfs enkele kleedjes, zonder resultaat, maar toch met een zalig ontspannen gevoel.  Ik hoef niet meteen iets te vinden, er zal wel nog tijd zijn om nog eens te winkelen.  Geweldig!

Wat ik wel kocht:

wpid-DSC_0335.jpg

Een appelboor.  Ik ga niet zeggen dat ik het kocht voor de naam alleen, maar ik geef toe, ik ben ertoe in staat.  Een appelboor, daar krijg je toch direct koude rillingen van.  “Wiens appel moet er hier geboord worden?”

wpid-DSC_0334.jpg

Van de boorkies naar de birkies.  Mijn schoonzuster krijgt nu koude rillingen vermoed ik.  Verpleegstersletsen!

wpid-DSC_0333.jpg

Een maf zonnehoedje voor Ilja.  Nu nog zon.  En voor hem een smallere kop, want het past niet.  Mijn hoofdomtrekinschattingsvermogen is niet zo denderend blijkbaar.  Ik geef het weg.  Aan wie???

wpid-DSC_0326.jpg

Deze rozen kreeg ik deze week van mijn schoonouders, geleverd aan de deur!  Inclusief een vaas, dus geen gefriemel met het juist snijden van de steeltjes.  Gewoon uitstallen en heel content naar zitten kijken.

wpid-DSC_0331.jpg

Hoewel we genieten van het oeverloos zappen is het helemaal niet nodig voor Ilja.  Hij zet zich in zijn stoel en kijkt naar de achterbuur die zijn gras invet.  Geen TV nodig dus.  “TRACTOR!!!!!” Wacht tot diezelfde buur zijn parapontjes uithaalt en zijn mooie gras beparapont!

wpid-DSC_0323.jpg

Deze mustiekat amuseert zich ook te pletter, marbelwentelen over onze vloer.

In tegenstelling tot de droogkast die nog steeds toertjes moet draaien, is de afwas- en de broodbakmachine zo zalig zijn werk aan het doen.  Doe maar machientjes.  Doe junder maar. . .

Zure Zwakte

“Kom!  Delen die handel!”  Hij.  Tegen mij.  Hij weet het op voorhand.  Als hij er geen opeist heeft hij er geen.  Ik deel namelijk niet zo graag.  Twee straten verder zijn we na een babybezoek en hup daar mag de doopsuiker er al aan geloven.  Excuseer, we waren nog maar pas van de parkeerplaats weggereden.  Soms gebeurt het dat we er al mee lopen strooien in de ziekenhuishal.  Het is nu niet dat wij dat nu zo graag eten (soms vind ik dat zelfs een beetje chemisch smaken), maar wij zijn van die mensen die geen mate kennen.  Alléé, ik ga misschien voor mezelf verder spreken.  Mijn wederhelft heeft nog net iets meer discipline dan ik als het op snoepen aankomt.  Zure spekken spannen de kroon.  Zure spekken, zure zwakte.  Ik mag ze niet zien, ruiken of er zelfs niet aan denken, het water komt me al in de mond.  Van die zure spekken die je met je tanden moet kapot trekken  Liefst zo danig hard dat je moet opletten dat je je hoofd niet botst bij de terugslag.  Als je er 20 van eet is je verhemelte zo extreem verdoofd, je zou zo een tand kunnen laten trekken zonder dat irritante pijnspuitje.  Toch blijven gaan hé.  De zak moet uit!  Daarom koop ik geen snoep.  En daarom moet mijn lief in ziekenhuishallen doopsuikers gaan opeisen.  Want snoep, dat moet op.  Nu.

                                                                            zuurtjes

Illie Billie Vanilli

Je knijpt met je vingers in mijn kaken en trekt zo hard als je kan.  Even begrijp ik de bedoeling niet maar daarna geef je me een zoen, recht op mijn mond.  Een klakkende snotzoen.  Als je me aanspreekt met “mama, wiedie kawaad madaake” en ik antwoord met “wiedie kawaad madaaké?” roep je superenthousiast en volledig begrepen terug “JAAAAA!”  Inderdaad, wij verstaan elkaar.  Soms breekt mijn hart in een triljoen stukken op de meest normale momenten.  Als je ’s ochtends tegen me ligt om je melk te drinken en daarbij mijn hand zo danig manipuleert tot hij onder je pyjamatrui geraakt.  Of als ik je gezichtje zie glunderen na een dag van jou gescheiden te zijn, dat totje, vermoeid maar content.  Ja, ook bij de gedachte dat ik je steeds meer en meer ga moeten loslaten.  Je vader en ik kunnen er soms niet over, hoe je ons leven hebt verandert, verrijkt.  Onze mond kletst open als we merken dat je ineens linken legt die volgens ons voor je kleine kopje veel te complex zijn.  En dan dat vettig lachje van je. . . “wehehahahehe”, je zou zo kunnen spookhuisbandjes inlachen.  Ons kleine monster, een driftbui, een dansje waarbij je op je kont belandt, een beker water die je zonder reden ineens ondersteboven draait.  Ik kan me niet meer inbeelden hoe het zonder jou was.  Sinds je er bent is het hier ook allemaal ondersteboven.

waaien shmaaien

Ik was al bijna drie kilometer verdergereden toen er ineens een alarmbelletje afging  “Fak, heb ik nu die doos duplo van mijn dak gehaald?”  Een vluchtige blik op de achterbank deed me ontspannen, één politiekantoor van duplo blinkte in mijn ooghoeken.  Tussen een hoop ander gerief dat nog moest verhuisd worden uiteraard.  Het zal de vermoeidheid zijn die zijn tol begint te eisen.  Het weer is er niet naar om te verhuizen.  Normaal gezien heb ik over het weer eigenlijk geen mening,  het kan me niet zoveel schelen al vind ik het wel leuk als de zon volle bak schijnt.  De laatste weken erger ik me meer en meer aan de wind, al is mij ergeren misschien een understatement.  Ik maak me eigenlijk dagelijks kwaad op de wind.  Die vieze achterbakse venijnige waaiboelwind.  Zit ik te slepen en te sleuren met verhuisdozen, dan waaien mijn autodeuren dicht nog voor ik goed en wel die achterbank leeg heb.  Wil ik mijn voordeur opendoen, balancerend met een zware doos of een moeilijk hanteerbare lamp, dan zie ik niet wat ik doe omdat mijn haar de hele tijd voor mijn ogen waait te wapperen.  En het waait dus elke dag hé! Ik heb het gehad met die wind.  Dood aan de wind.  En durf nu niet te regenen in de plaats, gij belachelijk klimaat.

Ratelhersenen

* Dat de peuterpuberteitaanpaktip “consequent zijn” meteen ook de meest vermoeiende is.  Ik vraag me af wanneer ik die befaamde vruchten daarvan ga plukken.  Man die gaan smaken!  Hopelijk zijn het er zoveel dat ik er confituur van kan maken.  Haha neen, ik kan dat helemaal niet confituur maken, het klonk gewoon leuk.  Laat mij zijn!

* De nieuwe badkamerkastjes vullen: ik kijk er nu al naar uit.  Had ik een berg make-up; ik verlangde om mij op te maken.  Helaas.  Enkel wat oogpotlood en mascara.  De rest gebruik ik niet.  Misschien daarmee dat iemand mij vorig weekend 32 schatte?

* Nadat ik mijn beklag deed over de veel wedstrijdjes op facebook lijken ze zich nog te vermenigvuldigen.  Als ik scrol kom ik minstens 7 wedstrijd-share-like-toestanden tegen.  Wedstrijdenverzoeken: 76892 <—> Mensen die ik ken die iets gewonnen hebben: 0

* De rommelmarkt smijt je altijd terug in de tijd.  Het gezelschapsspel “Topscore”, was dat niet de voorloper van Blokken met Ben Crabbé?  Of zo’n pennenhouder: allemaal buisjes naast elkaar een beetje zoals op de foto.  Uiteraard was dat dan uit plastic en paars van kleur.   Het was zo cool om zoiets te bezitten als 9-jarige.  Neen, ik heb hem niet opnieuw gekocht.  Ze hadden hem enkel in het geel.

pennenhouder

* Oh ja, en de tractor die we voor Ilja gingen kopen.  Mooi ding, zat nog in de piepschuimverpakking.  Er stond 50 op.  Cent dachten we.  U-huh.  Euro dus.  Tsss rommelmarkt noemen ze dat.

* Een tip gevraagd om opladers en andere kabeltoestanden weg te steken.  Nu wentelen die allemaal in een schoendoos bij gebrek aan beter.  Het is onvoorstelbaar wat er allemaal moet opgeladen worden: fototoestel, gsm, babyfoon, laptop, netbook, scheerapparaat, nogmaals de gsm want die gaat supervlug plat, de werkgsm van Pieter, zijn gewone gsm want dat is ook al zo’n batterijslurper.  En dan zijn er nog de befaamde oortjes.  Het vijfde paar ondertussen, damn you Marbel.  Het zit dus best allemaal veilig weg.  Het liefste uiteraard zonder dat al die dingen door elkaar liggen en je eerst tien keer moet schudden vooraleer de andere laders -die je voor een keer niet nodig hebt- loslaten.

the silence of the lambs/grilled horsemeat

De rimpeltjes in mijn vingertoppen na een lange warme douche doen me ontspannen.  Zo’n vingerrimpeltjes zijn er meestal als ik een productieve dag achter de rug heb en er ’s avonds hete douchestralen of een dampend bad aan te pas komt.  Mijn handen zijn ruw, droog en hoe hard ik ook frot er blijven verfresten op te vinden.  Tegelijk zijn mijn armen vermoeid.  Toch blijf ik tevreden over mijn drukke dagen.  Deze morgen ging ik al in het ochtendzonnetje lopen.  Het bleek kouder dan het eruit zag maar na 2 minuten was ik al opgewarmd.  Een klein lammetje liep wild met me mee, het blaatte door mijn oordopjes, ik had goesting om het over de draad bij me te nemen en het te kalmeren.  De lammenfluisteraar.  Na lammetjes temmen ging het over naar binnendeuren dolfijngrijzen.  Schildermoe gingen we met Ilja naar het paardje van de toekomstige buurvrouw roepen.  We wisten zijn naam niet dus riepen we gewoon “Paard!  Ei paard!”  Met de gedachte dat zo’n naamloos dier daar steengerust in is schrok ik me een accident toen het beest effectief op ons af kwam gestormd.  Dat is wat anders dan een mini-schaapje met een grote mond.  Ik dacht dat het dier zierling door de stekkerdraad ging lopen maar het bleek al geleerd.  Gelukkig maar, ik denk dat de elektrocutie van een paard aanschouwen nu niet bepaald positief is voor de nachtrust van een bijna-twee-jarige.  En het is pas morgen barbecueweer hé.

Tapeterror

* Mijn toekomstige buurman kwam me deze morgen vertellen “dat ze aan de deur zijn geweest om mijn kindje in te schrijven op school”.  We waren niet thuis.  Ah neen, want, ja duuuh.  Niet dat de toekomstige juffrouw van Ilja dat kan weten.  De gedachte alleen al dat hij volgend jaar naar school moet beklemt mijn borstkas.  Altijd opnieuw doemen de gedachten “veel te grote boekentas” en “fluohesje tot aan zijn knieën” op.  Ik mag er niet over praten van Pieter, het is nog veel te ver weg.  En ik moet ook stoppen met zo’n truntzak te zijn, hij zal helemaal niet struikelen over zijn fluohesje. (onderwerp to be continued, willens nillens lezerkens!)

* Ondertussen durven we al eens luidop over “verhuizen” spreken.  Er staat ons wel een vreselijke poetsbeurt te wachten.  Ik heb gisteren één stukje van de garage gekuist omdat we er een opbergrek gingen op placeren.  Twee keer heb ik mijn water ververst voor dat kleine stukje.  Er zijn maar drie dingen proper momenteel: de drie vensterbanken.  Mijn creatieve dametje bracht mijn gordijnen wat resulteerde in instant huiselijkheid en een beetje stress omdat we even vreesden dat ze te lang gingen zijn.  Nergens voor nodig dus!

*Ik weet eigenlijk niet of ik zo’n tipstrooimadame ben of niet.  Doe ik dat?  Zonder dat iemand erom vraagt met adviezen gaan gooien?  “Neen, niet doen!  Dat is geen erkenning bieden!” zei mijn leerkracht communicatie tijdens mijn opleiding.  Shhht, ik ben afgestudeerd, vanaf nu moet ik niet meer naar jou luisteren baasmaker!  Ik kan ook bitter weinig tips geven, want ik weet het eigenlijk zelf ook niet.  Maar vandaag maakte ik toch één “note to self”:

wpid-DSC_0276.jpg

Bespaar nooit meer op afplaktape!  Man man man, heb ik al gevloekt.  Mijn vloer plakt dus vol met restjes afgescheurde afplaktape “om mijn vloer te beschermen”.  Inderdaad, goed beschermd.  En nu maar prutsen.  Had ik geld en geen scrupules, ik betaalde iemand om dit hemeltergend werkje voor mij te doen.