Hoe zou het nu met Frans zijn?

Ik kan niet langs die weg passeren zonder aan Frans te denken. Door de aandoening van Frans moest Ilja bijna zonder ouders en broertje verder leven.  Het klinkt misschien dramatisch maar het was dankzij de alertheid van mijn echtgenoot dat we er nu alledrie nog zijn.  Op een frisse middag in maart 2015 reden Pieter en ik terug van een bezoek aan onze ouders/schoonouders.  Het naderde 16u en we gingen Ilja oppikken op school.  Mijn dikke buik zat me al danig in de weg, met nog enkele weken te gaan was ik dan al goed rond.  Terwijl we aan het keuvelen zijn zie ik ineens iets dat niet in mijn systeem paste.  Er kwam een witte mercedes met zijn neus in onze richting.  Op ons vak.  De seconde die erop volgde besefte ik “shit, deze auto rijdt recht op ons af”.  Mijn man reageerde instinctief en kon perfect overdraaien zonder iemand op het linker rijvak te raken.  Hij parkeerde onze wagen netjes in de graskant aan de overkant van de weg.  Terwijl hij dit allemaal deed was ik nog altijd aan het denken dat de wagen ons frontaal ging raken.  De wagen vlamde de weg af en belandde in de gracht.  Geschrokken maar ongedeerd gingen we vliegensvlug kijken om bij aankomst te zien dat de meneer -gelukkig- een gordel droeg.  Hij schokte, beefde en draaide met zijn ogen.  Het was meteen duidelijk dat hij een epilepsie-aanval had van het type grand mal.  De ambulance en de politie werden verwittigd.  De chauffeur die vlak na ons reed kon hem gelukkig ook ontwijken en was ook ongedeerd.  Bij de contactgegevens in zijn portefeuille zat een overzicht van de medicatie die hij nam, vele namen waren mij bekend vanop het werk.  We bleven bij hem, letten erop dat hij niet blauw werd en dat hij bleef ademen.  Meer konden we niet doen, de wagen lag scheef in de gracht, de meneer zat dan ook vast in zijn auto.  De aanval bleef nog even doorgaan maar verminderde in kracht, een teken dat het gauw voorbij ging zijn.  Bij aankomst van de ambulance verlieten we de plaats van het ongeval en zetten onze weg verder.  Linus stampte erop los in mijn buik.  Eén ding is zeker: had ik die dag aan het stuur gezeten dan kon ik het nu waarschijnlijk niet navertellen.

XII

Soms hou ik bewust een zaterdag in het weekend blanco.  Niet werken, geen afspraken met mensen, niets op voorhand plannen.  Vandaag was zo’n dag en ik keek er al de hele week naar uit.  Niets moet en alles wat toch gebeurt is mooi meegenomen.  Bij Leen las ik over hoe ze uit het dal van een burnout kroop door veel tijd te blokkeren voor zichzelf en weekends blanco te laten.  Zelf ben ik nogal een “volplanner”, er valt al maandelijks een weekend af als ik moet werken waardoor sommige weekends soms wel heel druk zijn.  Dat neemt niet weg dat afspreken met vrienden of familie fantastisch is, gimme some, ik ben vlug op mijn gemak bij mensen.  Tegelijk moet ik ook tijd nemen voor mezelf want ik heb ook al een mindere periode gekend die me veel heeft bijgeleerd.  Hoe ouder ik word hoe beter ik mezelf ken.  Een introvert als ik laadt zich niet op aan sociaal contact maar geniet er wel van.  Ik tater graag met anderen, vind het fijn in gezelschap maar in evenredige verhouding moet ik ook veel alleen zijn om te compenseren.  Just me, myself and I.  Een vrije dag in de week waar ik compleet alleen ben, niks van plannen heb.  Echt, de beste dagen ever!  Zo goed kende ik mezelf nog niet toen ik mijn man leerde kennen.

We zijn twaalf jaar samen morgen.  Op één van de eerste lentedagen in 2006 stapten we samen in zijn witte Opel voor een tripje richting “verrassing” volgens hem.  De bestemming “verrassing” was de kern van het volledige verhaal dat daarop volgde.  Nooit eerder was ik met iemand samen geweest die me het gevoel gaf dat ik belangrijk was.  Dat een relatie anders was dan: één iemand die zijn/haar best deed en de andere die volgde omdat we nu eenmaal een relatie hadden.  Neen, dit ging een andere kant op.  Met onderling overleg, maar ook met ruzies waarbij ik nooit dacht dat hij niet meer terugkwam.  Ik herinner me veel discussies in het eerste jaar dat we samen waren, maar dat heeft onze relatie gevormd tot wat ze nu is.  Een veilige plek waar ik graag in thuiskom.  Had ik mezelf toen beter gekend, dan ging ik weten dat ik moet aangeven dat ik ook tijd alleen nodig heb, om mezelf op te laden.  Om te wennen aan heel intens samenzijn met iemand.  Hij kent mij door die vele jaren zo goed, hij weet hoe ik besta en hoe belangrijk ik mijn eigen bubbel ook vind.  Hij blijft de persoon bij wie ik het liefst in gezelschap ben en mezelf zijn was nooit zo eenvoudig als bij hem.  We leren nog dagelijks van elkaar en maken van elkaar betere mensen.  Elk jaar blijft heftig, met vreugde, maar ook met verdriet.  Hij is mijn belangrijke andere.  Weten dat hij er is, aan de andere kant van de tafel, van het bed of de telefoonlijn, of gewoon heel dicht bij me, dat geeft me vertrouwen, dat alles altijd goed komt.  En als dat het niet zo is, dat we dat ook weer zullen trachten op te lossen.

Like sand through the hourglass, so are the days of our lives.

De parkeerplaats naast mij bij Collect and Go was deze ochtend bezet door een moeder met haar zoon, ik schatte hem tussen de 16 en 17 jaar ongeveer.  Hij laadde de kar uit terwijl de vrouw ging betalen.  Ik zei tegen Ilja:”Kijk, later ga jij mij ook kunnen helpen bij het uitladen van de winkelkar, jij mag dat dan doen voor me”. (Het kan geen kwaad om ze al wat voor te bereiden denk ik altijd…haha).  Waarop hij zei: “Ja, maar dat is al een mens hoor.”  Euh.  Met “mens” bedoelt hij “volwassene” trouwens.  Ik begon er verder over na te denken.  Over “binnen tien jaar”.  Tien jaar is zo voorbij.  Toch?  Hoe zal het leven er dan uitzien?  En vooral: hoe gaan wij eruit zien?  Rimpels galore? Het verval is nu al gestart vind ik, met grijs haar en de pot antirimpelcrème in het badkamerkastje.  Tien jaar is zo voorbij, maar er kan ook veel gebeuren in een jaar.  Dat merken we bij iedere jaarwisseling opnieuw.  Alle veranderingen op de verschillende aspecten in ons leven.  Binnen tien jaar heb ik een zoon van bijna 13 en één van bijna 17.  Eéntje ervan bijna “een mens”.  Ik zal dan bijna een volwassen kind hebben.  Say what?  Ik zal de 50 zien naderen.  Doing!  Gretchen Rubin zegt het zo vaak in haar podcast: “The days are long, but the years are short”.  Het duurde even voor ik begreep wat ze daar effectief mee bedoelt, maar verdikke, it’s so true!  Aan de andere kant kijk ik ook wel uit naar die periode.  Ik vermoed dat we nog meer stabiliteit gaan ervaren, dat we onze kinderen minder gaan moeten bekukkelen en weer iets meer tijd voor onszelf zullen hebben.  Er zal geen gezeul zijn met wandelwagens, gewurm in autostoeltjes of geruzie omdat iemand een grotere boterham kreeg dan zijn broer.  Maar het zullen andere dingen zijn.  Cliché cliché: kleine kindjes, kleine zorgen….grote kindjes….

De tijd zal het uitwijzen.

Soms vraagt een mens zich af…

…hoe appeltjes in tegels drogen

IMG_0032.jpg

…waar je sommige dingen koopt

img_0102

…waarom ik altijd de hibbiejibbies krijg als de kinderen op hun tandenborstels bijten

img_0047

…waarom deze poes altijd maar weer op die paal zit te koekeloeren als ik aan het lopen ben

…en waarom ze zo kwaad kijkt….just passing by kitty, just passing by

img_0063

…wanneer ik ineens zo verslaafd ben geraakt aan podcastandwalk

…en waarom mijn wenkbrauwen zo vaak in de war zijn terwijl ik ze nochtans regelmatig laat bijwerken

img_0087

…of deze poes niet bleef steken in het vers gegoten asfalt indertijd…

img_0100

…en waren haar pootjes dan niet beklisterd met asfalt eigenlijk…

…en of ze die asfalt dan probeerde af te likken van haar donsjes…

…en bleef haar tong dan niet plakken aan haar poot…

…en misschien scheurde haar tong toen ze die probeerde los te rukken…

…en zouden katten hun tong nodig hebben om te miauwen…

…en…

…en…

Do you often ask “why?”

Al geruime tijd volg ik Gretchen Rubins’ podcasts en ik ben nu ook haar boeken beginnen lezen.  Je mag me wel een beetje befreakt noemen momenteel.  Is het nu geen ideaal weer om met een boek in de zetel te kruipen?  Ze beschrijft zichzelf als “A writer who studies happiness, good habits en human nature”.   Gretchen bespreekt verschillende thema’s in de podcast en veel van die onderwerpen worden ook aangehaald als voorbeeld in haar boeken.  Podcast en boek steunen dan ook goed op elkaar.  Ik sta nog 100 afleveringen achter van de podcast “Happier”, aan ongeveer 35 minuten per podcast heb ik er dus nog enkele maanden werk om alles te beluisteren.

Ondertussen hoorde ik hen al verschillende keren over The Four Tendencies spreken.  In het boek “Better Than Before” (Nederlandse vertaling: Steeds beter)  worden “De Vier Neigingen” (dat klinkt voor geen meter in het Nederlands) reeds aangehaald.  Gretchen Rubin beweert dat iedereen kan onderverdeeld worden in vier types mensen:  Obligers (Plichtsgetrouwen), Upholders (Volhouders), Rebels (Rebellen) en Questioners (Vragers).  Ze baseert zich op hoe mensen omgaan met verwachtingen.  De verwachtingen die je aan jezelf stelt en hoe je omgaat met de verwachtingen die anderen aan je stellen. (Inner expectations en outer expectations, het bekt toch allemaal mooier in het Engels).  the four tendencies

bron: pinterest Gretchen Rubin

Misschien klinkt het voor jullie wel als huis-tuin-keuken-psychologie (of verwar ik dat woord met iets anders?), maar ik vind het in feite wel heel interessant.  Niet alleen geeft ze mee hoe de verschillende “neigingen” zich manifesteren, ze geeft ook tips mee om om te gaan met mensen binnen hun specifieke “neiging” (“neiging” vind ik trouwens iets fout klinken hebben).

Hoe kan ik een Rebel overtuigen om toch iets te doen?  Waarom wil deze persoon alsmaar meer informatie?  Ik maak altijd voornemens maar na enkele maanden hou ik me er niet meer aan.  

Je kunt uiteraard ook een vragenlijst invullen en zien wat jouw tendency is.  De mijne is “Questioner”.  Gezien mijn vorige post lijkt me dat  op het eerste zicht eigenlijk niet zo raar maar in het boek haalt ze verschillende aspecten aan die hier en daar wel voor mij typerend zijn:

  • “Vragers zetten vraagtekens bij elke verwachting en ze reageren er slechts op als ze besluiten dat het zinvol is”
  • “Vragers verzetten zich tegen regels om de regels”
  • “Vragers nemen graag weloverwogen beslissingen en daar willen ze hun eigen conclusies uit trekken”
  • “Als ze besluiten dat een verwachting terecht is zullen ze die volgen, zo niet, dan doen ze het niet”.
  • “Vragers hebben nooit genoeg informatie”
  • Ze komen in twee “smaken” (nog zo’n foute vertaling): sommige Vragers neigen meer naar Volhouders en andere naar Rebellen.
  • Als een Vrager gelooft dat een bepaalde gewoonte de moeite waard is, dan houdt hij zich daaraan, maar alleen als hij ervan overtuigd is dat het zin heeft.

Vooral dat laatste is iets wat heel sterk op mij van toepassing is.  In “Better Than Before” gaat het ook voornamelijk over hoe je gewoontes kan veranderen.  Meestal wil ik geen gewoontes veranderen.  Ik hou van mijn gewoontes, ze maken me tot wie ik nu ben.  Als ik dan toch ooit een nieuwe gewoonte wil installeren dan merk ik vanzelf wel als het iets is dat ik zinvol vind of niet.  Heel simpel: als ik het blijf doen dan is het voor mij zinvol.  Valt het weg of slabakt het, dan komt het erop neer dat ik het in mijn onderbewustzijn niet zinvol vind.  Heb ik dan geen slechte gewoontes waar ik vanaf wil?  Bwahja.  Vroeger was ik een nagelbijter.  Dat resulteerde in stompjes en zwakke nagels die gewoon overplooiden.  Toen ik begin dit jaar op mijn tanden viel kon ik ineens niet meer nagelbijten en dan leerde ik het automatisch af.  Ik vind mooie gelakte nagels prachtig op een ander maar nu ik zelf langere nagels heb doe ik dat nog steeds niet, het is gewoon niet iets dat bij mij past.  Als ik zelf de ervaring heb dat iets goed is, is het voor mij al voldoende om het vol te houden.  Na het flauwvallen-verhaal besloot ik dat ik mijn lichaam beter moest verzorgen en dat bleef ik doen omdat ik er de resultaten van zag en voelde.  Zelfs de dokter bevestigde recent dat mijn longcapaciteit er sterk op verbeterd is doordat ik regelmatig ga lopen.  Ik voelde dat ik genoot van het ontmoeten van gelijkgestemde zielen via de blog of instagram dus ging ik naar instameets of sprak ik af met verschillende andere bloggers.  Ik merkte dat ik me beter in mijn vel voelde als ik ’s morgens fruit at in plaats van brood dus eet ik al heel het jaar fruit als ontbijt.  Het systeem van de Bullet Journal: er wordt soms honend over gedaan (soms lovend ook), maar voor mij werkt het en dat is ok.  Ik hoef geen verantwoording af te leggen tegenover andere mensen over wat ik wel of niet doe.

In het boek staat ook:”Vragers wachten niet tot 1 januari om een goed voornemen op te starten, als ze het nuttig vinden doen ze het meteen”.  Ook dit is heel herkenbaar.  Ik doe niet aan “goede voornemens” of “een maand lang niet drinken of geen vlees eten”.  Als ik vind dat ik teveel alcohol drink, dan drink ik gewoon minder alcohol.  Als ik veggie wil eten, dan koop ik geen vlees.  Als ik iets wil veranderen, dan verander ik het.

en jij? Heb jij een stok achter de deur nodig?  Doe je aan goede voornemen?  Deed je die quiz?  Zo ja, wat is jouw “tendency”?

The 7 myths of Happiness #3

Nog altijd volg ik de podcast “Happier” van de Amerikaans Gretchen Rubin en haar zus Elizabeth Craft.  Vorige maand schreef ik ook al een stukje over de ene aflevering waarin ze 7 mythes rond geluk bevestigen of ontkrachten…

Happiness Myth #3: A treat will cheer you up.

“When you’re feeling blue or overwhelmed, it’s tempting to try to pick yourself up by indulging in a guilty pleasure, but unfortunately, the pleasure lasts a minute, and then feelings of guilt, loss of control, and other negative consequences just deepen the blues.” (bron: website Gretchen Rubin)

Uiteraard gaan Gretchen en Elisabeth niet volledig akkoord met de stelling dat een verwennerij je zal oppeppen.  Of anders zouden ze deze mythe niet bespreken veronderstel ik.  Ze maken in hun podcast het onderscheid tussen een traktatie waarbij je een shot geweldigheid zal krijgen of een traktaat waarbij je je over een langere periode beter zal voelen.  Sommigen keren waarin ik mezelf een verwennerij geef voel ik me achteraf slecht.  Ik maak mezelf er regelmatig schuldig aan.  Zo weet ik al dat ik eigenlijk geen zak gele M&M’s moet kopen omdat ik die van de eerste tot de laatste M volledig opeet zonder limiet “omdat ik het verdiend heb“.  De laatste jaren hoef ik ze zelfs niet van mezelf te verdienen.  Veelal denk ik “oh, als kind had ik dit nooit gemogen, nu ben ik mijn eigen baas, nèh!” of “ik sport en beweeg veel, die komen er toch niet bij“.  Dus neen, ik ben niet goed in het kanaliseren van mijn “treats”.  Er wordt aangeraden om -bij elke keer dat je jezelf  wil belonen- eens stil te staan bij “ga ik me hier beter bij voelen achteraf of doe ik dit nu enkel omdat ik het zelf nu echt wil?” Uiteraard ben ik niet blij met mezelf als ik 500gr M&M’s naar binnen heb gesmikkeld. Het moment zelf is het zalig, maar achteraf lig ik met mijn maag en mijn schuldgevoel in de knoop.  Soms zijn er momenten waarop ik denk “mijn kinderen zouden dit moeten weten….”.

Maar het blijft soms moeilijk om te weerstaan aan de gedachte van “pfff, ik heb dat verdiend“.  Na een moeilijke dag met twee hangerige kinderen in de zetel ploffen en een zak chips opensnakken, het voelt soms echt geweldig.  De dag erna liggen de chipskruimels mij soms wel veroordelend aan te staren.  Soms hoor ik ze fluisteren: “jaja, heel die zak is op!”.  En dan prop ik hem ietwat beschaamd de vuilbak in. Aan de andere kant is die kleine shot geweldigheid wel een opsteker op dat moment van de dag.  Ik kan er zelfs naar uit kijken.

De zussen zijn voorstander van het opmaken van een lijst met “healthy treats”.  Healthy treats?  Pfft.  Saai.  Ik weet het.  Het gaat over dingen die je op langere termijn zullen gelukkig maken en niet voor een acute shot awesomeness zorgen.  Zelf vind ik het moeilijk om zo’n lijst op te maken.  Ze stellen voor om jezelf bijvoorbeeld op een lange wandeling te trakteren, of een koffie met een vriendin.  Maar mijn koffie smaakt altijd nog dat tikkeltje beter met een potje gele M&M’s.  En mijn wandeling is nog amusanter met de gedachte dat ik daarna mijn koffie met mijn M&M’s ga nuttigen bij een vriendin.

Weet je, het gaat allemaal over kanaliseren en zelfbeheersing denk ik.  Ik weet van mezelf dat ik weinig grens ken als het over smoefeling gaat dus ik koop er geen.   Ik weet dat ik niet “een klein beetje kan roken”.  Neen, als ik er (terug) aan begin is het om zeep.  Dan ga ik all the chimney way.  Als er geen verleiding is hoef ik er niet aan te weerstaan, dus neen, één sigaretje en dan stoppen, dat zou voor mij niet werken.  En dat heeft niets met mezelf trakteren te maken.  Met eten is dat net hetzelfde.  Doe mij dus geen 10 gele M&M’s eten en dan stoppen en het zakje in de kast bewaren tot morgen.  Maar het feit dat ik dat weet is veel.

 

En jij?  Waarop trakteer jij jezelf wel eens?  En moeffel je ook soms vlug een lege zak chips weg in de vuilnisbak?

 

Moeilijke oefening

Er is voor mij weer een wereld open gegaan.  Ineens heb ik een bepaalde….vrijheid.  Of hoe moet ik het schrijven.  Het voelt als een luxe eigenlijk.  Een ( gezond jaloerse?) vriendin whatsappte me om te vragen hoe het kinderloze leven overdag me bevalt.  Ewel ja, wreed goed.  De aandachtige lezer weet dat ik in de sociale sector werk en daarbij een flexibel uurrooster heb (vroeg, laat, dag, nacht, weekend, noem maar op).  Met de peuter in huis bereik ik niet altijd wat ik vooropgesteld heb om te doen.  Een mand was naar boven brengen is al een uitdaging, het vraagt een uitleg met handen en voeten om te vermijden dat hij me achterna komt en zichzelf alleen op de trap riskeert.  Dus de wasmand bleef staan.  Linus is nu ook niet bepaald een rustige peuter te noemen.  Hij is overal graag aan en bij.  Dat betekent dat ik er niet eens aan moet denken om een boek te lezen als hij aan het spelen is “mama voorlezen?”, laat staan dat ik een volledige blogpost kan typen zonder onderbreking.  Je kunt ook niet aandachtig naar een podcast luisteren met een kwebbelkontje dat hele tijd rond je benen draait.  En nu is het hier stil.  Heel stil zeg maar.  De kinderen zijn weg, ik start pas om 13u met werken en ik moet mezelf tegenhouden om niet de hele tijd in de weer te zijn met vanalles.  Er komen drukke tijden aan en ik weet dat ik altijd voldoende rust moet nemen op voorhand en achteraf.  Toch heb ik weer allerhande “projectjes” die ik wil doen tijdens mijn vrije uurtjes.  Zitten en lezen is er geen van.  Zitten en kijken naar TV wat ik wil volgen is er ook geen van.  Ik vind het soms vreemd om mijn “rust” te nemen voor mijn werk.  Als ik om 22u20 thuiskom probeer ik zo vlug mogelijk naar bed te gaan.  En toch jeukt het nu alweer om werk te maken van de opleiding bachelor psychologie die ik nog wil volgen.  Ik vind het een moeilijke oefening want een opleiding volgen brengt sowieso stress en drukte met zich mee, maar tegelijk (hopelijk) meer inzichten en vernieuwde energie om ermee aan de slag te gaan.  Aan de andere kant wil ik nu ook weer genieten van de dingen die ik twee jaar en half niet heb kunnen doen: een boek lezen, mijn foto-albums maken, eens rustig iemand bezoeken zonder rekening te moeten houden met slaapuurtjes of gezeul met vochtige doekjes.  Bloggen, lopen en wandelen.  Tijd zal wel raad brengen.  En eens rustig uitkijken hoe die opleiding in zijn werk zou kunnen gaan kan geen kwaad denk ik?