Shouting my heart out
Een vriendin sms’te me de voorbije week of ik haar tips kon geven rond het schrijven van een artikel ter voorbereiding van een sollicitatiegesprek. Ik begon meteen luidruchtig terug te sms’n over reflecteren, over een casus uit verschillende hoeken bekijken, over het zeker betrekken van andere hulpverleners in de verslaggeving etc. Maar dat bedoelde ze niet. Ze had het echt over een luchtig artikel zoals voor een krantje of een website. Iets vergelijkbaars zoals op deze blog dus. Ik moest er echt wel eens over nadenken, want hoe doe je dat? Een tekst schrijven zonder er uren op te kauwen. Een tekst die je wil verder lezen tot het einde. Geen idee of lezers hier doorlezen tot ik klaar ben met ratelen en als dat niet het geval is, dan heb ik er alleszins geen last van. Het valt me de laatste maanden wel op dat ik van tijd tot tijd word aangesproken over mijn blog. Uiteraard heeft dat ook te maken met de vele sociale evenementen die geweest zijn in de maand januari. Toch waren “Ah jij studeert weer?” en “Ik lees soms je blog” de meeste aangesneden onderwerpen. Vooral: “Herkenbaar!” is iets dat veel terugkeert. Ik schrik soms wel als ik hoor wie hier allemaal meeleest, alles staat weliswaar openbaar maar toch komen de reacties soms uit de vreemdste hoeken. Worden andere bloggers ook soms gevraagd “Wanneer ze dat allemaal doen” en “Waar ze de inspiratie vandaan halen”? Ik heb niet bepaald een zak met inspiratie klaarstaan, geen teksten die ik reeds voorgeschreven heb waarbij enkel nog op “publiceren” moet gedrukt worden. Ik hou mij niet bezig met dingen op voorhand te schrijven, het komt zoals het komt. En komt het even niet, dan verschijnt er even niks. Daar zit in wezen helemaal geen techniek of vaste werkwijze in. Dat ik gemakkelijker schrijf dan spreek is misschien wel een feit. Het vloeit er vlugger uit als er een toetsenbord tussen zit. Hier shout ik al bijna 8 jaar mijn heart out en ik blijf deze pagina toch beschouwen als iets dynamisch. Van verhakkelde teksten tot pogingen tot PLOGGEN. Van lichtjes (zelf-)kritische meningen en luchtige kippenverhalen. Tussen de soep en de patatten. Of eerder tussen de pyjama’s en de badmomentjes. Zonder veel spektakel, alledaagsheid in een geschreven vorm.


































